Semester 1
Introductie
Neurodiversiteit = Verschillende manieren waarop het brein zich kan ontwikkelen. Elke
persoon is uniek en ontwikkelt op zijn manier en tempo. Specifieke uitdagingen:
Autisme
ADHD
DCD (Developmental Coordination Disorder)
NAH (Niet Aangeboren Hersenletsel)
Verstandelijke beperking
Visuele beperking
Motorische beperking
Ontwikkelingsstoornissen
Wat is een ontwikkelingsstoornis
Neurobiologische aandoeningen, ontstaan tijdens groei en rijping centrale zenuwstelsel.
Gevolgen voor ontwikkeling hersenfuncties. Vaak in combinatie zoals Autisme en een
verstandelijke beperking. Specifiek zijn er leer- en communicatiestoornissen.
Kinderen met ontwikkelingsstoornis = neurospeciale kinderen. Gemeenschappelijke
kenmerken: Gevoeliger, reageren soms onverwacht en hebben een eigen manier van
voelen, denken en leren. Botst vaak met manier waarop meeste mensen functioneren.
Tips en behandelingen zijn belangrijk om deze kinderen te ondersteunen.
Specifieke en algemene problemen
Zeer specifieke – algemene beperkingen
Bijvoorbeeld dyslexie tegenover een verstandelijke beperking.
Primaire – secundaire kenmerken
Primair
Kernsymptomen, noodzakelijk voor een diagnose te stellen.
Secundair
Gevolgen van de stoornis (kernsymptomen). Zoals laag zelfbeeld, angst of depressie.
Geen direct onderdeel van de stoornis. Ontstaan wanneer problemen niet tijdig herkent
worden of verkeerd worden aangepakt.
Lichte – ernstige vormen
Kleine uitdagingen tegenover grote beperkingen in het dagelijks functioneren.
Overmaat bepaald gedrag
Kinderen met ontwikkelingsstoornissen kunnen overmatig repetitief gedrag vertonen,
beperkte belangstelling hebben of sterk vasthouden aan routines.
,Zichtbaar gedrag = topje van de ijsberg. Kind echt begrijpen, kijken naar
onderliggende oorzaken of wat er onder topje zit om passende behandeling te vinden.
Classificatiesystemen
DSM-5
Diagnistoc and Statistical Manual of Mental Disorders
Mentale stoornissen in kaart brengen. Belangrijk om diagnoses te stellen en prevalentie
van aandoeningen in kaart brengen. Bv. in Vlaanderen.
ICD-10
International Statistical Classification of Diseases and Related Health Problems
Omvat ook lichamelijke aandoeningen, niet alleen mentale stoornissen.
Beide systemen worden aangepast a.d.h.v. wetenschappelijk onderzoek.
Ontwikkelingsvertraging vs. Ontwikkelingsstoornis
Ontwikkelingsvertraging
Tijdelijk gebruikt bij kinderen die verhoogd risico lopen op een ontwikkelingsstoornis. Bv.
door vroeggeboorte of blootstelling aan risicofactoren tijdens zwangerschap. De
vertraging valt op doordat het kind zich anders ontwikkelt dan leeftijdsgenoten.
Ontwikkelingsstoornis
Blijvend disfunctioneren op mentaal, fysiek of zintuigelijk vlak of combinatie. Voor een
diagnose moet sprake zijn van beperkingen in minstens 3 functionele domeinen.
Vaak sprake van levenslange nood aan ondersteuning en begeleiding.
Zelfzorg
Communicatie
Leren
Mobiliteit
Zelfsturing
Zelfstandig wonen
Economische zelfredzaamheid
Oorzaken van ontwikkelingsstoornissen
Oorzaken kunnen divers zijn, vaak direct verband tussen oorzaak en gevolg.
Erfelijke factoren
Problemen tijdens zwangerschap
Ontwikkelingsproblemen in de eerste levensjaren
Lichamelijke ziektes
Externe gebeurtenissen
Biopsychosociaal model
Verklaring gedrag. Wisselwerking tussen biologische, psychologische en sociale factoren.
BEM-model (bio-ecologisch multifactorieel model)
Risico’s binnen het kind (bio) als in de omgeving (eco) worden meegenomen.
,Diagnostiek en begeleiding
Diagnostiek
Ouders merken als eerste als de ontwikkeling van hun kind anders verloopt. De huisarts
verwijst hen door naar een centrum voor ontwikkelingsstoornissen. Kinderen ontwikkelen
zich allemaal op verschillende snelheden. Trage of afwijkende ontwikkeling = stoornis.
Begeleidingsmodellen
Medisch model
Focus op aanpassen van het kind aan de normen van de samenleving.
Sociaal model
Omgeving moet zich mee aanpassen. Neurodiverse kinderen moeten volwaardig deel
kunnen uitmaken van de samenleving. Tips en behandelingen. Neurodiversiteit.
Rol van attitude
Houding van begeleiders, leerkrachten en ouders is van groot belang. Acceptatie en
respect versterken het zelfvertrouwen en het zelfbeeld van het kind.
Belang vroege ondersteuning
Problemen zoals slechte concentratie of gedragsmoeilijkheden lijden tot sociale uitsluiting
of spanning in het gezin. Vroeg ingrijpen is cruciaal. Kinderen zijn nog volop in
ontwikkeling. Ouders spelen een sleutelrol. Zij merken de signalen als eerste op en zetten
de stap naar een behandeling. Vroegtijdige behandeling zorgt voor betere ontwikkeling
en het kind krijgt meer kansen om zich te ontplooien.
Autisme
Leo Kanner, jaren 40
Beschreef autisme als een “autistic disturbance of affective contact”. Kinderen
keerden in zichzelf, weinig contact met anderen en vertoonden repetitief en stereotiep
gedrag. Oorspronkelijk werd gedacht dat autisme veroorzaakt werd door koude en
emotieloze moeders, “koelkastmoeders”. Maar ze waren eigenlijk een oplossing. Kinderen
, met autisme houden niet van fysiek contact. Koelkastmoeders knuffelden hun kind niet
als het “boos” was. Het verschilt wel per persoon hoe die reageert en omgaat met fysiek
contact. De ene vindt het erg en de andere niet.
Rain Man 1970-1980
Film zorgde voor bekendheid van autisme, maar ook voor stereotiep beeld. Mensen
dachten dat alle mensen met autisme deze kenmerken hadden. De film is gebaseerd op 1
persoon en dus niet representatief voor een grote groep.
Lorna Wing
Ze introduceerde de triade van beperkingen. Het is een manier om de belangrijkste
kenmerken van autisme te beschrijven. Volgens haar ervaren mensen met autisme
moeilijkheden op drie met elkaar samenhangende gebieden.
Sociale interactie
Moeite met het aangaan en onderhouden van sociale relaties.
Communicatie
Het gaat niet alleen om gesproken taal, maar ook om het begrijpen en gebruiken
van non-verbale communicatie. Zoals gezichtsuitdrukkingen.
Verbeelding
Verwijst naar het vermogen om flexibel te denken, zich in anderen te verplaatsen
en om te gaan met veranderingen of nieuwe situaties.
Met deze triade legde Lorna Wing een belangrijke theoretische basis voor het begrijpen
van autisme. Zij liet zien dat autisme zich op verschillende manieren kan uiten en dat niet
iedereen met autisme dezelfde kenmerken of dezelfde ernst van kenmerken heeft. Haar
werk droeg daarmee bij aan een bredere kijk op autisme en vormde een belangrijke stap
in de ontwikkeling van het huidige begrip van het autismespectrum.
Asperger-syndroom jaren 90
Dit zijn mensen die meedraaien in de maatschappij, ondanks hun beperking. Dit zorgde
voor een toename in diagnoses door verschillende zaken.
1. Beter onderzoek en diagnostiek.
2. Uitbreiding van criteria, meer varianten van autisme herkend.
3. Diagnose op jongere leeftijd.
4. Groter belang van diagnoses, mensen wouden een verklaring voor het gedrag.
Neurodiversiteit, hedendaags
Niet iedereen ontwikkelt zich op dezelfde manier en tempo. Iedereen is uniek, maar we
maken allemaal deel uit van dezelfde maatschappij. neurodivergent en -speciaal.
We hebben een neurodiverse samenleving.
Diagnose en spectrum
Huidige term: Autismespectrumstoornis (ASS). Autisme is een spectrum: de manier
waarop het tot uiting komt verschilt per persoon. Het is heel breed en gaat ver.