CELDOOD & FERROPTOSE
Examengerichte samenvatting van SG-celdood
LEESWIJZER: De inhoud hieronder is gebaseerd op het aangeleverde SG-celdood-document.
Dubbele passages en lege/beeld-dia's zijn gecomprimeerd, maar de inhoudelijke kern,
experimenten, klinische toepassingen en conclusies zijn behouden.
Celdood & ferroptose — examensamenvatting 2025- 2026
, Oumaima
1. Waarom celdood bestuderen?
Celdood en celdeling moeten in evenwicht zijn om weefselhomeostase te behouden.
Te veel celdood → orgaanschade en degeneratieve aandoeningen.
Te weinig celdood → ongewenste cellen, zoals kankercellen, blijven leven en delen → tumoren.
Celdoodonderzoek kan dus twee therapeutische doelen hebben: ongewenste celdood remmen of
celdood juist induceren in tumoren.
KERN: De therapeutische vraag is altijd contextafhankelijk: beschermen we gezonde cellen of
willen we tumorcellen doden?
2. Belangrijke vormen van celdood
Type Belangrijkste kenmerk uit de les
Apoptose genetisch gereguleerd; caspases centraal
Necroptose necrose-achtig, maar gereguleerd
Pyroptose caspase-gedreven en sterk inflammatoir;
relevant bij infectie/sepsis
NETosis bij neutrofielen; uitstoten van chromatine
Ferroptose ijzer-gemedieerde, lipideperoxidatie-gedreven
celdood
De les focust vooral sterk op ferroptose en de vertaling daarvan naar therapie.
3. Ferroptose: basismechanisme
Ferroptose wordt voorgesteld als een zeer oude, relatief 'primitieve' vorm van celdood die vooral
biochemisch wordt aangedreven.
Kernproces = oxidatie van membraanlipiden. Hydroxylradicalen vallen lipiden aan; het gevormde
lipideradicaal zet een kettingreactie voort.
Zuurstof en ijzer bevorderen die kettingreactie.
vrij Fe²⁺ + oxidatieve stress → lipideradicalen → lipideperoxidatie → membraanschade
→ ferroptose
Ferroptose kan zich volgens de les als een golf door weefsel verspreiden doordat één
beschadigde cel naburige cellen onder oxidatieve stress zet.
4. Welke lipiden zijn gevoelig?
Poly-onverzadigde vetzuren (PUFA's) met meerdere dubbele bindingen zijn gevoelig voor
oxidatie.
Onverzadigde vetten zijn daardoor gevoeliger voor ferroptose; verzadigde vetten zijn resistenter.
Onverzadigde vetten blijven tegelijk noodzakelijk voor membraanfluïditeit.
MOET KENNEN: PUFA + radicalen + ijzer/zuurstof → lipideperoxidatie → membraanschade →
ferroptose.
5. De rol van ijzer
Vorm Volgens de les
Celdood & ferroptose — examensamenvatting 2025- 2026