& CULTUUR
P0L76B
Geen handboek (alle inhoud is op basis van PowerPoints en de bijgewoonde lesmomenten)
Behandelde auteurs:
• Inleiding
• Gert Biesta
• Stephen Ball
• Pierre Bourdieu
• David Hargreaves
• Dirk van Damme
• Frank Furedi
• Jan Masschelein & Maarten Simons
,INLEIDING:
Centrale vraag: Wat is onderwijs? Waar zou onderwijs moeten voor staan? Waartoe dient onderwijs?
→ Waarom onderwijs?
- Onderwijs bestuderen vanuit sociaal-maatschappelijke benadering
- Focus op algemene invloeden, tendensen & mechanismen + hoe we ons daartoe verhouden
afstand nemen, kritisch bevragen, grondig bestuderen, geïnformeerd standpunt innemen…
- Onderzoeksdomein op het snijpunt van verschillende disciplines
STROMINGEN
FUNCTIONALISTISCHE STROMING
- Metafoor: maatschappij = organisme
- Basisassumptie: consensus
- Argumentatie:
o Onderwijs als functie van & voor de samenleving
o Onderwijs ‘dient’ de samenleving door ondersteunende functies te vervullen
functies helpen orde, structuur en evenwicht bewaren
- Parsons:
o Meritocratische visie op onderwijs
▪ Ability + effort = reward
▪ ‘verdienste’ is de motor van de samenleving
o Ongelijkheid
▪ Is aanwezig is samenleving
▪ Niet per se verkeerd → mensen komen in verschillende posities
▪ Nodig om maatschappij te laten draaien
o Status
▪ Ascribed status = status waarin je geboren bent/meekrijgt van je ouders
▪ Achieved status = status die je kan verkrijgen door ‘effort’ erin te steken
- Vragen:
o Moeten we alles reduceren tot een waardenconsensus? Is conflict te allen tijde te vermijden?
o Moeten we machts- en kansongelijkheid negeren in de maatschappij?
CONFLICTSTROMING
- Basisassumptie
o Conflict ↔ harmonie en orde
o Maatschappij is het toneel voor machtsstrijd tussen klassen, belangengroepen…
waarom zou onderwijs uitgaan van harmonie en orde als samenleving niet zo is?
- Argumentatie
o Onderwijs ‘dient’ het behoud van status quo in het voordeel van de elite
o Wantrouwen t.a.v. het onderwijs
- Emancipatorische, cultuurpolitieke stroming
o ‘Pedagogy of liberation’ , ‘critical pedagogy’
o Emancipatie van de onderdrukten door kritisch bewustzijn te creëren
- Vragen:
o Moeten/kunnen we alles reduceren tot een conflict?
o Moeten/kunnen we lagere sociale klasses zien als ‘passive victims of school’s sorting
mechanisms and manipulative socialisation’ ?
o Kan/mag het onderwijs een ideologische en politieke functie hebben?
, SYMBOLISCH-INTERACTIONISTISCHE STROMING
- Basisassumptie: maatschappij bestaat uit gedeelde betekenissen & relaties
- Argumentatie
o Realiteit
▪ Is geen opgelegde, maar een relationeel geconstrueerde realiteit
▪ Geven allemaal vanuit individuele relaties betekenis aan de werkelijkheid
▪ Gebeurt niet vanuit hogere redeneringen
o Geen functionaliteit
▪ Geen structurele functionaliteit of ongelijkheid in onderwijs
▪ Is het gevolg van betekenisgeving in sociale interactie
- Wij beperken analyse tot wat in klas, speelplaats… kan worden geobserveerd:
o Verwachtingsstructuren van leraren? Self-fulfilling prophecy?
o Etikettering van leerlingen: hoe krijgen ze betekenis en wat zijn de gevolgen?
o Spelactiviteiten kunnen patronen tot stand brengen: hoe gedragen leerlingen zich onderling, hoe
spreken ze met elkaar, welke betekenis geven ze eraan en hoe komt identiteit tot stand?
- Vragen:
o Is een eenzijdige nadruk op betekenisgeving ten nadele van aandacht voor sociaal-culturele en
institutionele structuren?
o Hoe raken dergelijke subtiele betekenissen gecommuniceerd tussen diverse onderwijsactoren?
PEDAGOGISCHE STROMING
- School als vertrekpunt:
o Wat is de eigenheid van een school?
o School als vrijplaats, buiten politieke en economische orde
o Leerkracht als centrale figuur: dienaar van zijn vakgebied (niet van de samenleving)
o School is eigen realiteit: kan zich niet definiëren door zich te spiegelen aan samenleving
→ kijken hoe samenleving reageert op onderwijs als eigen instelling
- Vragen
o Is er onvoldoende aandacht voor externe invloeden op het onderwijs (/de school)?
o Hebben we te maken met een romantische/naïeve visie op vrijheid en autonomie van de school en
de leraar?
→ STROMINGEN ALS MANIER VAN KIJKEN:
- Kijken naar relatie tussen onderwijs en samenleving/cultuur
- Richten aandacht, maar leiden ook af
→ enerzijds scherpte en focus, anderzijds creëren we blinde vlekken