Hoofdstuk 1: Internationaal ondernemen basisconcepten 5
1.1 Wat is internationale handel? 5
1.1.1 Handel in goederen 6
1.1.2 Handel in diensten 7
1.1.3 Internationale kapitaalstromen 7
1.1.4 Arbeidsmigratie 8
1.2Spelers actief op de internationale markt 9
1.3Wanneer internationaliseren? 10
1.4 Waarom internationaliseren? 12
1.5 Globale markten 14
1.5.1 Waarom globalisering zo’n vlucht nam 14
1.5.2Micro-economische gevolgen van globalisering 16
1.5.3Micro-economie versus Macro economie 17
1.6Situering van België in de wereldhandel 17
1.7Risico’s van internationalisering 18
Hoofdstuk 2: Beoordeling van de buitenlandse markt 20
2.1Marktonderzoek 20
2.2 Het marktpotentieel 23
2.3 De managing-toets 24
2.4 Bedrijfsinterne criteria 24
Hoofdstuk 3: Inschatten en beperken van risico’s 25
3.1Inschatten van landenrisico 25
3.1.1 De economische omgeving 25
3.1.1.1 Economische ontwikkeling 25
3.1.1.2 Het marktsysteem 29
3.1.1.3 Marktstructuur 31
3.1.1.4 Maatschappelijke variabelen 32
Entry mode: strategieën om de markt te betreden 34
3.1.2Politieke omgeving 35
3.1.2.1 Het begrip Natie 35
3.1.2.2Machtsbronnen: van waaruit vloeit de macht voort? 36
1
, 3.1.2.3Vormen van bestuur: wie oefent macht uit? 37
3.1.2.4Unitair versus federaal 37
3.1.2.5De rol van de politieke partijen 38
3.1.2.6 De rol van de
overheid 39
3.1.2.7 Politieke
instabiliteit 40
3.1.2.8Inschatten en omgaan met politieke risico’s 40
3.1.3Juridische omgeving 42
3.1.3.1 Het
rechtsysteem 42
3.1.3.2Hoe zorgt dit voor meer risico? 42
3.1.3.3Lex Mercatoria 43
3.1.3.4Arbitrage 43
3.2 Inschatten van het financiële en monetaire risico 44
3.2.1Wisselkoersen 44
3.2.2 De globale financiële context 44
3.3 Inschatten van het culturele ‘risico’ 46
3.3.1Enkele basisprincipes 47
3.3.2 Specifieke cultuurverschillen en hun impact op onze internationale
contacten 49
3.3.3 Het concept tijdsbeleving 51
3.3.4 Het concept ruimte 51
3.3.5 Verbale en non-verbale communicatie 52
3.3.6 Cultuur in internationale onderhandelingen 53
3.3.7 De dimensies van Hofstede 55
3.3.8 Culturele aanpassing 56
Hoofdstuk 4: Internationaal verantwoord ondernemen 57
MVO is hot? 57
4.1 Ethisch ondernemen en ethische dilemma’s 66
4.2 Ethische uitdagingen voor een internationaal ondernemer 66
4.2.1Corruptie 66
4.2.2 Onethisch management 67
4.2.3 Inbreuken tegen het intellectueel eigendomsrecht 67
Hoofdstuk 5: Regionale handelsblokken en EU 68
5.1 Bilaterale en multilaterale handelsakkoorden 68
2
, 5.1.1 Van GATT tot
WTO 69
5.1.2Regionale handelsblokken 70
5.2 De Europese Unie 72
5.2.1Mijlpalen in de geschiedenis van de EU 72
5.2.2 De grenzen van de EU 73
2.3 De voornaamste organen van de EU 74
2.3.1De raad van de EU 74
2.3.2 Het Europese Parlement 74
2.3.3 De Europese Commissie 75
2.3.4 Overige organen 75
2.4 Hoe komen Europese wetten tot stand? 76
2.5 Voornaamste werkdomeinen 77
2.6 De interne markt 77
2.7 De monetaire unie 77
2.8 De EU in de wereld 77
2.9 Het verdrag van Lissabon 78
2.10Brexit 78
3
, Hoofdstuk 1: Internationaal ondernemen
basisconcepten
Case 1 :
Stel je volgende situatie voor : je zit voor het vak Internationaal
Ondernemen te studeren in een koffiebar in de buurt van de school. De
uitbater van de school ziet je werken op je laptop, vraagt wat je aan het
studeren bent en maakt dan de volgende opmerking :
“Ik snap niet veel van al dat internationale gedoe. Ik ben daar helemaal niet
mee bezig. Ik run hier in de stad rustig m’n eigen zaakje. Gelukkig moet ik me
niet bezighouden met globalisering en internationalisering”
De opmerking van de uitbater zet je aan het denken. Natuurlijk heeft
globalisering wel invloed op deze man z’n kleine zaak.
Met welke argumenten kan je de man uitleggen dat er echt wel andere dan
lokale invloeden meespelen bij het uitbaten van een koffiebar ?
★ De koffiebonen komen uit het buitenland
★ In Antwerpen is het merendeel allochtoon waardoor bv. Turken liever
thee drinken
★ Concurrentie van internationale ketens zoals bv. Starbucks
★ Zijn servies, tafels, tafelkleden, … kunnen uit andere landen komen
★ …
1.1 Wat is internationale handel?
= alle mogelijke economische interacties tussen landen
★ aankoop en verkoop van goederen
Duitsland = belangrijk exportland van goederen
★ aankoop en verkoop van diensten
bankactiviteiten, transportsector, toerisme, consultancy bedrijven, enz …
★ Internationale investeringen
bv. opstarten van een bedrijf in het buitenland of buitenlandse bedrijven die
naar België komen omwille van een strategische interessante locatie
★ Produceren in anderen landen
★ Uitwisseling van know how en technologie
★ Beleggen in buitenlandse financiële producten enz.
4