OBSERVEREN EN RAPPORTEREN
HOOFDSTUK 0. KRITISCH DENKEN
Kritisch = in staat zijn om te onderscheiden
Kritisch denken = het vermogen om zelfstandig te komen tot
weloverwogen en beargumenteerde afwegingen, oordelen en
beslissingen.
→ denkvaardigheden noodzakelijk
→ Kritisch denken betekent dat je informatie niet zonder meer accepteert.
Kritisch denken: betekent dat je redeneert en reflecteert voordat je een
standpunt inneemt of een besluit neemt hoe te handelen en dat je kunt
verklaren waarop dat standpunt/besluit is gebaseerd
Wat betekent het meestal? Onderscheiden, actief, waarnemen, verstandig
oordelen, nt zomaar aanvaarden wat er w gezegd, argumenteren, onderzoeken,
vragen stellen, …
Kritisch denken = interpreteren, analyseren, evalueren, concluderen,
uitleggen/beargumenteren, houding
Ieder v ons kijkt met eigen gekleurde bril nr wereld ù-
Waar kan kritisch denken toe bijdragen?
Een bewustwording v waarden die we nastreven & die ons gedrag sturen
Persoonsvorming: wie ben ik/ wie wil ik worden
Burgerschapsvorming: welke rol heb ik in de maatschappij? Wat is mijn
sociale identiteit? Wat wil ik betekenen voor anderen?
1
, Het is helpend bij het analyseren v problemen, bij het helder formuleren v
complexe zaken
Leren door (sociale) ervaringen
Bevordering van sociale interactie en communicatie; we praten met elkaar
over gedachten, gevoelens en ervaringen. Ook de taalvaardigheden
worden geoefend
Vergroting van het inlevingsvermogen; Men wordt zich bewust van hoe
een ander kan denken en wat er in een ander omgaat. Hierdoor kunnen
we beter rekening houden met anderen
Een hoger niveau van denken en (moreel) redeneren. We stellen ons de
vraag: is het wel logisch wat je zegt; klopt het wel? We leren kritische en
logisch na te denken
Tijdens je studie en in je beroep zal je wellicht onderzoek moeten
uitvoeren. Je zal in staat moeten zijn conclusies van onderzoek kritisch te
beoordelen
DE RODE DRAAD
HOOFDSTUK 1: OBSERVEREN: HET MENSELIJK PERSPECTIEF
1.1EEN ‘BEELD’ VAN EEN MENS
Mensen kijken nr andere mensen & vormen een mening
1.2BEELDVORMING
We vormen een beeld/perceptie over een persoon en hebben een
‘mening’
Soms kan een ‘eerste indruk’ blijven hangen & mening beïnvloeden
Ons referentiekader speelt ook een grote rol in het vormen van een
beeld van een persoon!
Gevoelens en ‘wat we graag zien/eigen verwachtingen’ bepalen mee wat
we zien!
Het beeld dat we vormen over anderen zal invloed hebben op onze
analyse van de situatie. Belangrijk voor de hulpverlener is fouten tot een
minimum te herleiden door objectief te gaan observeren.
2
, Waarnemen = het ontvangen v signalen uit de omgeving → met zintuigen
Je filtert prikkels/signalen uit omgeving met zintuigen
We selecteren allen op andere manier prikkels
Vele prikkels dringen nt tot ons door → °selectie
Niemand kan ons garanderen dat we hetzelfde waarnemen
We zien wat we verwachten te zien
Gevoelens zijn sterk bepalend
Wat we graag zien, zien we vlugger
→ BESLUIT: waarnemen = complex gegeven + w bepaald door allerlei
mechanismen
1.1REFERENTIEKADER VAN DE BEELDVORMING
Wat waarneemt, w geïnterpreteerd, w in referentiekader geplaatst
→ referentiekader w cultureel & sociaal gekleurd, want achtergrond neem zelf
mee
Referentiekader w gevormd door:
De culturele laag (cultuur waarin je leeft):
Gezamenlijke waarden & normen
Duidelijke normatieve gedragsregels
Gedeeld begrip
→ elke tijd & elke plaats kent eigen gedachtegoed, eigen kijk op wereld, …
De laag van de sociale groep:
= sociale groep waar je bij hoort, bepaalt mede beeld v mensen
Verschillende sociale netwerken
Elke subcultuur brengt eigen beeld v de mens mee
De individuele laag:
Eigen persoonlijkheid
3
HOOFDSTUK 0. KRITISCH DENKEN
Kritisch = in staat zijn om te onderscheiden
Kritisch denken = het vermogen om zelfstandig te komen tot
weloverwogen en beargumenteerde afwegingen, oordelen en
beslissingen.
→ denkvaardigheden noodzakelijk
→ Kritisch denken betekent dat je informatie niet zonder meer accepteert.
Kritisch denken: betekent dat je redeneert en reflecteert voordat je een
standpunt inneemt of een besluit neemt hoe te handelen en dat je kunt
verklaren waarop dat standpunt/besluit is gebaseerd
Wat betekent het meestal? Onderscheiden, actief, waarnemen, verstandig
oordelen, nt zomaar aanvaarden wat er w gezegd, argumenteren, onderzoeken,
vragen stellen, …
Kritisch denken = interpreteren, analyseren, evalueren, concluderen,
uitleggen/beargumenteren, houding
Ieder v ons kijkt met eigen gekleurde bril nr wereld ù-
Waar kan kritisch denken toe bijdragen?
Een bewustwording v waarden die we nastreven & die ons gedrag sturen
Persoonsvorming: wie ben ik/ wie wil ik worden
Burgerschapsvorming: welke rol heb ik in de maatschappij? Wat is mijn
sociale identiteit? Wat wil ik betekenen voor anderen?
1
, Het is helpend bij het analyseren v problemen, bij het helder formuleren v
complexe zaken
Leren door (sociale) ervaringen
Bevordering van sociale interactie en communicatie; we praten met elkaar
over gedachten, gevoelens en ervaringen. Ook de taalvaardigheden
worden geoefend
Vergroting van het inlevingsvermogen; Men wordt zich bewust van hoe
een ander kan denken en wat er in een ander omgaat. Hierdoor kunnen
we beter rekening houden met anderen
Een hoger niveau van denken en (moreel) redeneren. We stellen ons de
vraag: is het wel logisch wat je zegt; klopt het wel? We leren kritische en
logisch na te denken
Tijdens je studie en in je beroep zal je wellicht onderzoek moeten
uitvoeren. Je zal in staat moeten zijn conclusies van onderzoek kritisch te
beoordelen
DE RODE DRAAD
HOOFDSTUK 1: OBSERVEREN: HET MENSELIJK PERSPECTIEF
1.1EEN ‘BEELD’ VAN EEN MENS
Mensen kijken nr andere mensen & vormen een mening
1.2BEELDVORMING
We vormen een beeld/perceptie over een persoon en hebben een
‘mening’
Soms kan een ‘eerste indruk’ blijven hangen & mening beïnvloeden
Ons referentiekader speelt ook een grote rol in het vormen van een
beeld van een persoon!
Gevoelens en ‘wat we graag zien/eigen verwachtingen’ bepalen mee wat
we zien!
Het beeld dat we vormen over anderen zal invloed hebben op onze
analyse van de situatie. Belangrijk voor de hulpverlener is fouten tot een
minimum te herleiden door objectief te gaan observeren.
2
, Waarnemen = het ontvangen v signalen uit de omgeving → met zintuigen
Je filtert prikkels/signalen uit omgeving met zintuigen
We selecteren allen op andere manier prikkels
Vele prikkels dringen nt tot ons door → °selectie
Niemand kan ons garanderen dat we hetzelfde waarnemen
We zien wat we verwachten te zien
Gevoelens zijn sterk bepalend
Wat we graag zien, zien we vlugger
→ BESLUIT: waarnemen = complex gegeven + w bepaald door allerlei
mechanismen
1.1REFERENTIEKADER VAN DE BEELDVORMING
Wat waarneemt, w geïnterpreteerd, w in referentiekader geplaatst
→ referentiekader w cultureel & sociaal gekleurd, want achtergrond neem zelf
mee
Referentiekader w gevormd door:
De culturele laag (cultuur waarin je leeft):
Gezamenlijke waarden & normen
Duidelijke normatieve gedragsregels
Gedeeld begrip
→ elke tijd & elke plaats kent eigen gedachtegoed, eigen kijk op wereld, …
De laag van de sociale groep:
= sociale groep waar je bij hoort, bepaalt mede beeld v mensen
Verschillende sociale netwerken
Elke subcultuur brengt eigen beeld v de mens mee
De individuele laag:
Eigen persoonlijkheid
3