DEEL 1: DIDACTIEK EN
ORGANISATIE
…
1. DE OVERGANG VERZACHTEN
1.1 Werken aan welbevinden 1.4 Ontwikkelingsgericht en
gedifferentieerd werken
Belangrijk om actief in te zetten op
vertrouwen en motivatie om de Aansluiten bij het ontwikkelingsniveau
overgang te maken. van kinderen. Overleg tussen leraren is
essentieel.
Angst en het onbekende wegnemen Leren beter inhouden speels en
Een helder beeld voor de kinderen concreet worden aangeboden.
van wat hen te wachten staat.
Personen en ruimte die daarmee 1.5 Ontwikkelingsgericht en
verbonden zijn leren kennen heel
wat zorgen vermeden.
gedifferentieerd werken
Klasdoorbrekend werken
Cultuurshock vermijden door de
integratieactiviteiten of werken in
culturen in de twee klassen niet te veel
graadklassen.
van elkaar te laten verschillen.
Snuffelmomenten met kleuters en
eerste leerjaar 2. ALGEMEEN-DIDACTISCHE
Kinderen van de kleuterschool UITGANGSPUNTEN
samen activiteiten laten beleven
met lagere school. 2.1 Inleiding
Leraar van het eerste leerjaar beter
leren kennen. Alle kinderen moeten de kans krijgen
om zicht e ontwikkelen tot burgers die
1.2 Organisatie afstemmen kunnen deelnemen aan sociaal-
culturele praktijken.
Heel wat soorten afspraken die de
overgang voor de kleuters vlot kan Directe instructie heeft efficiëntie als
laten verlopen. voordeel.
Brede vaardigheden zoals kritische
Klaspop zin
Ochtend- en avondritueel Werkt niet altijd motiverend omdat
Tussendoortjes ze het nut van het aanbod niet
Klasinrichting meteen ervaren.
…
Kinderen verwerven kennis en
1.3 Didactiek afstemmen vaardigheden door deel te nemen aan
complexe sociaal-culturele praktijken in
Aangepaste werkvormen motivatie de klas :
en het leren van de kinderen Leren rekenen en wegen in de winkel
bevorderen. Oefenen op boodschappenlijstje
maken
Werken vanuit interesses en noden
BC/ thematisch werken Self-Determination Theory:
Speelse werkvormen
, kinderen laten leren in
betekenisvolle contexten. Leren om jonge mensen keuzes te laten
Brengt de psychologische maken. We moeten dus in het
basisbehoeften in kaart. basisonderwijs bewust zijn van onze
opdrachten om kinderen te
Kinderen komen tot leren als ze: ondersteunen in leren keuzes maken,
Autonomie krijgen flexibiliteit, creativiteit, …
Zich compleet voelen
Verbondenheid ervaren Betrekken bij het vormgeven van ons
onderwijs. Op minstens twee manieren:
2.2 Actief en speels Ruimte creëren voor persoonlijke
inbreng door bv. onderwerpen op de
Informele en speelse contexten bieden interesses en de leefwereld van de
kans om op een speelse en actieve kinderen af te stemmen en door
manier te leren. Maar ook ruimte om binnen opdracht ruimte te laten voor
zelfsturend aan de slag te gaan. diezelfde eigen inbreng.
Spel mooie, natuurlijke werkvorm. Ruimte creëren voor initiatief zodat
kinderen vanuit natuurlijke drang om
Zowel plaats voor formele taal- en te exploreren kunnen leren. Zorg er
rekenactiviteiten als voor ook voor dat ze wat keuzeruimte
(rollen)spel. krijgen tussen verschillende
Klas waar ruimte is voor spelen en activiteiten en dat er ruimte is om
ontdekken = een fijne en eigen ideeën vorm te geven.
motiverende plek.
Spelend leren : speelse verwerking van 3.THEMATISCH WERKEN VANUIT
aangebrachte inhouden waarbij het DE KINDEREN
leren vooraan staat en het spel er als
sausje over wordt gegoten. 3. 1 Werken met een
belangstellingscentrum (BC)
Lerend spelen : spel waarbinnen
geleerd wordt. Dit spel vertrekt vanuit
Een belangstellingscentrum sluit per
een behoefte om zich in een bepaalde
definitie aan bij de leefwereld en
activiteit te engageren.
interesses van de kinderen, wat meteen
een motiverende context creëert.
De activiteit kent impliciete en/of
expliciete regels.
Betekenisvolle contexten waarbinnen je
Kinderen nemen deel vanuit een
als leraar de kinderen ruimte kan geven
hoge betrokkenheid.
voor eigen inbreng en initiatief. Door te
Kinderen hebben een zekere vrijheid
thematiseren kan je verschillende
in de uitvoering van de activiteit.
domeinen ook geïntegreerd
aanbrengen.
2.3 Betekenisvolle contexten
3. 2 Inhouden en ideeën
Onderwerp van een opdracht sluit aan
bij de belevingswereld en de verzamelen
ontwikkeling van het kind. 3.2.1 Documenteren
Leren waarom het belangrijk is voor Je documenteert jezelf op eigen niveau
hem, nu of in de toekomst. rond het BC van de verkennende
activiteit. Je raadpleegt hiervoor diverse
2.4 Ruimte voor initiatief bronnen.