Stofwisseling en energetica
1. Terminologie: duidelijk kunnen omschrijven, een
definitie of een synoniem kunnen geven:
Termen Uitleg
Aeroob Met zuurstof
Anaeroob Zonder zuurstof
Kunnen opsommen en/of uitleggen in de juiste terminologie + ook de terminologie zelf kunnen
omschrijven of er een duidelijke definitie van kunnen geven:
- Adenosinetrifosfaat ( ATP)
Geef de chemische reactie van de afbraak/aanmaak van ATP.
o Afbraak (ATP) -> ADP +P+E
Aanmaak : ADP +P+E
Voor welke processen gebruikt de cel de energie die vrijkomt uit de afbraak van ATP?
o Bij de afbraak van KH, vetten, eiwitten en afbraak van RNA
- Energie toevoegen bij de aanmaak van ATP
De afbraak van glucose
o Welke drie chemische processen kent de afbraak van glucose
1. Glycolyse
2. De citroenzuur cyclus = krebs cyclus of Pyrodruivenzuur cyclus
3. Elektronentransport systeem
Bespreek van elk van deze drie chemische processen:
o Bij welke stof(fen) start het chemisch proces?
o Waar in de cel gebeurt het chemisch proces?
o Hoeveel molecules ATP worden in dit chemisch proces opgebouwd?
o Welke stoffen komen er uit het chemisch proces?
o Is er voor dit chemisch proces al dan niet zuurstof nodig?
1. Glycolyse
IN: De bron is C6H12O6
UIT: ( afvalproducten C3H6O3) wat er over blijft is
Pyrodruivenzuur ( anaeroob proces)
WINST: in energie voor de aanmaak van 2 keer ATP door te
kunnen splitsen ( APD -> P+E)
WAAR: Het proces gaat door in het cytosol( in het vocht van het
cytoplasma)
2. De citroenzuur cyclus = krebs cyclus of pyrodruivenzuur
IN: C3H6O3 dat wille we inbrengen
UIT: Als afvalproduct : CO2 +H ( klopt niet) zuurstof toevoegen (
aeroob proces )
WINST in energie : energie voor 2 ATP
WAAR: Het proces vindt plaats in de mitochondriën
1