Filosofische en Etische vraagstukken in de gezondheidszorg
Hoofdstuk 2,3,4 en 7
Drie grote periodes:
1. Oudheid (Grieken en Romeinen)
2. Feodaliteit
3. Moderne samenleving
1. De Oudheid
1.2De Grieken
Grieks model van samenleving: polis, logos en Athene 5 e E v X
Polis = nieuwe manier van leven
Logos = nieuwe manier van denken
Polis:
de polis als nieuwe sociale ruimte -> plaats voor discussie
Volk (demos), regeert over zichzelf (kratein): democratie
Samenleving: ‘te bespreken’ kwestie
Agora als plaats van bijeenkomst -> publieke ruimte
De geboorte van polis hangt samen met de geboorte van filosofie
Vrouwen, slaven, werklieden (handarbeiders) mochten niet deelnemen
aan het bestuur
l> zij hadden geen verstand om mee bezig te zijn
alleen rijken mochten meedoen met het bestuur want zij hadden veel
vrijetijd
Maar er is toch een geboorte van democratie als idee: publieke ruimte,
discusie …
Cruciaal: samen leven is van en voor mensen (niet voor Goden)
Burgerpanels: = mensen die samen komen om te discussiëren over
bepaalde onderwerpen
Logos:
Filein sofia (begeren van wijsheid)
6e E v X: rationeel zoeken naar orde (ning) in de wereld (kosmos)
Zoeken naar nomoi (wetmatigheden) in de natuur (phusis)
Niet langer aanvaarden van religieuze autoriteit
, Onstaan van geneeskunde -> Democritus aan Hippocrates:
“Je pense que la connaissance de la philosophie est sœur de la médecine
et vit sous le même toit; en effet, la philosophie délivre l’âme des
passions, et la médecine
enlève au corps les maladies
Verhouding medisch en fil. Denken: filosofie als pharmakon voor de ziel
Pharmakon = zowel remedie als vergif
Geneeskunde is gericht op evenwicht
Consultatie is publieke aangelegenheid
Hippocratische geneeskunde: genezen van het individu en dus plicht van
genezer
Er bestond geen uniforme medische school
Antieke Griekse filosofen: ‘zijn’ en ‘zijnde’ :
Zijn : al wat is -> vb. ‘Da is”
Zijnde: iets binnen de totaliteit van al wat is -> vb. menselijk wezen, stoel,
tafel
Natuurfilosofen:
Ontstaan van geneeskunde -> rationele zoektocht naar inzicht in diverse
verschijnselen
Wkhd -> vertoont ‘orde’ die mens moet ontrafelen
Vertrekpunt: 4 natuurelementen (aarde, lucht, vuur en water)
Vb. Herakleitos: alles ontstaat uit vuur (daarna processen van afkoeling,
stolling, verdamping …)
Meeste filosofen -> 1 natuurelement -> daaruit alle andere af te leiden
Wereld als louter fysisch gebeuren (geen goden meer)
De elementeneer (empedcoles van Agrigentum):
l> alles bestaat uit 4 oerelementen
l> ding = tijdelijke verbinding van elementdeeltjes
l> elk element: 2 basiskwaliteiten
l> Strijd tussen Liefde en Haat zorgen voor ontstaan en vergaan van
verbindingen
Griekse geneeskunde (hyppocratisch):
Corpus hippocraticum: 450-300 v X (medische school)
Empirisch werken (itt natuurfilosofen) maar geen experimenten
Systematisch medische kennis verzamelen door observatie
Sterke verbinding mens-kosmos (vb. impact van seizoenen op ziekte)
Fysiologisch pluralisme = mens is complex en bestaat uit meerdere
substanties: dus: meerdere remedies nodig
Humorale leer (polybios):
Hoofdstuk 2,3,4 en 7
Drie grote periodes:
1. Oudheid (Grieken en Romeinen)
2. Feodaliteit
3. Moderne samenleving
1. De Oudheid
1.2De Grieken
Grieks model van samenleving: polis, logos en Athene 5 e E v X
Polis = nieuwe manier van leven
Logos = nieuwe manier van denken
Polis:
de polis als nieuwe sociale ruimte -> plaats voor discussie
Volk (demos), regeert over zichzelf (kratein): democratie
Samenleving: ‘te bespreken’ kwestie
Agora als plaats van bijeenkomst -> publieke ruimte
De geboorte van polis hangt samen met de geboorte van filosofie
Vrouwen, slaven, werklieden (handarbeiders) mochten niet deelnemen
aan het bestuur
l> zij hadden geen verstand om mee bezig te zijn
alleen rijken mochten meedoen met het bestuur want zij hadden veel
vrijetijd
Maar er is toch een geboorte van democratie als idee: publieke ruimte,
discusie …
Cruciaal: samen leven is van en voor mensen (niet voor Goden)
Burgerpanels: = mensen die samen komen om te discussiëren over
bepaalde onderwerpen
Logos:
Filein sofia (begeren van wijsheid)
6e E v X: rationeel zoeken naar orde (ning) in de wereld (kosmos)
Zoeken naar nomoi (wetmatigheden) in de natuur (phusis)
Niet langer aanvaarden van religieuze autoriteit
, Onstaan van geneeskunde -> Democritus aan Hippocrates:
“Je pense que la connaissance de la philosophie est sœur de la médecine
et vit sous le même toit; en effet, la philosophie délivre l’âme des
passions, et la médecine
enlève au corps les maladies
Verhouding medisch en fil. Denken: filosofie als pharmakon voor de ziel
Pharmakon = zowel remedie als vergif
Geneeskunde is gericht op evenwicht
Consultatie is publieke aangelegenheid
Hippocratische geneeskunde: genezen van het individu en dus plicht van
genezer
Er bestond geen uniforme medische school
Antieke Griekse filosofen: ‘zijn’ en ‘zijnde’ :
Zijn : al wat is -> vb. ‘Da is”
Zijnde: iets binnen de totaliteit van al wat is -> vb. menselijk wezen, stoel,
tafel
Natuurfilosofen:
Ontstaan van geneeskunde -> rationele zoektocht naar inzicht in diverse
verschijnselen
Wkhd -> vertoont ‘orde’ die mens moet ontrafelen
Vertrekpunt: 4 natuurelementen (aarde, lucht, vuur en water)
Vb. Herakleitos: alles ontstaat uit vuur (daarna processen van afkoeling,
stolling, verdamping …)
Meeste filosofen -> 1 natuurelement -> daaruit alle andere af te leiden
Wereld als louter fysisch gebeuren (geen goden meer)
De elementeneer (empedcoles van Agrigentum):
l> alles bestaat uit 4 oerelementen
l> ding = tijdelijke verbinding van elementdeeltjes
l> elk element: 2 basiskwaliteiten
l> Strijd tussen Liefde en Haat zorgen voor ontstaan en vergaan van
verbindingen
Griekse geneeskunde (hyppocratisch):
Corpus hippocraticum: 450-300 v X (medische school)
Empirisch werken (itt natuurfilosofen) maar geen experimenten
Systematisch medische kennis verzamelen door observatie
Sterke verbinding mens-kosmos (vb. impact van seizoenen op ziekte)
Fysiologisch pluralisme = mens is complex en bestaat uit meerdere
substanties: dus: meerdere remedies nodig
Humorale leer (polybios):