Inleiding
Een contract (of overeenkomst) is een wilsovereenstemming tussen twee of meer
personen met de bedoeling om rechtsgevolgen te laten ontstaan: nieuwe verbintenissen
creëren, bestaande wijzigen of beëindigen.
Het is steeds een meerzijdige rechtshandeling.
Kernkenmerken
● Wilsovereenstemming: partijen moeten akkoord gaan.
● Twee of meer personen.
● Doel: verbintenissen aangaan/wijzigen/beëindigen.
● Meerzijdige rechtshandeling.
Basisprincipes
● Contractsvrijheid / wilsautonomie: men kiest vrij met wie en onder welke
voorwaarden men contracteert.
Voorbeeld: je mag zelf beslissen welk telecomabonnement je neemt.
● Consensualisme: louter akkoord volstaat; er zijn meestal geen vormvereisten.
● Bindende kracht: een overeenkomst verplicht de partijen.
● Goede trouw: partijen moeten eerlijk en redelijk handelen.
Soorten overeenkomsten
● Benoemde/bijzondere: wettelijk geregeld (bv. huur, koop, arbeid).
● Onbenoemde: niet wettelijk geregeld (bv. influencer-deal).
● Eenzijdige vs. wederkerige
Eenzijdig: schenking.
Wederkerig: verkoop van een auto (prijs ↔ auto).
● Consensuele, vormelijke (bv. huwelijk), zakelijke (bv. pand vereist afgifte).
● Standaard-/toetredingscontracten: consument aanvaardt voorwaarden zonder
onderhandeling (bv. verzekering, gsm-abonnement).
1. Totstandkoming van overeenkomsten
Van aanbod…
Een aanbod is een voorstel met alle essentiële elementen van de overeenkomst.
Voorbeeld: “Ik verkoop je mijn laptop voor 500 euro, op te halen morgen.”
● Geen vormvereisten.
● Gevolg: aanbieder is eraan gebonden → bij aanvaarding ontstaat
automatisch een overeenkomst.
… tot aanvaarding
Aanvaarding laat de overeenkomst tot stand komen.
Kan uitdrukkelijk of stilzwijgend, maar niet door louter zwijgen.
Voorbeeld stilzwijgend: je bestelt een koffie, de ober brengt hem—dit geldt als aanvaarding.
Algemene voorwaarden en facturen
● Bindend als men ervan kennis kon nemen bij de aanvaarding.
● Bij transacties tussen handelaren: soms stilzwijgende aanvaarding (bv. bij betaalde
facturen)
2. Precontractuele aansprakelijkheid
, Tijdens onderhandelingen zijn partijen in principe nog niet gebonden. Ze mogen afbreken.
Uitzondering: precontractuele fout
Wanneer een partij het vertrouwen van de ander op foutieve wijze beschamt.
Voorbeeld:
Een bedrijf onderhandelt over samenwerking, maar doet dat enkel om bedrijfsgeheimen te
verkrijgen. Daarna verbreken ze zonder reden de onderhandelingen.
→ Dit leidt tot schadevergoeding.
Informatieplicht
Partijen moeten elkaar belangrijke informatie geven.
Voorbeeld: een verkoper van een tweedehandsauto moet melden dat de auto een zwaar
ongeval heeft gehad.
Geldigheid van de overeenkomst
Vereisten:
● Wilsovereenstemming
● Voorwerp (mogelijk, bepaalbaar)
● Oorzaak (rechtmatig)
● Bekwaamheid
● Niet strijdig met dwingend recht
Sanctie: nietigheid.
Interpretatie van overeenkomsten
Het doel: nagaan wat de partijen werkelijk bedoelden.
Regels
● Bedoeling gaat vóór de letterlijke tekst.
● Contract moet als geheel geïnterpreteerd worden.
● Bij twijfel: in voordeel van de schuldenaar (minder verplichtingen).
● Handelspraktijken → voordeel consument.
● Aandacht voor wijze van uitvoering vóór het geschil.
● Lacunes opvullen via gebruiken of redelijkheid.
Gevolgen van de overeenkomst tussen partijen
1. Contractuele trouw & goede trouw
Contractuele trouw
● Bindende kracht: “pacta sunt servanda”.
● Contracten gelden als wet tussen partijen.
● Niet-nakoming → contractuele aansprakelijkheid, tenzij overmacht.
● Ontbinding enkel met wederzijdse toestemming (tenzij rechter).
Goede trouw
● Wat mochten partijen redelijkerwijze verwachten?
● Interpretatie volgens redelijkheid en billijkheid (art. 5.73 BW).
2. Vrijwillige uitvoering
Partijen bepalen zelf hoe de uitvoering gebeurt.