HOOFDSTUK 1 KOOP: INLEIDING
1. BELANG VAN HET ALGEMEEN VERBINTENISSENRECHT
Alle bijzondere overeenkomsten volgen het regime van het algemeen verbintenissenrecht. De
beginselen en de basisregels van de verbintenissen uit OVK moeten dus steeds voor ogen
worden gehouden (boek 5 BW).
Zie:
○ Beginsel van wilsautonomie: contract = wet partijen (5.69 BW)
○ Beginsel van consensualisme: loutere wilsovereenstemming is vaak genoeg
○ Basisvereisten voor geldigheid contract (art. 5.27 BW):
▪ Geldige toestemming, zonder wilsgebreken
▪ Bekwaamheid contractspartijen
▪ Bepaald voorwerp
▪Geoorloofde oorzaak
○ Algemene regels contractuele aansprakelijkheid
○ Algemene regels tenietgaan van overeenkomst
○ Algemene regels betreffende wederkerige contracten
▪ De opschorting van uitvoering, de ontbinding, de risicotheorie
= de kern van het VBR is te kennen om deze cursus tot een goed eind te brengen.
2. BENOEMDE EN ONBENOEMDE OVEREENKOMSTEN
= contracten die courant zijn dat de wetgever een eigen regeling heeft voorzien.
Benoemde of bijzondere overeenkomsten zijn onderworpen aan specifieke regeling (zie art
5.13 BW), onderscheidt ze van een doorsnee contract dat geregeld wordt in het algemeen
contractenrecht (algemene regels in art 5.4 – 5.124 BW).
○ Omdat deze contracten veel voorkomen geeft de wetgever alreeds een specifieke
regeling omdat dit soort contracten belangrijk zijn net omdat ze veel voorkomen
○ De wetgever reikt een soort modelcontract aan, een sjabloon
▪ Bevordert rechtszekerheid.
▫ Hier staan de basisbeginselen al in
▫ Een koop zonder dat er iets wordt afgesproken dan geldt wat er in de wet
staat. Alles zal gedekt zijn want hetgene dat vergeten wordt, is
opgevangen door de basisregels in het sjabloon.
Bv gebreken aan het gekochte goed
▪ Het bespaart ook tijd en moeite terwijl de contractanten als ze dit willen er
toch kunnen van afwijken van deze regeling in de wet
De hier behandelde contracten komen uit het Oud BW: koop, huur van goederen (gedeeltelijk
geregionaliseerd), aanneming van werk, lastgeving, dading, en bewaarneming. De materie is
zeer omvangrijk en dus moet er worden gekozen (bv. niet: pacht).
○ Pacht is de huur van landbouwgoederen aan een professionele landbouwer, dit is zeer
complex en gespecialiseerd. Dit wordt niet behandeld in deze cursus.
Bepaalde materies zo belangrijk eigen rechtstak met eigen naam en eigen regeling
Belangrijke wijzigingen op komst met boek 7 BW
Modelcontracten die kunnen gewijzigd worden aan de wil van de partijen.
○ Nuance: bv. huurwetgeving is dwingend en niet aanvullend recht!
2.1. ANDERE ONBENOEMDE OVEREENKOMSTEN
1
, Er zijn ook benoemde OVK die niet in het BW staan.
Deze zijn uitgebreid geregeld in bijzondere wetten.
Een aantal van deze wetten is in 2014 gebundeld in het Wetboek Economisch Recht.
Bepaalde materies zo belangrijk eigen rechtstak met eigen naam en eigen regeling.
2.2. ONBENOEMDE OVEREENKOMSTEN
= Onbenoemde overeenkomst: past niet in het specifiek wettelijk omschreven kader.
Geen specifiek wettelijk kader dus boek 5? Neen, zie bv. leasingscontract (heeft vaste
basisregels).
○ Soms toch wel benoemd, “maar zonder eigen of weinig “ wettelijke regeling:
leasing, factoring, sponsoring…
▪ Maar iedereen weet wel wat er bedoeld wordt omdat ze uit de praktijk zijn gegroeid.
▪ Dit zijn dus eerder ook benoemde OVK maar die geen kader in de wet hebben
○ Echte onbenoemd zijn er twee soorten: sui generis en gemengd
▪ Sui generis of eigensoortige OVK : specifieke autonome inhoud, kan niet
worden herleid tot één benoemd contract of combinatie van benoemde
contracten, bv. franchising.
○ Gemengd: samenstelling van verscheidene benoemde overeenkomsten, bv.
verhuiscontract (vervoersovereenkomst + aanneming van werk), bv. verblijven in hotel
(huur + aanneming), kluis voor juwelen (bewaargeving)…
3. KWALIFICATIE VAN CONTRACTEN
Je moet weten welk soort contract je voor je hebt om de juiste regels te kunnen toepassen. Zo
zijn er verschillende soorten koopovereenkomsten met verschillende regels.
○ Het kan ook zijn dat het niet duidelijk uit de OVK blijkt wat de kwalificatie is.
○ Bv de combinatie van koop en aanneming, deze twee verschillen op zowat elke belangrijk
punt. Er is niets hetzelfde in.
○ Hierop kan je dus geen combinatie toepassen want de regels zijn te verschillend.
▪ Je gaat dan de kwalificatie nemen van de OVK waarvan de regels het zwaarst
doorwegen
3.1. COMBINATIE, ABSORPTIE, EN ZELFSTANDIGHEID
Vaak zin er hybride contracten, die kenmerken vertonen van verschillende courante
overeenkomsten, maar welke regels gelden dan?
Bv. het hotelcontract, waarin zowel huur van goederen (hotelkamer) als huur van werk en
diensten (licht, verwarming), koop (voeding) en bewaargeving (bagage) (zie p46 cursus).
Drie methodes om dit te bepalen: de combinatiemethode, de absorptiemethode, en de al
vermelde kwalificatie als eigensoortige (sui generis ) overeenkomst (art 5.67 BW).
1. COMBINATIEMETHODE
Regels van de samenstellende benoemde overeenkomsten worden toegepast op de
corresponderende onderdelen van de gemengde overeenkomst (bv. hotelverblijf, koop, huur,
lastgeving).
○ Deze methode wordt dus toegepast bij contracten waar in 1 contract verschillende
verbintenissen zijn opgenomen die elk tot benoemde OVK kunnen worden herleid en die
naast elkaar bestaan zonder elkaar voor de voeten te lopen.
Het resultaat is dat dat elk onderdeel van een gemengd contract wordt gekwalificeerd als ware
het aan een apart tussen de partijen gesloten contract.
○ Werkt niet wanneer de regels van de verschillende benoemde contracten
onverenigbaar zijn met elkaar zoals bij koop en aanneming van werk
2
, 2. ABSORPTIEMETHODE
Deze methode wordt gebruikt bij contracten waar in 1 contract verschillende verbintenissen zijn
opgenomen die elk tot benoemde OVK kunnen worden herleid maar waar de regels indien het
een apart contract niet of moeilijk verenigbaar zijn.
Reden: het ene component is niet even waardevol als het andere component.
Enkel rekening houden met de regels van de benoemde overeenkomst, die het zwaarst
doorweegt in de verhouding tussen de contractanten (bv. koop + aanneming). De andere
onderdelen van het contract worden opgeslorpt.
○ Bv het plaatsen van ramen in een huis
▪ Dat is de aankoop van de ramen + de aanneming voor het plaatsen van de ramen
○ Bij problemen zou de rechtbank (beoordeelt streng) dit eerder zien als een
aanneming OVK ook al wegen de plaatsingswerken niet sterk door in het
geheel van de OVK.
▪ Als consument is er speciale bescherming voor de koop (Europese wetgeving).
Deze wetgeving zegt dat als men overgaat tot de koop van goederen die nog tot
stand moeten worden gebracht en geïnstalleerd dat dit een koop is, en dit is
dwingend recht
▪ Een aantal RB blijft dit echter zien als een aanneming
○ De kwalificatie is zeer belangrijk
▪ Er zijn namelijk andere regels van toepassing
Probleem bij deze methode is dat het overwicht duidelijk aanwezig moet zijn wat niet altijd het
geval is.
3. SUI GENERIS OVEREENKOMST
Indien geen van beide methodes werkt: dan kwalificatie als eigensoortige (sui generis )
overeenkomst.
De regels van de benoemde OVK waarvan de gemengde OVK-karakteristieken heeft van
overgenomen kunnen dan naar analogie worden toegepast.
3.2. KUNNEN CONTRACTSPARTIJEN HUN OVK DE NAAM GEVEN DIE ZE WILLEN, ART
5.68 BW?
Door de contractuele vrijheid kunnen partijen hun contract de naam geven die hun best uitkomt.
○ Rechter is niet noodzakelijk gebonden door die kwalificatie, maar moet wil van
partijen respecteren.
▪ Hij kan dus maar herkwalificeren als hij merkt dat dat elementen van de OVK
onverenigbaar zijn met de kwalificatie die de partijen eraan hebben gegeven
(denk arbeidsrecht schijnzelfstandigheid/ schijnwerknemerschap)
▪ Anders schendt hij de bindende kracht van de OVK (art 1134 lid 1 BW)
○ Schijnzelfstandigheid in het arbeidsrecht is een bekende vorm.
▪ Dit als een bedrijf u betaalt als zelfstandige maar waar de werkgever toch
vergaande eisen gaat stellen aan uw aanwezigheid of het te behalen quota.
▫ Dit moet dus gezien worden als een werknemer en geen zelfstandige.
○ Huur: geen huur maar “ontwijken dwingende regels handelshuur…
▪ Dit kan dan bv een dienstverlening OVK zijn, maar u kan hier geen dwingend
recht mee ontwijken. De rechter kan dus toch nog zeggen dit is een handelshuur
OVK.
3
, 4. DE CONSUMENT ALS ZWAKKE MEDECONTRACTANT
4.1. CONSUMENTENBESCHERMING: B2C
Wanneer er een OVK-relatie is tussen een business en consument dan wordt deze consument
sterk beschermd omdat de wetgever dit ziet als een zwakkere partij en hij het contractueel
evenwicht wilt behouden. Deze regels zijn terug te vinden in het Wetboek Eco Recht.
De wetgever heeft met de invoering van de Wet handelspraktijk van 1971 en het daarbij in 1991
ingevoerde luik van de consumentenbescherming geraakt aan 2 fundamentele beginselen van het
VBR, namelijk
○ Principe van de wilsvrijheid
○ De bindende kracht van de OVK
Deze bescherming loop door alle OVK door. !!!Je moet dus altijd goed bekijken of 1 van de
partijen in de OVK een consument is want dan treden er andere regels in werking.
VELE beperkingen contractsvrijheid: handelshuur, pacht, woninghuur, landverzekering…
○ WER (wetboek eco recht), Boek VI, Marktpraktijken en consumentenbescherming
(artikelen VI.1 VI.128): contracten met consumenten en verboden “onrechtmatige
bedingen”. Consument en contractuele wederpartij, de onderneming, zeer ruim
gedefinieerd.
○ Vrijwaren van het contractueel evenwicht: consument is zwakkere partij die niet kan
onderhandelen (geen negotiating of bargaining power, take it or leave it, nadelige
toetredings- en adhesiecontracten, onbegrijpelijke bedingen, enz.).
▪ Bv. Het is verboden om af te wijken van de basis bevoegdheid regels van art
624 Ger.W.
▫ In een OVK staat “plaats van levering steeds geacht de zetel van de
verkoper te zijn”: waar zit de angel? Zie art. 624 Ger.W.
▫ Als er ooit een betwisting ontstaat, wel door het feit dat er contractueel
overeengekomen is dat de plaats van levering steeds geacht de zetel van
de verkoper te zijn kan de verkoper wanneer de koper niet betaald zich
beroepen op 624 Ger.W. Dit verwijst naar onder meer de uitvoering van de
koop, dit is de levering. Dus bij de verkoper, hij kan dagvaarden dicht bij
huis. Van deze regel kan men niet in de OVK afwijken.
Stelling: regels moeilijk vindbaar voor burger. Met al deze regels moet rekening worden
gehouden bij het sluiten van een contract met een consument (koop, aanneming van werk…).
○ Dus in feite: altijd voorafgaande kwalificatie, niet alleen “dit is een koop”, maar ook
“is dit een consumentenkoop, een handelskoop, een koop tussen particulieren?” (bv.
aankoop en plaatsing ramen).
○ Stelling: vérgaande regulaties, bv. art. VI.37, § 1. WER
▪ Bv bedingen moeten in begrijpbare taal worden opgesteld
“Grijze lijst”: bedingen die de rechter soeverein kan beoordelen op hun onrechtmatigheid, maar
die niet per se onrechtmatig zijn (art. VI.82 WER).
○ Bv. wanneer de OVK voor 1 partij te bezwarend is
Artikel VI.82 WER
○ Voor de beoordeling van het onrechtmatige karakter van een beding van een
overeenkomst worden alle omstandigheden rond de sluiting van de overeenkomst,
alsmede alle andere bedingen van de overeenkomst of van een andere overeenkomst
waarvan deze afhankelijk is, op het ogenblik waarop de overeenkomst is gesloten in
aanmerking genomen, rekening houdend met de aard van de producten waarop de
overeenkomst betrekking heeft.
○ Voor de beoordeling van het onrechtmatige karakter wordt tevens rekening gehouden
met het in artikel VI.37, § 1 , bepaalde vereiste van duidelijkheid en begrijpelijkheid
van het beding.
○ De beoordeling van het onrechtmatige karakter van bedingen heeft geen betrekking
4