Buikvormige spieren
Vedervormige spieren
Vlakke spieren
Opbouw van een spier:
Spierweefsel à musculus
Dit weefsel is omringd door de fascia
De pezen/vasthechtingen heten de Tendo
De botstukken waar het aan vast zit heet de insertio of origo
Isotonische contractie:
- Verkorting spier
Isometrische contractie:
- Krachtwerking zonder verandering lengte spier
Histofunctioneel zijn er 3 soorten spieren:
- Dwarsgestreepte spier
o Dwarsstreping
o Onderhevig aan wil
- Hartspier
o Dwarsstreping
o Niet onderhevig aan wil
o Autoritmiek
- Gladde spier
o Geen dwarsstreping
o Vaak niet onderhevig aan wil
o Beperkte autoritmiek
o (vb. blaas, speekselklier, darmen)
,Kaakspieren
2 type bewegingen onderkaak:
- Sluiten v.d. mond à vnl. kaakspieren
o Krachtige spieren
§ M. maseter
§ M. temporalis
o Minder krachtige spieren
§ M. pterygoideus medialis
- Openen v.d. mond à vnl. supra-hyoidale spieren
§ M. mylohoideus
§ M. geniohoideus
§ M. diagastricus
§ M. pterygoïdeus lateralis
Bruxisme = het onbewust knarsen of klemmen van de tanden, vaak tijdens de slaap,
wat kan leiden tot tand- en kaakproblemen.
Kaakbeweging:
Mondopening
1. M. Diagastricus
2. M. Pterygoideus lateralis
Mondsluiting:
1. M. temporalis
2. M. Pterygoideus medialis
3. M. Masseter
Protrusie (naar voren bewegen):
1. M. pterygoideus lateralis
2. M.pterygoideus medialis
3. M. masseter
Retrusie:
1. M. pterygoideus lateralis
2. M. temporalis
3. M. Diagastricus
Laterale beweging:
1. M. pterygoideus lateralis
2. M. temporalis
Terugbeweging
3. M. pterygoideus medialis
,M. masseter
Wat vormt het en hoe ziet het eruit?
• Een dikke vierkante spier met een buitenste laag (pars superficialis) en een diepe
laag (pars profunda). De m. masseter wordt bedekt door een fascia die naar
dorsaal overgaat in de fascia van de parotis.
Origo:
• Pars superficialis: Onderrand en buitenzijde van de voorste 2/3 van de jukboog
(arcus zygomaticus), tot aan de sutura temporozygomatica; specifiek aan de
onderrand van de processus zygomaticus maxillae, os zygomaticum en
processus temporalis van het os zygomaticum.
• Pars profunda: Onderrand van de jukboog zowel aan de buitenzijde (alleen ter
hoogte van het achterste 1/3) als aan de binnenzijde (gehele lengte).
Verloop van de vezels en de spier:
• Pars superficialis: Vezels lopen schuin naar caudaal en dorsaal.
• Pars profunda: Vezels lopen verticaal naar beneden.
Insertio:
• Buitenzijde van de ramus mandibulae (tuberositas masseterica), vanaf de
processus coronoideus tot aan de angulus mandibulae.
Functie:
• Sluiten van de mond.
• Geringe activiteit bij protrusie, retrusie en zijdelingse bewegingen via de schuine
vezels.
, M. temporalis
Wat vormt het en hoe ziet het eruit?
• Een waaiervormige spier met verschillende werkingsrichtingen.
Origo:
• Fossa temporalis (gebied begrensd door de arcus zygomaticus, linea temporalis
inferior en processus frontalis van het os zygomaticum).
Verloop van de vezels en de spier:
• Vezels convergeren tot een pees.
• Voorste vezels: Lopen verticaal naar beneden.
• Achterste vezels: Lopen bijna horizontaal.
Insertio:
• Processus coronoideus van de mandibula: mediale zijde, apex, anterieure en
posterieure rand.
• Anterieure rand van de ramus mandibulae tot aan de wijsheidstand.
Functie:
• Sluiten van de mond.
• Voorste vezels: Zorgen voor translatiebeweging bij het sluiten.
• Dorsale vezels: Retrusie van de onderkaak.