Bevorderen van Leerprocessen | Leereenheden 1 2 3 4
BEVORDEREN VAN
LEERPROCESSEN
Samenvatting Leereenheid 1: Componenten in de
onderwijsleeromgeving
Schakel- en voorbereidingsprogramma
Opleidings- en Onderwijswetenschappen
Universiteit Antwerpen | Academiejaar 2025–2026
Op basis van Elen et al. (2020), Biggs (2003) en Biggs (2012)
1
,Bevorderen van Leerprocessen | Leereenheden 1 2 3 4
1. Inleiding op Leereenheid 1
Deze samenvatting behandelt Leereenheid 1 van het opleidingsonderdeel Bevorderen van
Leerprocessen, getiteld Componenten in de onderwijsleeromgeving. De centrale vraag is
hoe een leeromgeving zo kan worden vormgegeven dat ze bijdraagt tot kwaliteitsvol leren.
Drie kaders staan centraal: (1) de bouwstenen van onderwijzen (Elen et al., 2020), (2)
constructive alignment (Biggs, 2003 & 2012) en (3) het 3P-model van leren en onderwijzen
(Biggs, 2003). Elk kader belicht de leeromgeving vanuit een eigen invalshoek maar samen
leveren ze een compleet beeld dat toelaat om concrete onderwijssituaties te analyseren en
te verbeteren.
Opmerking bij de datering: beide kaders van Biggs zijn deels terug te voeren op zijn 2003-
werk. De publicatie uit 2003 behandelt zowel de grondslagen van constructive alignment als
het 3P-model; het artikel uit 2012 is een verdieping die zich specifiek op constructive
alignment richt. In de hoorcolleges wordt constructive alignment als kader 2 en het 3P-model
als kader 3 gepresenteerd, wat de volgorde in deze samenvatting bepaalt.
1.1 Specifieke leerdoelen voor Leereenheid 1
Volgens de studiewijzer (Gijbels & Lochten, 2025) moet je aan het einde van deze
leereenheid in staat zijn om:
• de verschillende componenten uit een model voor de onderwijsleeromgeving toe te
lichten;
• de relaties tussen de componenten uit een model voor de onderwijsleeromgeving toe
te lichten;
• de verschillende modellen met elkaar te vergelijken en gelijkenissen en verschillen
te benoemen;
• een concrete leeromgeving te analyseren vanuit een model voor de
onderwijsleeromgeving en problemen met de componenten of de afstemming tussen
de componenten vast te stellen;
• wetenschappelijk gefundeerde verbetersuggesties te formuleren voor
onderwijsleersituaties op basis van een model voor de onderwijsleeromgeving.
1.2 Structuur van deze samenvatting
Sectie 2 behandelt het kader van Elen et al. (2020) over de bouwstenen van onderwijzen.
Sectie 3 gaat in op constructive alignment (Biggs, 2003 & 2012). Sectie 4 behandelt het 3P-
model (Biggs, 2003). Sectie 5 vergelijkt de drie kaders. Sectie 6 bevat oefenvragen en sectie
7 modelantwoorden.
2
,Bevorderen van Leerprocessen | Leereenheden 1 2 3 4
2. Bouwstenen van onderwijzen (Elen et al., 2020)
Het kader van Elen et al. (2020) biedt een analytisch raamwerk voor het ontwerpen,
uitvoeren en evalueren van onderwijs op het microniveau van de onderwijsleeromgeving.
Het identificeert drie bouwstenen die in onderlinge samenhang ontworpen moeten worden:
de afstemming is van even groot belang als de kwaliteit van elke afzonderlijke bouwsteen.
2.1 Wat is onderwijzen?
Onderwijzen wordt door Elen et al. (2020) gedefinieerd als 'het geheel aan maatregelen en
interventies die in een leeromgeving worden genomen om het leerproces van lerenden
doelgericht te ondersteunen'. Vier elementen verdienen aandacht.
Ten eerste is onderwijzen niet noodzakelijk gebonden aan personen. Het is een functie die
opgenomen kan worden door combinaties van personen (leraren, medeleerlingen),
instanties (uitgeverijen) of materiële hulpmiddelen (handboek, video, tablet). Ook digitale
leeromgevingen (Smartschool, Canvas, Moodle) en MOOCs vervullen onderwijsfuncties.
Ten tweede situeert onderwijs zich op drie niveaus: het macroniveau (overheidsbeleid,
eindtermen, decreten), het mesoniveau (school- of instellingsniveau, vakwerkgroepen,
leerplannen) en het microniveau (de concrete interactie tussen onderwijsgevende en
lerende). Dit laatste niveau staat centraal in het kader van Elen et al.
Ten derde is onderwijzen doelgericht, al komt naast intentioneel leren ook incidenteel leren
voor (zonder expliciete leerintentie, het 'unintended curriculum' van Eisner, 1979).
Ten vierde is een leeromgeving altijd gesitueerd in een specifieke context. Een
leeromgeving wordt een onderwijsleeromgeving wanneer gerichte inspanningen worden
geleverd om de kans op het bereiken van de leerdoelen te vergroten. De beginsituatie
(materiële infrastructuur, organisatie, pedagogische visie, kenmerken van lerenden en
leerkrachten) bepaalt mee de mogelijkheden.
2.2 Visueel kader: de drie bouwstenen
Het kader onderscheidt op microniveau drie centrale bouwstenen die in onderlinge
samenhang moeten worden ontworpen:
3
, Bevorderen van Leerprocessen | Leereenheden 1 2 3 4
Figuur 1: Kader 1 – Bouwstenen van onderwijzen (Elen et al., 2020). Bron: contactmoment 1, 18/02/2026.
Overzicht: drie bouwstenen van onderwijzen
De drie bouwstenen zijn:
• Bouwsteen 1 – Doelen en evaluatie: Wat wil men bereiken en hoe stelt men vast
of dat bereikt is?
• Bouwsteen 2 – Leertaken en leerinhouden: Wat wordt aangeboden, in welke
volgorde, met welke leeractiviteiten?
• Bouwsteen 3 – Werkvormen en media: Hoe worden leertaken aangeboden en
met welke middelen?
De pijlen in het schema verbeelden de wederzijdse beïnvloeding: leeractiviteiten (door
lerenden uitgevoerd) leiden naar de doelen, terwijl het onderwijs (medium, werkvormen,
leerinhouden, leertaken) die leeractiviteiten uitlokt en ondersteunt.
2.3 Bouwsteen 1: Doelen en evaluatie
2.3.1 Soorten doelen
Doelen bepalen welke leeractiviteiten functioneel zijn en geven richting aan het onderwijs.
Elen et al. (2020) onderscheiden verschillende soorten doelen.
Soort doel Omschrijving
Onderwijsdoelen vs. Onderwijsdoelen: wat het onderwijs nastreeft (bv. Frans
leerdoelen niveau A2). Leerdoelen: wat de lerende zelf nastreeft (bv.
voldoende Frans om met Brusselse vrienden te
converseren).
Algemene vs. operationele Algemene doelen laten veel ruimte; operationele doelen
doelen preciseren domeinspecifieke kenniselementen,
vaardigheden of competenties.
4
BEVORDEREN VAN
LEERPROCESSEN
Samenvatting Leereenheid 1: Componenten in de
onderwijsleeromgeving
Schakel- en voorbereidingsprogramma
Opleidings- en Onderwijswetenschappen
Universiteit Antwerpen | Academiejaar 2025–2026
Op basis van Elen et al. (2020), Biggs (2003) en Biggs (2012)
1
,Bevorderen van Leerprocessen | Leereenheden 1 2 3 4
1. Inleiding op Leereenheid 1
Deze samenvatting behandelt Leereenheid 1 van het opleidingsonderdeel Bevorderen van
Leerprocessen, getiteld Componenten in de onderwijsleeromgeving. De centrale vraag is
hoe een leeromgeving zo kan worden vormgegeven dat ze bijdraagt tot kwaliteitsvol leren.
Drie kaders staan centraal: (1) de bouwstenen van onderwijzen (Elen et al., 2020), (2)
constructive alignment (Biggs, 2003 & 2012) en (3) het 3P-model van leren en onderwijzen
(Biggs, 2003). Elk kader belicht de leeromgeving vanuit een eigen invalshoek maar samen
leveren ze een compleet beeld dat toelaat om concrete onderwijssituaties te analyseren en
te verbeteren.
Opmerking bij de datering: beide kaders van Biggs zijn deels terug te voeren op zijn 2003-
werk. De publicatie uit 2003 behandelt zowel de grondslagen van constructive alignment als
het 3P-model; het artikel uit 2012 is een verdieping die zich specifiek op constructive
alignment richt. In de hoorcolleges wordt constructive alignment als kader 2 en het 3P-model
als kader 3 gepresenteerd, wat de volgorde in deze samenvatting bepaalt.
1.1 Specifieke leerdoelen voor Leereenheid 1
Volgens de studiewijzer (Gijbels & Lochten, 2025) moet je aan het einde van deze
leereenheid in staat zijn om:
• de verschillende componenten uit een model voor de onderwijsleeromgeving toe te
lichten;
• de relaties tussen de componenten uit een model voor de onderwijsleeromgeving toe
te lichten;
• de verschillende modellen met elkaar te vergelijken en gelijkenissen en verschillen
te benoemen;
• een concrete leeromgeving te analyseren vanuit een model voor de
onderwijsleeromgeving en problemen met de componenten of de afstemming tussen
de componenten vast te stellen;
• wetenschappelijk gefundeerde verbetersuggesties te formuleren voor
onderwijsleersituaties op basis van een model voor de onderwijsleeromgeving.
1.2 Structuur van deze samenvatting
Sectie 2 behandelt het kader van Elen et al. (2020) over de bouwstenen van onderwijzen.
Sectie 3 gaat in op constructive alignment (Biggs, 2003 & 2012). Sectie 4 behandelt het 3P-
model (Biggs, 2003). Sectie 5 vergelijkt de drie kaders. Sectie 6 bevat oefenvragen en sectie
7 modelantwoorden.
2
,Bevorderen van Leerprocessen | Leereenheden 1 2 3 4
2. Bouwstenen van onderwijzen (Elen et al., 2020)
Het kader van Elen et al. (2020) biedt een analytisch raamwerk voor het ontwerpen,
uitvoeren en evalueren van onderwijs op het microniveau van de onderwijsleeromgeving.
Het identificeert drie bouwstenen die in onderlinge samenhang ontworpen moeten worden:
de afstemming is van even groot belang als de kwaliteit van elke afzonderlijke bouwsteen.
2.1 Wat is onderwijzen?
Onderwijzen wordt door Elen et al. (2020) gedefinieerd als 'het geheel aan maatregelen en
interventies die in een leeromgeving worden genomen om het leerproces van lerenden
doelgericht te ondersteunen'. Vier elementen verdienen aandacht.
Ten eerste is onderwijzen niet noodzakelijk gebonden aan personen. Het is een functie die
opgenomen kan worden door combinaties van personen (leraren, medeleerlingen),
instanties (uitgeverijen) of materiële hulpmiddelen (handboek, video, tablet). Ook digitale
leeromgevingen (Smartschool, Canvas, Moodle) en MOOCs vervullen onderwijsfuncties.
Ten tweede situeert onderwijs zich op drie niveaus: het macroniveau (overheidsbeleid,
eindtermen, decreten), het mesoniveau (school- of instellingsniveau, vakwerkgroepen,
leerplannen) en het microniveau (de concrete interactie tussen onderwijsgevende en
lerende). Dit laatste niveau staat centraal in het kader van Elen et al.
Ten derde is onderwijzen doelgericht, al komt naast intentioneel leren ook incidenteel leren
voor (zonder expliciete leerintentie, het 'unintended curriculum' van Eisner, 1979).
Ten vierde is een leeromgeving altijd gesitueerd in een specifieke context. Een
leeromgeving wordt een onderwijsleeromgeving wanneer gerichte inspanningen worden
geleverd om de kans op het bereiken van de leerdoelen te vergroten. De beginsituatie
(materiële infrastructuur, organisatie, pedagogische visie, kenmerken van lerenden en
leerkrachten) bepaalt mee de mogelijkheden.
2.2 Visueel kader: de drie bouwstenen
Het kader onderscheidt op microniveau drie centrale bouwstenen die in onderlinge
samenhang moeten worden ontworpen:
3
, Bevorderen van Leerprocessen | Leereenheden 1 2 3 4
Figuur 1: Kader 1 – Bouwstenen van onderwijzen (Elen et al., 2020). Bron: contactmoment 1, 18/02/2026.
Overzicht: drie bouwstenen van onderwijzen
De drie bouwstenen zijn:
• Bouwsteen 1 – Doelen en evaluatie: Wat wil men bereiken en hoe stelt men vast
of dat bereikt is?
• Bouwsteen 2 – Leertaken en leerinhouden: Wat wordt aangeboden, in welke
volgorde, met welke leeractiviteiten?
• Bouwsteen 3 – Werkvormen en media: Hoe worden leertaken aangeboden en
met welke middelen?
De pijlen in het schema verbeelden de wederzijdse beïnvloeding: leeractiviteiten (door
lerenden uitgevoerd) leiden naar de doelen, terwijl het onderwijs (medium, werkvormen,
leerinhouden, leertaken) die leeractiviteiten uitlokt en ondersteunt.
2.3 Bouwsteen 1: Doelen en evaluatie
2.3.1 Soorten doelen
Doelen bepalen welke leeractiviteiten functioneel zijn en geven richting aan het onderwijs.
Elen et al. (2020) onderscheiden verschillende soorten doelen.
Soort doel Omschrijving
Onderwijsdoelen vs. Onderwijsdoelen: wat het onderwijs nastreeft (bv. Frans
leerdoelen niveau A2). Leerdoelen: wat de lerende zelf nastreeft (bv.
voldoende Frans om met Brusselse vrienden te
converseren).
Algemene vs. operationele Algemene doelen laten veel ruimte; operationele doelen
doelen preciseren domeinspecifieke kenniselementen,
vaardigheden of competenties.
4