De evolutie van managementmodellen
De modellen zijn vaak een afspiegeling van modellen die worden aangehangen
door de samenleving als geheel.
Evolutionair perspectief
1900-1925: de opkomst van het rationeel doel model en de intern proces
modellen
The roaring twenties – het uitbundig groeien. De economie werd in het begin van
deze periode gekenmerkt door een overvloed aan productiemiddelen, goedkope
arbeidskrachten en economisch beleid gebaseerd op laissez-faire.
- Opkomst van olie
- Tijd van de uitvindingen en innovatie
- Landbouw vooruitgang
- Immigranten
- Ernstige financiële problemen
- In fabrieken werden arbeiders vaak blootgesteld aan zware en primitieve
omstandigheden
- Nog geen sprake van vakbonden of beleid van overheid
- Aanvaarde denkrichting Sociaal darwinisme geloof survival of the fittest
- Henry ford bracht niet alleen een visie op goedkoop transport voor
iedereen ten uitvoer door de productie van het T-model.
- Henry ford 1914 uitvinder van de lopende band
- Sociaal darwinisme survival of the fittest als je niet meer mee kon
werd je buitengesmeten, ze hadden door de werkloosheid genoeg vervang
mensen
1900-1925 Rationeel doel model
= Productiviteit en winst
- Doel-middelentheorie is de grondslag = een duidelijke leider zorgt voor
productieve winst
- Daardoor voortdurende nadruk op doelen, rationele analyse en handelend
optreden
- Klimaat = rationeel economisch
- Beslissingen worden genomen op vlak van winst en eindresultaat
- Doel = efficient, maximalisatie van winst
- Taak van de manager = hard besturen en producent zijn
- Denk aan deans – kinderarbeid
,1900-1925 Intern proces model
= stabiliteit en continuïteit
- Doel-middelentheorie is gebaseerd op de overtuiging dat het tot stand
brengen van routines leidt tot stabiliteit
- Nadruk op processen, metingen, verantwoordelijken, documentatie en
registratie
- Klimaat in de organisatie is hiërarchisch en alle beslissingen weerspiegelen
de bestaande regels, structuren en procedures.
- Als de efficiency van een werknemer daalt, wordt de controle opgevoerd
door toepassing van een verscheidenheid aan maatregelen en procedures.
- Taak van de manager is een gestructureerde controleur en coördinator te
zijn
1926-1950: de opkomst van het human relations model
In deze periode speelde zich twee belangrijke gebeurtenissen af
1. De beurskrach 1929
2. De tweede wereld oorlog 1945
Deze hadden een grote invloed op het leven en de vooruitzichten van
toekomstige generaties.
De economie zou in elkaar storten en tijdens de oorlog weer herstellen en
vervolgens opnieuw grote verwachtingen wekken.
- technologische vooruitgang
- sectoren zoals de landbouw, vervoer en consumentengoederen gaan
vooruit
het rationeel doelmodel en de intern proces model waren niet meer voldoende
In 1926 tot 1950 werd een aantal fundamentele veranderingen in de structuur
van de samenleving geleidelijk duidelijk.
De opkomst van de vakbonden, richten zich op de hoogte van de lonen en
zorgden ervoor dat arbeiders steeds meer geld verdienden.
Mensen mochten gaan stemmen (mannen). Door te mogen stemmen, zijn we
meer gaan nadenken en dan zeker na het vechten voor ons land, zijn we gaan
strijden voor vakbonden die opkwamen en gingen vechten voor werkbaar werk.
We zitten in een ander klimaat, mensen willen naast hun werk ook dingen gaan
doen.
Hawthorne-experiment (lichtexperiment)
- Groep 1 – eerste week meer licht, tweede week minder licht
- Groep 2 – controle groep
Elke dag werd hen gevraagd hoe hun dag was, wat ze aangenaam vonden
en wat niet
, Dit zorgde ervoor dat de werknemers aandacht kregen en dit was de reden
waarom ze sneller werkten je moet luisteren en zorgen voor een goed
werkklimaat zorg voor meer winst
1926- 1950 Human- relationsmodel
Waarden van human relations model = Inzet, samenhang en moreel
- doel-middelentheorie = betrokkenheid leidt tot inzet
- centrale processen = participatie, conflicten oplossen en consensus
bereiken
- klimaat = samenhorigheid en teamgerichtheid
- karakteristiek voor besluitvorming = sterke betrokkenheid
- taak van manager = mentor en stimulator voor de arbeiders
1951-1975: de opkomst van het open systeem model
De Verenigde staten waren de leiders van het kapitalisme. Achteraf werd dit in
vraag gesteld. De economie kreeg een grote klap van het olie-embargo te
verwerken. Opeens waren de vooronderstellingen over goedkope energie en alle
levensgewoonten die daarop waren gebaseerd in gevaar.
Wankelende economie door stagflatie en grote overheidsschulden.
Made in Japan stond in de jaren 50 voor goedkope goederen van lage kwaliteit
die van weinig betekenis waren voor de Amerikanen. In de jaren 70 kon de
Japanse kwaliteit niet meer worden geëvenaard en begon Japan binnen te
dringen in economische sectoren.
Opkomst van de TV belangrijke bron van informatie
Door de tv kregen we de gruwlijke beelden in je huiskamer te zien, hierdoor
gingen mensen meer op de barricade kwamen.
Burgers gingen meer op straat
Opkomst van de computer
NASA plannen om iemand naar de maan te sturen.
De schoolleeftijd wordt opgetrokken tot 12 jaar. meer aandacht voor
zelfontplooiing
Vroeger was sterk en snel zijn belangrijk nu is wijsheid meer en meer
belangrijker
Studeren was enkel voor mannen magret thatcher zorgde ervoor dat vrouwen
dit wel konden
, 1951-1975 Open systeem model
Belangrijke criteria = aanpassingsvermogen en externe ondersteuning
- doel-middelentheorie = voortdurend aanpassen en vernieuwen leidt tot
verwerven en onderhouden van productiemiddelen buiten de organisatie
- de essentiële processen zijn politieke aanpassingen, creatief oplossen van
problemen en management van veranderingen.
- Kennis wordt belangrijker Spierkracht is minder nodig want de machines
nemen dit over.
- Nadruk op flexibiliteit De machines veranderde zo snel jij moest dit
mee volgen kennis hebben over de machines flexibel zijn
- Het klimaat is innovatief. Je moest echt inzetten op innovatie en
ervoor zorgen dat je personeel die innovatie konden volgen
- Amoebes snelst veranderende organisme, passen zich snel aan aan de
omgeving
- Er is geen bureaucratie meer maar een adhocratie
1976 – heden: de opkomst van ‘en/en’ -vooronderstellingen
- Werk waar kennis voor nodig was werd een regel
- Werk waarvoor spieren nodig was werd uitzondering
- Arbeidzekerheid kwam steeds vaker ter sprake in de onderhandelingen
met de vakbeweging
- Organisatie kregen te maken met nieuwe problemen zoals overname en
inkriming
- Managers kregen meer werk, want er kwamen minder managers dus al het
werk viel op 1 persoon
- Grotere stress op het werk
Er is een evenwicht nodig tussen wat er bezig was, je moet strategisch gaan
nadenken of je innovatief gaat gaan of eerder gaat inzetten op personeel
Nu heden
- Timemanagement en stressbeheersing
- Concurrentie voorblijven
- Leven en werk in balans houden
- Interne processen verbeteren
- Innovatie stimuleren
- Hybride werken