recht.
DEEL I: Inleiding – algemene kenmerken van het
Internationaal Recht
Hoofdstuk 1: Wat is internationaal recht?
Achtergrond en rol:
-> Vreedzame co-existentie & samenwerking (2 finaliteiten: co-existentie OF
coöperatie)
- Rechtszekerheid/voorspelbaarheid
-> Ook een politiek project
- Agenda-setting – cf. SDGs
- Conflicterende belangen en ideologieën tov. solidariteit (cf. beheer
global public goods) en gedeelde waarden
- Momentum creëren (lawfare -> het strategisch inzetten van
juridische procedures om politieke, maatschappelijke of militaire doelen te
bereiken)
-> Voortdurende groei – impact globalisering
-> Fragmentering & nichevorming
Definitie - functioneel: Regels die betrekkingen tussen staten
regelen?
Geen algemeen aanvaarde definitie, maar kan beschreven worden als de
rechtstak die de internationale betrekkingen regelt.
• Verschil met nationaal recht
• Internationaal publiekrecht internationaal privaatrecht (in deze cursus is
intl recht = intl publiekrecht, we hebben het dus niet over intl privaatrecht !!)
-> intl publiekrecht = regelt de verhouding tussen staten en
internationale organisaties
-> intl privaatrecht = nationaal recht dat betrekking heeft op
grensoverschrijdende kwesties
• Vroeger: ‘volkenrecht’/’droit des gens’/’law of nations’
• Bruikbare definitie? => de definitie is niet voor alle deeldomeinen van
toepassing
• Int’l recht is heterogeen
Definitie – formeel: bronnen internationaal recht (vorige def niet van
toepassing)
Primaire en secundaire regels (we zien vooral primaire regels)
-> primaire regels = inhoudelijke rechten en plichten
-> secundaire regels = alles wat daarbij komt, over de interpretatie, de
, inwerkingtreding,..
• focus hier is op de secundaire regels
Historische evolutie:
Oudheid:
• Vb. Verdrag 1259 v. Chr. Egypte-Hittieten
Middeleeuwen:
• Tijdperk van het natuurrecht/jus naturale
• Rol katholieke kerk
• Cf. theorie van de rechtvaardige oorlog
17e
18e enE.: oorsprong
19e E: moderne internationale recht
• creatie
doorbraak positiefvan een int’le gemeenschap gebaseerd op onafhankelijke en
recht
soevereine staten zonder hoger gezag
• Geestelijke vaders moderne int’l recht (Grotius – de iure belli ac pacis)
• overgang van natuurrecht naar positief recht
18e E.:
• 1758: E. de Vattel, ‘droit des gens’
• Term ‘international law’ (J. Bentham, 1789)
• Toename (bilaterale) verdragen
=> positief recht = de staat wordt de belangrijkste factor
19e E.:
• Professionalisering
• Cf. oprichting ILA & IDI in 1873
• Eerste IOs
• Opkomst multilaterale verdragen
• Eerste ervaringen int’le juridische geschillenbeslechting
20ste E.: exponentiële groei
• Proliferatie int’le en regionale organisaties, incl. eerste echte collectieve
veiligheidsorganisaties (Volkenbond (1919) en VN (1945))
• Naar een mondiale club
• Codificatie diverse sub-domeinen
• Opkomst nieuwe domeinen
• Proliferatie int’le en regionale hoven en rechtbanken
• Diversificatie rechtssubjecten
• Blijvende ontwikkeling >< int’le rechtsorde onder druk?
• populisme, nationalisme & ‘backlash’ (vb. ISH)
• Toegenomen geopolitieke spanning & unilateralisme
Hoofdstuk 2 Int’l recht als een horizontaal en onvolmaakt systeem
Een horizontaal en onvolmaakt systeem –> instemming staten is
cruciaal
• Soevereine gelijkheid als uitgangspunt => consensualisme
=> Int’l recht kent geen centrale wetgever, rechter of uitvoerende macht
OPGELET: je mag niet zomaar voor het internationale gerechtshof een zaak
starten, beide landen moeten samen naar het hof stappen = compromis
OF: sommige verdragen bevatten een compromissoire clausule, dan staat er
,op het einde van het verdrag een geschillenbeslechtingsclausule die zegt dat
de geschillen over dit verdrag voorgelegd worden aan het internationaal
gerechtshof
Hoofdstuk 3: Relevantie van int’l recht
Reden tot scepcis?
• Dean Acheson 1963: ‘Law simply does not deal with questions of ultimate
power’
• M. Albright: ‘Robin, get new lawyers’
• D. Trump: “I don’t need international law”
L. Henkin: “it is probably the case that almost all nations observe almost
all of their international obligations almost all of the time”
Is intl recht wel recht?
=> hangt af van hoe je recht definieert
• Austin: ‘command backed by sanction’; zoniet slechts ‘positive morality’
=> recht in essentie een bevel (command) van een soeverein, dat wordt
ondersteund door een sanctie bij overtreding -> anders slechts een
gewoonte/etiquette/morele verwachting,..
• Zwakte van int’l recht, maar:
->Analogie met nationaal recht misplaatst?
-> Zekere mate van afdwinging
-> Rol sanctie? “’Law’ is not ‘law’ because it is enforced. It is enforced
because it is ‘law’ and enforcement would otherwise be illegal.”
• Staten beschouwen de regels als juridisch bindend + eigen systeem van
rechtsbronnen
Verschillende visies in leer int’le betrekkingen
1) Realisme => juridische wereld moet buigen voor politiek, alleen de
belangen van machtige staten tellen, enkel in hun voordeel wordt het int’l
recht gerespecteerd
2) Institutionalisme => staten houden zich aan het int’l recht omdat dit op
lange termijn in hun eigen voordeel speelt, en ze hebben hier nood aan
(anders chaos,…)
3) Constructivisme => staten volgen de int’l regels omdat ze het gevoel
hebben dat ze lid zijn van de int’le gemeenschap
• Impact int’l recht op besluitvorming (compliance pull -> normatieve kracht
van int’l recht)
-> Rationeel/normatief; diverse factoren hebben hier invloed op ↑
-> Int’l recht als referentiekader; inbreuken nooit helemaal ‘kosteloos’
• Wereld zonder int’l recht ondenkbaar
, DEEL II: Bronnen van het internationaal recht
Hoofdstuk 1: Algemeen
Beperkt aantal formele rechtsbronnen
• Vertrekpunt: Art. 38 Stat. IGH => in artikel 38 staan de vijf rechtsbronnen
opgesomd:
“1. Het Hof, welks taak het is in de daaraan voorgelegde geschillen te
beslissen
overeenkomstig het internationale recht, doet dit met toepassing van:
– (a) internationale verdragen, zowel van algemene als van bijzondere
aard,
waarin regels worden vastgelegd die uitdrukkelijk door de bij het geschil
betrokken Staten worden erkend;
– (b) internationale gewoonte , als blijk van een als recht aanvaarde
algemene
praktijk;
– (c) de door beschaafde volken erkende algemene rechtsbeginselen;
– (d) onder voorbehoud van de bepalingen van artikel 59, rechterlijke
beslissingen, alsmede de zienswijzen van de meest bevoegde schrijvers der
verschillende volken, als hulpmiddelen voor het bepalen van rechtsregelen.
2. Deze bepaling laat onverlet de bevoegdheid van het Hof een beslissing
"ex aequo et bono" te geven indien de partijen daarmede instemmen”
“ex aequo et bono” -> het Hof mag dan beslissen op basis van billijkheid en
eerlijkheid, maar alleen als beide partijen daarmee akkoord gaan
MAAR: de opsomming is niet volledig, een aantal formele bronnen zijn niet
vermeld
EN: de onderlinge verhouding tussen de bronnen is niet exhaustief geregeld
in dit artikel, het is niet uitgelegd in het artikel, en is dus onduidelijk
Hoofdstuk 2: Verdragen
Algemeen
Verdragen zijn de belangrijkste bron van int’l recht -> ze zijn consensueel
instrument bij uitstek -> omdat staten er vrijwillig mee instemmen en ze dus
gebaseerd zijn op wederzijdse toestemming
• Enorme toename in aantal verdragen -> vroeger vooral bilaterale
verdragen (tussen twee partijen) maar sinds ca. 1950 ook multilaterale
verdragen veel toegenomen
• United Nations Treaty Series (UNTS); diplomatie; Belgisch Staatsblad
• ‘Pacta sunt servanda’ => afspraken moeten worden nageleefd (Art. 36
WVV)
• ‘Pacta tertiis nocent nec prosunt’ => verdragen brengen in principe geen
bindende gevolgen teweeg voor derden
MAAR: Weens Verdragenverdrag (WVV) -> Artikelen 35 en 36 (nuanceren ↑
principe)