gasuitwisseling
De ademhaling vindt in het hele lichaam plaats
Respiratie bestaat uit vier processen die zorgen voor gasuitwisseling en energieproductie in
het lichaam:
● Ademhaling (ventilatie): Lucht in- en uitademen
● Externe ademhaling: Gasuitwisseling tussen longen en bloed
● Inwendige ademhaling: Gasuitwisseling tussen bloed en weefsels
● Cellulaire ademhaling: Cellen gebruiken zuurstof om ATP te maken; CO₂ ontstaat
als afvalstof
Externe ademhaling gebeurt in de longen, terwijl interne ademhaling en cellulaire
ademhaling plaatsvinden in de weefsels doorheen het hele lichaam
Naast gasuitwisseling heeft het ademhalingsstelsel ook een tweede functie, namelijk
geluidsproductie (vocalisatie)
Het ademhalingssysteem bestaat uit de bovenste en onderste
luchtwegen
Ademhalingsstelsel: Zorgt voor het transport van lucht naar de longen, waar
gasuitwisseling plaatsvindt. Botten, spieren en zenuwen helpen bij het in- en uitademen
● Bovenste luchtwegen → neus, neusholte en pharynx (boven de adamsappel)
● Onderste luchtwegen → larynx, trachea, bronchi en longen
Melisa Camci - 1
, De bovenste luchtwegen filteren, verwarmen en bevochtigen de
lucht
De bovenste luchtwegen zorgen ervoor dat ingeademde lucht wordt gefilterd, verwarmd en
bevochtigd voordat ze de longen bereikt
● De neus bevat ook receptoren voor geur en helpt bij
geluidsvorming
● Neusharen, slijm en cilia houden stof, ziektekiemen en
andere deeltjes tegen
● Cilia bewegen het slijm naar de keel, waar het wordt uit
gehoest of ingeslikt
● De bloedvaten in de neusholte verwarmen de lucht
● Sinussen (bijholtes) en traankanalen staan in verbinding
met de neusholte → runny nose
○ Sinussen: Met lucht gevulde holtes in de schedel die in verbinding staan met
de neus- en keelholte
Inkomende lucht komt de keelholte binnen, die de mond en neusholte verbindt met het
strottenhoofd
- De bovenste keelholte loopt van de neusholte tot aan het gehemelte. Hierin monden
de twee buisjes van Eustachius (gehoorbuizen) uit, die de middenoorholtes afvoeren
en de luchtdruk tussen het middenoor en de buitenlucht in evenwicht brengen
- De onderste keelholte is een gemeenschappelijke doorgang voor voedsel en lucht.
Voedsel passeert deze doorgang op weg naar de slokdarm, en lucht stroomt erdoor
naar de onderste luchtwegen
De onderste luchtwegen zorgen voor gasuitwisseling
De onderste luchtwegen bestaan uit de larynx, trachea, bronchi, bronchiolen en longen
→ zorgen voor luchttransport, geluidsproductie en gasuitwisseling
● Larynx (strottenhoofd): Houdt de luchtweg open, leidt
voedsel en lucht naar de juiste weg en produceert geluid
via de stembanden
● Trachea (luchtpijp): Vervoert lucht naar de bronchi; slijm
en cilia verwijderen vuil en ziektekiemen
● Bronchi en bronchiolen: Vertakken zich in de longen en
verwarmen, bevochtigen en reinigen de lucht. Roken
beschadigt de cilia en verhoogt het risico op longziekten
De longen zijn de organen waar gasuitwisseling plaatsvindt. Ze bevatten miljoenen alveoli
(longblaasjes) met een groot oppervlak en dunne wanden, waardoor zuurstof en
koolstofdioxide gemakkelijk kunnen worden uitgewisseld met het bloed
● Surfactant voorkomt dat alveoli dichtklappen
○ Surfactant: Een stof die de oppervlaktespanning in de longblaasjes verlaagt,
waardoor deze open blijven en niet dichtklappen na uitademing
Melisa Camci - 2