Absorptie
Sommige moleculen kunnen na het absorberen van licht, zelf licht uitzenden van een lager niveau
UV-VIS om terug naar de grondtoestand te vallen. Hier meet men het geabsorbeerde licht. Moleculen Bindingen die licht absorberen in het UV-VIS gebied
hoeven geen fluorescerende capaciteit te bezitten, ze moeten enkel met licht kunnen interageren.
Covalente bindingen bewegen op verschillende wijze (afh. Van welke binding(en) de molecule M
bevat). Vibrerende molecule kunnen IR-straling opnemen waardoor ze worden geëxciteerd. Bij het
IR Covalente asymmetrische (polaire) moleculen
terugvallen naar de grondtoestand geven ze warmte af. Welke golflengte IR-straling ze opnemen is
uniek per molecule.
Atomen die kunnen worden
Gebruikt een vlam om de
omgezet tot vrije atomen Grote
FAAS AAS meet de hoeveelheid licht van een specifieke golflengte die atomen in het monster te
(metalen, metalloïden,...) monstersample
door vrije atomen in de gasfase wordt geabsorbeerd. Elke atomiseren
AAS A Bindingen die kunnen
metaalsoort heeft een unieke golflengte waarop het licht
dissociëren in vrije atomen
absorbeert. Gebruikt een grafietoven voor de Kleine
ETAAS (ionische en covalente
atomisatie van het monster monstersample
bindingen)
Emissie
Sommige moleculen kunnen na het absorberen van licht, zelf licht uitzenden
van een lager niveau om terug naar de grondtoestand te vallen. Hier meet
Fluorimetrie Fluoroforen (fluorescente stoffen)
men het uitgezonden licht. Ook moet de moleculen fluorescerend zijn (en
zelf dus licht uitzenden dat waarneembaar is voor de apparatuur).
Meet de vermindering van lichtintensiteit als gevolg van de verstrooiing van Deeltjesrijke oplossingen (celculturen, bacteriële
Turbidimetrie M
licht door deeltjes in een suspensie suspensies,...)
Meet de intensiteit van verstrooid licht onder een specifieke hoek ten Deeltjes en eiwitten in oplossingen (in lage
Lichtverstrooiing Nefelometrie
opzichte van de lichtbron. concentratie)
Meet de verandering in de richting van een lichtstraal (breking) wanneer deze
Refractometrie Opgeloste stoffen in een vloeistof
van het ene medium naar het andere gaat.
Samples worden in de gasfase gebracht en naar een vlam gebracht. In de
vlam wordt de sample verhit en geatomiseerd, wat resulteert in de vorming
van vrije atomen in de gasfase Deze atomen worden vervolgens opgewonden
Vlamfotometrie A Alkali- en aardmetalen
naar een aangeslagen toestand door de hitte van de vlam. Wanneer de
geëxciteerde atomen terugkeren naar hun grondtoestand, zenden ze licht uit
op specifieke golflengten die karakteristiek zijn voor elk element.