Hoofdstuk 4. Historische golven
1. Democratiseringsgolven
V-Dem (Varieties of Democracy) is een onderzoeksinstituut dat sinds 2014
data verzamelt over de evolutie van staatsvormen en democratie
wereldwijd, vanaf 1789 tot vandaag. Die gegevens worden vrij
beschikbaar gesteld en vormen de basis voor jaarlijkse rapporten over de
toestand van democratie.
Belangrijkste punten:
- V-Dem analyseert democratie op nationaal, regionaal en globaal
niveau.
- Het onderscheidt vier regimevormen:
o Autocratie
o Electorale autocratie
o Electorale democratie
o Liberale democratie
- De rapporten tonen een groeiende bezorgdheid over de
achteruitgang van democratie.
Aanvankelijk was er sprake van een “derde golf van democratisering”
(vanaf 1974), maar die evolutie begon in de 21e eeuw te stagneren. Sinds
2019 spreken onderzoekers zelfs van een “derde golf van autocratisering”,
waarbij democratische systemen wereldwijd onder druk komen te staan.
- Het aantal mensen met beperkte politieke rechten en vrijheden
stijgt sterk:
o 416 miljoen (2016)
o 2,3 miljard (2018)
o 71% van de wereldbevolking (2023)
- Slechts een minderheid leeft nog in liberale democratieën.
Gebaseerd op het werk van Samuel Huntington beschrijft de presentatie
opeenvolgende golven van democratisering en autocratisering:
A. De golven van Huntington:
Gebaseerd op het werk van Samuel Huntington beschrijft de
presentatie hoe democratisering zich niet lineair ontwikkelt, maar in
golven verloopt, afgewisseld met periodes van achteruitgang
(omgekeerde golven). In zijn boek The Third Wave (1991) gebruikt hij
de metafoor van eb en vloed: periodes waarin democratie zich uitbreidt
worden gevolgd door periodes waarin ze teruggedrongen wordt. Een
democratiseringsgolf ontstaat wanneer er in een bepaalde periode
, meer landen democratisch worden dan dat er democratieën
verdwijnen.
- 1e golf (1828–1926):
veralgemening van het (mannen)stemrecht in het Westen
- 1e omgekeerde golf (1922–1942):
opkomst van communisme, fascisme en nazisme en vestiging van
autoritaire regimes
- 2e golf (1943–1962):
dekolonisering en ontstaan van nieuwe democratieën
- 2e omgekeerde golf (1958–1975):
invloed van de Koude Oorlog en terugval naar autoritaire regimes
- 3e golf (1974–1990):
omverwerping van dictatoriale regimes (o.a. in Zuid-Europa en
Latijns-Amerika)
Deze indeling toont dat democratie wereldwijd in fasen groeit en
terugvalt. Cijfers bevestigen dat het aantal democratische staten
doorheen de tijd sterk schommelt.
Kritiek op Huntington:
- Wat is een democratie?
o Huntington baseert zich op Robert A. Dahl (verkiezingen,
politieke rechten en burgerlijke vrijheden)
o Toch houdt hij soms onvoldoende rekening met uitsluiting
van groepen (zoals vrouwen of slaven)
- Gebruik van percentages is problematisch:
o Hij kijkt naar het aandeel democratieën t.o.v. het totaal
aantal staten
o Dit kan misleidend zijn: het percentage kan dalen terwijl het
absolute aantal democratieën stijgt
B. Bijsturingen en uitbreidingen:
De Nederlandse politicologe Renske Doorenspleet herbekijkt en verfijnt
het model van Samuel Huntington. Waar Huntington vooral kijkt naar
verkiezingsorganisatie om een zwart-wit onderscheid te maken tussen
democratische en niet-democratische regimes, legt Doorenspleet
nadruk op politieke rechten en burgerlijke vrijheden en kijkt ze naar
concrete regimewissels.
Vier regimetypes volgens Doorenspleet:
1. Liberale democratieën:
- Vrije en eerlijke verkiezingen