HOOFDSTUK 1: DE OORSPRONG VAN DE FILOSOFIE
Wat te kennen?
o Handboek
o Ppt als hulpmiddel (niet te kennen)
KEN JEZELF: GNOTHI SEAUTON
Inscriptie aan de ingang van orakel van Delphi voor God van het
licht Apollo
Zelfkennis als voorwaarde tot wijsheid
Elf verschillende invalshoeken/yert alingen van die vraag
FILOSOFIE? (OORSPRONG)
Filosofie begint met verwondering (Plato)
o Filosofie manier van denken die ontstaan is in een bepaalde
periode en binnen een bepaalde cultuur
Etymologie: Filein en Sophia
o Grieks filein: houden van
o Sophia: (godin van de) wijsheid
Oorsprong: twee visies
o Filosofie is zo oud als de mensheid
o Filosofie is ontstaan in bepaalde periode in bepaalde regio
Westerse filosofie
o Ontstaan 6de eeuw v.c.
o Ontstaan rond Egyptische zee
o Overgang van mythos naar logos
Upanishaden
o Filosofische reflecties op de oeroude vedische geschriften
Mahavira (599v.c.-527 v.c.)/ boeddha (480-400 v.c.)
o Twee figuren traditionele brahmaanse levenswijze in vraag
stelden en aan de basis lagen van het jaïnisme en het
boedhisme, leefden eveneens in die periode
Confucius (551-479v.c.)
o In Chine kwamen ze met en uitgewerkte sociale filosofie en
kende Taoïsme zijn bloei met de overlevering van Lao Tse
(604-507 v.c.)
1
,MYTHOS (O.A. DE DRIE RELIGIES VAN HET BOEK)
De mythe van Adam en Eva
Je ziet een boom= boom van kennis van goed en kwaad (mocht je
niet van eten)
Verschil tussen mens en dieren= dieren maken geen onderscheid
tussen goed en kwaad
Mens maakt een onderscheid en oordeelt
o Oordeelt is zeggen iets is goed of slecht, waar of onwaar
o Dit geeft ons macht maar zorgt ook voor lijden
van de appel te eten = onderscheid kregen tussen goed en slecht
MYTHOS (O.A. HOMEROS, HESIODOS
Goden Zeus, Apollo = spelen in op de mensen (mensen deden offers
aan de goden)
o Er zit wijsheid achter de goden
Schilderij Verwijs naar: ze komen in contact met verlijdingen
VAN MYTHOS NAAR LOGOS
Mythos: wereldbeeld gebaseerd op mythen, meestal gekleurd door
een rijke wereld van goden en fantastische verhalen
Logos: onderliggende structuur (het geeft vorm maar het is zelf
geen vorm)
Nieuwe manier van denken en verklaren dat traditionele eerder
mythische verklaringsmodellen
o Natuur wordt uit de natuur verklaard
LOGOS IN HET OOSTEN
India
o Upanishaden, boeddha & mahavira
China
o Confucius en lao tzu (Taoïsme)
MYTHISCHE WERELDBEELDEN
Tref je aan in alle culturen en tijden
Vormen een geliefd onderzoeksdomein van antropologen
Denken aan australische aboriginals, afrikaanse herdersvolkeren, de
indianen uit het amazonegebied of de rijke indische godenwereld
2
, o Vb. van mythen uit westerse cultuur zijn de ilias en de
odysseus van de blinde schrijver Homerus, en de zondeval,
uit het oude testament
deze mythen behandelen diepmenselijke vragen aan de
hand van metaforen en verhalen die verschillende lagen
van overgeleverde wijheid bevatten
BV. Verhaal adam en eva
FILOSOFIE TUSSEN RELIGIE EN WETENSCHAP
Omschrijving van italiaanse filosoof Luciano de Crescenzo
Twee fundamentele disciplines:
o Wetenschap bestudeert op systematische wijze de
‘objectieve’ verschijnselen of fenomenen
Domein: de materiële werkelijkheid
Natuurfilosofie werd fysica, later ook andere
natuurwetenschappen en sociologie/psychologie
Ratio (rede, verstand) en empirie (zintuiglijke
waarneming)
o Religie zoekt naar iets absoluuts en biedt troost en zingeving
domein: zingeving, waarden, bewustzijn
“voorbij” zintuigen en verstand
SOORT VAN FILOSOFISCHE VRAGEN
de vragen van Kant:
o Wat kan ik weten (ons denken)
o Wat moet ik doen (ons handelen (ethiek en sociale filosofie)
o Wat mag ik hopen (onze verwachtingen)
(deze drie vragen kunnen teruggebracht worden tot één vraag: wat
is de mens? )
Indeling van Ferry:
o Kennis: werkelijkheid
o Ethiek: rechtvaardigheid
o Wijsheid: heil of geluk
Kennis verschilt van wijsheid
Kennis:
o objectieve feiten of objectiveerbare begrippen en richt zich op
het weten hoe die objecten verschijnen en hoe ze op elkaar
inwerken
Wijsheid:
o manier waarop we in het leven staan en hoe we erin slagen
om te gaan met de wisselvalligheden van het leven
3
, HET HUIS VAN FILOSOFIE
1.WAT IS = ZIJN EN ZIJNDEN
Metafysica & ontologie ( leer van het zijn)
o Over de dundamentele aard van de werkelijkheid
o Bv. Wat is zijn? Vrijheid? Eeuwigheid?,..
Over datgene wat bestaat= de zijnden de wereld, de natuur of
‘kosmos’= kosmologie of natuurfilosofie
o Waaruit de wetenschappen zoals fysica, scheikunde, biologie
zich ontwikkelden
o De geest of ‘Psyche’= filosofie van de geest ( waaruit de
psychologie ontspoort)
o De mens of ‘antropos’= wijsgerige antroplogie (waaruit
sociologie, economie,…)
2.WAT ‘BEHOORT’= DRIE GROTE WAARDEN
De drie grote waarden
o Het ware
o Het goede en het rechtvaardige
o Het schone
Tal van domeinen van de filosofie vallen onder deze drie waarden
o Waarheid
Epistemologie of kennisleer stelt vragen over
waarheid en kennis Bv. Wat is kennis?
Logica houdt zich bezig met de vraag: wat is geldig
redeneren?
Wetenschapsfilosofie buigt zich over de grondslagen
van de kennis van de afzonderlijke wetenschappen
Taalfilosofie behandelt het ontstaan, de ontwikkeling,
de betekenis en de functie van de taal en het verband
tussen taal, dingen en taal en denken
o Goedheid en rechtvaardigheid
Ethiek onderzoekt het goede, ze vraagt wat goedheid
en rechtvaardigheid is, of en hoe het goede kan
gefundeerd worden
Sociale en politieke filosofie houdt zich bezig met de
samenleving
Rechtsfilosofie is een apart vakgebied waarbinnen
onder meer de vraag wordt gesteld naar de aard en de
oorsprong van recht en haar verhouding tot ethiek
4