, Bouwstenen van de Literaire Analyse 25-26
Taal in Meertalige Contexten
prof. W.Vandenbussche - prof. A. Housen - prof. M. Declerck - prof. R. Vosters
1.Introductie tot meertaligheid
Rode draad:
- Meertaligheid = aanwezigheid en gebruik van twee of meer talen binnen één
individu, samenleving of instelling
- Individuele meertaligheid is gradueel, functioneel en dynamisch (geen
alles-of-niets)
- Taalcompetentie is meerdimensionaal (communicatieve competentie,
meta-skills, domeinen)
- Samenlevingen verschillen sterk in hoe talen juridisch, sociaal en functioneel
georganiseerd zijn
- Meertaligheid is meestal een voordeel, zowel individueel als maatschappelijk,
mits juiste omstandigheden
Meertaligheid = de aanwezigheid van twee of meer talen binnen één entiteit
- Inclusief: bilingualisme, trilingualisme, …
- Alternatieve term (Franstalig): plurilingualisme
- Tegenstellingen: monolingualisme, unilingualisme
- Impliceert altijd taalcontact
Toenemende aandacht voor meertaligheid:
→ geen nieuw fenomeen: bestaat al zolang er menselijke samenlevingen zijn
>< wel nieuw = toegenomen aandacht ervoor in onder, beleid en publieke opinie
⇒ Oorzaken vd toename:
- globalisering
- technologische ontwikkelingen (internet, massacommunicatie)
- migratie en mobiliteit (ook in onderwijs)
- vervaging v politieke grenzen
- toename v meertalig onderwijs en vreemdetaalonderwijs
→ atm >50% vd wereldbevolking is meertalig
Typen meertaligheid:
1. Individuele meertaligheid (multilinguality)
→ individuen (kinderen, volwassenen)
2. Maatschappelijke meertaligheid (societal multilingualism)
→ landen, regio’s, steden, gemeenschappen
1
, Bouwstenen van de Literaire Analyse 25-26
3. Institutionele meertaligheid
→ scholen, ziekenhuizen, overheden (vooral relevant in onderwijs)
4. Meertalig taalgebruik
→ hoe talen effectief gebruikt worden
1.1 Individuele meertaligheid
Wie is een meertalige? → bestaat geen eenduidige definitie → variëren van:
- Maximalistisch: native-like beheersing van meerdere talen (Bloomfield)
- Minimalistisch: enige functionele vaardigheid in een tweede taal (Macnamara)
- Functioneel/dynamisch: talen worden gebruikt voor verschillende doelen, met
verschillende niveaus (Li Wei, Hamers)
→ Meertaligheid = relatief en gradueel ≠ zwart-witcategorie
Communicatieve competentie
Taalvaardigheid = meer dan grammatica → bestaat uit:
- Linguïstische competentie
→woordenschat, grammatica, fonologie
- Sociolinguïstische competentie
→ gepast taalgebruik in sociale contexten
- Discours competentie
→ coherente, samenhangende tekst of gesprek
- Strategische competentie
→ communicatie gaande houden bij problemen (parafraseren, gebaren)
4 meta-vaardigheden:
- Productief (actief) → speken en schrijven
- Receptief (passief) → luisteren en lezen
→ meertaligheid kan bestaan met of zonder (volledige) geletterdheid → er bestaan veel
combos van recep. en product. vaardigheden → niet elke meertalige kan alles in alle talen
Mate van meertaligheid:
- Ambilingual: (bijna) gelijke, native-like beheersing → zeer zeldzaam
- Gebalanceerde meertalige: vergelijkbare niveaus, lichte interferentie
- Dominante meertalige: één taal sterker dan andere(n)
- Maximaal / partieel / minimaal meertalig
→ de ‘perfecte meertalige” bestaat wss niet
Dominante taal = taal waarin iemand het meest vaardig is
≠ voorkeurstaal.
2
Taal in Meertalige Contexten
prof. W.Vandenbussche - prof. A. Housen - prof. M. Declerck - prof. R. Vosters
1.Introductie tot meertaligheid
Rode draad:
- Meertaligheid = aanwezigheid en gebruik van twee of meer talen binnen één
individu, samenleving of instelling
- Individuele meertaligheid is gradueel, functioneel en dynamisch (geen
alles-of-niets)
- Taalcompetentie is meerdimensionaal (communicatieve competentie,
meta-skills, domeinen)
- Samenlevingen verschillen sterk in hoe talen juridisch, sociaal en functioneel
georganiseerd zijn
- Meertaligheid is meestal een voordeel, zowel individueel als maatschappelijk,
mits juiste omstandigheden
Meertaligheid = de aanwezigheid van twee of meer talen binnen één entiteit
- Inclusief: bilingualisme, trilingualisme, …
- Alternatieve term (Franstalig): plurilingualisme
- Tegenstellingen: monolingualisme, unilingualisme
- Impliceert altijd taalcontact
Toenemende aandacht voor meertaligheid:
→ geen nieuw fenomeen: bestaat al zolang er menselijke samenlevingen zijn
>< wel nieuw = toegenomen aandacht ervoor in onder, beleid en publieke opinie
⇒ Oorzaken vd toename:
- globalisering
- technologische ontwikkelingen (internet, massacommunicatie)
- migratie en mobiliteit (ook in onderwijs)
- vervaging v politieke grenzen
- toename v meertalig onderwijs en vreemdetaalonderwijs
→ atm >50% vd wereldbevolking is meertalig
Typen meertaligheid:
1. Individuele meertaligheid (multilinguality)
→ individuen (kinderen, volwassenen)
2. Maatschappelijke meertaligheid (societal multilingualism)
→ landen, regio’s, steden, gemeenschappen
1
, Bouwstenen van de Literaire Analyse 25-26
3. Institutionele meertaligheid
→ scholen, ziekenhuizen, overheden (vooral relevant in onderwijs)
4. Meertalig taalgebruik
→ hoe talen effectief gebruikt worden
1.1 Individuele meertaligheid
Wie is een meertalige? → bestaat geen eenduidige definitie → variëren van:
- Maximalistisch: native-like beheersing van meerdere talen (Bloomfield)
- Minimalistisch: enige functionele vaardigheid in een tweede taal (Macnamara)
- Functioneel/dynamisch: talen worden gebruikt voor verschillende doelen, met
verschillende niveaus (Li Wei, Hamers)
→ Meertaligheid = relatief en gradueel ≠ zwart-witcategorie
Communicatieve competentie
Taalvaardigheid = meer dan grammatica → bestaat uit:
- Linguïstische competentie
→woordenschat, grammatica, fonologie
- Sociolinguïstische competentie
→ gepast taalgebruik in sociale contexten
- Discours competentie
→ coherente, samenhangende tekst of gesprek
- Strategische competentie
→ communicatie gaande houden bij problemen (parafraseren, gebaren)
4 meta-vaardigheden:
- Productief (actief) → speken en schrijven
- Receptief (passief) → luisteren en lezen
→ meertaligheid kan bestaan met of zonder (volledige) geletterdheid → er bestaan veel
combos van recep. en product. vaardigheden → niet elke meertalige kan alles in alle talen
Mate van meertaligheid:
- Ambilingual: (bijna) gelijke, native-like beheersing → zeer zeldzaam
- Gebalanceerde meertalige: vergelijkbare niveaus, lichte interferentie
- Dominante meertalige: één taal sterker dan andere(n)
- Maximaal / partieel / minimaal meertalig
→ de ‘perfecte meertalige” bestaat wss niet
Dominante taal = taal waarin iemand het meest vaardig is
≠ voorkeurstaal.
2