SAMENVATTING
HOOFDSTUK 1: BOUWSTENEN VAN EEN DISCIPLINE EN EEN PRAKTIJK
HET TEKEN ALS BASIS VOOR BETEKENISVOL COMMUNICEREN (1.2 IN HANDBOEK)
HET TEKEN
• De allerkleinste component van om het even welk communicatieproces
• Het basiselement van het communicatieproces / betekenisvol communiceren
DE SEMIOTIEK
• Wetenschappelijk domein: leer van de tekens, van het betekenisvol gebruik van tekens
• Ook wel semiologie genoemd (FR)
• Hoe functioneren tekens en ontstaat betekenis? → centrale vraag in hedendaags
communicatiewetenschappelijk onderzoek rond media-inhoud en mediareceptie
o Veel betekenis wordt vandaag de dag via visuele beelden/beeldtaal overgebracht bv. bij
de eerste films moesten mensen gewoon worden aan de beeldtaal = gewenning
• 3 centrale studiedomeinen:
o Tekens zelf en indeling in soorten
o Codes of systemen waarbinnen tekens georganiseerd zijn (bv. grammatica)
▪ Er zit een systeem achter dat aan de ene kant ontwikkeld wordt door de
communicator en aan de andere kant door de ontvanger, samen creëren zij een
systeem
▪ Voorbeeld emoji: nieuw tekensysteem dat een extra laag gaf aan betekenisvol
communiceren
o Cultuur waarbinnen tekens en codes opereren → bepaalde tekens kunnen een andere
betekenis krijgen naargelang de cultuur waarin ze gebruikt worden
▪ Cultuurverschillen: bv. achtergrond, etniciteit, taal
▪ Subculturen: bv. fan zijn van animé
• De semiotiek/semiologie is enerzijds gevoed door taalkunde en anderzijds door filosofie (met een
kleine inbreng van psychologie)
VERSCHILLENDE SUBDISCIPLINES VAN SEMIOTIEK
• Fonologie: studie van klanken en letters
• Syntaxis: linguïstische studie van taalconventies en betekenisvolle patronen van tekens
(= eerder technisch, bv. staan letters en woorden in de juiste volgorde?)
• Pragmatiek: studie van de relatie betekenis en gebruiker van het teken (hoe spelen context en
sociale factoren een rol in betekenisgeving)
o Komt van het Griekse woord prattein wat ‘handelen, doen’ betekent → wat mensen
daadwerkelijk doen met de tekens, hoe ze de tekens gebruiken en hoe de betekenis van
tekens daardoor evolueert en verandert
o Voor communicatiewetenschappers is vooral pragmatiek heel belangrijk
1
, • Semantiek: studie van de relatie tussen het teken en de betekenis die aan een teken wordt
toegekend
o Bepaalde woorden worden bij bepaalde generaties populairder waardoor ze iets anders
gaan betekenen dan in de pragmatiek
o Voorbeeld: ‘boomer’ is een verkorting van ‘babyboomer’, een naam die men geplakt
heeft op de generatie na de tweede wereldoorlog omdat ze toen massaal veel baby’s zijn
beginnen maken → babyboomers wouden losbreken van de ouderwetse denkpatronen,
maar nu krijgt boomer de omgekeerde connotatie van ouderwetse, conservatieve
persoon die niet mee is met zijn tijd
• Bij de pragmatiek zit ook een stukje semantiek: wat wil een woord inhoudelijk zeggen bv. slang,
de informele taal van vooral jongeren, kan voor buitenstaanders heel raar en confronterend
overkomen bv. in het Engels “thats sick” = “thats cool” maar kan raar overkomen als “das ziek”
(letterlijk vertaald)
• Hoe we bepaalde woorden uitspreken kan een manier zijn om zich te onderscheiden van anderen
of juist om een groepsgevoel te creëren
REPRESENTATIE (HANDBOEK HOOFDSTUK 12)
• Complex proces waarbij betekenisgevende praktijken lijken te staan voor iets of iemand uit de
‘echte’ wereld, waarbij iets of iemand uit de ‘echte’ wereld wordt voorgesteld
• Komt neer op het verbinden van betekenis - taal - cultuur
• De productie van betekenis van concepten in ons hoofd d.m.v. taal
• De link tussen concepten en taal die ons in staat stelt te verwijzen naar de werkelijkheid en een
imaginaire wereld
• Precies omdat representatie zich niet louter in onze hoofden afspeelt, maar gedeeld wordt,
kunnen we spreken van een zekere materialiteit
Mensen gebruiken tekens omdat we betekenis willen geven aan de wereld en aan alles wat ons omringt.
Communicatie ontstaat dan ook uit de behoefte om te delen met anderen. Het woord community verwijst
naar het gemeenschappelijke: we leven samen en proberen onze ervaringen, gevoelens en gedachten met
elkaar te verbinden.
Wat er in ons innerlijk omgaat – emoties, ideeën, indrukken – proberen we over te brengen op anderen.
Daarvoor hebben we tekens nodig: woorden, beelden, symbolen, gebaren. Tekens maken het mogelijk om
iets te representeren, om iets zichtbaar, hoorbaar of begrijpelijk te maken voor de ander.
Omdat mensen niet zonder systemen kunnen om die tekens te ordenen en te verspreiden, spelen media
hierin een cruciale rol. Media zorgen ervoor dat we de wereld kunnen begrijpen, omdat zij voortdurend de
werkelijkheid representeren en doorgeven. Via de media zien en beleven we de wereld, komen we in
contact met anderen en leren we hoe het met hen gaat.
Representatie is daarbij niet zomaar een spiegel van de werkelijkheid, maar een proces. Het is een
intentionele manier om de wereld rondom ons voor te stellen, waarbij altijd keuzes gemaakt worden in hoe
iets wordt getoond of verteld. Bovendien heeft representatie ook een materialiteit: ze wordt steeds
vastgelegd in een tastbare vorm, zoals een tekst, een beeld, een geluid of een medium. Daardoor krijgt
betekenis een stoffelijk, concreet aspect.
2
,TWEE PROCESSEN OF REPRESENTATIESYSTEMEN
1. Ten eerste, is er het systeem dat objecten, mensen, gebeurtenissen verbindt aan een reeks
concepten of mentale representaties die we in ons hoofd meedragen → de mentale component:
de gevoelens die in ons brein zitten
We hebben van jongs af aan geleerd (opvoeding) om de uiterlijke wereld, maar ook de innerlijke wereld (wat
je doormaakt) op een bepaalde manier te verbinden met bepaalde concepten. Je perceptie / je waarneming
wordt verder conceptueel uitgewerkt in je hoofd. We doen dat automatisch. Het mentale is een systeem
waarbij je die concepten aan elkaar verbindt en dus een web krijgt van mentale representaties. Die mentale
representaties verklaren ook waarom bepaalde mensen stereotypen in hun hoofd hebben. De vraag is
hierbij ook: “Welke rol speelt de media bij deze stereotypen?”
2. Ten tweede, is er het talig systeem om een gedeelde conceptuele kaart (‘conceptual map’) of
referentiekader in een gemeenschappelijke taal te vertalen → de intentie om die gevoelens te
delen: als je die gevoelens wil delen, moet je die in een materiele vorm kunnen omzetten (spraak,
foto’s, gebaren, ...)
Daarnaast is er ook de behoeften van mensen om tot een gedeelde conceptuele kaart te komen. Mensen
praten soms over dingen die anderen niet kunnen volgen. Dit kan leiden tot conflicten, misverstanden, ...
Communicatie is het leukst / meest voldoening brengend als we kunnen terugvallen op een
gemeenschappelijke taal. Voorbeeld: begrijpen van songteksten.
Deze 2 concepten zijn belangrijk om te onthouden!
VOORBEELD
Systeem van mentale representatie en het systeem waarbij de representatie materialiseert in een woord
dat wij allemaal kennen
SYSTEEM VAN MENTALE REPRESENTATIES
• Betekenis is afhankelijk van (het systeem van) concepten in ons brein die de wereld
representeren en toelaten ernaar te verwijzen → wanneer we iets waarnemen activeert dat
meteen van alles in ons brein
• Van eenvoudig (bv. ‘roos’) naar complex (bv. ‘oorlog’, ‘liefde’, ‘de duivel’, …)
• Systeemkarakter: organiseren, clusteren, ordenen, classificeren van concepten en de complexe
relaties ertussen bv. via sequentie, via gelijkenissen/verschillen
• ≠ classificatiesystemen om concepten te ordenen
• Kunnen erg verschillen (sociale en culturele verschillen)
• Bemoeilijkt uitdrukken en delen van ideeën
• Enerzijds: elkeen interpreteert de wereld verschillend
• Anderzijds: toch relatief overeenkomstige systemen van mentale representatie wat
communicatie mogelijk maakt
• Hoe? Via taal
3
, Voorbeeld: verschil in betekenis tussen wit en rood
• Witte rozen = begravenis → rode rozen = liefde
• Witte trouwjurk in Westerse wereld = sereniteit (rood te passioneel en past niet bij katholieke
kerk) → rode trouwjurk in China = teken van vruchtbaarheid
• Een rode tulp kan ook een andere betekenis hebben dan een rode roos
Classificatiesystemen kunnen dus verschillen en iets anders betekenen in andere delen van de wereld,
dit bemoeilijkt hoe representatie tot uiting komt
Mentale representatie wordt ook bepaald door wat je meemaakt, ziet, geleerd hebt, ... → maakt het
complex en zorgt er weer voor dat media een grote rol speelt
TAALSYSTEEM
• ‘Vertaling’ van gedeelde conceptueel kader in gemeenschappelijke taal
• Zodat concepten en ideeën correleren met geschreven woorden, gesproken woorden, geluiden,
visuele beelden, etc. – m.a.w. ‘tekens’
• Tekens representeren concepten en conceptuele relaties die we in ons hoofd meedragen
• Elk geluid, woord of object dat als teken fungeert en met andere tekens in een systeem is
georganiseerd, betekenis draagt en uitgedrukt wordt is deel van een taal → ‘linguistic turn’
o De semiotiek heeft een grote impact gehad op de communicatiewetenschappen: als
men wil begrijpen hoe media werken dan moet je eigenlijk gaan kijken hoe tekens
georganiseerd zijn in die media-inhouden (beeldtaal)
o Net zoals we in taal bepaalde betekenis kunnen leggen, kunnen we dat ook in beeld
• Taal wordt in dit verband breed begrepen bv. beeldtaal, grafisch design, mode, geluid, geur, etc.
• Een bepaald lettertype kan ook bepaalde connotatie opbrengen
o Ronde lettertypes worden eerder vrouwelijk gepercipieerd
o Strakke lettertypes worden eerder mannelijk gepercipieerd
2 REPRESENTATIESYSTEMEN AAN HET WERK
• 2 representatiesystemen: conceptueel kader en talig systeem
• Arbitraire relatie (bv. Waarom noemen we een vis een vis?) → Willekeurig!
• Betekenis wordt geconstrueerd via codes die beide systemen linken
• Codes
o Laten effectieve communicatie toe
o Zijn het gevolg van sociale conventies (= afspraken om het communiceren makkelijker te
maken)
o Zijn cultureel gebonden
• Betekenis ligt nooit vast: interactie tussen sociale, politieke, culturele veranderingen
• Betekenisgeving
o Dynamisch proces: verandert in de tijd (bv. ‘slang’, betekenis van ‘gay’, witte sokken)
o Constructie via betekenisgevende praktijken
• Betekenis, taal en representatie – essentiële onderdelen van cultuur
4