en leren en
2024-2025 ontwikkeling in de
revalidatie
INHOUDSTAFEL
1. Inleiding-Situering
2. Motorische controle de verschillende niveau’s
3. Theoretische modellen van motorische controle en leren
4. Ontwikkeling van motorisch leren
5. Plasticiteit
,Motorische controle op verschillende
niveau’s
1. MOTORISCH GEDRAG UITLEGGEN ALS HET RESULTAAT VAN ACTIE,
PERCEPTIE EN COGNITIE.
1.1 Wat is motorische controle?
= Het proces waarbij we onze hersenen/ cognitie gebruiken om de spieren en ledematen die
betrokken zijn bij de uitvoering van een motorische vaardigheid te activeren en te
coördineren.
- Integratie van zintuigelijke informatie
(omgeving en huidige status van het lichaam)
- Bepaal de juiste set spierkrachten en
gewrichts-activatie om de gewenste
beweging of actie te genereren.
- Dit vereist een samenwerking tussen het
centrale zenuwstelsel en het bewegingsapparaat. Informatieverwerking, coördinatie,
mechanica, fysica en cognitie.
Organisatie en productie van een beweging = complex probleem.
Waarom is het belangrijk als therapeut?
Om inzicht te krijgen in normale en abnormale motorische controle en beweging. Dit is van
cruciaal belang voor de klinische praktijk.
1
, 1.2 Complex probleem – motorische controle op verschillende
niveau’s
TASK:
- Discrete vs. Continuous: Discrete taken hebben een begin en een eind (bv. Zit
staan). Continue taken is zonder een duidelijk eind en beginpunt, maar afhankelijk
van de performance (bv. Wandelen, lopen).
- Closed vs. Open: Bij een open taak ben je ondergevig aan een veranderende
omgeving (bv. Tennis, voetbal). Bij een gesloten taak is de omgeving voorspelbaar of
stabiel.
- Stability vs. Mobility: Een stabiele taak (bv. Zitten, staan) en een mobiele taak (bv.
Wandelen, lopen).
- Manipulatie of niet-manipulerend: manipulerende taken zijn taken waarbij we ons
bovenste ledematen bewegen.
Bijvoorbeeld: beschrijf de taak ‘een glas melk inschenken’:
- Discreet: begin en eind is duidelijk
- Open
- Stabiliteit: ze zit
- Manipulatie
INDIVIDU:
- Sensorieel/ perceptie:
Integratie van zintuigen in zinvolle informatie, informatie geven over het lichaam.
Een integraal om effectief te kunnen regeren in een omgeving.
- Motor/ actie:
Neuromusculaire en biomechanische systemen.
- Cognitie:
Aandacht, planning, probleemoplossing, motivatie en emotionele aspecten.
Toepassing op glas melk:
- Sensorieel/ perceptie:
Oog-hand coördinatie, feedforward gebasseerde controle.
- Motor/ actie:
Bimanuele handcontrole, stabiliteit, precisie
- Cognitie:
Dubbele taak, aandacht, observerend leren
OMGEVING:
2