OEFENCOLLEGE 1: WAT IS STOTTEREN?
Stotteren in zijn geheel bekijken / het totale plaatsje!
(zowel overt als covert)
Overt: niet antwoorden, terugtrekken, het stotteren op
zich
Covert: angst, woede, schaamte (gevoelens), attitudes,
gedacht
Denk aan het ijsbergmodel
KERNSTOTTERGEDRAG
= Verstoringen van de spraak (niet-normale onvloeiendheden) die zichtbaar en/of
hoorbaar zijn voor de luisteraar (boven water)
- Monosyllabische woordherhaling
- Klankherhaling gedeeltelijke woordherhaling
- Syllabeherhaling
- Verlening disritmische fonatie
- blokkering
Syllabe: lettergreep met de klinker (bv. ‘pannenkoek’ ‘pa’) – verleningen: vooral bij
fricatief, vocaal, m, n,… - blokkeringen: geen luchtstroom (bij SP, glottis, lippen, tong)
(alveolaire klanken zoals /t/)
- Kan vorm, duur, frequentie en/of spanning van de spraak verstoren
- Kan ook bij PDNS voorkomen
- Synoniemen: niet-normale vloeiendheden, SLD (stuttering-like disfluencies),
within-word disfluencies
CLASSIFICATIE VAN AMBROSE EN YAIRI (1999)
- SLD: onvloeiendheden binnenin een woord (niet-normaal)
- OD: komen voor tussen
woorden (normaal)
Pagina 1
, Oefencolleges vloeiendheid
OEFENING
‘NORMALE’ ONVLOEIENDHEDEN
Niemand spreekt 100% vloeiend: maak kennis met onderstaande OD!
- Multisyllabische woordherhaling => telefoon telefoon telefoon (= herhaling
woord met meerdere syllabe)
- Zinsrevisie
o Lexicale revisie => de hond poes ligt te slapen
o Grammaticale revisie => ik ga ik ben daar geweest
o Fonologische revisie => een mamaliefje madeliefje
- Fraseherhaling => ik weet ik weet ik weet dat
- Interjectie => ik wil graag euhm koffie
- Incompleet woord => ik zie sin…
SECUNDAIR GEDRAG
= Aangeleerd gedrag dat meestal zichtbaar of hoorbaar is, maar ook covert kan zijn (bv.
vermijdingsgedrag) – kinderen leren dit zichzelf bijvoorbeeld aan om het zichzelf
‘gemakkelijker’ te maken
Pagina 2
, Oefencolleges vloeiendheid
STOTTERMOMENT
VERMIJDINGSGEDRAG
= Je boodschap niet of beperkt zeggen (kan je vaak niet waarnemen bij iemand)
Voorbeelden: situaties vermijden, synoniemen gebruiken, doen alsof je het niet weet,
iets aanwijzen of opschrijven,…
UITSTELGEDRAG
= je boodschap wel zeggen, maar tijd winnen
Voorbeelden: doen alsof je even moet nadenken, zuchten, tussenvoegsels gebruiken,
even over iets anders beginnen te vertellen, recoil (stoppen en herbeginnen)
STARTGEDRAG
= De start proberen te vergemekklijken
Voorbeelden: oogknipperen, adem happen, hoofdknik,…
TIJDENS HET STOTTERMOMENT
DUW- EN ONTSNAPPINGSGEDRAG
= Vechten tegen een stottermoment om er zo snel mogelijk uit te geraken
Voorbeelden: spanning articuleren, gelaatsgrimassen, hoofdbewegingen,
bijbewegingen van de ledematen,…
HOE KAN SECUNDAIR GEDRAG ZICH UITEN?
- Fysische reacties => bv. gezichtgrimassen, hoofdbewegingen, oogbewegingen
- Vocale en verbale reacties => bv. luid/stil praten, melodieus/monotoon praten,
bijgeluiden, woorden vermijden, synoniemen of tussenvoegsels gebruiken
- Fysiologische reacties
o Respiratoir => bv. Inspiratoir praten, onregelmatig/
o Fonatoir => bv. tremoren
Pagina 3
, Oefencolleges vloeiendheid
o Articulatorische => bv. excessieve
musculaire spanning in articulatoren
COVERT STOTTERGEDRAG
- Cognities en emoties die voor, tijdens of na
stottermomenten kunnen voorkomen, zoals…:
o Mijn mond is kapot
o Het is vervelend om te stotteren
o Ik ben bang dat de juf vindt dat het te lang
duurt als ik iets wil zeggen
o Andere mensen vinden dat ik raar praat als ik stotter, dus ik probeer niet
te stotteren
o Ik voel me soms verdrietig omdat ik stotter
o Ik wil echt geen spreekbeurt geven! Wat als ik begin te stotteren?
o Ik spreek anders dan andere kinderen
o Ik schaam mij als ik stotter
VIERCOMPONENTENMODEL (4CM)
Als je die omdraait = zoals ijsberg (verbale bovenaan, cognitieve en emotionele
onderaan/onder water)
STOTTERGEDRAG HERKENNEN (IN DE PRAKTIJK)
WAT KUNNEN WE REGISTREREN
Pagina 4