Inleiding
Verschil tussen psychische en fysische ziekten
Fysische (lichamelijke) ziekten
→ Problemen in het lichaam zelf.
Voorbeelden: gebroken been, hersentumor, epilepsie.
Psychische (geestelijke) ziekten
→ Problemen in denken, voelen of gedrag.
Voorbeelden: depressie, angststoornis, schizofrenie.
Belangrijk:
Psychische ziekten = niet automatisch hersenziekten.
Daarom bestaan er verschillende medische vakgebieden:
Neurologie → onderzoekt fysieke problemen in de hersenen (bv. epilepsie,
dementie).
Psychiatrie/ klinische psychologie → behandelt psychische problemen (bv.
depressie).
Verschil in hoe we naar patiënten kijken
We reageren anders op psychische dan op lichamelijke ziekten.
Bij lichamelijke ziekten
Veel begrip
Geen schuld geven
Niemand zegt tegen een kankerpatiënt: “herpak je gewoon”
Bij psychische ziekten
Mensen oordelen sneller
Moraliserende houding (“denk positiever”, “stel je niet aan”)
We zien gedrag sneller als “eigen schuld”
Dit laat zien dat we geest en lichaam vaak als verschillend behandelen.
1
,Hoe verhouden geest en lichaam zich? (verschillende ideeën)
Fysicalisme → “Wij zijn ons brein”
Bekend door Dick Swaab en zijn boek Wij zijn ons brein.
Idee:
Alles wat je bent (persoonlijkheid, herinneringen, gevoelens) =
hersenactiviteit.
Psychische processen zijn uiteindelijk elektrische processen in de
hersenen.
Jij = je brein.
Dualisme → geest en lichaam zijn verschillend
Onder andere besproken door Paul Bloom.
Idee:
Mensen denken vanzelf dat er twee soorten dingen bestaan: materie
(lichaam) en geest (immaterieel)
Ons gezond verstand voelt zo.
Kunst en religie gebruiken dit vaak (bv. ziel die lichaam overleeft).
Bekende dualist in de filosofie:
René Descartes → geest en lichaam zijn twee aparte dingen.
Jij hebt een lichaam, maar bent niet volledig je lichaam.
Waarom dit onderscheid moeilijk is
Modern onderzoek toont:
Hersenen beïnvloeden psychische ziekten.
Denken en emoties beïnvloeden lichamelijke gezondheid.
Dus geest en lichaam zijn sterk verbonden, het onderscheid is niet zo simpel.
Kort samengevat
We maken een onderscheid tussen psychische en lichamelijke ziekten.
Dit zie je in medische vakgebieden en onze houding tegenover patiënten.
Filosofen en wetenschappers verschillen van mening:
o Fysicalisme: wij zijn ons brein.
o Dualisme: geest en lichaam zijn verschillend.
In werkelijkheid beïnvloeden geest en lichaam elkaar sterk.
2
, 1: De menselijke geest
Wat is de menselijke geest?
De geest betekent alles wat in ons hoofd gebeurt: wat we voelen, wat we
denken, wat we willen, wat we ervaren.
Filosofen delen ons mentale leven op in 3 soorten mentale toestanden.
Drie soorten mentale toestanden
1: Ervaringen (wat je voelt of meemaakt)
→ Dingen die je ondergaat (meestal passief).
Voorbeelden:
1. Gewaarwordingen: pijn, honger, moeheid, veranderingen in je lichaam
2. Zintuiglijke ervaringen: zien, horen, ruiken, proeven, voelen.
Ook proprioceptie (6e zintuig) → weten waar je lichaam zich in de ruimte
bevindt (bv. ogen dicht en je neus aanraken)
3. Stemmingen: algemene gevoelens zonder duidelijk object → bv.
somberheid, goed humeur
Verschil:
Emotie → gericht op iets (bv. kwaad op iemand)
Stemming → vage toestand zonder duidelijke oorzaak
2: Propositionele attitudes (houdingen tegenover ideeën)
→ Wat je denkt of gelooft over iets.
Een propositie = een uitspraak zoals: “het regent”.
Je kan daar verschillende houdingen tegenover hebben:
Hopen dat het regent
Geloven dat het regent
Vrezen dat het regent
Herinneren dat het regent
Verlangen dat iets gebeurt
Belangrijk kenmerk: ze zijn gericht op iets.
3: Mentale handelingen (actieve mentale acties)
→ Dingen die je bewust doet in je hoofd.
3