Hoofdstuk 1: Inleiding:
1. Wat is infectiologie:
- Wetenschap die infecties bij mens bestudeert
- Doel: pathofysiologie, kliniek, behandeling & preventie
infectieziektes
- Onderzoek geïnfecteerde patiënt <-> microbiologie (niet naar pt
kijken!)
2. Onderwerpen cursus
- Klinische benadering van infectieziekten
- Sepsis
- Hiv-infectie en AIDS
- Seksueel overdraagbare aandoeningen
- Relevante systemische infecties
- Preventie infecties : prophylaxie en vaccinaties
- Rationeel antibioticabeleid en antibiotica stewardship
3. Examenvorm: meerkeuze, verdeling:
- 60 vragen :
o 25-30 microbiologie
o 10-15 virologie
o 10-15-infectiologie
o 0-15 gemengd over 3 vakken samen
- Leerstof infectieziekten (principe) = cursus (dia’s en casussen
als interactieve
illustratie) – maar gespecifieerd in de les
Hoofdstuk 2: Klinische
benadering van infectieziekten:
1. Definitie van infectie(ziekte), besmetting, kolonisatie
- Infectieziekte
o =klinisch waarneembare
toestand van schade of
verandering in normale
fysiologie van gastheer
1
,Microbiologie en infecties: deel infectiologie: De Munter
o Gepaard met inflammatoire reactie (oorzaak: besmetting
ziekmakend micro-organisme)
- Besmetting:
o Voor infectie (infectie niet noodzakelijk)
- Kolonisatie/dragerschap:
o Micro-organismen vasthechten & vermenigvuldigen op
gastheer
o Inflammatie/schade niet noodzakelijk
Infectie als micro-organismen in wonde terecht
komen
Beschermen huidige toestand lichaam/flora bv. darm,
huid
Voorkomen overgroei kwaadaardige/ernstige bact
- Virulentie:
o =maat ziekmakend vermogen & agressiviteit micro-
organisme in veroorzaken schade aan gastheer
Afh toxine productie micro-organisme
- Immuunsysteem:
o Bescherming tegen stoffen, toxines, metabolieten, micro-
organismen
- Labo-resultaat tov infectie:
o Bacteria aanwezig op lichaam =/ infectie normaal
Infectie: bact verder koloniseren dan originele regio in
lichaam
Bv. longontsteking: bact keel longen +
accumulatie
Infectie: interactie met micro- Inflammatie: geen micro-
organismen die schade organismen nodig voor
veroorzaken inflammatoire reactie
2. Pathofysiologie van infectie als interactie tussen gastheer en
micro-organisme
- Infectie:
o Pathogeen vermogen micro-organisme (virulentie) >>
afweer gastheer
o Aanwezigheid micro-organismen =/ infectie:
Vaak 1st kolonisatie:
Bv. coagulase-negatieve stafylokok op huid
Bv. meningokok of pneumokok in bovenste
luchtwegen
Kolonisatie vaak nuttig (kolonisatie resistentie in
dram/op huid)
2
,Microbiologie en infecties: deel infectiologie: De Munter
o Klinisch beeld afh:
Ziekmakend
vermogen micro-
organisme +
infectiefocus
Inflammatoire
reactie gastheer
o Interactie tussen micro-
organisme & gastheer:
(andere ziektes <-> infecties: interactie
tussen micro-organisme & gastheer is
NODIG)
- Pathogenese van infecties:
o Benodigdheden infectie:
Micro-organismen virulentiefactoren tot expressie
brengen
Inflammatoire respons van gastheer
o Noodzakelijke voorwaarden infecties:
Adherentie: micro-organismen in stabiele binding aan
lichaamsoppervlak gastheer
Proliferatiecapaciteit micro-organismen:
Profileren aan opp + endotoxines vrijzetten
o Bv. tetanospasmine bij Clostridium tetanie
o Bv. entrerotoxines bij E. coli of Vibrio
cholera
o Gevolgen infectie:
(vooral niet-
infectie andere micro- M-O overschijden antigeenspecifieke)
(voorwaarden organismen worden huid & mucosale afweermechansime onstekingsreactie
gelden) invasief barrière n gastheer
activeren
- Ontstekingsreactie:
o Hoe? Gemedieerd door:
Celwandbestanddelen van micro-organisme: lipo-
polysachariden van Gram-negatieve bact
(=endotoxines)
Teichoinezuur
Lipotechoinezuur van grampositieve bacteriën
Celwandbestanddelen van fungi & parasieten
o Gevolg:
Immuunreactie generen
Aangeboren immuunreactie
Adaptieve immuunreactie
3
, Microbiologie en infecties: deel infectiologie: De Munter
- Afweermechanismen gastheer:
NIET ANTIGEEN ANTIGEEN SPECIFIEK
SPECIFIEK
HUID EN MUCOSA Mechanische barrière Secretoire IgA
Secreties
Motiliteit
Kolonisatie-resistentie
HUMORALE AFWEER Lactoferrine Immuunglobulines
Lysozymen
Complementfactoren
CELLULAIRE AFWEER: Granulocyten /
FAGOCYTEN Monocyten
Macrofagen
CELLULAIRE AFWEER: / T-lymfocyten
LYMFOCYTEN
Belangrijke factoren en grenzen immuunsysteem:
Externe barrières: slijmvlies, huid,
bepaalde secreties aanwezig op huid
Interne barrières: aangeboren
immuunsysteem (voor iedereen
ongeveer hetzelfde) + adaptieve
immuunsysteem (individueel
verschillend)
1ste lijn verdediging vooral
fagocyterende cellen: macrofagen,
WBC, NK cellen, …
2de lijn verdediging: T & B cellen
(adapterend immuunsysteem)
- Locale infectie:
o Zonder invasie bepaalde micro-organismen voldoende vr
klachten
Bv. urethritis door Neisseria gonorrhoeae
- Systemische infecties:
o Zonder invasie absorptie antigenen of exotoxines
Bv. tetanus door tetanospasmine van Clostridium
tetanie
Neurotoxine vrijzetten spasmes veroorzaken
o Met invasie verspreiding via lymfesysteem naar
bloedbaan
Bv. buiktyfus door Salmonella typhi translocatie
over wand
4