perspectief
namen & jaartallen kennen, powerpoints belangrijkste
Definitie criminologie
= studie diverse types & vormen criminaliteit (gemeten, gedefinieerd, begrepen, …)
= wetenschap (3 voorwaarden: methode, theorievorming, kennisobject)
Criminologische relatie:
- Criminaliteit (eng of breed)
- Dader
- Slachtoffer (victimologie)
- Etiologie (wrm pleegt iem criminaliteit?)
- Reactie (maatschappelijk, instellingen, …)
Specialisatie en subdisciplines
Thema’s en fenomenen (etiologie, drugs, georganiseerde crimi, …)
Epistemologische, theoretische en methodologische benaderingen (comparatieve, kritische
(macht), feministische, historische criminologie, …)
Criminologie en de geschiedenis, en vice versa
Criminologie en de geschiedenis
studie criminaliteit, oorzaken, gevolgen, reacties
crimi definiëren, meten, verklaren
Methodologisch
‘Bastaardwetenschap’ (verschillende theorieën overnemen) en bruggenbouwer
Data genereren (kwantitatief – kwalitatief)
Traditioneel: survey, focusgroepen, observaties, …
Innovatief: big data, photo-elicitation, netwerkanalyses, VR
Brede waaier datatypes en -bronnen (historische data? amper gewerkt met historische data)
Theorieën (toetsend/vormend) en hypotheses
Rol verleden
Fluctuaties KT of LT
Geschiedenis criminologisch denken en theoretische tradities
1
,Maar… relevantie voor huidige debatten? (theoretisch en beleidsmatig)
Futurisme (toekomstgerichtheid)
Chronocentrisme (Rock, 2005 : onderzoekers bijna altijd te rade gaan bij publicaties die niet ouder
zijn dan 15 jaar => kortetermijngeheugen, kijken niet verder in het verleden, focussen te veel op het
heden)
Geschiedenis en criminologie
Geschiedenis = verleden en studie verleden
Verleden (wat vroeger heeft plaats gevonden)
Geschiedschrijving
wat wordt opgeschreven: boeken, tijdschriften, …
interpretatie verleden en beschrijven en verklaren historische gebeurtenissen, fenomenen, …
niet genereren, maar gwn onderzoeken van archiefmateriaal
Selectieve blik verleden
- Ifv overgeleverd materiaal
- Korte (geberutenissen) en/of LT (evoluties)
- Vb: vrouwen verborgen in historische werken
Niet hetzelfde, maar overlap
verleden is plaatsgebonden, geschiedenis niet per se
Methodologisch
Archiefstudie, mondelinge geschiedenis
Datatypes en – bronnen: primaire bronnen
Rol heden
Invloed gebeurtenissen uit verleden
Corrigeren onjuiste voorstellingen
Maatschappelijk debat, beleidsaanbevelingen, uitspraken over het nu? (kinderen vh verzet,
collaboratie, kolonie)
vnl. interesse in verleden (blijven vooral in het verleden en minder kijken nr beïnvloeding op het
heden)
Rol theorieën?
wel theoretisch kaderen, maar minder theorievormend
2
,Verhouding feiten, bronnen, interpretatie en historisch-wetenschappelijk verslag
Nut studie en kennis criminologisch verleden
Begrijpen & verklaren hedendaagse situatie (vroegere ideeën en praktijken als ‘levend verleden’)
Ontwikkeling strafrechtsbedeling en ontplooiing criminologie (parallel ontwikkeld)
- Vrijheidsstraf en noodzaak kennis beoordeling en behandeling gedetineerden
- Wisselwerking criminologische ideeën en beleid en instituten
Continuïteit en discontinuïteit (niet altijd lineaire ontwikkeling)
- Verschuiving fysieke bestraffing nr financiële compensatie en opsluiting
- Belang status en rol dader-slachtoffer (continue ontwikkeling: status dader bleef grote rol
hebben)
- Aanwezigheid (jonge) mannen in statistieken
Methodologische beperkingen
Fractie alledaags sociaal gedrag gedocumenteerd
Gebrek geschreven bronnen over misdaad en straf (keuze slachtoffer (aangifte) & werking en
prioriteiten politie(registratie))
Historici genereren weinig data
Fragmentatie bewaring (verloren zaken, …)
Hedendaagse toegang en schaarse betrouwbaarheid (vb bij bepaalde landen: Noord-Korea, Rusland,
…)
Bias inzake beschikbare data (onderbelichte groepen; ‘overgedocumenteerde’ fenomenen zoals
hekserij, prostitutie, …)
Kan zicht op verleden aantasten: je zou denken dat moord vroeger heel veel voorkwam bv
Historische criminologie en historische bijdrage
Criminologen hadden altijd al interesse in verleden, maar… Peter King 1999: historici zullen weinig aan
theorievorming doen en criminologen zullen maar beperkt nr verleden kijken en zouden trends en
patronen fout interpreteren.
Voorbije decennia wel pogingen tussen verschillende historici en criminologen
3 domeinen historische bijdrage: wat is criminaliteit, oorzaken criminaliteit en
reacties op criminaliteit
Wat is criminaliteit?
Vaak historische inleiding maar weinig historische referenties
Wrm en hoe criminaliteit en criminalisering doorheen de tijd zijn veranderd
3
, Belang klasse, maar recenter historisch onderzoek wijst ook op belang veranderingen genderrelaties,
etniciteit, sociale gedragsregels, …
Belang ‘relativiteit’ sommige vormen criminaliteit (andere periode, ander land, …)
Zicht op transformaties in constructie en representatie van criminaliteit en de crimineel
Oorzaken van criminaliteit
Lombrosiaanse traditie (oorzaken)
Aandacht economische, sociale, culturele en politieke condities en verschuivingen bij historisch
onderzoek
- Blootleggen inconsistenties criminologische theorieën (onderzoek huwelijk en desistance:
huwelijk context is belangrijk vr geen crimi)
MAAR historisch onderzocht en bleek dat dit geen impact had?
Gelijkaardige ervaringen en gebeurtenissen, maar andere uitkomst in verschillende context
Aantonen verbanden verschuivingen in criminaliteit en grote maatschappelijke transformaties
Desondanks, weinig historische referenties in criminologisch werk
Reacties op criminaliteit
Kern criminologisch onderzoek
Actuele en normatieve praktijken (wat men met zo’n wet wil bereiken komt niet altijd overeen met
wat men effectief bereikt)
Veel historisch onderzoek nr ontstaan gevangenissen, doodstraf, ST, politieorganisatie en -werking,
…
Meer gebruik historische perspectieven en inzichten
Globale en Europese tendensen
Langetermijnperspectief (Oudheid tot heden)
Criminaliteit is historisch veranderlijk
‘Criminaliteit’ en ‘criminalisering’ geen vaststaand gegeven
Ø Sociale constructie
Ø Misdaad in ene context, morele overtreding in andere
Criminaliteit gezien als schending normen gemeenschap (het gaat niet altijd over
criminaliteit in strikte juridische zin)
Ø Velerlei reacties (al dan niet bestraffen – toevoegen van leed)
Ø Niet alle ‘foute’ gedragingen zijn normovertredingen, en niet alle normovertredingen worden
gecodificeerd in strafwetgeving
Ø Wetgeving verschilt in tijd en ruimte (wel tendensen, bv. classificatie en bestraffing moord in
Westen)
4