Inleiding Wetenschappelijk werk
Les 1: 2/10/2024
Praktisch
Zie bij begin van elk hoofdstuk welke pagina’s uit het handboek je nodig hebt
Wetenschapper zijn op een ethische wijze
1. Wetenschappers
Professoren zijn ambtenaren die worden betaald door de overheid. Hebben 3
taken.
Onderwijs (40%)
Onderzoek (40%)
Dienstverlening (20%)
2. Wetenschappelijk werk
Het algemene beeld van hoe een wetenschapper aan het werk gaat is: Je
hebt een vraag, je bedenkt een antwoord, je gaat dit wetenschappelijk
bewijzen en als resultaat krijg je eeuwige roem. Dit is niet echt zo, want is
de realiteit is het veel complexer.
Zoals je ziet werkt dit niet volgens een éénrichtingsverkeer.
Het begint met een vraag/ een idee en dat wordt neergeschreven in een
kladversie. Dan ga je deze kladversie aftoetsen bij collega’s of aftoetsen in
, de literatuur. Je gaat op het web of science kijken of je idee of vraag al
eens eerder is onderzocht. Dan start je onderzoek en ga je bijvoorbeeld
mensen bevragen en dan de gegevens analyseren. Met andere woorden je
gaat onderbouwen met gegevens. Ten slotte ga je deze eerste versie
presenteren aan (internationale) collega’s. De tiende versie zal je
voorleggen aan Peer review, dit is een kwaliteitscontrole. Uiteindelijk zal je
dan de vijftiende versie van je werk publiceren in een tijdschrift op boek.
Op pagina 10,11 en 12 zie je de relatie met het vak. Dit moet je goed
bekijken om de structuur van het vak te begrijpen.
3. Wetenschappelijke integriteit
= een koepelterm die ethiek overstijgt
= een basishouding die je hebt in het handelen tijdens je onderzoek
Wetenschappelijk werk is gericht op excellentie= de beste willen zijn
Wetenschappelijk werk is gericht op kennisopbouw= steeds nieuwe
dingen leren
MAAR: die drang naar excellentie (en kennisopbouw) hebben ernaar geleid
dat er dingen kwamen die ethisch niet meer oké zijn. -> Wetenschappelijk
werk is in toenemende mate werk met aandacht voor de ethische
component van onderzoek doen.
Dus nu is er ook een ethisch component waar rekening mee gehouden
moet worden. -> Dit heeft gezorgd voor wetenschappelijke codes: boeken
met gedragsregels, waaraan we ons moeten houden.
Europese code
=European Code of Conduct for Research Integrity
(All European Academies)
Reliability/Kwaliteit= je streeft KWALITEIT na in alle stappen van het
onderzoek. Je hoort op de hoogte te zijn van de regels
Honesty= Je ontwikkelt, rapporteert, communiceert over je
onderzoek VOLLEDIG, EERLIJK, TRANSPARANT en ONVERTEKEND
Er is een race om als eerste te zijn, maar je moet stap voor stap
uitleggen hoe je je onderzoek gedaan hebt zodat andere het kunnen
controleren.
Respect= Respect gaat HEEL BREED ten aanzien van
medestudenten, deelnemers, ecosystemen, cultuur en het milieu
Accountability= Je kan VERANTWOORDING AFLEGGEN voor elke stap
in je onderzoek, alsook voor de impact van je onderzoek
, Belgische code
=Ethische Code van het Wetenschappelijk Onderzoek in België
(Koninklijke Vlaamse Academie van België voor Wetenschappen en
Kunsten [KVAB])
Zorgvuldigheid= Je past de regels uit jouw discipline zorgvuldig toe.
PRESTATIEDRANG mag je werkwijze niet beïnvloeden. Communicatie
moet BEGRIJPBAAR zijn.
Voorzichtigheid= Je vermijdt ten allen tijde schade aan anderen.
Deelnemers geven altijd TOESTEMMING om mee te doen.
-> Komt voort uit wo2 want toen experimenten met gevangenen=
zonder toestemming -> nu moet elke deelnemer alles weten over
het onderzoek en moet je toestemming geven
Betrouwbaarheid= Anderen moeten kunnen betrouwen dat jij de
REGELS HEBT GEVOLG. Je vervalst geen gegevens. Je doet niet aan
CHERRY-PICKING. Je steelt geen ideeën van anderen (PLAGIAAT).
Verifieerbaarheid= Anderen kunnen nagaan HOE jij te werk bent
gegaan in het
onderzoek. Er is na het onderzoek voldoende tijd voor controle
achteraf d.m.v. ARCHIVERING.
Onafhankelijkheid= Je onderzoek volgt de regels van je discipline en
laat zich niet
leiden door invloeden van buitenaf. Je communiceert openlijk over je
financierders/opdrachtgevers.
Onpartijdigheid= Je persoonlijke visie, vooringenomenheid of
standpunt mag
je onderzoek op geen enkele wijze beïnvloeden.
Onderzoekers mogen zelf een thema kiezen waar ze onderzoek naar
doen, maar ze moeten nog steeds onpartijdig blijven.
4. Fraude en plagiaat
Plagiaat
= Schending van regel “BETROUWBAARHEID” = je moet vertellen van
waar je dat gehaald hebt en hoe je aan je info komt. Dus schendig van de
wetenschappelijke integriteit
= in een paper/verhandeling het werk (woorden en ideeën) van iemand
anders
overnemen en presenteren als eigen werk
= veel voorkomende vorm van fraude
= diefstal van iemands intellectuele eigendom
Fraude
=Schending van meerdere regels
= handelen dat erop gericht is het vormen van een juist oordeel over de
eigen kennis en vaardigheden geheel of gedeeltelijk onmogelijk te maken
Bv: gsm tijdens examens of zo een smartwatch
= bedrog
o brengt schade toe aan
, o de opleiding (kwaliteit van onderwijs wordt niet langer
gegarandeerd)
o Student zelf (ontneemt zichzelf de kans om te leren)
3 manieren voor gebruik van andermans werk
Citeren= Ideeën van iemand letterlijk weergeven in jouw tekst. Letterlijk
iemand zijn woorden gebruiken.
Parafraseren= Ideeën van iemand weergeven in jouw tekst in je eigen
woorden.
Samenvatten= Grote gehelen (Bv: een theorie) in compacte vorm
weergeven in jouw tekst.
Plagiaat komt meer en meer voor:
Cf. ‘Paper mills’ op internet
overschrijven van medestudenten, boeken, tijdschriften uit de bibliotheek,
van websites
FSW beschikt over middelen (software Safe‐Assign) om dit op te sporen!
Plagiaat gebeurt soms onbewust:
Belangrijk te weten wat wel/niet kan
Overzicht van de belangrijkste spelregels: handboek par. 6.3
Je mag geen definities kopiëren en plakken, je moet deze refereren
5. Fraudebeleid aan de UA
= niet te kennen
Les 1: 2/10/2024
Praktisch
Zie bij begin van elk hoofdstuk welke pagina’s uit het handboek je nodig hebt
Wetenschapper zijn op een ethische wijze
1. Wetenschappers
Professoren zijn ambtenaren die worden betaald door de overheid. Hebben 3
taken.
Onderwijs (40%)
Onderzoek (40%)
Dienstverlening (20%)
2. Wetenschappelijk werk
Het algemene beeld van hoe een wetenschapper aan het werk gaat is: Je
hebt een vraag, je bedenkt een antwoord, je gaat dit wetenschappelijk
bewijzen en als resultaat krijg je eeuwige roem. Dit is niet echt zo, want is
de realiteit is het veel complexer.
Zoals je ziet werkt dit niet volgens een éénrichtingsverkeer.
Het begint met een vraag/ een idee en dat wordt neergeschreven in een
kladversie. Dan ga je deze kladversie aftoetsen bij collega’s of aftoetsen in
, de literatuur. Je gaat op het web of science kijken of je idee of vraag al
eens eerder is onderzocht. Dan start je onderzoek en ga je bijvoorbeeld
mensen bevragen en dan de gegevens analyseren. Met andere woorden je
gaat onderbouwen met gegevens. Ten slotte ga je deze eerste versie
presenteren aan (internationale) collega’s. De tiende versie zal je
voorleggen aan Peer review, dit is een kwaliteitscontrole. Uiteindelijk zal je
dan de vijftiende versie van je werk publiceren in een tijdschrift op boek.
Op pagina 10,11 en 12 zie je de relatie met het vak. Dit moet je goed
bekijken om de structuur van het vak te begrijpen.
3. Wetenschappelijke integriteit
= een koepelterm die ethiek overstijgt
= een basishouding die je hebt in het handelen tijdens je onderzoek
Wetenschappelijk werk is gericht op excellentie= de beste willen zijn
Wetenschappelijk werk is gericht op kennisopbouw= steeds nieuwe
dingen leren
MAAR: die drang naar excellentie (en kennisopbouw) hebben ernaar geleid
dat er dingen kwamen die ethisch niet meer oké zijn. -> Wetenschappelijk
werk is in toenemende mate werk met aandacht voor de ethische
component van onderzoek doen.
Dus nu is er ook een ethisch component waar rekening mee gehouden
moet worden. -> Dit heeft gezorgd voor wetenschappelijke codes: boeken
met gedragsregels, waaraan we ons moeten houden.
Europese code
=European Code of Conduct for Research Integrity
(All European Academies)
Reliability/Kwaliteit= je streeft KWALITEIT na in alle stappen van het
onderzoek. Je hoort op de hoogte te zijn van de regels
Honesty= Je ontwikkelt, rapporteert, communiceert over je
onderzoek VOLLEDIG, EERLIJK, TRANSPARANT en ONVERTEKEND
Er is een race om als eerste te zijn, maar je moet stap voor stap
uitleggen hoe je je onderzoek gedaan hebt zodat andere het kunnen
controleren.
Respect= Respect gaat HEEL BREED ten aanzien van
medestudenten, deelnemers, ecosystemen, cultuur en het milieu
Accountability= Je kan VERANTWOORDING AFLEGGEN voor elke stap
in je onderzoek, alsook voor de impact van je onderzoek
, Belgische code
=Ethische Code van het Wetenschappelijk Onderzoek in België
(Koninklijke Vlaamse Academie van België voor Wetenschappen en
Kunsten [KVAB])
Zorgvuldigheid= Je past de regels uit jouw discipline zorgvuldig toe.
PRESTATIEDRANG mag je werkwijze niet beïnvloeden. Communicatie
moet BEGRIJPBAAR zijn.
Voorzichtigheid= Je vermijdt ten allen tijde schade aan anderen.
Deelnemers geven altijd TOESTEMMING om mee te doen.
-> Komt voort uit wo2 want toen experimenten met gevangenen=
zonder toestemming -> nu moet elke deelnemer alles weten over
het onderzoek en moet je toestemming geven
Betrouwbaarheid= Anderen moeten kunnen betrouwen dat jij de
REGELS HEBT GEVOLG. Je vervalst geen gegevens. Je doet niet aan
CHERRY-PICKING. Je steelt geen ideeën van anderen (PLAGIAAT).
Verifieerbaarheid= Anderen kunnen nagaan HOE jij te werk bent
gegaan in het
onderzoek. Er is na het onderzoek voldoende tijd voor controle
achteraf d.m.v. ARCHIVERING.
Onafhankelijkheid= Je onderzoek volgt de regels van je discipline en
laat zich niet
leiden door invloeden van buitenaf. Je communiceert openlijk over je
financierders/opdrachtgevers.
Onpartijdigheid= Je persoonlijke visie, vooringenomenheid of
standpunt mag
je onderzoek op geen enkele wijze beïnvloeden.
Onderzoekers mogen zelf een thema kiezen waar ze onderzoek naar
doen, maar ze moeten nog steeds onpartijdig blijven.
4. Fraude en plagiaat
Plagiaat
= Schending van regel “BETROUWBAARHEID” = je moet vertellen van
waar je dat gehaald hebt en hoe je aan je info komt. Dus schendig van de
wetenschappelijke integriteit
= in een paper/verhandeling het werk (woorden en ideeën) van iemand
anders
overnemen en presenteren als eigen werk
= veel voorkomende vorm van fraude
= diefstal van iemands intellectuele eigendom
Fraude
=Schending van meerdere regels
= handelen dat erop gericht is het vormen van een juist oordeel over de
eigen kennis en vaardigheden geheel of gedeeltelijk onmogelijk te maken
Bv: gsm tijdens examens of zo een smartwatch
= bedrog
o brengt schade toe aan
, o de opleiding (kwaliteit van onderwijs wordt niet langer
gegarandeerd)
o Student zelf (ontneemt zichzelf de kans om te leren)
3 manieren voor gebruik van andermans werk
Citeren= Ideeën van iemand letterlijk weergeven in jouw tekst. Letterlijk
iemand zijn woorden gebruiken.
Parafraseren= Ideeën van iemand weergeven in jouw tekst in je eigen
woorden.
Samenvatten= Grote gehelen (Bv: een theorie) in compacte vorm
weergeven in jouw tekst.
Plagiaat komt meer en meer voor:
Cf. ‘Paper mills’ op internet
overschrijven van medestudenten, boeken, tijdschriften uit de bibliotheek,
van websites
FSW beschikt over middelen (software Safe‐Assign) om dit op te sporen!
Plagiaat gebeurt soms onbewust:
Belangrijk te weten wat wel/niet kan
Overzicht van de belangrijkste spelregels: handboek par. 6.3
Je mag geen definities kopiëren en plakken, je moet deze refereren
5. Fraudebeleid aan de UA
= niet te kennen