HOOFDSTUK 1: alle orthopedagogisch handelen is agogisch handelen
1 inleiding
2 wat is agogie(k)?
ped > pais = kind ago > agogos = leiden
Agogiek: de WTS m.b.t. het begeleiden/ondersteunen van mensen
Agogiek volgens Koffeman (20e eeuw): is een verzamelnaam voor de
leer van het leiden, begeleiden van mensen, ongeacht hun leeftijd, op
een beroepsmatige manier
Agoog: iemand die anderen begeleidt om hen d.m.v. hun eigen handelen tot G-
veranderingen te laten komen
Bv van agogische beroepen → opbouwwerkers, jeugdhulpverleners, MTS werkers,
psychologen, …
Agogie/agogisch handelen: de intentionele, niet wederkerige beïnvloeding door 1 of
meerdere personen gericht op een wenselijk geachte wijziging, door de client ervaren
als welzijnsbevordering.
• Intentioneel = we doen niet zomaar iets. We baseren ons op theorieen. We zijn
ons bewust van wat we doen en hebben info over onze eigen achtergrond.
• Niet wederkerig = ik ga de richting bepalen die iemand uit moet, jij hebt het voor
het zeggen
• Wenselijk = iets doen wat iedereen wil
Het verschil tussen agogie en agogiek:
• Agogie: het veranderen van het handelen
• Agogiek: de WTS van het veranderen, die ondersteunt de praktijk
Bv → Drugpreventie in de klas, vaak is het een gastspreker die een verhaal doet met het
doel om mensen af te schrikken. Dat heeft heel kortstondig een effect, maar dat is rap
weer weg. Hetzelfde voor sigaretten, iedereen weet dat het slecht is maar toch doen ze
het.
,3 Doen veranderen: ‘theory of changing’
Meestal gebeurt veranderen spontaan, onbewust en niet doelgericht.
2 betekenissen van ‘veranderen’:
1. Het anders worden
Bv → ik ben na onze discussie van mening veranderd
2. Het anders maken/het doen veranderen
Bv → ik verander de inrichting van mijn kamer
Theory of change: veranderingen ten gevolge van spontane veranderingsprocessen
Vooral in de ontwikkelingspsychologie of sociologie
Bv → koppigheidsfase, de puberteit, …
Theory of changing: veranderingsprocessen die bewust en doelgericht worden opgezet
met het oog op verandering
Bv → verslavingsproblematiek, verontrustende leefsituatie, …
4 Drie sleutelbegrippen van het agogisch handelen
Definitie van Winkelaar over agogiek: Agogiek is de leer die aanwijzingen en richtlijnen
geeft voor de manier waarop individuele personen, groepen, organisaties en
samenlevingsverbanden kunnen worden begeleid in Veranderingsprocessen. Het gaat
er daarbij om, dat die begeleiding plaatsvindt vanuit de situatie waarin de betrokkenen
zich bevinden en dat zij mogelijkheden krijgen aangereikt om zoveel mogelijk ZELF te
HANDELEN teneinde tot de gewenste verandering te komen.
4.1 Veeranderen of beïnvloeden
Doel van agogie = het handelen van mensen veranderen, gelinkt aan de theory of
changing
Een agoog helpt anderen in hun veranderingsproces.
Een ideaalbeeld of totale vorming van de mens bestaat niet => we gaan uit van het
idee van ‘de eeuwig durende opvoeding’ en ‘permanente educatie’
,4.2 Handelen
Handelen en G is niet hetzelfde volgens Winkelaar, verschil:
• Handelen: je bent je bewust van met wat je bezig bent.
Je gaat via dialoog op zoek naar de betekenis die achter zichtbaar G kan
schuilgaan.
Bv → gedachten, gevoelens, intenties, drijfveren
• G: je bent je ONBEWUST van wat je aan het doen bent
Duidt op wat mensen concreet doen, op wat je ziet en dus kan observeren.
Het is objectief
Bv → je keek naar buiten tot de andere klaar waren met discussieren in de klas.
Handelen G
Bewust Onbewust
Onzichtbaar Zichtbaar
Observeren + communiceren Observeren
4.3 Emancipatie of empowerment als doel
Empowerment: sterk zijn om zelf dingen aan te gaan, zelf uitdagingen aanpassen
Doel = mensen leren zichzelf veranderen. Proberen onafh te maken van anderen
Kan eigenlijk niet dus je moet mensen ondersteunen om hun krachten te herontdekken.
Bv → een client met een verstandelijke beperking wacht op het teken tot jij zegt wat hij
moet doen, maar je moet zorgen dat hij zelfstandig kan zijn.
Emancipatie: het proces waarbij mensen gelijke rechten, vrijheid en zelfstandigheid
krijgen in de maatschappij.
, 5 Richtinggevende kenmerken v/h agogische handelen
Brinkman beschrijft een aantal kenmerken van het agogische handelen.
Je kan het niet 100% afbakenen, maar het is eerder richtinggevend en niet absoluut
5.1 Psychosociale verandering
Psychosociaal: zowel het psychische als het sociale, over het denken en voelen van
personen in relatie met anderen.
Bv → Robbe zijn gevoelens bij zijn voorgeschiedenis hebben invloed op hoe hij omgaat
met anderen
Psyche > alles wat je bezighoudt, denkt, voelt en wilt
Sociaal > de onderlinge verhoudingen tussen mensen
5.2 Doelgericht
Doelgericht: je hebt een doel en je denkt na over iets, je doet nooit zomaar iets.
We proberen een doel altijd positief te verwoorden.
Bv → mensen met ASS moeten proberen rustig blijven als je overprikkeld bent
Agogisch handelen is methodisch handelen.
5.3 Systematisch en bewust
Je gaat volgens een stappenplan werken en over elke stap is nagedacht
Bv → om iemand de bus te leren nemen. Eerst ga je samen heel het traject doen, daarna
samen een deel van het traject en een stukje alleen, dan van een afstandje volgen, daarna
helemaal alleen.
5.4 Gewenst door de betrokkenen
De client moet de verandering zelf willen, maar meestal is het een dwangelement v/d
SL
Bv → als iemand gemoord heeft, dan heeft die niet zelf gekozen om geholpen te worden
maar heeft de SL beslist dat hij geholpen moet worden.