INHOUD
Inleiding tot het strafprocesrecht anno 2026..........................................................................................3
intermezzo - Wraking............................................................................................................................3
deel 1. een toekomstig vernieuwd strafprocesrecht? ........................................................................... 10
I. de organisatie van het vooronderzoek ..................................................................................... 10
A.Tweedeling opsporingsonderzoek-Gerechtelijk onderzoek ......................................................... 10
B. Mini-instructie (art 28septies Sv) .............................................................................................. 13
C.kenmerken .............................................................................................................................. 16
D. toezicht en actie van kamer van inbeschuldigingstelling ............................................................ 17
E.Rol van het grondwettelijk Hof .................................................................................................. 17
F.De Wet van 6 december 2022 (BS 21 december 2022) ................................................................ 24
G.Wetsvoorstel houdende het Wetboek van strafprocesrecht (Parl.St. Kamer nr. 55-1239/1) .......... 27
H. Het profiel van de onderzoeksrechter/rechter van het onderzoek ............................................... 30
II. De positie van het slachtoffer in het strafproces ........................................................................... 35
A. basis ................................................................................................................................ 35
B.rechtsvergelijking ..................................................................................................................... 36
C. Voorstel ontwerp nieuw wetboek strafprocesrecht ................................................................... 38
III.Vereenvoudigde vorm van afsluiting ............................................................................................. 45
IV. Bevoegdheden van de strafrechtsmachten.................................................................................. 46
§1. Materiële bevoegdheid (aard misdrijf) ..................................................................................... 47
§2. samenhang (art 227 Sv) .......................................................................................................... 47
§3. Materiële bevoegdheid hof van assisen ................................................................................... 48
§4. Terugspoelen: Voorgeschiedenis hof van assisen .................................................................... 48
§5. Misdaden naar hof van assisen? ............................................................................................. 48
§6. impact nieuw Strafwetboek .................................................................................................... 50
§7. Bevoegdheidstoebedelend karakter verwijzingsbeschikking KI ................................................. 51
§8. Vooruitblik: straftoemeting hof van assisen ............................................................................. 51
§9. Politieke misdrijven ................................................................................................................ 54
§10. drukpersmisdrijven .............................................................................................................. 55
V. Inrichting hof van assisen ............................................................................................................ 56
§1. inleiding ................................................................................................................................ 56
§2. Ontstaan ............................................................................................................................... 56
§3. Samenstelling Hof van Assisen ............................................................................................... 57
VI. voorlopige hechtenis .................................................................................................................. 59
1. Basiskennis procedures politierechtbank en correctionele rechtbank ........................................ 59
1
, 2.Assisenprocedure .................................................................................................................... 65
3. Voorstel commissie tot hervorming strafprocesrecht ................................................................ 67
Deel 2. nietigheden ............................................................................................................................ 69
VII. De behandeling van onregelmatigheden en nietigheden in het strafproces voorafgaand aan de
berechting ten gronde ..................................................................................................................... 69
1. De behandeling in de loop van het gerechtelijk onderzoek: “zuivering van nietigheden” door de
kamer van inbeschuldigingstelling (art. 235bis Sv.) ....................................................................... 69
2. De behandeling bij de afsluiting van het gerechtelijk onderzoek: raadkamer en kamer van
inbeschuldigingstelling ............................................................................................................... 78
3. Cassatieberoep ................................................................................................................ 82
4. Gevolgen van beslissing in de loop of bij afsluiting van het gerechtelijk onderzoek waarbij
ingeroepen onregelmatigheid, verzuim of nietigheid of grond van onontvankelijkheid of verval werd
verworpen .................................................................................................................................. 84
5. Gevolgen van beslissing in de loop of bij afsluiting van het gerechtelijk onderzoek waarbij
ingeroepen onregelmatigheid, verzuim of nietigheid werd aanvaard ............................................... 86
6. Wetsvoorstel nr. 55-1239/1 (nieuw) Wetboek van Strafprocesrecht ...................................... 89
Deel 3. Hof van assisen ...................................................................................................................... 90
VIII. Hof van assisen: fase Vonnisgerecht ......................................................................................... 90
§1. Er zijn 3 zittingen .................................................................................................................... 90
§2. rol van jury en beroepsrechters ............................................................................................... 94
§3. Verloop van de zitting ten gronde (in leidraad) .......................................................................... 96
§4. systeem van Vragen aan de jury .............................................................................................. 98
§5. Procedure na beantwoording van de vragen .......................................................................... 102
deel 4. Rechtsmiddelen.................................................................................................................... 104
IX. Hoger beroep en verzet in strafzaken ......................................................................................... 104
X. Cassatieberoep (art 416-442 Sv) ................................................................................................ 108
2
,INLEIDING TOT HET STRAFPROCESRECHT ANNO 2026
Zie handgeschreven notities
- 1788: Déclaration des droits de l’homme et du citoyen
- 1791: Code Lepeletier
o afschaffing inquisitoir systeem
o invoering van jury naar Engels model
- 1808: Code d’instruction criminelle
o inquisitoir vooronderzoek
o accusatoire fase voor vonnisgerecht
- 1878: Voorafgaande Titel van het Wetboek van strafvordering
- Katalysatoren van een hervorming: de “loden jaren” ’80 en ‘90
o “Bende van Nijvel” en “CCC”
o eerste parlementaire onderzoekscommissie “Bende van Nijvel” (1990)
o tweede parlementaire onderzoekscommissie “Bende van Nijvel” (1996-97)
o parlementaire onderzoekscommissie “Dutroux” (1996-97)
o “Octopusoverleg”
- Wet van 12 maart 1998 tot verbetering van de strafrechtspleging in het stadium van het
opsporingsonderzoek en het gerechtelijk onderzoek (“Wet Franchimont”)
- Wetsontwerp houdende het Wetboek van strafprocesrecht (Parl.St. Kamer, nr. 51-2138/001,
2/12/2005)
- Wet 5 februari 2016 (“Pot-pourri II”)
- Commissie tot hervorming van het strafprocesrecht: wetsontwerp houdende het Wetboek van
strafprocesrecht (Parl.St. Kamer 2019-2020, nr. 1239/001)
- Regeerakkoord 31 januari 2025
INTERMEZZO - WRAKING
Hoe verloopt een wrakingsprocedure
Er gebeurt een incident op zitting => de advocaat loopt boos naar griffie => legt akte wraking neer => griffier
brengt dit uiterlijk 24u na neerlegging ter kennis rechter => vanaf kennis van akte pen neerleggen, enkel nog
nieuwe datum vastleggen => 2 dagen om standpunt in te nemen => verklaring w voorgelegd aan HvB,
procureur legt stukken over aan procureur generaal => zitting gebeurt voor HvB, dit organiseren duurt
minstens een paar weken => binnen 8 dagen moet HvB uitspraak doen => 15 dagen tijd om cassatieberoep
aan te tekenen (elke partij die ontevreden is met uitspraak HvB)
= incidentele procedure binnen strafproces waarbij het proces een tijdje wordt stilgelegd
Waarom wraken?
De betrokkene heeft een subjectieve gevoel van vooringenomenheid. De vraag is dan wanneer je de stap
zet naar wrakingsprocedure
Welke overweging komen in aanmerking bij een beslissing tot wraking?
- Komt mijn reputatie in gedrang?
- Wanneer men ongelijk krijgt moet men wel met diezelfde rechter die men probeerde te wraken
voortgaan en die zal uiteindelijk moeten oordelen over de zaak
Hoe misbruik wrakingsprocedure tegengaan?
3
, Er zijn al een aantal moduleringen in de wet ingeschreven om het misbruik van de wrakingsprocedure aan
banden te leggen
- Ervaringsvereiste: advocaat moet 10 jaar ingeschreven zijn aan de balie
o Gaat niet veel tegenhouden want het zijn vaak de advocaten die meer ervaren zijn die een
wrakingsprocedure opstarten en dit houdt hen niet tegen
andere ideeën die nog niet in de wet zijn ingeschreven:
- Wrakingskamer: kamer die in het bijzonder is ingericht om bij hoge dringendheid wrakingszaken te
behandelen (komt uit Nederland)
o Op dit ogenblik nog niet in de wet maar is wel een piste die in lege ferenda naar voren wordt
geschoven
o Mening prof: gaat geen groot verschil maken want blijft gewoon een kamer dus die gaat
ook nog andere zaken behandelen, het HvB geeft ook wel prioriteit aan wrakingszaken
- Stafhouder laten tussengekomen?
o Gaat zich dan inlaten met de wijze waarop de advocaat een verdediging voert. De vrijheid
van verdediging komt dan in het gedrang
- Schorsing verkorten
o Staat ook nog niet in de wet
o Wel de oplossing waar velen in geloven
o De schorsende werking van de wrakingsprocedure moduleren of afschaffen
▪ Schorsing gebeurt vanaf het moment dat de wrakingsprocedure ter kennis wordt
gegeven aan de rechter tot de uitspraak van het HvB
▪ Als de schorsende werking wordt afgeschaft kan ondertussen het proces
woorden voortgezet en kan parallel de wrakingsprocedure worden gevoerd
▪ kan afschrikkend werken om wrakingsprocedure in te stellen omdat dit niet meer
tot schorsing van de procedure werkt
o nadeel: als de wraking uiteindelijk wordt toegestaan, is de hele procedure voor niets
geweest
▪ oplossing: de rechter laten beoordelen in welke gevallen de schorsing niet wordt
toegepast en in welke gevallen wel (afhankelijk van hoe ernstig het verzoek is)
▪ andere oplossing: een andere rechter laten verdergaan met de zaak? Maar er is al
veel achterstand dus niet echt een goeie oplossing
• bv als in assisenzaken een jurylid wordt gewraakt, zijn er altijd een paar
reserves bij die ook altijd meevolgen en zo de plaats kunnen invullen. Dit
is evenwel moeilijk te realiseren in correctionele kamers
Er is dus geen mirakeloplossing
Recente wrakingszaken:
Arrest 1- HvC 13 september 2022
- Relevantie: evidentie nog eens benadrukken
- Overweging 3: uit het enkele feit dat een rechter een beslissing neemt die volgens een partij onjuist
is, vloeit niet voort dat de rechter niet onpartijdig is
- Als elke advocaat die ongelijk krijgt beslist dat de rechter onpartijdig is, dan is het hek helemaal
van de dam en dan kan je iedereen gaan wraken
Arrest 2- HvC 14 oktober 2025
4