THEMA 8: EVALUATIE – TOETSING
8.1 Advance organizer
Omschrijving
Evaluatietechnieken: portfolio en rubrics
Kwaliteitseisen!!! Evaluatie is momentopname, dus afhankelijk van doel van
evaluatie, ga je heel voorzichtig moeten zijn, bv arts, piloot, …
Examen: dit koppelen aan andere thema’s!!!
Belangrijk: toetsing moet in traject zitten
, ONDERWIJSKUNDE
Toetsing = moeilijk proces, waar veel achter zit
Evalueren kan op verschillende aggregatieniveaus
Microniveau: examen
Macroniveau: bv. PISA-test
“Wanneer is iemand geslaagd voor een test?”
“Wie zou in welke mate verantwoordelijk moeten zijn voor een evaluatie?”
Geen enkele visie op leren en instructie sluit aan bij examens. Je kunt
competenties niet evalueren op deze manier
Permanente evaluatie is veel effectiever! Timemanagement is hier zeer
belangrijk. Je kan bv. zelf kiezen wanneer je examen doet
Keuzes geven bij aanpakken van evaluatie, hebben positieve invloed op motivatie
van lln.
8.2 Omschrijving van de begrippen ‘evaluatie’ en
‘toetsing’
8.2.1 Naar een begripsomschrijving
Thorpe (1988)
“Evaluatie/toetsing is het totale proces van het verzamelen, analyseren en
interpreteren van informatie over elk mogelijk aspect van een instructie-
activiteit, met als doel een uitspraak te doen over de effectiviteit, de
efficiëntie en/of een andere impact. “
Niet enkel microniveau: ook monitoringactiviteiten, integrale kwaliteitszorg,
schooleffectiviteitsbepaling …
Veel begrippen: toetsing, kwaliteitszorg, meten, beoordelen
Begripsverwarring assessment en evaluatie; keuze
• Evaluatie: meten, evalueren en scoren
• Toetsing
Belang van brede, generieke betekenis!
8.2.2 Componenten van een evaluatieproces
Meten: met meetinstrument (open vragen, multiple choice) informatie
verzamelen m.b.t. een variabele of proces. Meetinstrument moet wel
betrouwbaar zijn
, ONDERWIJSKUNDE
Evalueren/waarderen: op basis van criterium waarde bepalen van gemeten
variabele of proces; gebruik indicatoren om het verwachtsantwoord te
vergelijken (bv. bij open antwoord kijken dat er elementen inzitten van bij het
verwachte antwoord)
Scoren: op basis van een sleutel bij indicatoren, een score geven aan een
gewaardeerde observatie van een variabele of proces; soms rekening
houdend met een vooropgestelde ‘bench’
Enkel met deze drie stappen heb je een evaluatie!
Geven van feedback hoort hier eigenlijk ook nog bij zie Timperly en Hattie
(behaviorisme)
Meten is lastig
Vereist een instrument gebaseerd op indicatorenstelsel: waarop let je? Wat
speelt een rol?
Waarderen is lastig
Wanneer is aan een indicator voldaan? Waarop is die ondergrens
gebaseerd?
Scoren is lastig
Is er een scoringsvoorschrift? Is elk antwoord evenveel waard?
Verschillende scoringsaanpakken (‘grading’)
• Absolute ‘grading’: lineair graad/score toekennen
• Relatieve ‘grading’: toekennen graad/score afhankelijk van plaats in
groepsspreiding
• Gewogen ‘grading’: score houdt rekening met relatieve
belang/moeilijkheid van elke vraag/item
Wat is de benchmark, de ondergrens? Wanneer ben je geslaagd? Scoren
is lastig
• Bv. bij Mastery Learning moet je 80%-90% halen om te kunnen slagen
(bv. aanleren hartmassage) (behaviorisme)
• afhankelijk van kennisdomein
8.2.3 Dimensies in evaluatie
Metafoor: de straat die de hond heen en weer doet gaan evaluatie is, na het
bepalen van de leerdoelen, de meest belangrijke component van didactisch
handelen. Evaluatie moet passen bij vooropgezette leerproces
Evaluatie hangt samen met processen, variabelen, actoren … in ons
referentiekader, dus het is een multidimensionaal concept
Verschillende dimensies hangen samen met volgende lijst:
Op welk aggregatieniveau wordt de evaluatie uitgevoerd?
Wat is de functie van de evaluatie?
Wie voert de evaluatie uit?
Op welk type leerdoelen richt zich de evaluatie?
Wanneer wordt de evaluatie opgezet?
Welke technieken worden gebruikt bij de evaluatie?
Let op: dimensies overlappen en zijn interafhankelijk