Inhoudsopgave
Module 17...................................................................................................... 1
Leerpad C: Farmacologie in de perinatale periode..........................................................1
Algemene principes..................................................................................................... 1
Cardiovasculair stelsel................................................................................................. 2
Bloed en stolling.......................................................................................................... 5
Gastro-intestinaal........................................................................................................ 6
Ademhalingsstelsel..................................................................................................... 9
Hormonaal stelsel...................................................................................................... 10
Urogenitaal stelsel..................................................................................................... 14
Pijn en koorts............................................................................................................. 14
Zenuwstelsel............................................................................................................. 16
Allergie...................................................................................................................... 18
Infecties..................................................................................................................... 19
Mineralen en vitaminen............................................................................................. 20
GM voor uitwendig gebruik........................................................................................ 21
Leerpad C: Farmacologie in de perinatale periode
Algemene principes
Reproductieve toxiciteit:
• Basisrisico: 10 tot 15% op een miskraam en een risico van 2 tot 4
% op het krijgen van een baby met aangeboren afwijkingen.
10% hiervan door externe factoren (waaronder medicatie, zie
verder)
• Teratogeen
= structurele of functionele aangeboren afwijkingen
• Negatieve zwangerschapsuitkomsten
= Laag geboortegewicht, Vroeggeboorte
• Ongewenste farmacologische effecten
= Onthoudingsverschijnselen, Traag hartritme, Suf kind
4 factoren bepalen risico door GM inname:
1) Tijdstip van inname:
- tussen de conceptie en volledige implantatie (twee
weken):
o geen of nauwelijks weefselcontact tussen moeder en
bevruchte eicel.
o blootstelling aan een teratogene stof: alles-of-niets-principe
- periode van aanleg en differentiatie (1e trimester) van de
organen en orgaansystemen.
o Kan leiden tot structurele beschadigingen, afhankelijk van
het ontwikkelingsstadium van de orgaansystemen.
1
, - CAVE: Sommige geneesmiddelen (lange eliminatiehalfwaardetijd)
zijn een risico als ze vóór de conceptie zijn gebruikt
- GM met bewezen risico op structurele afwijkingen: kennen!
o anti-epileptica (met het hoogste risico voor valproïnezuur)
o antitumorale geneesmiddelen
o methotrexaat
o vitamine K-antagonisten : bloedverdunners
o geslachtshormonen (androgenen)
o bepaalde immunosuppressiva (bv.antilymfocytaire immuno
globulinen, mycofenolzuur, everolimus en sirolimus)
o misoprostol
o orale retinoïden (bv. acitretine, isotretinoïne)
o thalidomide
(en naar analogie ook lenalidomide en pomalidomide)
o hooggedoseerd vitamine A
o finasteride en dutasteride
o lithium (mensen met bipolaire stoornis)
- GM met bewezen risico op functionele stoornissen:
o ACE-inhibitoren
o sartanen
o vitamine K-antagonisten: bloedingen bij moeder en kind
o β-blokkers (sommige): IUGR
o NSAID’s (ontstekingsremmers): bloeding, IUGR
o salicylaten (aspirine): bloeding, verlengde z wen arbeid
o tetracyclines
o thyreostatica: afw. Schildklier bij neonaat
o amiodaron: schildklier afw., erntige bradycardie bij neonaat
2) De dosis van het geneesmiddel en de duur van de behandeling
- bij een verhoging van de dosering en/of de duur van de
behandeling de kans op aangeboren afwijkingen en functionele
stoornissen ook toeneemt
3) De eigenschappen en toedieningsvorm van het geneesmiddel
- De eigenschappen van een geneesmiddel, zoals lipofiliteit,
ionisatiegraad, molecuulmassa en eiwitbinding, zijn onder andere
van belang bij de passage door de placenta.
- toedieningsvorm van een geneesmiddel: per os, transdermaal
- Bv. Voltaren gel zal veel minder gevaar brengen dan een tablet
per os
4) Het genotype van het organisme
- teratogene effecten hangen af van de individuele gevoeligheid
Cardiovasculair stelsel
Bèta-blokkers:
- ol (bisoprolol, metoprolol, atenolol…)
- Indicaties:
o Hypertensie
o Angina pectoris
2
, o Secundaire preventie van myocardinfarct
o Ritmestoornissen (voorkamerfibrillatie, tachycardie,…)
o Hartfalen
o Hyperthyreoïdie (adjuverend)
o Tremor
o Preventie bloedingen bij slokdarmvarices
o Migraine
o Glaucoom (lokale behandeling)
- Werkingsmechanisme
o Blokkeren beta-receptoren: weefsels
die sympatisch geïnnerveerd zijn worden minder gevoelig
voor adrenerge prikkeling
- Effect:
o Bloeddrukdaling
o Daling hartfrequentie
o Toename bronchiale secretie
o Vernauwing bronchiolen
o Remming glycogenolyse (hypoglycemie)
- Contra-indicaties:
o Bradycardie
o AV-blok (2e-3e graad)
o Astma
o Niet gecontroleerd hartfalen
- OE: ongewenste effecten:
o moeheid, verminderde inspanningstolerantie
o koude extremiteiten
o hypoglycemie
o centraal (depressie, nachtmerries, slaapstoornissen)
o angor bij bruusk stoppen bij pat’en met coronair lijden
- ZWS:
o Meeste bronnen geven als eerste keus anti-
hypertensivum tijdens zwangerschap en
lactatie: labetalol (Trandate) of metoprolol (Selozok), IV
of per os, maar ook atenolol en propranolol worden als
waarschijnlijk veilig beschouwd.
o Voor al deze beta-blokkers mogelijks intra-uteriene
groeiachterstand, lager placentair gewicht en verminderde
placentaire diffusie bij langdurig gebruik door de moeder.
o Gebruik kort voor de bevalling kan leiden tot
bradycardie, hypotensie en hypoglykemie bij de
pasgeborene.
Diuretica:
- Indicaties:
o Hypertensie
o Water- en zoutretentie bv bij hartfalen of nierlijden
o Hartfalen
o Hoogteziekte
3