LEERDOELEN
• De student krijgt een overzicht aangeboden van alledaagse klachten in de
huisartspraktijk.
• De student oefent het inschattingsvermogen pluis/niet-pluis.
• De student leert gerichte vragen stellen om de aanmeldingsklacht uit te werken / te
beoordelen.
• De student leert gericht advies geven / een gepast beleid opstellen.
• De student is op de hoogte van de best available evidence.
EXAMEN
Na de les krijgt de student per besproken alledaagse aandoening een steekkaart (1 A4) met de
essentiële informatie. Dit is de examenstof voor het multiple choice examen.
Evaluatie van de competentie gebeurt op basis van volgende indicatoren:
1. Je hebt basale kennis over de besproken alledaagse aandoeningen
2. Je kan het onderscheid maken tussen wat ernstig, dringend, belangrijk is en wat niet
3. Je kan aan de patient deskundig advies geven:
o op communicatief niveau: GVO
o op medisch-technisch niveau: therapeutisch advies gebaseerd op evidentie
CASUSSEN
1. Tics
2. Fimosis
3. Huilbaby
4. Slaapwandelen
5. Plankenkoorts - examenvrees
6. Alopecia
7. Aphten - Stomatitis aftosa
8. Bedwantsen - Cimex lectularius
9. Hemospermie
10. Hyperhydrosis
11. Luieruitslag
12. Polymorfe lichteruptie - Zonne-allergie
13. Stomatitis herpetica
14. Tattoeages
15. Zondagmiddagarmpje
16. Bruxisme
17. Epistaxis
18. Hitteuitputting
19. Ingegroeide teennagel
20. Mallet finger
, Tics
Wat?
= snelle stereotiepe spiercontracties (‘motorische tics’)
• Meestal in gelaat, soms ook armen, benen of romp
• Daarnaast ook
o Vocale tics (snuiven, grommen, boeren of obscene woorden uiten)
(‘coprolalie’)
o Sensorische tics (gevoelssensatie die motorische tic voorafgaat)
o Cognitieve tics (dwangmatige gedachtespelletjes)
Te weten
• Oorzaak onbekend: vermoeden stoornis basale kernen hersenen
• Aanwijzingen voor autosomaal dominante overerving
• Chronisch (>1jaar, eerder zelden) of voorbijgaand (<1jaar, meest frequent: schatting
5-15% schoolgaande kinderen)
• Variatie in expressie vooral bepaald door omgevingsfactoren (stress, angst en emotie)
• Diagnose Gilles de la Tourette overwegen bij combinaties van motorische tics met
ten minste één vocale tic, die >1j aanwezig is, tics komen meerder keren per dag
voor, ontstaan < 18 jaar (piekleeftijd 3-8 jaar) en zijn geen neveneffect van medicatie
of drugs.
o Neurologisch mechanisme: veranderingen in dopaminemetabolisme en de
frontale subcorticale structuren
o Associatie met gedrags- en leerstoornissen en met ADHD
o Minder goede prognose: bij 10% verdwijnen tics na 18j
o Prevalentie 5 op 1000, 3x frequenter bij jongens
Wat (niet) doen
Indien er geen aanwijzingen zijn voor Gilles de la Tourette:
• geruststellen
• bij erg storende tics verwijzing gedragstherapie
• neuroleptica geen bewezen nut: af te raden!
Indien er wel aanwijzingen zijn voor Gilles de la Tourette:
• doorverwijzing kinderneurologie
, Fimosis
Wat?
= voorhuidvernauwing
Niet verwarren met fysiologische verkleving preputium aan de glans
Te weten
Verkleving: 96% neonati fysiologisch
Rond 3 jaar (of later !): spontaan loskomen verkleving
Fimosis: ringvormige voorhuidvernauwing, glans kan moeilijk ontbloot worden, verdwijnt
NIET spontaan
Mogelijke complicaties van fimosis:
• Belemmering mictie: ‘ballooning’, ‘pinpoint fimosis’
• (recidiverende) balanitis (tevens oorzakelijke factor bij ontstaan van fimosis)
Wat vragen?
• Heteroanamnese ouders
• Moeilijkheden bij plassen
• Opbollende voorhuid (ballooning)
• Pijn
• Primaire of secundaire vernauwing?
Wat (niet) doen
Verkleefd preputium
• Geen klachten = geen behandeling
• Tot leeftijd van 10 jaar ‘normaal’
• Voorzichtig terugtrekken van voorhuid in bad zonder forceren
Storende mictieklachten / recidiverende balanitis
• Lokale applicatie corticoïden 2X/dag gedurende 4-8 weken geeft bij 60 – 80 % goed
resultaat
• Bij onvoldoende reactie kan chirurgisch ingrijpen vereist zijn: voorhuidplastie of
circumciso
Balanitis
• Schoon masseren: twee maal per dag in bad
• Eventueel isobetadine zeep en/of applicatie van antibiotische zalf (fusidine zuur)