DE VERDRUKKING
DE REGERING DI RUPO
NVA wordt hier aan de kant gezet
Zijn regering bestaat uitsluitend de traditionele partij families
2010
2011
2010–2011: wereldrecord regeringsvorming en de 6de staatshervorming
,De periode 2010–2011 wordt in de Belgische politieke geschiedenis gekenmerkt door
een uitzonderlijk lange regeringsvorming en de voorbereiding van de zesde
staatshervorming. Centraal stond de vraag: een regering met of zonder N-VA?
Verkiezingen van 2010
Bij de federale verkiezingen van 2010 kwam de N-VA als duidelijke winnaar uit de
Vlaamse kieskring. Aan Franstalige kant werd de Elio Di Rupo de belangrijkste politieke
figuur, mede dankzij het verlies van CD&V en de verzwakking van Yves Leterme.
In deze fase stonden Elio Di Rupo en Bart De Wever nog niet lijnrecht tegenover elkaar. Er
bestond aanvankelijk ruimte voor onderhandelingen en een mogelijk akkoord tussen
beide partijen.
De rol van N-VA en het confederalisme
De N-VA trok naar de verkiezingen met het idee van confederalisme. Dit concept werd
bewust vaag gehouden en had een dubbele functie:
• het klonk minder radicaal dan onafhankelijkheid
• het moest de partij electoraal breed verkoopbaar maken
Binnen de partij werd België vaak voorgesteld als een “bruistablet” dat langzaam oplost:
een staat die geleidelijk bevoegdheden zou afstaan aan de deelstaten.
Hoewel confederalisme werd gepresenteerd als een gematigd alternatief, bestond er
intern nog geen volledig uitgewerkt model. Dit gebrek aan uitgewerkte standpunten
maakte het moeilijk om concrete compromissen te sluiten tijdens de onderhandelingen.
Daarnaast bestond er bij de N-VA een sterke terughoudendheid tegenover klassieke
compromissen, mede door de ervaring met eerdere staatshervormingen, zoals het
Egmontpact, waarbij men vreesde dat Vlaamse toegevingen onvoldoende
gecompenseerd zouden worden.
De formatiecrisis
De formatiegesprekken sleepten uitzonderlijk lang aan, van de zomer van 2010 tot
december 2011. Er werd geprobeerd een coalitie te vormen rond een brede
meerderheid, maar het belangrijkste knelpunt bleef de staatshervorming en het dossier
Brussel-Halle-Vilvoorde (BHV).
Ondertussen groeide de politieke blokkering. Geen enkele partij wilde verantwoordelijk
worden gehouden voor het mislukken van de onderhandelingen. Vooral Vlaamse partijen
probeerden de N-VA binnen het overleg te houden, waardoor een soort wederzijdse
politieke gijzeling ontstond zonder vooruitgang.
, Deze impasse leidde tot een gevoel van institutionele crisis, waarbij steeds meer werd
gevreesd dat België zijn bestuurbaarheid verloor.
Een ongeziene regeringsvorming
De regeringsvorming van 2010–2011 groeide uit tot de langste in de Belgische
geschiedenis. De situatie werd pas doorbroken toen duidelijk werd dat een akkoord met
N-VA niet haalbaar was.
Uiteindelijk werd besloten om verder te onderhandelen zonder N-VA. De CD&V liet haar
samenwerking met N-VA los, waardoor een nieuwe coalitie mogelijk werd.
Doorbraak met Di Rupo
In de loop van 2011 nam Elio Di Rupo een centrale rol op in de formatie. Hij was bereid
een verregaande staatshervorming te onderhandelen in ruil voor de vorming van een
stabiele federale regering.
Deze onderhandelingen leidden uiteindelijk tot een akkoord over de zesde
staatshervorming, die aanzienlijk verder ging dan eerdere hervormingen uit de periode-
Verhofstadt.
Een noodzakelijke voorwaarde voor het akkoord was het oplossen van het dossier BHV,
dat opnieuw centraal stond in de onderhandelingen.
2010