Geschreven door studenten die geslaagd zijn Direct beschikbaar na je betaling Online lezen of als PDF Verkeerd document? Gratis ruilen 4,6 TrustPilot
logo-home
Document preview thumbnail
Voorbeeld 10 van de 90 pagina's
Samenvatting

Ontwikkelingspsychologie (deel 2) Samenvatting

Document preview thumbnail
Voorbeeld 10 van de 90 pagina's

Zeer volledige samenvatting van alle hoofdstukken: omvat slides pokerpoints en mondelinge toelichting in hoorcolleges. Meteen in eerste zittijd geslaagd dankzij deze samenvatting (15/20).

Voorbeeld van de inhoud

ontwikkelingspsychologie (2)


HS 1: het levensloopperspectief
1.1 HET KADER VAN HET LEVENSLOOPPERSPECTIEF
levensloopperspectief = beschouwt menselijke ontwikkeling als een continu en levenslang proces ipv
een reeks vaste fasen; benadrukt dat ontwikkeling plaatsvindt in interactie met de omgeving en dat
levenservaringen - inclusief successen en tegenslagen - een dynamische invloed hebben op hoe
iemand zich door het leven beweegt; focust ook op de veerkracht van mensen om zich aan te passen
aan veranderende omstandigheden gedurende hun hele leven
à VRAAG: wat zijn de kenmerkende ontwikkelingstaken op een bep. leeftijd in een bep. samenleving?
• verdeelt de levensloop in betekenisvolle periodes
• identificeert de ontwikkelingstaken voor een bep. periode




1.2 ONTWIKKELINGSTAKEN
ontwikkeling = biologisch rijpen en leren
• grote indiv. verschillen in tempo
o vb: blind geboren worden -> leren lopen zal langer duren tov persoon met zicht
o vb: opgroeien in Afrika -> leren lopen zal sneller plaatsvinden dan in grote stad


ontwikkelingstaken = de reeks van vaardigheden en vermogens (bekwaamheden) die mensen
ontwikkelen doorheen hun levensloop; hangen af van de leeftijd; definiëren de periodes
“developmental tasks are the array of skills and abilities that humans beings develop across their
lifetimes” – Robert Havighurst, Developmental Task Theory

1

,ontwikkelingspsychologie (2)

• drie bronnen van ontwikkelingstaken:
(1) lichamelijke (biologische) rijping
§ vb: oprecht staan en leren lopen, aanpassen aan seksuele rijping (puberteit) of
aan menopauze (middelbare volwassenheid)
(2) individuele doelen en waarden
§ keuze voor job of hobby’s en morele beslissingen: mogelijke conflicten
§ vb: wereld verbeteren of veel geld verdienen? afstuderen of gezin stichten?
(3) culturele en maatschappelijke verwachtingen
§ verschillen van land tot land (zorgende huisvrouw vs zelfstandige zakenvrouw)


1.2.1 uitdagingen, bepalingen, kansen
Havighurst Developmental Task Theory: combineert de drie bronnen van ontwikkelingstaken
bepalend voor de ontwikkeling; slaat de brug en bemiddelt tussen de biologische (genetisch bepaalde)
facetten van ontwikkeling en de ontwikkelingsaspecten die worden gesteund of vereist door andere
mensen in het leven van een individu; evolutie van de menselijke geest als een gedeelde onderneming




“resilience” = de bekwaamheid zich aan te passen aan uitdagingen en bedreigingen voor de
ontwikkeling (veerkracht, weerstandigheid, wilskracht, herstellingsvermogen)
• ahv toegewijde interesse in dagdagelijkse activiteiten
• ervaringen beschouwen als controleerbaar, uitdagingen zijn normaal en kansen om te groeien
• factoren die indiv. verschillen in resilience bepalen:
o PH kenmerken
o relatie met ouders en sociale steun buiten familie
o kansen in de samenleving


1.3 KENMERKEN VAN HET LEVENSLOOPPERSPECTIEF




2

,ontwikkelingspsychologie (2)

vier invalshoeken: ontwikkeling is…
LEVENSLANG • belangrijkste ontwikkeling vindt plaats tussen
geboorte en adolescentie (tot ± 18j)
• focussen op deze korte periode levert echter
een onvolledig beeld op (groot misverstand)
• mensen 80+ kunnen nog steeds ontwikkelen
• wel correct: wat misloopt in deze periode kan
grote gevolgen hebben op latere leeftijd
MULTIDIMENSIONEEL EN MULTIDIRECTIONEEL • verschillende dimensies van ontwikkeling:
lichamelijk, cognitief, sociaal-emotioneel
o verschillende dimensies ontwikkelen
niet in elke levensfase met dezelfde
snelheid
o fases van sterke ontwikkeling in ene
domein, weinig tot geen ontwikkeling
in andere domein
• impliceert ook multidirectionaliteit:
verschillende dimensies van ontwikkeling
kennen een ander verloop doorheen leeftijd
o vb: performantieintelligentie ↓ en
verbale intelligentie ↑ met ouderdom
PLASTISCH • de vaardigheid om te leren en te veranderen,
zowel gedragsmatig als de hersenstructuur
• op elke leeftijd is er ruimte voor verbetering
(weliswaar op ander tempo)
BEÏNVLOED DOOR VEELVOUDIGE • grote invloed van context op ontwikkeling
INTERAGERENDE KRACHTEN


1.3.1 traditioneel zicht op de levensloop: de levenstrap




levenstrap = traditioneel beeld van de levensloop; je groeit op en bereikt je piek op middelbare leeftijd;
vervolgens ga je er alleen maar op achteruit (achterhaald!!!)


verbaal IQ




performantie IQ




3

,ontwikkelingspsychologie (2)

1.4 MAATSCHAPPELIJKE OMGANG MET HERSTRUCTURERINGEN BREIN
drie grote herstructureringen van het brein: puberteit, zwangerschap, menopauze
• grote indiv. verschillen in reacties op menopauze obv…
o belang van vruchtbaarheid en attractiviteit
o symptomen of verwachtingen ervan
• veel vrouwen ervaren menopauze als klein of geen probleem
• jongere generaties aanvaarden eerder
• sociale status van de ouder wordende vrouw heeft invloed op reacties
• menopauze als bioculturele gebeurtenis
o Westerse vrouwen…
§ beschouwen het als een ziekte of medisch probleem (= medicalization)
§ rapporteren meer symptomen en bezwaren
o Aziatische vrouwen…
§ bereiken piek in respect en productiviteit
§ menopauze geen belangrijke marker van middelbare leeftijd
§ rapporteren minder symptomen
o Maya vrouwen…
§ baren veel kinderen
§ kijken uit naar menopauze, einde van kinderen krijgen
§ rapporteren geen symptomen




4

,ontwikkelingspsychologie (2)


HS 2: adolescentie
2.1 ADOLESCENTIE: WAT EN WANNEER
adolescentie = de overgang tussen kindertijd en volwassenheid (11j – 22j)
• opgelet: wettelijke definitie volwassenheid (>18j) ≠ psychologische defintie volwassenheid
• aanvang gekenmerkt door puberteit als eerste fase van adolescentie: verschillende biologische
gebeurtenissen die uiteindelijk leiden tot een volwassen lichaam en seksuele maturiteit
• basis ontwikkelingstaken van deze periode over hele wereld hetzelfde
o duur periode en specifieke vereisten verschillen tussen culturen
o historisch gezien is adolescentie verlengd
§ ontwikkelingstaken en verwachtingen van adolescent zijn dag van vandaag veel
complexer dan vroeger (vnl. in geïndustrialiseerde samenlevingen duurt
adolescentie een decennium ↔ enkele jaren in stam- en dorpgemeenschappen)


opvattingen over adolescentie:
biologisch perspectief Stanley Hall puberteit als periode van rebellie en roekeloosheid
(“savages”)
J.J. Rousseau storm-and-stress-theorie: biologische opschudding
zorgt voor verhoogde emotionaliteit en conflict
Sigmund Freud puberteit is de genitale fase met bewustwording van
seksuele impulsen
sociaal perspectief Margaret Mead klemtoon op sociale en culturele invloeden,
~ vroeger, jaren ‘60 grote interindiv. en intercult. verschillen
sociaal-cognitief “een ontwikkelingsperiode gekenmerkt door suboptimale beslissingen
perspectief en acties die geassocieerd zijn met een verhoogde incidentie van
~ vandaag onbedoelde verondingen, geweld, middelen-misbruik, zwangerschap
en SOA’s”




2.2 ONTWIKKELINGSTAKEN VAN DE ADOLESCENTIE
• psychologische adaptatie aan (aanvaarding van) fysieke veranderingen: volgroeid lichaam
o een volwassen lichaam ontwikkelen is de centrale uitdaging in adolescentie
o hiermee verbonden zijn de sociale veranderingen (vb: borsten -> mannen staren)
• leren mannelijke of vrouwelijke sociale rol in te vullen
• verwerven van volwassen manieren van denken (cf. hypothetisch-deductief redeneren)
• bereiken van emotionele en economische onafhankelijkheid (tov ouders)
5

,ontwikkelingspsychologie (2)

o historische verandering: financiële onafhankelijkheid treedt tegenwoordig pas later op
o verschuiving van ouderinvloed naar peerinvloed
§ ouders hebben minder invloed omdat peers belangrijker worden
§ nieuwe en diepgaandere connecties met leeftijdsgenoten
• ontwikkeling van meer volwassen manieren van omgaan met leeftijdsgenoten van beide
geslachten
• verwerven van waarden en een ethisch kader voor gedrag (Kohlberg)
• identiteitsconstructie (veilig gevoel van ‘zelf’ in seksuele, morele, maatschappelijke termen)


2.3 HORMONALE VERANDERINGEN TIJDENS DE PUBERTEIT
• genen beïnvloeden hormonale processen
• groeihormoon (GH) en thyroxine: toename rond 8j à 9j, veranderingen niet meteen zichtbaar
o oestrogeen verhoogt GH-productie
o ♀bereiken puberteit gemiddeld twee jaar vroeger dan ♂
o oestrogeenproductie neemt dramatisch af vanaf 15j
• twee soorten veranderingen:
o algemene groei van het lichaam
o maturatie van seksuele kenmerken


2.3.1 geslachtsverschillen in hormonale veranderingen
opgelet: hormonen verschillen qua relatieve concentraties, niet qua type (testosteron speelt ook een rol
bij meisjes en omgekeerd)


oestrogeen androgeen (testosteron)
meer bij ♀ meer bij ♂
eierstokken en bijnieren geven oestrogeen vrij testikels geven grote hoeveelheid testosteron vrij
(maar ook kleine hoeveelheid oestrogeen)


2.3.2 geslachtsverschillen in lichamelijke veranderingen
♂ ♀
groeispurt begint op 121/2-jarige leeftijd begint op 10-jarige leeftijd
-> rond 10j à 12j zijn ♀groter
proporties schouders breder heupen breder
benen langer
spiet-vet verhouding winnen meer aan spiermassa winnen meer aan vetmassa
aerobische eEiciëntie

veranderingen in fysieke activiteit:
• hoger bij ♂ dan bij ♀
o zelfwaardegevoel van ♂ hangt veel sterker af van sportieve prestaties
• sterke dalingen tegen de leeftijd van 15j
• hoeveelheid sporten in adolescentie voorspellend voor fysieke activteit in volwassenheid:
activieitsniveau op 14j voorspelt hoeveel mensen sporten op 31j




6

,ontwikkelingspsychologie (2)

2.3.3 seksuele rijping
primaire seksuele kenmerken secundaire seksuele kenmerken
rijping van de voortplantingsorganen andere zichtbare delen van het lichaam die
wijzen op seksuele rijping
♀ menarche: eerste menstruatie ♀ borsten
♂ telarche: eerste zaadlozing ♂ baardgroei en zwaardere stem
beide oksel- en schaamhaar

indiv. verschillen in aanvang van puberteit:
• erfelijkheid
o binnen 1m bij 1eiige tweeling
o binnen 12m bij 2eiige tweeling (genetisch gewone broers en zussen, 50% identiek)
• voeding en lichaamsbeweging
o vnl. euect bij ♀
o hoe meer vetcellen (produceren leptine -> signaleert voldoende reserves aan het brein),
hoe groter vet/spier ratio, hoe vroeger vindt menarche plaats en kan vrouw zwanger zijn
o zwaarlijvigheid = versnelling seksuele rijpheid bij ♀
• SES en gezondheid: armoede en honger vertragen menarche
• etnische groep
• familiale ervaringen en stress: echtscheiding ouders vervroegt menarche
• historische verschuiving: 3m per decennium tussen 1900-1970: leeftijd van menarche telkens
drie maanden vervroegd dus bij ons veel vroeger dan bij grootouders


2.4 REACTIES OP PUBERTEIT
reacties op dramatische lichamelijke veranderingen en timing:
♀ • verrassing • voorbereiding en informatie helpt
• positiever dan vroeger (open discussie vandaag) • betrokkenheid van vader helpt
♂ • gemengde reacties • voorbereiding en informatie helpt

gevolgen van de timing van de puberteit:
♀ ♂
vroege puberteit niet populair, teruggetrokken, populair, onafhankelijk,
laag zelfvertrouwen zelfzeker
meer afwijkend gedrag
negatief lichaamsbeeld positief lichaamsbeeld
meer LT problemen meer stress
late puberteit populair, sociaal, levendig onpopulair, angstig, veel praten
leidersfiguren op school aandacht zoeken
positief lichaamsbeeld negatief lichaamsbeeld

geboortemaandeEect = het fenomeen waarbij de geboortemaand van een persoon - vnl. in de jeugd -
van invloed is op latere levensloop en kansen, vooral in sport; kinderen die in het begin van het jaar
geboren zijn (januari) hebben een voordeel tov hun jaargenoten die later in het jaar zijn geboren
(december); dit komt omdat de kinderen die in januari geboren zijn bijna een jaar ouder en daardoor
verder ontwikkeld zijn op het moment van selectie




7

,ontwikkelingspsychologie (2)

2.5 ERIKSONS PSYCHOSOCIALE STADIA




volgens psychosociale stadia van Erik Erikson wordt elke levensfase gekenmerkt door een spanning
tussen twee tegenpolen -> puberteit is identiteit vs verwarring / adolescentie is intimiteit vs isolement


identiteit vs identiteitsverwarring:
identiteit identiteitsverwarring
definiëren wie je bent, wat je belangrijk vindt en gebrek aan richting en zelfdefiniëring
de richting die je uit wil in het leven
een proces van exploratie gevolgd door beperkte exploratie in adolescentie
toewijding en binding (inzake beroep, idealen, vroegere psychosociale conflicten niet opgelost
roeping, persoonlijke relaties, seksuele maatschappij beperkt keuzes
oriëntatie, etnische groep, …) vb: land in oorlog -> doel is sterven voor land
onvoorbereid voor fasen van volwassenheid
(aanvaarding intimiteit als voorbeeld van
geslaagde identiteitsontwikkeling)

succesvolle ontwikkeling van identiteit volgens Erikson:
• gevoel bereiken van lichamelijk, psychisch, sociaal welzijn
• thuis zijn in eigen lichaam
• gevoel van weten welke richting je uitgaat
• intrinsieke zekerheid dat je de waardering zal krijgen van die mensen die voor jou belangrijk zijn


vier identiteitsstatussen:
evaluatie van vooruitgang van identiteitsontwikkeling obv twee dimensies
NIVEAU VAN BINDING
hoog laag
NIVEAU VAN hoog Identity Achievement Moratorium
EXPLORATIE bereiken van ware identiteit binding uitstellen
vb: veel one night stands,
de ene master na de andere, …
laag Identity Foreclosure Identity DiEusion
te vroeg vastleggen van identiteit verwarring inzake identiteit
vb: levensmodel van ouders vb: verslaving
overnemen (*)

(*) wereld verandert continu, slecht idee om onzekerheid van identiteitsvorming te ontvluchten
à reden waarom adolescenten (vooral mannen) kwetsbaar zijn voor radicale ideologieën zoals
fascisme die eigen identiteit niet in twijfel trekken
8

,ontwikkelingspsychologie (2)




factoren die ontwikkeling van identiteit beïnvloeden:
• PH (flexibel, ruimdenkend, …)
• opvoedingsstijl (verbondenheid, gehechtheid, open communicatie, …)
• leeftijdsgenoten (vrienden, diversiteit peers, …)
• school (steun door mentoren en activiteiten)
• ruimere context: cultuur en maatschappij
o etnische identiteit
§ gevoel tot een bep. etnische groep te behoren
§ hogere zelfwaardering, optimisme, gevoel van controle over omgeving
o acculturatieve stress
§ conflict met culturele meerderheid (pesten, vooroordelen, discriminatie)
§ adolescente gevoeligheid: identiteitsontwikkeling vertraagt, conflict ouders
§ afh. van respect en openheid van culturele meerderheid
o biculturele identiteit
§ exploratie en zich eigen maken van waarden uit beide culturen
§ verrijkende relaties met individuen vanuit andere culturen
§ adolescenten met biculturele identiteit ook ‘achievers’ bij andere facetten


2.6 DEPRESSIE EN ZELFMOORD IN DE ADOLESCENTIE
depressie is een veelvoorkomend psychologische probleem in de adolescentie
• factoren die bijdragen (risico’s):
o genetische aanleg (slechts matig euect)
o opvoedingsstijl: beschermend of risicovol
o aangeleerde hulpeloosheid = gevoel van geen controle over negatieve gebeurtenissen
§ Seligman’s hondenexperiment: oorsprong van concept aangeleerde
hulpeloosheid
- honden staan op platform en krijgen pijnlijke elektrische prikkels
- sommige honden hadden de mogelijkheid te vluchten en deden dit ook
- andere groep van honden moest pijn ondergaan en kon niet uit situatie
ontsnappen -> als diezelfde honden dan in de situatie terechtkwamen
waar ze wél konden vluchten, deden ze dit nog steeds niet
§ Weiner’s attributietheorie: manieren waarop oorzaken worden toegeschreven
- drie dimensies die depressieve manieren van denken beschrijven:
¨ globaal vs specifiek
ú “vandaag is geen goede dag, morgen beter” (specifiek)
ú “dit gebeurt altijd, mijn leven is één grote ramp” (globaal)
¨ permanent vs tijdelijk

9

, ontwikkelingspsychologie (2)

ú “vreselijke les, ik stop met psychologie” (permanent)
ú “nog maar 10 minuten, volgende les beter” (tijdelijk)
¨ intern vs extern
ú “de relatie is stuk omdat ik stom en lelijk ben” (intern)
ú “de relatie werkte niet, blij dat het gedaan is” (extern)
• prevalentie:
o depressie is het meest voorkomende psychologische probleem in de adolescentie
o opgelet: adolescenten niet per se depressiever dan andere leeftijdsgroepen
o depressie verhoogt het risico op zelfmoord, maar leidt daar niet automatisch toe
§ depressie veel vaker voorkomend (ook depressieve fasen doorheen leven)
o ♀zijn vaker depressief en ondernemen vaker mislukte zelfmoordpogingen (medicijnen)
o ♂plegen vaker geslaagd zelfmoord (voor trein springen) bij een depressie




seculaire trend: leeftijd waarop mensen diagnose van depressie krijgen en eerste symptomen ervaren
is historisch gezien gedaald
• “mensen worden steeds vroeger depressief” klopt dit? waarschijnlijk niet: heeft te maken met
groter bewustzijn en meer kennis omtrent depressie waardoor huisartsen, etc. dit sneller
opmerken (cf. geen Alzheimer diagnose voor 1800 omdat term toen nog niet bestond)
• psychische stoornissen worden maatschappelijk nu meer aanvaard




10

Documentinformatie

Geüpload op
28 augustus 2026
Aantal pagina's
90
Geschreven in
2025/2026
Type
Samenvatting
€10,16

Verkeerd document? Gratis ruilen Binnen 14 dagen na aankoop en voor het downloaden kan je een ander document kiezen. Je kan het bedrag gewoon opnieuw besteden.
Geschreven door studenten die geslaagd zijn
Direct beschikbaar na je betaling
Online lezen of als PDF

Verkocht
3
Volgers
0
Items
21
Laatst verkocht
3 dagen geleden



Waarom studenten kiezen voor Stuvia

Gemaakt door medestudenten, geverifieerd door reviews

Kwaliteit die je kunt vertrouwen: geschreven door studenten die slaagden en beoordeeld door anderen die dit document gebruikten.

Niet tevreden? Kies een ander document

Geen zorgen! Je kunt voor hetzelfde geld direct een ander document kiezen dat beter past bij wat je zoekt.

Betaal zoals je wilt, start meteen met leren

Geen abonnement, geen verplichtingen. Betaal zoals je gewend bent via Bancontact, iDeal of creditcard en download je PDF-document meteen.

Student with book image

“Gekocht, gedownload en geslaagd. Zo eenvoudig kan het zijn.”

Alisha Student

Bezig met je bronvermelding?

Maak nauwkeurige citaten in APA, MLA en Harvard met onze gratis bronnengenerator.

Bezig met je bronvermelding?

Veelgestelde vragen