5. Enkele basisbeginselen van het recht
5.1 Zijn regels noodzakelijk?
Mens sociaal wezen – samenleven met anderen regels en afspraken
Vragen die we ons kunnen stellen? – welke regels?, wat zijn die regels?, …
Regels = dynamisch – samenleving evolueert, nieuwe omgangsvormen, nieuwe
problemen, …
Ideale situatie = alle leden samenleving regels rechtvaardig vinden
20e eeuw – wereldwijd consensus aantal mensenrechten gegroeid –
meningsverschillen/conflicten interpretatie van de regels
5.2 Het ontstaan en de ontwikkeling van het recht
3500 v.Chr. het Nabije Oosten het schrift uitgevonden
Regels vlugger + grote afstand
Vb: het ‘wetboek’ van koning Hammoerabi – thema’s = slavernij, misdaad,
huwelijk
Citaat “oog om oog, tand om tand”
Naast religie – recht goddelijke oorsprong koning, keizers, … ‘macht van
goden krijgen’ = regels hoe omgaan met elkaar
Gewoonterecht: belangrijkste bron = ongeschreven regels generatie op
generatie
politieke, administratieve en gerechtelijke instellingen - taak kregen
rechtsregels te formuleren, uit te voeren toe te passen, te handhaven en
eventueel af te dwingen
Na WO2 – internationaal niveau samenkomen = ontstaan o.a. mensrechten
Recht dynamisch als heel complex
juridisering van de samenleving – belang recht en regels toenemen
Nadeel juridisering = abstractie concrete omstandigheden
Voordeel = rechtsbescherming + mogelijkheid tot emancipatie
Cliënt in ongelijke machtsverhouding en situatie
Verschil tussen recht en Godsdienst
Godsdienst voorschriften m.b.t. verhouding mensen onderling + mens en
God
Niet-naleving = sanctie
In niet-geseculariseerde samenleving geen scheiding rechtsregels +
godsdienstige regels
Geen scheiding Kerk en Staat
België = geseculariseerde samenleving – scheiding Kerk en Staat scheiding
niet absoluut
6 erediensten erkend: de katholieke, protestantse, Israëlitische, anglicaanse,
islamitische en orthodoxe
In Grondwet: principes verhouding Kerk en Staat – vrijheid eredienst en vrijheid
levensbeschouwing (art. 19 Gw.), niemand verplicht bepaalde godsdienst te
belijden (art. 20. Gw.)
1
,Verhouding recht en moraal – rechtsnorm geldt voor alle burgers – morele norm
verstoken van algemeenheid als noodzakelijk kenmerk
Algemeen of persoonlijk-individueel
= Bron moraal mens zelf – bron recht overheid – bron godsdienst goddelijk
gezag
Sanctie = duidelijk + omschreven in wetteksten – morele normen geen sancties
Samenleving het etnisch pluralisme – verschillende opvattingen
Rechtsregel in overeenstemming met moraal
5.3 Een definitie van het recht
Definitie: Het recht is een geheel van bindende regels, opgesteld door de
samenleving, waardoor de belangen van de enkelingen die in de gemeenschap
leven, geordend worden, door middel van sociale dwang.
5.3.1 Een geheel van bindende regels
Bindende regels
Geen suggesties, noch aanbevelingen:
Een verbod: bv. diefstal, moord; geen 2 huwelijkspartners
Een gebod: bv. schade vergoeden, iemand in nood moet je helpen
Laten een handeling toe: bv. schenking, huis bouwen, overeenkomsten…
= Geschreven/ ongeschreven/ nationaal/ internationaal
5.3.2 Opgesteld door de samenleving
Vrije verkiezingen – vertegenwoordigers: WM en UM
Democratie: het volk heerst
Wij verkiezen wie er in het parlement zetelt en de wetten maakt
Stemplicht (uitzondering lokale verkiezingen: stemrecht) impact hiervan?
Wetgevende macht Uitvoerende macht Rechterlijke macht
Staat maakt nieuwe Staat maakt de Staat past de
rechtsregels via toepassing van de rechtsregels toe in zijn
wetgeving rechtsregels mogelijk rechtbanken voor de
(Parlement) d.m.v. een regering en beslechting van
een administratief geschillen
apparaat (Rechtbanken en hoven)
(Ministers)
Burgers in België deel aan het staatsbestuur via het kiesrecht (stemrecht).
België = opkomstplicht, maar sinds 2024 niet meer voor lokale
verkiezingen
In het verleden stemrecht rijke klassen; arbeiders hadden geen stemrecht.
Het algemeen stemrecht voor mannen principe “één man, één
stem”.
Vrouwen pas in 1947 algemeen stemrecht
Politici zeggen soms dat ze “de stem van het volk” vertegenwoordigen —
burgers beïnvloeden de regels en het beleid via hun stem.
België = democratie:
Het parlement (wetgevend orgaan) wordt door burgers gekozen en maakt
of wijzigt wetten.
2
, Het uitvoerend orgaan voert deze wetten uit.
5.3.3 Het recht als doel de samenleving te ordenen
Samenleven in deze gemeenschap vraagt om ORDE en nood aan ORGANISATIE
want er zijn conflicterende belangen
Recht moet het samenleven ‘leiden’
Natuurtoestand? Allen tegen allen? Chaos?
Daarom: maatschappelijk verdrag of sociaal contract (legitimatie van de
overheid): Collectieve beslissing om macht af te staan aan overheid
5.3.4 Afdwingbaarheid van het recht
Naast het wetgevend orgaan en uitvoerende macht - rechterlijke macht
In oude tijden werden conflicten tussen families zelf “opgelost”, vaak via
wraak.
De taliowet (“oog om oog, tand om tand”) stond vergelding toe, maar
begrensde die om buitensporig geweld te voorkomen.
Vanaf de Middeleeuwen feodale heersers ingrijpen om escalerende geweld te
stoppen, maar straf en rechtshandhaving gebeurden toen nog vaak met geweld
en foltering.
In moderne, geciviliseerde maatschappijen wordt naleving van regels
afgedwongen via:
straffen en andere maatregelen;
een rechterlijke macht die deze sancties kan opleggen.
Voor effectief recht is afdwingbaarheid essentieel: regels moeten kunnen
worden afgedwongen.
De samenleving spreekt af hoe die afdwinging gebeurt (bv. via
rechtbanken, parket, politie).
Afdwinging kan bestaan uit:
een bevel om iets wel of niet te doen
schadevergoeding;
straffen bij misdrijven.
5.4 Inleiding van het recht
5.4.1 Privaat en publiek recht
Het recht = verschillende rechtstakken – nationale recht in 2 delen:
Privaatrecht Publiekrecht
Regelt verhoudingen tussen burgers Regelt:
onderling Verhouding burger en overheid
o Voorbeelden: huwelijk, De organisatie van de overheid,
eigendom, koop-verkoop, Verhoudingen tussen
aansprakelijkheid overheden,
Bevat o.a.: burgerlijk recht, personen- Internationale verhoudingen
tussen staten
en familierecht, handelsrecht, etc.
Uitgangspunt: burgers mogen
Bevat o.a.:
hun relaties in principe zelf
regelen Grondwettelijk recht:
organisatie staat en rechten van
burgers
3
, Strafrecht: bepaalt verboden
gedragingen en straffen
Strafprocesrecht: regels voor
verloop van strafproces
Uitgangspunt: de overheid boven de
burger en mag binnen wettelijke
grenzen beslissingen opleggen voor
het algemeen belang
Gemengde rechtstakken - Sommige rechtstakken hebben zowel private als
publieke elementen, bv. arbeidsrecht (individuele arbeidsovereenkomst =
privaat, collectieve arbeidsverhoudingen = publiek).
Historische evolutie
Oorsprong negentiende-eeuwse liberale visie: individu centraal, overheid
enkel basisfuncties (nachtwakersstaat) – ‘nachtwaker’
Evolutie sociale verzorgingsstaat met uitgebreid takenpakket.
Toenemende participatie van burgers in besluitvorming
5.4.2 Nationaal en internationaal recht
Nationaal recht Internationaal recht
Regelt verhoudingen binnen één Regelt verhoudingen tussen staten
staat: tussen burgers en tussen en grensoverschrijdende kwesties
burgers en staat. tussen burgers
Onderverdeeld in Ook verdeeld in
privaatrecht en internationaal
publiekrecht publiekrecht en
internationaal
privaatrecht
Internationaal publiekrecht Internationaal privaatrecht
Bepaalt hoe staten onderling Regelt welk recht en welke rechter
samenwerken en afspraken van toepassing is bij
vastleggen. grensoverschrijdende geschillen
Voorbeeld: Kyoto-verdrag tussen burgers.
(vermindering uitstoot Voorbeeld: huwelijk tussen Spaanse
broeikasgassen) man en Italiaanse vrouw die in
België wonen → Belgische wet is
van toepassing.
Soevereiniteit: elk land mag binnen eigen grenzen beslissen (bijv.
softdrugsbeleid in Nederland)
Soorten internationale samenwerking
- Intergouvernementeel
o Lidstaten behouden hun soevereiniteit.
o Binden zich aan dezelfde regels van een organisatie (bijv. VN, WHO).
- Supranationaal
o Lidstaten dragen deels hun soevereiniteit over aan de organisatie.
o Organisatie kan naleving afdwingen; lidstaten kunnen zich ook
terugtrekken (bijv. EU)
5.5 Bronnen van het recht
Materiële bronnen van het recht – bepalen de inhoud van rechtsregels.
4