INLEIDING
BOUWCONSTRUCTIES BINNEN VASTGOED
VERSCHILLENDE FASES
1 .INITIATIEFASE
• Bouwheer
• Projectontwikkelaar
• Vastgoed promotor
• Programma van Eisen
• Aan welke eisen wens ik dat het project aan voldoet
2. ONTWERPFASE + ZOEKEN AANNEMERS
• Architect (maakt plan van het gebouw, en zoekt aannemers om te beginnen bouwen aan het
gebouw )
• Studiediensten
• Stabiliteit
• Technieken
• ...
• Aanbestedingsdossier
• Lastenboek
• plannen
• ...
3. UITVOERINGSFASE
• Aannemer
• Bouwheer
• Architect
• ...
• Bouwen volgens aanbestedingsdossier
o Lastenboek
o plannen
o ...
• Alles vastleggen volgens technische fiches die door de bouwheer en architect worden
goedgekeurd
4. OPLEVERINGSFASE
• Overdracht project
• Van aannemer naar bouwheer
• Asbuilt dossier
• PID
o Technische fiches
o Asbuilt plannen
o Sleutels +plan
1
,5. BEHEERFASE
• Makelaar
• Rentmeester
• Syndicus
• ...
• Beheer en onderhoud volgens Asbuilt dossier en PID
• Technische fiches
• Asbuilt plannen
• Sleutels +plan
• ...
Verschil tussen syndicus en rentmeester:
- rentmeester: beheert de verhuur van gebouwen
- syndicus : bezit het gebouw
HOOFDSTUK 1 GROND
1.1 INLEIDING
GROND = FUNDERINGSGRONDSLAG
• Aard en samenstelling van grond bepalen type fundering
• Grond = verzameling kleine vaste deeltjes met poriën tussen (lucht of water) van minerale of
organische oorsprong
• ongeroerde grond: grond ter plaatse gevormd
• geroerde grond: werd uitgegraven
➢ Organische stoffen goed om op te bouwen niet om op te planten
➢ Minerale stoffen zijn korrels
GROND
• geen klassiek materiaal
• niet-elastisch
• niet-isotroop (ziet er niet altijd hetzelfde uit)
• niet-homogeen (gaat uit elkaar niet terug in elkaar)
• vaststellen type grond = zeer moeilijk
• laboproeven en proeven ter plaatse
• dan eigenschappen bepalen
1.2 GRONDSOORTEN IN BELGIË
GRONDSOORTEN
• Mengeling van verschillende soorten
• Naamgeving: overige samenstellende soorten + hoofdbestanddeel + vreemde bestanddelen
• Vb: leemhoudend zand met schelpen
2
, Vindplaats? Samenstelling & kenmerken? Bruikbaar als
funderingsbodem
Rots hoog-België gesloten structuur als hij niet verweerd is
hard, onsamendrukbaar als er geen holten aanwezig
zijn
als de laag niet te schuin
loopt
Grind overal in België loskorrelig materiaal grindlaag min. 3 m dik
sterk waterdoorlatend niet te schuin
naargelang de vindplaats:
zeegrind, gebroken grind,
riviergrind, …
Zand Vlaanderen en loskorrelig materiaal zandlaag min. 3 m dik
Kempen
sterk waterdoorlatend draagvermogen neemt af bij
kleinere korrel
naargelang de vindplaats:
zeezand, rivierzand
Mergel grens zacht gesteente gevormd uit onttrokken aan indringend
Nederlands leem en kalk water
Limburg &
zuidelijk deel bevat veel fossielen niet te schuin lopend
België
verweekt door indringend
water
Klei Ieper, Kortrijk, sterk samenhangend; onttrokken aan watertoevoer
Boom, gebonden materiaal en -afvoer
Condroz,
Lotharingen, … zeer fijne korrels
slecht waterdoorlatend
zwelt en krimpt door water
zwarte kleur
Leem Zuid-België, klei met groot aantal onttrokken aan watertoevoer
Zuid-Brabant, zandkorrels en -afvoer
Hageland,
Ardennen niet te schuin
Zavel overal zand vermengd met leem of als de laag voldoende vast is
klei afgezet
3
, Slib overal fijne kleideeltjes afgezet in NIET
water
dik vloeiend
voorkomend in dunne lagen
Teelaarde overal dunne bovenlaag vermengd NIET
met in ontbinding verkerende
plantaardige bestanddelen
goede voedingsbodem voor
gewassen
Veen hoge Venen, grond bestaande uit in NIET
Ardennen ontbinding verkerende
planten
vezelachtig, samenhangend
1.3 KENMERKEN EN EIGENSCHAPPEN VAN DE GROND
KENMERKEN EN EIGENSCHAPPEN
• zeer moeilijk
• afhankelijk van
• vochtgehalte: bv. Zacht zand kan je sneller indrukken dan droog zand
• poriënvolume
• inwendige structuur
• heterogeniteit in samenstelling (samenstelling die nooit helemaal hetzelfde is)
• belastingswijze
KORRELGROOTTES (1.3.1)
• grootte bepaalt de naam
• splitsing in verschillende fracties door zeefproef in zeeftoren
:zeeftoren
4