Hc 1: Europees recht:
-Supranationaal= Eu als autonome organisatie, boven alle naties De unie kan
lidstaten binden om iets te doen wat ze niet willen (geen veto!) (p.13)
-Intergouvernementeel= soort contract tussen enkele lidstaten zelf alle
lidstaten zijn gelijkwaardig (veto) en er is nooit rechtstreekse werking
-Eu onderscheiden van andere internationale organisaties: eigen
geschillenbeslechting, eigen parlement, lidstaten hebben (meestal) geen veto-
recht, voorrang van het Eu-recht…
-2 manieren voor verdere integratie:
Uitbreiding: toelaten van nieuwe lidstaten vroeger: 6 leden, nu: 27
leden (eerst 28)
Verdieping: intensievere samenwerking van huidige lidstaten
supranationaal niveau
- Door verdagen: Spanningen tussen supranationaal en
intergouvernementeel aspect van de unie wegwerken
- Door Hof van justitie: creëert meer Eu-recht
-Arrest Van Gend en Loos: Het Eu-recht is een autonome rechtsorde, de staten
geven hier een stukje soevereiniteit voor af. Als een bepaling rechtstreekse
werking heeft kunnen particulieren hier rechten en plichten uit halen en zich hier
rechtsreeks op beroepen.
-Rechtstreekse werking= een onderdaan/burger kan zich rechtsreeks op dit
artikel beroepen en zijn rechten voor een rechtbank zelf afdwingen
1. Bepaling is voldoende duidelijk en nauwkeurig (burgers snappen wie
recht heeft op wat)
2. Bepaling is onvoorwaardelijk (geen beleidsruimte voor lidstaten)
3. Geen mogelijk voorbehoud
OG 1:
-Voorwaarden voor kandidaat-lidstaat (p.60-62):
1. Moet de in artikel 2 VEU bedoelde waarden eerbiedigen en zich ertoe
verbinden om deze uit te dragen (art 49 VEU)
2. Moet een Europese staat zijn (art 49 VEU)
3. Kopenhagen-criteria: Moet beschikken over stabiele instellingen die de
democratie, de rechtstaat, de mensenrechten en het respect voor en
bescherming van minderheden garanderen.
1
, 4. Kopenhagen-criteria: Moet beschikken over een goed functionerende
markteconomie en een vermogen om de concurrentiedruk en
marktkrachten binnen de Eu aan te kunnen.
5. Aquis-criteria: Moet in staat zijn om de verplichtingen van het
lidmaatschap op zich te nemen de doelstellingen van een politieke,
economische en monetaire unie goedkeuren
-Procedure om toe te treden tot de Eu (art 49 VEU) (p.62):
1. Kandidaatstelling: verzoek om lid te worden aan de raad Europees en
nationale parlementen worden in kennis gesteld
2. Kandidaatstelling + onderhandelingen: Raad moet commissie raadplegen
3. Kandidaatstelling + onderhandelingen: goedkeuring van Europees
parlement
4. Kandidaatstelling: Raad spreekt zich met eenparigheid van stemmen uit
5. Toetreding: toetredingsakte= Akkoord tussen lidstaten en verzoekende
staten
-associatieakkoord= De Eu kan een overeenkomst sluiten met derde landen of
internationale organisaties. Zo kunnen derde landen zich met de Eu verbinden
om bepaalde doelstellingen te verwezenlijken inhoud hangt af van relatie tot
relatie (alle kandidaat-lidstaten hebben een associatieakkoord maar niet alle
associatieakkoorden zijn kandidaat-lidstaten, kan ook met een niet-Europees
land) (art 216-217 VWEU)
-Van Gend en Loos directe werking:
- Het oogmerk van het EEG was het instellen van een gemeenschappelijke
markt die ook de burgers rechtsreeks betreft
- Preambule is gericht tot het volk (niet enkel tot de lidstaten)
- Er werden organen opgericht die soevereine rechten hebben
- Het zijn de burgers zelf die mee moeten werken aan de gemeenschap
(rechten maar ook plichten voor de burgers)
- Eu is een nieuwe rechtsorde waarbij de lidstaten hun soevereiniteit
begrensd hebben, niet enkel de lidstaten zelf maar ook de burgers krijgen
door de Eu rechten
- Het Eu-recht heeft directe werking en burgers hebben dus rechten die ze
uit eigen hoofde geldig kunnen maken
Hc 2: Europees recht:
-Costa t. ENEL: Italië vindt dat een Italiaanse wet van latere datum primeert op
het vroegere Eu-recht (klopt niet!) nationale rechter kan steeds om toetsing
van nationale wet aan EU-recht verzoeken
-Primair Eu-recht= normen die tot stand komen door toedoen van de lidstaten
zelf (verdragen)
-Secundair Eu-recht= normen die instellingen en organen van unie creëren
(wetgeving + besluiten)
2
,-(Absolute) voorrang Eu-recht: AL het Eu-recht (primair + secundair) heeft
voorrang op AL het nationaal recht (ook GW arrest: Internationale
handelsgesellschaft) (in België: GW vs Eu-recht = smeerkaasarrest, art 34 GW)
-Strijdigheid tussen nationaal en Eu-recht:
Interpretatie conform het Eu-recht: normen worden (/proberen) door
nationale rechter zo uitgelegd en toegepast dat een conflict vermeden kan
worden
Strijdige nationale normen: moeten buiten toepassing gelaten worden
door de nationale rechter (moet geen prejudiciële vraag stellen aan hvj,
mag wel) (Simenthal-arrest!)
-Waarom heeft Eu-recht voorrang?
- Het is een autonome rechtsorde lidstaten hebben een stukje
soevereiniteit afgegeven
- Er moet een eenheid zijn in het Eu-recht binnen de verschillende lidstaten
- Het Eu-recht is onvoorwaardelijk, er kan niet op worden aangevuld
- …
-De instellingen van de Eu (art 13 VEU) (p.353-405):
Het Europees Parlement (art 14 VEU):
- Kenmerken: Direct verkozen, om de vijf jaar verkiezingen + degressief
evenredig met aantal inwoners van de thuisstaat + GEEN
vertegenwoordigers van de thuisstaat
- Taken: wetgever (samen met Raad van Eu) + controle op begroting Eu
+ rol in benoeming van commissie
- Vergaderen: 1/maand in Staatsburg + de rest plenair in Brussel +
parlementaire commissies in Brussel
De Europese Raad (art 15 VEU):
- Kenmerken: vergadering van staatshoofden en regeringsleiders
samenkomst is 2 keer/ half jaar, voorzitter (om het praktisch werkbaar
te maken) (ook ‘top’ genoemd)
- Taken: geeft impulsen voor ontwikkeling van de unie + bepaalt de
algemene politieke beleidslijnen/prioriteiten
De Raad (art 16 VEU):
3
, - Kenmerken: vergadering van ministers van lidstaten, komen samen per
beleidsdomein (verdeeld in 10 formaties), stemmen in principe bij
gekwalificeerde meerderheid= 55%/15 lidstaten voor +
vertegenwoordigen minstens 65% van Eu-bevolking (+ blokkerende
minderheid van minstens vier leden)
- Taken: wetgever (samen met EP), begrotingscontrole + soms
individuele besluiten
- Vergaderingen: standplaats in Brussel, voorbereid door COREPER
(=permanente leden, elke lidstaat heeft er zo een), voorzitter:
roterend voorzitterschap= elke 6 maanden is er een nieuw land de
voorzitter
De Commissie (art 17 VEU):
- Kenmerken: 1 commissaris per lidstaat, onafhankelijk van de lidstaat,
verantwoordelijk tov EP (Ursula von der Leyen)
- Taken: wetgevend initiatief, regelgeving (wet omzetten in
praktijk/specifiëren), Hoedster van de verdragen= controle op naleving
Eu-recht door lidstaten + controle op naleving Eu-mededingingsrecht
door ondernemingen
- Vergaderingen: standplaats in Brussel
Het Hof van Justitie van de Europese Unie (art 19 VEU):
Hof van justitie: 1 rechter/lidstaat + 11 advocaten-generaal
(maken conclusie)
Gerecht: 2 rechters/lidstaat
Na het gerecht kan je in beroep bij hvj
- Kenmerken: voorzitter= Koen Lenaerts
- Taken: uitlegging en toepassing van Eu-recht (rechtsbescherming)
- Vergaderingen: standplaats: Luxemburg
De Europese Centrale Bank (houdt zich bezig met de euro)
De Rekenkamer (houdt zich bezig met budget van de unie)
Samenvattend: Hc 2, dia 30 bekijken
-Dualisme= Internationale rechtsregel moet vorm krijgen van een nationale
rechtsregel en zo opgenomen worden in het nationaal recht (p.565)
-Monisme= Internationale norm maakt automatisch deel uit van nationale
rechtsorde (p.565)
OG 2:
-Costa/ENEL: De lidstaten hebben aan de autonome rechtsorde van de unie, een
deel van hun soevereiniteit afgegeven. Ze kunnen dus niet nationale wetgeving
uitvaardigen die niet overeenstemt met het Eu-recht. Dit wordt ook afgeleid uit
de aard, als elke lidstaat het Eu-recht intern zou kunnen wijzigen, zou het in elke
lidstaat anders gelden en niet veel nut meer hebben. (p.552-554)
4