Algemene Chemie I
Hoofdstuk 2: Atomen,
moleculen en ionen
Inleiding
Chemie:
Verandering in materie (vb. stuk houdt verbrand warmte en as)
Nadenken opbouw materie:
Plato & Aristoteles: materie is oneinding deelbaar
Democritus: atomen zijn kleinste bouwstenen
Waaruit atomen opgebouwd?
Hoe worden grotere eenheden, moleculen gevormd?
Chemie en de elementen
Element
= een fundamentele stof die via een chemische manier niet verder opgedeeld of
omgezet kan worden in iets eenvoudigers
118 elementen : 90 in de natuur 28 artificieel
Namen en symbolen veel voorkomende elementen:
Gebundeld in tabel van Mendeleev of periodiek systeem
Het periodiek systeem
Groep = elementen met gelijkaardige eigenschappen
Rij: gerangschikt naar stijgende massa
, Eigenschappen van elementen
Eigenschap = een karakteristiek die gebruikt kan worden om een materie te
beschrijven of te identificeren.
Chemische eigenschap = karakteristiek die iets te maken heeft met de verandering
van chemische eigenschappen van een stof.
Fysische eigenschap = karakteristiek die niets te maken heeft met de verandering
van chemische eigenschappen van een stof.
Alkalimetalen
Zachte, zilverkleurige metalen
die zeer heftig reageren met water
Moeilijk te verkrijgen in de natuur, enkel in
gebonden toestand met andere metalen
Aardalkalimetalen
Glanzende, zilverkleurige metalen maar minder
reactief dan groep 1A:
Halogenen
Kleurrijke corrosieve niet-metalen
Vormen 1 – waardig negatieve ionen
Komen altijd in di-atomische toestand voor
Edelgassen
Kleurloos, weinig reactieve gassen
Worden gebruikt in neonverlichting
Minder geneigd bindingen te vormen MAAR
naarmate je naar beneden gaat, toch wel binden
aangezien molecule zeer groot is
Neon lights: door elektrische stroom springen elektronen
van één naar ander niveau en slagen terug neer. Daarbij komt energie vrij. Kleur is
afhankelijk van de sprong
Hoofdstuk 2: Atomen,
moleculen en ionen
Inleiding
Chemie:
Verandering in materie (vb. stuk houdt verbrand warmte en as)
Nadenken opbouw materie:
Plato & Aristoteles: materie is oneinding deelbaar
Democritus: atomen zijn kleinste bouwstenen
Waaruit atomen opgebouwd?
Hoe worden grotere eenheden, moleculen gevormd?
Chemie en de elementen
Element
= een fundamentele stof die via een chemische manier niet verder opgedeeld of
omgezet kan worden in iets eenvoudigers
118 elementen : 90 in de natuur 28 artificieel
Namen en symbolen veel voorkomende elementen:
Gebundeld in tabel van Mendeleev of periodiek systeem
Het periodiek systeem
Groep = elementen met gelijkaardige eigenschappen
Rij: gerangschikt naar stijgende massa
, Eigenschappen van elementen
Eigenschap = een karakteristiek die gebruikt kan worden om een materie te
beschrijven of te identificeren.
Chemische eigenschap = karakteristiek die iets te maken heeft met de verandering
van chemische eigenschappen van een stof.
Fysische eigenschap = karakteristiek die niets te maken heeft met de verandering
van chemische eigenschappen van een stof.
Alkalimetalen
Zachte, zilverkleurige metalen
die zeer heftig reageren met water
Moeilijk te verkrijgen in de natuur, enkel in
gebonden toestand met andere metalen
Aardalkalimetalen
Glanzende, zilverkleurige metalen maar minder
reactief dan groep 1A:
Halogenen
Kleurrijke corrosieve niet-metalen
Vormen 1 – waardig negatieve ionen
Komen altijd in di-atomische toestand voor
Edelgassen
Kleurloos, weinig reactieve gassen
Worden gebruikt in neonverlichting
Minder geneigd bindingen te vormen MAAR
naarmate je naar beneden gaat, toch wel binden
aangezien molecule zeer groot is
Neon lights: door elektrische stroom springen elektronen
van één naar ander niveau en slagen terug neer. Daarbij komt energie vrij. Kleur is
afhankelijk van de sprong