Zelfdeterminatietheorie (Deci & Ryan) = kan voor alle leeftijden (n alleen
lagereschoolkind)
3 basisbehoeften (aan voldoen)
- Autonomie
Bv. Zelfstandig de leerstof verwerken, zelf inspraak hebben in studiekeuze, …
- Verbondenheid
Bv. Goede band met leerkrachten, vrienden op school hebben, goede klassfeer,
…
- Competentie
Bv. Goede punten halen op school, de leerstof begrijpen, goed zijn in
sport/turnen, …
(autonomie, betrokkenheid en competentie =
ABC model)
Als er aan 1 of meerdere basisbehoeften n
worden voldaan = deprivatie:
Behoeftedeprivatie: bv. Leerstof niet
begrijpen, moeilijk vrienden maken,
schoolmoeheid, …
Behoeftefrustratie: bv. Prestaties worden
afgekraakt, slachtoffer zijn van pesterijen, …
(basisbehoeften worden actief tegengewerkt)
6.1 Lichamelijke en motorische ontwikkeling
6.1.1 Lichamelijke veranderingen
Verdere vervanging van vet- door spierweefsel + steviger botten (kinderen bewegen
nog veel en zijn nog bezig met spieren en botten te versterken)
Meer controle over het eigen lichaam (motoriek, evenwicht, …) . De meeste
motorische handelingen gaan vlot, maar gevaar is nog moeilijk in te schatten (bv:
naar school fietsen: helm, fluo, lichten, …)
Tandenwissel (begint rond 6 jaar tot 11-12 jaar) ook al bij de melktanden heeft
tandenpoetsen nut!
Schijnbaar eindeloze energie (vooral door de aanwezigheid én aanmaak van oxidatie-
enzymen = eiwitten die door de spieren worden aangemaakt tijdens een inspanning
en die gaan er voor zorgen dat de spieren: zuren, vetten en suikers gaan omzetten in
energie) hoe meer je beweegt hoe meer enzymen
Obesitas (8% van de kinderen) kan zich in de schooltijd beginnen te manifesteren,
maar oorzaak ligt vaak al vroeger in het leven (kan al prenataal zijn: mama die rookt
, of heel ongezond eet, baby die weinig bewegen of ongezonde leeftijd maar komt tot
uiting op lagere school leeftijd)
Overzicht over eigen lichaam (Jaap Kugel):
- Lichaamsbesef: kennis over het eigen lichaam (ruimtelijk) (je weet hoe de stand
van je hoofd, romp en ledematen zijn, zonder id spiegel te moeten kijken)
- Lichaamsidee: oordelende over het eigen lichaam (uiterlijk en prestaties) (hoe je
er uit ziet: klein-groot, mollig-slank en wat je lichamelijk kunt, of je goed bent in
voetbal/tennissen, …)
- Lichaamsplan: geheel van sensomotorische schema’s (bv. Lopen, schrijven,
pianospelen, tekenen, …) (n meer nadenken over hoe moet lopen, dat gaat
automatisch)
6.1.2 Neurologische ontwikkeling
Basisstructuren voor sensatie en perceptie volledig volgroeid (volgroeid +- 25 jaar)
Nog verdere hersenontwikkeling, vooral rond de executieve functies (oordeels- en
beslissingsvermogen, impulscontrole, hogere cognitieve vaardigheden) die zich vooral
in de prefrontale cortex afspelen.
Hersenen zijn nog erg plastisch (makkelijk nieuwe neuronenverbindingen), en
schoolkinderen leren erg snel bij (iets minder plastisch dan ervoor)
Belang van een veilige en (cognitief) stimulerende omgeving tijdens het opgroeien
(stimulering = belangrijk voor leervermogen maar ook voor de gehele
hersenontwikkeling)
bv: veel sociale interacties = positieve gevolgen op vlak van neurologische groei
Miswiring (foute hersenverbindingen) (kindjes die van kleins veel stress ervaren
gaan die later geen gradaties hebben in stress, bv: heel hard reageren op dingen die n
zo erg zijn) = hoe langer in zo’n slechte situatie, hoe groter de schade (DUS: veilige
omgeving = cruciaal voor goede hersenontw)
kinderen met een trauma hun brein gaat in overlevingsmodus en heeft dan
geen energie en ruimte om leergierig te zijn
6.1.3 Motorische ontwikkeling
Grove motoriek
- Zwemmen, fietsen, voetballen, skaten, turnen,…
spierkracht, behendigheid, balans, snelheid, … verbeteren door sport en spel
Fijne motoriek
- Schrijven, tekenen, veters strikken, muziekinstrument bespelen, met mes en
vork eten
Betere oog-handcoördinatie, handen onafhankelijk van elkaar bewegen, …
Wel weinig besef van gevaar. Bescherming is vaak niet overbodig.
6.2 Waarneming en cognitieve ontwikkeling