Geschreven door studenten die geslaagd zijn Direct beschikbaar na je betaling Online lezen of als PDF Verkeerd document? Gratis ruilen 4,6 TrustPilot
logo-home
Document preview thumbnail
Voorbeeld 3 van de 17 pagina's
Overig

Begrippen Sociale Psychologie I Hoofdstuk 1 - 7 | VUB | 2025/2026

Document preview thumbnail
Voorbeeld 3 van de 17 pagina's

Dit document bevat een overzicht van alle kernbegrippen voor het vak Sociale psychologie I: sociale cognitie aan de Vrije Universiteit Brussel. Het behandelt zeven hoofdstukken, van inleiding en onderzoeksmethodologie tot sociale cognitie, sociale perceptie, het zelf, cognitieve dissonantie, en attitudes. Ideaal voor tentamenvoorbereiding en om snel de centrale concepten van het vak op te frissen.

Voorbeeld van de inhoud

Naam: Tuana Aydemir Datum: 02/12/2025
1BA psychologie
Begrippen
Hoofdstuk 1: Inleiding tot de sociale psychologie

Begrip Definitie
Psychologie De wetenschappelijke studie naar het gedrag en het
innerlijke leven (gedachten en gevoelens) van
mensen.
Sociale psychologie De wetenschappelijke studie naar de manier waarop
de werkelijke of denkbeeldige aanwezigheid van
mensen de gedachten, gevoelens en gedragingen
van anderen mensen beïnvloedt.
Sociale invloed Het effect dat de woorden, daden of alleen al de
aanwezigheid van andere mensen hebben op onze
gedachten, gevoelens houding en/of gedrag.
Empirische methode Op waarneming en/of onderzoek gebaseerde
methode voor het toetsen van hypothesen.
Hypothese Een als voorlopig waarheid aangenomen, maar nog
te bewijzen veronderstelling.
Determinant Bepalende factor in een ontwikkeling of toestand.
Natuurlijke selectie Het verschijnsel dat in de evolutie sommigen
organismen uit een bepaalde populatie beter in hun
omgeving passen en zo meer kans hebben om te
zorgen voor overlevende nakomelingen dan minder
goed aangepaste organismen.
Evolutionaire psychologie Wetenschappelijke discipline die sociaal gedrag
probeert te verklaren op basis van erfelijke factoren
die zich door de tijd heen hebben ontwikkeld volgens
de principes van natuurlijke selectie.
Individuele verschillen Die aspecten van de persoonlijkheid die mensen
onderscheiden van anderen.
Construct De manier waarop mensen de sociale wereld
waarnemen, begrijpen en interpreteren.
Fundamentele attributiefout <-> correspondentie Neiging om de mate waarin iemands gedrag wordt
vertekening veroorzaakt door de rol van persoonlijke
eigenschappen en andere interne factoren te
overschatten en de rol van externe, situationele
factoren te onderschatten.
COPILOT: We denken te snel dat iemand iets doet omdat hij
zo is (en dus door persoonlijke eigenschappen),
en we vergeten te kijken naar de situatie waarin die
persoon zich bevindt.


Attributie Het toeschrijven van oorzaken aan het eigen of
andermans gedrag en het daarmee voorzien van
verklaringen.
COPILOT: De zin beschrijft wat mensen doen
wanneer ze proberen gedrag te verklaren.

Behaviorisme Psychologische stroming die ervan uitgaat dat je om
menselijk gedrag te kunnen begrijpen slechts hoeft
te kijken naar de bekrachtigende of straffende
eigenschappen van de omgeving.
Gestaltpsychologie Psychologische stroming die het belang benadrukt
van het bestuderen van de persoonlijke (subjectieve)
manier waarop een object wordt waargenomen (het

,Naam: Tuana Aydemir Datum: 02/12/2025
1BA psychologie
gestalt of het geheel), in plaats van het bestuderen
van de manier waarop de objectieve, fysieke
eigenschappen zich combineren tot het object.
Fenomenologie Filosofische stroming die probeert door de geestelijk-
intuïtieve beschouwing (door de directe ervaring)
van de dingen, niet door rationele kennis, de wereld
en het wezen der dingen te beschrijven.
COPILOT: Je begrijpt de wereld niet het beste door
logisch nadenken, maar door directe, innerlijke
ervaring.
Naïef realisme De overtuiging dat we dingen waarnemen zoals ze
echt zijn, daarbij onderschattend hoeveel we dat wat
we zien, interpreteren of zelfs verdraaien.
COPILOT: “Ik zie de wereld precies zoals hij is.” ,maar
in werkelijkheid interpreteren, filteren en vervormen
we onze waarneming veel meer dan we denken.

Zelfwaardering De beoordeling van mensen van wat ze zelf waard
zijn, dat wil zeggen: de mate waarin ze zichzelf als
goed, competent en fatsoenlijk zien.
Positieve zelfwaardering Dat wil zeggen: zichzelf beschouwen als bijvoorbeeld
goed, competent en beschaafd.
Zelfverheffingsmotief De voorkeur die mensen hebben voor informatie die
hen in een positief daglicht stelt, ofwel voor
informatie die hun zelfwaardering doet stijgen.
COPILOT: De zin beschrijft dat mensen liever
informatie horen of geloven die hen goed laat voelen
over zichzelf.
Sociale cognitie Hoe mensen denken over zichzelf en de sociale
wereld: het selecteren interpreteren, herinneren en
gebruiken van sociale informatie om oordelen te
vormen en beslissingen te nemen.
Accuraatheidsmotief De behoefte van mensen om een beeld te creëren
dat zoveel mogelijk met de werkelijkheid
overeenkomt.
COPILOT: De zin beschrijft een menselijke behoefte
om de wereld zo realistisch mogelijk te begrijpen.




Hoofdstuk 2: Methodologie -> hoe doen sociaal psychologen onderzoek?

Begrip Definitie
Hindsight bias De neiging van mensen om hun vermogen om een
uitkomst te voorspellen te overdrijven nadat ze te
weten zijn gekomen hoe die uitkomst eruitziet.
COPILOT: De zin beschrijft een denkfout waarbij
mensen achteraf denken dat ze de uitkomst allang
hadden zien aankomen.
Bystander effect Het fenomeen dat hoe meer mensen bij elkaar zijn,
hoe minder ze geneigd zijn om een persoon in nood
te helpen, omdat de verantwoordelijkheid om in te
grijpen verdeeld wordt over het aantal aanwezigen.
Observationele methode Techniek waarbij een onderzoek mensen observeert
en metingen of indrukken over hun gedrag
systematisch vastlegt.

, Naam: Tuana Aydemir Datum: 02/12/2025
1BA psychologie
Etnografie Methode waarbij een onderzoeker probeert een
groep of cultuur te begrijpen door die van binnenuit
te observeren, zonder de groep zijn eigen normen en
waarden op te leggen.
Operationaliseren Het meetbaar maken van een abstract concept
representeren, waardoor het abstracte concept als
meetbare variabele te gebruiken is in onderzoek.
COPILOT: Een abstract begrip (zoals geluk, stress,
motivatie, intelligentie…)
omzetten in iets dat je kunt meten in onderzoek.
Je neemt een vaag idee → je maakt het meetbaar →
je kunt er onderzoek mee doen.
Interbeoordelaarsbetrouwbaarheid De mate van overeenkomst tussen de resultaten van
twee of meer mensen die onafhankelijk van elkaar
een dataset observeren en coderen.
COPILOT: Als meerdere mensen hetzelfde zien in
dezelfde data, dan is de betrouwbaarheid hoog.
Als ze heel verschillende dingen zien, dan is de
betrouwbaarheid laag.
Archiefanalyse Vorm van de observationele methode waarbij de
onderzoeker de verzamelde documentatie, oftewel
de archieven van een cultuur onderzoekt
(bijvoorbeeld dagboeken, romans tijdschriften en
kranten).
COPILOT: Het gaat om een vorm van observationeel
onderzoek waarbij de onderzoeker: bestaande
documenten, teksten en archieven bestudeert om
gedrag, cultuur of gebeurtenissen te begrijpen.
De onderzoeker observeert dus niet zelf, maar
gebruikt materiaal dat al bestaat.
Correlationele methode Techniek waarbij twee of meer variabelen
systematisch worden gemeten en waarmee wordt
vastgesteld wat de relatie is tussen die variabelen.
Correlatiecoëfficiënt Een maat voor correlatie waarmee je de samenhang
kunt vaststellen tussen twee variabelen
(bijvoorbeeld in welke mate gewicht samenhangt
met lengte)
Vragenlijstonderzoek (surveys) Onderzoek waarin aan een representatieve
steekproef van mensen (vaak anonieme) vragen
gesteld worden over hun attitudes of gedrag.
Aselecte steekproef Een steekproef waarbij elk element uit een populatie
op basis van toeval dezelfde kans heeft om in de
steekproef te worden opgenomen, zodat de
steekproef representatief is voor de populatie.
COPILOT: Iedereen in de populatie heeft exact
dezelfde kans om gekozen te worden.
Je kiest mensen volledig willekeurig.
Non-response Het totaal van de personen die de onderzoeker wél
benadert (uitnodigt) met zijn vragenlijst, maar die
niet meedoen.
Experimentele methode Methode waarbij de onderzoeker proefpersonen
willekeurig aan verschillende condities toewijst en
ervoor zorgt dat deze condities identiek zijn, met
uitzondering van de onafhankelijke variabele (de
variabele die de onderzoeker manipuleert, en
waarvan we denken dat deze een causaal effect

Documentinformatie

Geüpload op
30 juli 2026
Aantal pagina's
17
Geschreven in
2025/2026
Type
Overig
Persoon
Onbekend
€6,49

Verkeerd document? Gratis ruilen Binnen 14 dagen na aankoop en voor het downloaden kan je een ander document kiezen. Je kan het bedrag gewoon opnieuw besteden.
Geschreven door studenten die geslaagd zijn
Direct beschikbaar na je betaling
Online lezen of als PDF

Verkocht
0
Volgers
0
Items
2
Laatst verkocht
-


Waarom studenten kiezen voor Stuvia

Gemaakt door medestudenten, geverifieerd door reviews

Kwaliteit die je kunt vertrouwen: geschreven door studenten die slaagden en beoordeeld door anderen die dit document gebruikten.

Niet tevreden? Kies een ander document

Geen zorgen! Je kunt voor hetzelfde geld direct een ander document kiezen dat beter past bij wat je zoekt.

Betaal zoals je wilt, start meteen met leren

Geen abonnement, geen verplichtingen. Betaal zoals je gewend bent via Bancontact, iDeal of creditcard en download je PDF-document meteen.

Student with book image

“Gekocht, gedownload en geslaagd. Zo eenvoudig kan het zijn.”

Alisha Student

Bezig met je bronvermelding?

Maak nauwkeurige citaten in APA, MLA en Harvard met onze gratis bronnengenerator.

Bezig met je bronvermelding?

Veelgestelde vragen