Leerstoornissen
Inhoud
• Informatief- theoretisch gedeelte: colleges & zelfstudie
• Praktijkvoorbeelden
- Van diagnostiek naar behandeling
- Van lees-, spelling- en rekenproblemen
Examen
• Mondeling open boek over het theoretisch gedeelte (16/20)
• 2vragen op mondeling, 45min tijd om deze in te vullen & 15min tijd om uit te leggen
• Paper over het praktijkgedeelte (4/20)
Thema’s
• Dyslexie: ernstige en hardnekkige lees- en spellingproblemen
• Actuele discussie over de definitie van dyslexie (classificatie)
• Actuele verklaringsmodellen van dyslexie
• Comorbiditeit dyslexie en ADHD
• Nieuwe leestheorieën en hun impact op behandeling
• Vroegtijdige onderkenning en preventie van dyslexie
• Rekenproblemen
• Actuele discussie over de definitie van dyscalculie
• Actuele verklaringsmodellen van dyscalculie
• Vroegtijdige onderkenning en preventie van dyscalculie
• Leerstoornissen en neurodiversiteit
Thema 1: Definitie en classificatie van dyslexie
Dyslexie: discrepantiedefinities
• Dyscalculie is een klinisch fenomeen dat niet evident is (‘hidden handicap); het is iets
dat verborgen blijft voor de buitenwereld
• Wat is er aan de hand bij mensen die op veel verschillende leervlakken het behoorllijk
goed doen (zoals wiskunde) maar op technisch lezen enorm slecht scoren?
• Bv persoon met IQ van 140 die handelsingenieur studeert, maar leest op niveau van
het 3e leerjaar
- Dit is de klinische ervaring die aan de basis ligt van de ontdekking van het
fenomeen dyslexie
- Dyscalculie is bijna gekomen naaar analogie van dyscalculie
- Vaak bij wiskunde vindt men het ‘normaal’ om hierin slecht te zijn; vandaar pas
veel later de gedachte dat als er zoiets bestaat als de stoornis bij het lezen, is dit
dan ook het geval bij rekenen?
• Discrepantiedefinitie DSM-IV (1994): Het leesniveau ligt, gemeten met een
individueel afgenomen gestandaardiseerde test voor leesvaardigheid of begrip,
aanzienlijk onder het te verwachten niveau dat hoort bij de leeftijd, de gemeten
intelligentie en de bij de leeftijd passende opleiding van de betrokkenen
, - Deze definitie rond intelligentie heeft enorm lang dyslexie gediagnosticeerd: er
was een aanzienlijk groot verschil tussen de intelligentie en de leesvaardigheid
- De stoornis interfereert in significante mate met de schoolresultaten of de
dagelijkse bezigheden waarvoor leesvaardigheid vereist is
- Indien een zintuiglijk defect aanwezig is, zijn de leesproblemen ernstiger dan die
die hier gewoonlijk bij horen
Dyslexie: discrepantiedefinities: Kritiek
• Cruciale rol van intelligentie in de definitie
• Er kwam steeds meer het idee dat inteliigentie niet zo een goede voorspeller is voor
leesvaardigheid
• Discrepantieidee = Potentiële schoolsucces gemeten met IQ is hoger dan wat eruit
komt
• Nieuw idee: Dyslexie is onafhankelijk van intelligentie, er was zelfs sterke aanname
dat dyslecten intelligenter waren dan andere mensen
- Je moest veel meer IQ hebben dan je schoolse vaardigheid lezen, om van dysexie
te spreken aldus spreek je sws van mensen die een hogere intelligentie hebben
- Bv; het is lastig om met zwak IQ nog lager te gaan presteren op lezen dan
overeenkomstig met je IQ-niveau, dan zou je lezen heel extreem slecht zijn
• “there exists no strong evidence that poor readers of high and low intelligence display
marked differences in the fundamental cognitive and neurological processes that are
the source of their reading difficulties” (Stanovich, 1996)
• “students with higher IQ and poor reading achievement (IQ-discrepant) and students
with both lower IQ and poor reading achievement… [show] …negligible to small
differences on several measures of reading and phonological processing” (Fletcher, et
al., 2013)
- Als we kijken naar discrepante en niet-discrepante lezers, zien we in hun
achterliggende cognitie en vaardigheden geen verschil!
- Het discrepant lezen maakt in de onderliggende cognitieve processen die de
grondslag vormen voor lezen, geen verschil
Dyslexie en discrepantie (Stanovich, 1996; Fletcher, et al., 2013)
• Foute vooronderstelling
• Bij kinderen met leesproblemen en laag IQ (dus niet-discrepant): laag IQ is oorzaak
van de leesproblemen – ‘expected underachievement’
• Bij kinderen met leesproblemen en een goed IQ: er moet een specifieke oorzaak van
de leesproblemen zijn – ‘unexpected underachievement’
- Er gebeurt iets wat we niet verwacht hadden
- We maken hier een rare switch, hoe kan je leesproblemen die zich in gedrag op
eenzelfde manier manifesteren bij de ene groep verklaren door IQ en bij de
andere groep niet?
• Fenotypische beschrijving van dyslexie
- woordherkenning als centraal probleem
- problemen met fonologische verwerking als onderliggend cognitief proces liggen
aan de basis van dyslexie (manier waarop we met taalklanken kunnen omgaan,
deze kunnen manipuleren als meta-cognitieve vaardigheid)
,Dyslexie en discrepantie (Stanovich, 1996; Fletcher, et al., 2013)
• Er is een band tussen etiologie en fonologie maar niet tussen etiologie en IQ-lees-
discrepantie
- Erfelijkheidsonderzoek
o Kinderen lijken meer op hun ouders voor fonologische verwerking dan op
vlak van intelligentie
o IQ-ouderkindcorrelatie < fonologie-ouderkindcorrelatie
- neuro-anatomisch onderzoek
o zones in hersenen die minder ontwikkeld zijn, wittestofbanen die bij
dyslecten minder gemyeliniseert is dan bij niet-dyslecten (verbinding
tussen visuele woordvormzone en de articulatiezone: arcuate fasciculus)
o we weten ook dat deze zones (Broca, Wernicke) veel meer link hebben
met fonologie ontwikkeling dan met IQ
- fMRI onderzoek
o bij het uitvoeren van fonologische taken zien we andere verschillen
optreden dan wanneer we intelligentieaspecten zouden opnemen
• Er is geen verband tussen IQ en IQ-lees-discrepantie enerzijds en de fenotypische
kenmerken van dyslexie anderzijds
- DUS dyslexie heeft niks met intelligentie te maken!
• IQ-discrepante zwakke lezers en andere zwakke lezers hebben dezelfde prognose
voor hun leesontwikkeling
- IQ speelt eigenlijk voornamelijk een compenserende rol; van IQ gebruikmaken om
het probleem waarmee iemand zit te omzeilen
• IQ bepaalt minder dan 1% van de unieke variantie in interventieresultaten bij zwakke
lezers
- Correlatie tussen IQ en leesvaardigheid rond 1e leerjaar nog vrij sterke correlaties
van 0.50, maar zelfs hierbij werd maar 25% verklaart
- In 6e leerjaar was deze correlatie slechts maar 0.15: nog niet eens 5% vd
verschillen die we zien bij kinderen met hun leesvaardigheid verklaart kan worden
door feit dat kinderen ook een andere intelligentie hebben
- Studiesucces wordt ook door veel andere factoren bepaald buiten intelligentie
zoals discipline, studiemotivatie,.. dus de betere intelligenten profiteren niet
persee meer van een interventie!
Dyslexie: alternatieve definities
• Cognitieve discrepantiemodellen
- patroon van cognitieve sterktes en zwaktes
- je moet niet kijken naar een discrepantie met IQ, maar bijvoorbeeld wel de
verschillende schoolse vaardigheden tegenover elkaar afzetten
- iemand die goed is in rekenen en zwak in lezen, wijst op het fenomeen, of bv
goed in begrijpend luisteren en slecht in technisch lezen
- kijken naar profielen van sterktes en zwaktes en de onderliggende congitieve
vaardigheden daarvan
- niet zo populair geweest!
• Verklarende definities
- specificiteit van de stoornis wordt gezocht in de onderliggende cognitieve oorzaak
van dyslexie
, - ‘unxpected underachievement’ : fonologische definitie van dyslexie
• Beschrijvende definities
- low achievement model
o meest gekende maar minst geaccepteerde definitie: dyslexie is ‘gewoon
zwak lezen’.
o Één vd belangrijkste argumenten hiervoor is dat je het lezen bij zowel
dyslecten als niet-dyslecten op eenzelfde manier moet ondersteunen.
o De behandeling van leergestoorden is hetzelfde als die van kinderen met
secundaire leerproblemen
- Response to Instruction/Intervention (RTI) model
o We gaan wel naar de zwakke lezers kijken, maar dit moet persistent en
resistent zijn
o Zelfs bij verschillende behandelingen blijven de leesproblemen bestaan
- hybride benadering
o Fletcher heeft hybridebenadering; verschillende modellen met elkaar in
overeenstemming proberen brengen
o Hedendaagse benadering is sws een beschrijvende benadering; dit is
mede omdat nog niet alle oorzaken gekend zijn van dyslexie
Dyslexie: verklarende definities
• Braams (1996)
• “Dyslexie is een specifiek probleem met de fonologische verwerking van taal door de
hersenen, dat doorgaans leidt tot lees- en spellingproblemen en vaak ook tot meer of
minder duidelijke problemen bij andere taken waarbij taal een rol speelt”
- In causale definitie zoals deze is het cognitieve factor (fonologische verwerking)
die dyslexie uitmaakt
- De lees- en spellingsproblemen zijn gevolg van dyslexie (aldus van cognitieve
factor), maar deze moeten er niet persee zijn!
- Doorgaans heeft spelen een cruciale rol in het leren lezen en spelen
- 1vd voordelen van een dergelijke benadering is dat je dyslexie kunt vaststellen
vooraleer iemand leest
- In Engeland: test om fonologische ontwikkeling in beeld te brengen
o Iemand die echt uitvalt voor fonologische ontwikkeling wrd in Engeland
dyslectisch genoemd, je had hierdoor dan dyslectische kleuters die nog
nooit hadden leren lezen
o In beschrijvende definitie exact omgekeerde hiervan: het zijn de lees- en
spellingsproblemen die de kern zijn van wat dyslexie is
Dyslexie: verklarende definities
• Protocol Dyslexie Diagnostiek en Behandeling 2.0
• (Nederlands Referentiecentrum Dyslexie - 2013)
• “Dyslexie is een specifieke lees- en spellingstoornis met een neurobiologische basis,
die wordt veroorzaakt door cognitieve verwerkingsstoornissen op het raakvlak van
fonologische en orthografische taalverwerking. Deze specifieke
taalverwerkingsproblemen wijken proportioneel af van het overige cognitieve, en
m.n. taalverwerkingsprofiel en leiden tot een ernstig probleem met het lezen en
spellen van woorden ondanks regelmatig onderwijs. Dit specifieke lees- en
Inhoud
• Informatief- theoretisch gedeelte: colleges & zelfstudie
• Praktijkvoorbeelden
- Van diagnostiek naar behandeling
- Van lees-, spelling- en rekenproblemen
Examen
• Mondeling open boek over het theoretisch gedeelte (16/20)
• 2vragen op mondeling, 45min tijd om deze in te vullen & 15min tijd om uit te leggen
• Paper over het praktijkgedeelte (4/20)
Thema’s
• Dyslexie: ernstige en hardnekkige lees- en spellingproblemen
• Actuele discussie over de definitie van dyslexie (classificatie)
• Actuele verklaringsmodellen van dyslexie
• Comorbiditeit dyslexie en ADHD
• Nieuwe leestheorieën en hun impact op behandeling
• Vroegtijdige onderkenning en preventie van dyslexie
• Rekenproblemen
• Actuele discussie over de definitie van dyscalculie
• Actuele verklaringsmodellen van dyscalculie
• Vroegtijdige onderkenning en preventie van dyscalculie
• Leerstoornissen en neurodiversiteit
Thema 1: Definitie en classificatie van dyslexie
Dyslexie: discrepantiedefinities
• Dyscalculie is een klinisch fenomeen dat niet evident is (‘hidden handicap); het is iets
dat verborgen blijft voor de buitenwereld
• Wat is er aan de hand bij mensen die op veel verschillende leervlakken het behoorllijk
goed doen (zoals wiskunde) maar op technisch lezen enorm slecht scoren?
• Bv persoon met IQ van 140 die handelsingenieur studeert, maar leest op niveau van
het 3e leerjaar
- Dit is de klinische ervaring die aan de basis ligt van de ontdekking van het
fenomeen dyslexie
- Dyscalculie is bijna gekomen naaar analogie van dyscalculie
- Vaak bij wiskunde vindt men het ‘normaal’ om hierin slecht te zijn; vandaar pas
veel later de gedachte dat als er zoiets bestaat als de stoornis bij het lezen, is dit
dan ook het geval bij rekenen?
• Discrepantiedefinitie DSM-IV (1994): Het leesniveau ligt, gemeten met een
individueel afgenomen gestandaardiseerde test voor leesvaardigheid of begrip,
aanzienlijk onder het te verwachten niveau dat hoort bij de leeftijd, de gemeten
intelligentie en de bij de leeftijd passende opleiding van de betrokkenen
, - Deze definitie rond intelligentie heeft enorm lang dyslexie gediagnosticeerd: er
was een aanzienlijk groot verschil tussen de intelligentie en de leesvaardigheid
- De stoornis interfereert in significante mate met de schoolresultaten of de
dagelijkse bezigheden waarvoor leesvaardigheid vereist is
- Indien een zintuiglijk defect aanwezig is, zijn de leesproblemen ernstiger dan die
die hier gewoonlijk bij horen
Dyslexie: discrepantiedefinities: Kritiek
• Cruciale rol van intelligentie in de definitie
• Er kwam steeds meer het idee dat inteliigentie niet zo een goede voorspeller is voor
leesvaardigheid
• Discrepantieidee = Potentiële schoolsucces gemeten met IQ is hoger dan wat eruit
komt
• Nieuw idee: Dyslexie is onafhankelijk van intelligentie, er was zelfs sterke aanname
dat dyslecten intelligenter waren dan andere mensen
- Je moest veel meer IQ hebben dan je schoolse vaardigheid lezen, om van dysexie
te spreken aldus spreek je sws van mensen die een hogere intelligentie hebben
- Bv; het is lastig om met zwak IQ nog lager te gaan presteren op lezen dan
overeenkomstig met je IQ-niveau, dan zou je lezen heel extreem slecht zijn
• “there exists no strong evidence that poor readers of high and low intelligence display
marked differences in the fundamental cognitive and neurological processes that are
the source of their reading difficulties” (Stanovich, 1996)
• “students with higher IQ and poor reading achievement (IQ-discrepant) and students
with both lower IQ and poor reading achievement… [show] …negligible to small
differences on several measures of reading and phonological processing” (Fletcher, et
al., 2013)
- Als we kijken naar discrepante en niet-discrepante lezers, zien we in hun
achterliggende cognitie en vaardigheden geen verschil!
- Het discrepant lezen maakt in de onderliggende cognitieve processen die de
grondslag vormen voor lezen, geen verschil
Dyslexie en discrepantie (Stanovich, 1996; Fletcher, et al., 2013)
• Foute vooronderstelling
• Bij kinderen met leesproblemen en laag IQ (dus niet-discrepant): laag IQ is oorzaak
van de leesproblemen – ‘expected underachievement’
• Bij kinderen met leesproblemen en een goed IQ: er moet een specifieke oorzaak van
de leesproblemen zijn – ‘unexpected underachievement’
- Er gebeurt iets wat we niet verwacht hadden
- We maken hier een rare switch, hoe kan je leesproblemen die zich in gedrag op
eenzelfde manier manifesteren bij de ene groep verklaren door IQ en bij de
andere groep niet?
• Fenotypische beschrijving van dyslexie
- woordherkenning als centraal probleem
- problemen met fonologische verwerking als onderliggend cognitief proces liggen
aan de basis van dyslexie (manier waarop we met taalklanken kunnen omgaan,
deze kunnen manipuleren als meta-cognitieve vaardigheid)
,Dyslexie en discrepantie (Stanovich, 1996; Fletcher, et al., 2013)
• Er is een band tussen etiologie en fonologie maar niet tussen etiologie en IQ-lees-
discrepantie
- Erfelijkheidsonderzoek
o Kinderen lijken meer op hun ouders voor fonologische verwerking dan op
vlak van intelligentie
o IQ-ouderkindcorrelatie < fonologie-ouderkindcorrelatie
- neuro-anatomisch onderzoek
o zones in hersenen die minder ontwikkeld zijn, wittestofbanen die bij
dyslecten minder gemyeliniseert is dan bij niet-dyslecten (verbinding
tussen visuele woordvormzone en de articulatiezone: arcuate fasciculus)
o we weten ook dat deze zones (Broca, Wernicke) veel meer link hebben
met fonologie ontwikkeling dan met IQ
- fMRI onderzoek
o bij het uitvoeren van fonologische taken zien we andere verschillen
optreden dan wanneer we intelligentieaspecten zouden opnemen
• Er is geen verband tussen IQ en IQ-lees-discrepantie enerzijds en de fenotypische
kenmerken van dyslexie anderzijds
- DUS dyslexie heeft niks met intelligentie te maken!
• IQ-discrepante zwakke lezers en andere zwakke lezers hebben dezelfde prognose
voor hun leesontwikkeling
- IQ speelt eigenlijk voornamelijk een compenserende rol; van IQ gebruikmaken om
het probleem waarmee iemand zit te omzeilen
• IQ bepaalt minder dan 1% van de unieke variantie in interventieresultaten bij zwakke
lezers
- Correlatie tussen IQ en leesvaardigheid rond 1e leerjaar nog vrij sterke correlaties
van 0.50, maar zelfs hierbij werd maar 25% verklaart
- In 6e leerjaar was deze correlatie slechts maar 0.15: nog niet eens 5% vd
verschillen die we zien bij kinderen met hun leesvaardigheid verklaart kan worden
door feit dat kinderen ook een andere intelligentie hebben
- Studiesucces wordt ook door veel andere factoren bepaald buiten intelligentie
zoals discipline, studiemotivatie,.. dus de betere intelligenten profiteren niet
persee meer van een interventie!
Dyslexie: alternatieve definities
• Cognitieve discrepantiemodellen
- patroon van cognitieve sterktes en zwaktes
- je moet niet kijken naar een discrepantie met IQ, maar bijvoorbeeld wel de
verschillende schoolse vaardigheden tegenover elkaar afzetten
- iemand die goed is in rekenen en zwak in lezen, wijst op het fenomeen, of bv
goed in begrijpend luisteren en slecht in technisch lezen
- kijken naar profielen van sterktes en zwaktes en de onderliggende congitieve
vaardigheden daarvan
- niet zo populair geweest!
• Verklarende definities
- specificiteit van de stoornis wordt gezocht in de onderliggende cognitieve oorzaak
van dyslexie
, - ‘unxpected underachievement’ : fonologische definitie van dyslexie
• Beschrijvende definities
- low achievement model
o meest gekende maar minst geaccepteerde definitie: dyslexie is ‘gewoon
zwak lezen’.
o Één vd belangrijkste argumenten hiervoor is dat je het lezen bij zowel
dyslecten als niet-dyslecten op eenzelfde manier moet ondersteunen.
o De behandeling van leergestoorden is hetzelfde als die van kinderen met
secundaire leerproblemen
- Response to Instruction/Intervention (RTI) model
o We gaan wel naar de zwakke lezers kijken, maar dit moet persistent en
resistent zijn
o Zelfs bij verschillende behandelingen blijven de leesproblemen bestaan
- hybride benadering
o Fletcher heeft hybridebenadering; verschillende modellen met elkaar in
overeenstemming proberen brengen
o Hedendaagse benadering is sws een beschrijvende benadering; dit is
mede omdat nog niet alle oorzaken gekend zijn van dyslexie
Dyslexie: verklarende definities
• Braams (1996)
• “Dyslexie is een specifiek probleem met de fonologische verwerking van taal door de
hersenen, dat doorgaans leidt tot lees- en spellingproblemen en vaak ook tot meer of
minder duidelijke problemen bij andere taken waarbij taal een rol speelt”
- In causale definitie zoals deze is het cognitieve factor (fonologische verwerking)
die dyslexie uitmaakt
- De lees- en spellingsproblemen zijn gevolg van dyslexie (aldus van cognitieve
factor), maar deze moeten er niet persee zijn!
- Doorgaans heeft spelen een cruciale rol in het leren lezen en spelen
- 1vd voordelen van een dergelijke benadering is dat je dyslexie kunt vaststellen
vooraleer iemand leest
- In Engeland: test om fonologische ontwikkeling in beeld te brengen
o Iemand die echt uitvalt voor fonologische ontwikkeling wrd in Engeland
dyslectisch genoemd, je had hierdoor dan dyslectische kleuters die nog
nooit hadden leren lezen
o In beschrijvende definitie exact omgekeerde hiervan: het zijn de lees- en
spellingsproblemen die de kern zijn van wat dyslexie is
Dyslexie: verklarende definities
• Protocol Dyslexie Diagnostiek en Behandeling 2.0
• (Nederlands Referentiecentrum Dyslexie - 2013)
• “Dyslexie is een specifieke lees- en spellingstoornis met een neurobiologische basis,
die wordt veroorzaakt door cognitieve verwerkingsstoornissen op het raakvlak van
fonologische en orthografische taalverwerking. Deze specifieke
taalverwerkingsproblemen wijken proportioneel af van het overige cognitieve, en
m.n. taalverwerkingsprofiel en leiden tot een ernstig probleem met het lezen en
spellen van woorden ondanks regelmatig onderwijs. Dit specifieke lees- en