• Verkeerd document? Gratis ruilen
  • Geschreven door studenten die geslaagd zijn
  • Direct beschikbaar na je betaling
  • Online lezen of als PDF
Verkopen
Kies je studieland
Kies je taal
Document preview thumbnail
Voorbeeld 4 van de 57 pagina's
Samenvatting

Samenvatting Kinesitherapeutisch Handelen 2 | Myofasciale Therapie | KU Leuven | 2025/26

Document preview thumbnail
Voorbeeld 4 van de 57 pagina's

Theorieaantekeningen over basisbehandelingen en myofasciale therapie voor het vak Kinesitherapeutisch Handelen 2 aan KU Leuven. Ideaal voor examenvoorbereiding omdat alle essentiële concepten gestructureerd zijn uitgewerkt, van therapeutische principes tot behandelprotocollen.

Voorbeeld van de inhoud

Kth theorie
Basisbehandelingen


Myofasciale therapie
Bij:

 Pijn en zwelling: lymfoedeem na borstkanker
 Gewrichtsmobiliteit: stijve enkel na gips
 Spierfunctie: spastische spier na een herseninfarct
 Vitale functies: hoge bloeddruk omwille van stress
 Houding: antalgische houding owv rugklachten

1. Plaats van myofasciale technieken in behandeling:
Bewegingstherapie:

 Een patient die aan het revalideren is na een hartinfarct
 Een topsporter die last heeft van zijn schouder
 Een bejaarde patient die bepaalde ADL activiteiten opnieuw aanleert
 Een jonge vrouw die proprioceptive-training doet na een
enkeldistorsie
 Gang-revalidatie na plaatsing heupprothese
 Rugrevalidatieprogramma volgen

2. Definities:
Uitvoeren van manipulaties op een bloot en ontspannen lichaamsdeel met
een profylactisch of therapeutisch doel.

Toepassen van een aantal specifieke handgrepen aan de oppervlakte van
het lichaam ten einde stoornissen in normale functioneren te
voorkomen, op te heffen of te verminderen.

3. Doelstellingen en indicaties:
Therapeutische indicatie

 Curatief: intentie en verwachting is dat de aandoening volledig
reversibel is
 Symptomatisch: optie genezing niet aanwezig is alleen
vermindering van klachten mogelijk is, zonder de oorzaak van de
aandoening weg te nemen.
 We gebruiken meestal symptomatisch

Profylactische indicatie

 Behandelen van personen met een risico op het ontstaan van
klachten of reeds aanwezige (geringe) klachten

1

,Relatieve doeleinden:

= doeleinden, in functie van effect op te behandelen weefsels of op gehele
organisme en persoon

1. DEPLETIE (verwijderen van vocht uit de weefselspleten)

2. ANALGESIE (= pijn verminderend)

3. ONTSPANNING

4. TONISERING (verhogen van rusttonus)

5. HYPERAEMIE (doorbloeding)

6. MOBILISATIE

Indicaties:

 Circulatiestoornissen
 Pijn
 Lokale spierverhardingen/ hypertonus
 Hypotonus = te weinig spierkracht kunnen leveren, heel slap
 (Steriele) ontstekingen  Bij ontsteking: Doorbleoding verbeteren,
afvalstoffen afvoeren
 Adhaesies – littekens
 Functionele orgaanstoornissen (bindweefslemassage)
Door lange periode stress kan orthosempatischedisuratie ontstaan

4. Contra-indicaties:
 Infecties  je verspreid de bacterie mogelijks verder
 Tumoren in te behandelen gebied  kankercellen anders verspreiden
 Algemeen onwelzijn
 Koorts
 Trombose  klonter kan loskomen
 Besmettelijke huidziekten
 Cachexie = extreme magerheid
 Te heftige pijn
 Fracturen in behandelgebied  je maakt het erger
 Reflex sympathische dystrofie 1e stadium  extreme vorm
orthosymatischische deregualtie

Relatief  mag behandelen maar voorzichtig:

 Steriele ontsteking
 Tumoren buiten het behandelgebied
 Verse laesies
 Verhoogde bloedsneiging
 Pijnlijke of kwetsbare weefsels boven te behandelen gebied
 Spasme
 Huidziekten
2

, 5. Aangrijpingspunten:
Keuze van verschillende myofasciale technieken

 Wat is het doel?

Intensiteit en lokalisatie van handvatting, bepalen welke structuur
(vooral) wordt bereikt:

 Huid
 Onderhuid
 Musculatuur en pezen
 Ligamenten
 Gewrichtskapsel
 Periost
 Fascia = bindweefsel dat spier, bot, organen ondersteunt
o Types:
 Oppervlakkig in vetweefsel
 Diep die spier omgeeft
 Visceraal in spierweefsel zelf
o Aangemaakt door fibroblasten
o Bestaat uit: collageen, elastine, proteoglycanen

6. Myofasciale technieken:
Spier technieken:

 Effleurage (strijkingen)
= verplaatsen van handen over de huid waarbij in heengaande
beweging druk wordt gegeven en teruggaande beweging geen druk
wordt uitgeoefend.
Doel:
o Hyperaemie
o Evacuatie afvalstoffen
o Lymfetransport stimuleren
o Spierontspanning
o Rekken fascia
o Pijn verminderen
 Diepe dwarse rek
= ritmisch uitoefenen van druk op spierweefsel, waar je spierweefsel
tussen de handen houdt.
Doel:
o Spiertonus verminderen
o Hyperaemie
o Pijn verminderen
 Vibraties
- Weinig wetenschappelijke evidentie
- Gemakkelijk in gebruik voor therapeut en patiënt
3

, Doel:
o Relaxatie
o Pijn verminderen
 Triggerpunt behandeling
= kleine, gespannen knopen in spieren die pijn veroorzaken.
Kenmerken:
o Gevoelige knoop in de spier – Voelbaar als een kleine harde
plek of streng in de spier
o Pijn en uitstraling – Druk op een triggerpunt kan pijn
veroorzaken op de plek zelf of uitstralen naar een ander
gebied (referred pain).
o Bewegingsbeperking – Kan stijfheid en verminderde
mobiliteit veroorzaken.
o Spierzwakte – De aangetaste spier kan verzwakt aanvoelen
zonder duidelijke reden.

Huid, bindweefsel en fascia technieken:

 Effleurage
 Huidverschuivingen
= verplaatsen van de huid ten opzichte van de onderlaag zonder
verplaatsing van handen over huid.
Doel:
o Mobilisatie huid
o Mobilisatie fascia
o hyperaemie
 Huidrol
= ter hoogte van de bovenrug, oppakken van de huid tussen duim
en wijsvinger en deze in verschillende richtingen rollen. Kan erg
gevoelig zijn! Oorzaak kan zijn: verkleving fascia, thoracale
segmentale dysfunctie, verhoogde spierspanning.
Doel:
o Fascia losmaken
o Ontspannen van onderliggende spieren

Fasciale verklevingen – Na een trauma, operatie of chronische
spanning kunnen de oppervlakkige en diepe fascia verkleven, wat bij
beweging pijn veroorzaakt.

Irritatie van de onderliggende musculatuur – Spieren zoals de
trapezius, rhomboïden en erector spinae kunnen gespannen of
verkort zijn, wat pijn kan geven.

Thoracale gewrichtsblokkades – Onderliggende dysfuncties van
de facetgewrichten kunnen verhoogde spierspanning en fasciale
rigiditeit veroorzaken.


4

Inhoudsopgave

  1. 01 Myofasciale therapie 1
    1. 1. Plaats van myofasciale technieken in behandeling: 1
    2. 2. Definities: 1
    3. 3. Doelstellingen en indicaties: 1
    4. 4. Contra-indicaties: 2
    5. 5. Aangrijpingspunten: 3
    6. 6. Myofasciale technieken: 3
    7. 7. Verklaring-effect: 5
    8. 8. Wetenschappelijke evidentie: 10
  2. 02 Casus Nele Devoogt 10
    1. 1. Anamnese 11
    2. 2. Klinisch onderzoek: 11
    3. 3.Behandeldoelen: 12
  3. 03 Casus D.Langer 13
  4. 04 Introductie 13
    1. 1. Orgaanfuncties – body function structure 13
    2. 2. De casus: 14
    3. 3. De anamnese: 14
  5. 05 Mobilisatie 23
    1. 1. Behandelen beperkte gewrichtsbeweeglijkheid: 23
  6. 06 Spierfunctie – Daniel 34
    1. 1. Inleiding: 34
    2. 2. Relatie tussen spierkracht en symptomen: 35
    3. 3. Kracht, snelheid – vermogen relatie: 36
    4. 4. Objectieve meting van spierkracht: 36
    5. 5. Principes van spiertraining: 37
    6. 6. Progressive Resistance Training (PRT): 38
    7. 7. Trainingsrichtlijnen voor krachttraining: 38
    8. 8. Optimale trainingsintensiteit: 39
    9. 9. Optimale trainingsvolume: 39
    10. 10. Types spiercontractie: 39
    11. 11. Spieruithouding meten: 40
    12. 12. Specificiteitsprincipe in praktijk: 40
    13. 13. Respiratory Muscle Training (RMT): 40
    14. 14. Meting van inspiratoire spierkracht: 40
    15. 15. Inspiratory Muscle Training (IMT): 41
    16. 16. Length-Tension relatie: 41
    17. 17. Pressure–flow relatie 41
    18. 18. Apparatuur voor inspiratoire spiertraining 41
    19. 19. Training specificiteit bij IMT 42
    20. 20. Resultaten onderzoek IMT 42
    21. 21. Klinische implicaties 42
    22. 22. Kernsamenvatting van de les 42
  7. 07 Spierfunctie-Daniel 43
    1. 1. Inleiding: 43
    2. 2. Basisbegrippen: arbeid en vermogen: 43
    3. 3. Respiratory muscle endurance: 44
    4. 4. Kracht-snelheidsrelatie: 44
    5. 5. Principes van spiertraining: 45
    6. 6. Progressive Overload 45
    7. 7. Progression models for resistance training 45
    8. 8. FITT-VP principe 46
    9. 9. Specificiteit van training 46
    10. 10. Length-tension relationship 47
    11. 11. Velocity-tension relationship 47
    12. 12. Variation en Periodization 47
    13. 13. Lineaire periodisatie 48
    14. 14. Non-linear periodization 49
    15. 15. Supervised vs unsupervised training 49
    16. 16. Reversibility principle 49
    17. 17. Determinanten van spierfunctie 50
    18. 18. Neural adaptations 50
    19. 19. Morphologische veranderingen 51
    20. 20. Effecten op muscle-tendon systeem 51
    21. 21. Cross-over effecten 51
    22. 22. Inspiratory Muscle Training (IMT) 52
    23. 23. Effect op VO₂max 52
    24. 24. Onderzoek bij ouderen (Frontera) 52
    25. 25. Effecten bij ouderen 53
    26. 26. Spierpijn 53
    27. 27. Oorzaken van DOMS 53
  8. 08 Spierfunctie Daniel 54

Documentinformatie

Geüpload op
18 mei 2026
Aantal pagina's
57
Geschreven in
2025/2026
Type
Samenvatting
€9,96

Verkeerd document? Gratis ruilen Binnen 14 dagen na aankoop en voor het downloaden kan je een ander document kiezen. Je kan het bedrag gewoon opnieuw besteden.
Geschreven door studenten die geslaagd zijn
Direct beschikbaar na je betaling
Online lezen of als PDF

Verkocht
8
Volgers
0
Items
6
Laatst verkocht
1 maand geleden



Waarom studenten kiezen voor Stuvia

Gemaakt door medestudenten, geverifieerd door reviews

Kwaliteit die je kunt vertrouwen: geschreven door studenten die slaagden en beoordeeld door anderen die dit document gebruikten.

Niet tevreden? Kies een ander document

Geen zorgen! Je kunt voor hetzelfde geld direct een ander document kiezen dat beter past bij wat je zoekt.

Betaal zoals je wilt, start meteen met leren

Geen abonnement, geen verplichtingen. Betaal zoals je gewend bent via Bancontact, iDeal of creditcard en download je PDF-document meteen.

Student with book image

“Gekocht, gedownload en geslaagd. Zo eenvoudig kan het zijn.”

Alisha Student

Bezig met je bronvermelding?

Maak nauwkeurige citaten in APA, MLA en Harvard met onze gratis bronnengenerator.

Bezig met je bronvermelding?

Veelgestelde vragen