Materieel strafrecht
Inleiding: situering strafrecht en strafvordering
• Kader: ‘Inleiding tot het recht’ en ‘Recht en criminologie’
o Strafrecht: wetsbepalingen die bepalen welke gedragingen strafbaar zijn en hoe
o Strafrecht is publiek recht (quid horizontale Rverh), legaal recht en sanctierecht (met als
bijz eigenschap leed)
• In dit college: ‘technische’ benadering van het strafsysteem = regels voor bestraffing met
techn def van kernbegrippen MD, Straf & Dader
o Strafrecht / materieel strafrecht: INHOUD ➔ ken structuur van het Sw (nr 15)
Wat? Hoe? Wanneer? Wie? Waar? …: Strafwetboek (Sw.) & afzonderlijke strafwetten
➔ ken verschil en vb complementaire en bijzondere wetten (17-19)
o Strafprocesrecht / formeel strafrecht / strafvordering: VORM
Opsporen, vaststellen, vervolgen, berechten,… : Wetboek Strafvordering (Sv.), + …
De strafwet
I. Algemene beginselen
A. Het legaliteitsbeginsel art. 2
1. Begrip
• nullum crimen, nulla poena sine lege = geen misdaad, geen straf zonder wet
• Strafrecht = én misdrijf én straf moet in wetboek
• Strafrecht is een geschreven en legaal recht: het strafbaar stellen van bepaalde gedragingen
en het opleggen van straffen kan enkel krachtens de wet geschieden
• één van de (absolute) grondbeginselen:
o artikel 7 EVRM en 15 IVBPR
o artikel 12 en 14 Grondwet
Art. 12
• De vrijheid van de persoon is gewaarborgd.
• Niemand kan worden vervolgd dan in de gevallen die de wet bepaalt en in de vorm die zij
voorschrijft.
• Behalve bij ontdekking op heterdaad kan niemand worden aangehouden dan krachtens een
met redenen omkleed bevel van de rechter, dat moet worden betekend bij de aanhouding of
uiterlijk binnen vierentwintig uren.
Art. 14
• Geen straf kan worden ingevoerd of toegepast dan krachtens de wet.
1
, artikel 2 Sw.: Geen misdrijf kan worden gestraft met straffen die bij de wet niet waren gesteld
voordat het misdrijf werd gepleegd. Indien de straf, ten tijde van het vonnis bepaald, verschilt
van die welke ten tijde van het misdrijf was bepaald, wordt de minst zware straf toegepast.
2. Draagwijdte van het legaliteitsbeginsel
Dat was ook het probleem met veel van die administratieve boetes in de gemeenten, daar worden allerlei
dingen aangepakt door de gemeenten, zoals het likken van ijsjes op de trap van rechtsgebouwen die op zich
niet strafwaardig zijn. Het probleem met die GAS is dat je eigenlijk aan de gemeenten een grote marge ging
geven om jongeren te pesten en bepaalde groepen te pesten, omdat in sé het legaliteitsbeginsel daar dan
nietgeldt. Er is geen artikel 2 voor de GAS.
In de voorbije 10-20 jaar is er een continue invraagstelling geweest met nieuwe fenomenen, van valt dat onder
die bestaande strafwetgeving, ja of nee?
Het handboek legt op pagina 13 uit wat dat betekent: door of krachtens de wet. Dat is een examenvraag! Dat
wil zeggen dat strafwetgeving ook kan voortkomen in dingen die niet door het nationaal en federaal parlement
zijn gestemd of de decreetgevers. Krachtens een wet wilt zeggen dat dat ook kan staan in teksten van de
provincies, ook in uitvoeringsbesluiten van Koninklijke Besluiten.
De decreetgever mag derhalve wel degelijk afwijken van de bepalingen van Boek I van het strafwetboek, maar
voor 2 soorten afwijkingen dient eerst een bijzondere procedure te worden gevolgd, namelijk:
• Wanneer de decreetgever een straf wil invoeren die niet voorkomt in de lijst van de verschillende
straffen die in Boek I van het SW zijn opgesomd
• Wanneer de decreetgever een strafbaarstelling wil invoeren die niet is opgenomen in Boek I van het
strafwetboek
Hij dient dan eerst het eensluidend advies van de federale Ministerraad te bekomen.
LEGALITEITSBEGINSEL: WELKE ‘WET’ IS BRON VAN STRAFRECHT?
(kwantitatief) belangrijkste bron:
• federale wetten,
• decreten van Gewest of Gemeenschap (bv. in sfeer van milieu en voedselveiligheid),
• ordonnanties van het Brussels Gewest.
Er is dus geen enkel verschil, het is niet dat de federale wetgeving primeert. In een federaal land kan het
toch zijn dat er verschillen zijn dat er iets strafbaar is in Brussel, maar bijvoorbeeld niet in Wallonië. Dat hoort
bij het federalisme. Dus een deel van de strafwetgevende bevoegdheid ligt buiten de federale wetgever zijn
bereik op het niveau van de Gewesten en de Gemeenschappen.
Dus krachten een wet betekent dat er ook strafwetgeving kan gemaakt worden door uitvoerende macht of
lokale overheden (delegatie).
In volgende teksten vinden we ook straffen en ook strafbare gedragingen (pagina 15);
• Koninklijke besluiten,
• Ministeriële besluiten,
• Provinciale reglementen,
• Gemeentelijke reglementen
• en politieverordeningen
Gemeenten kunnen dus een politieverordening stemmen en kunnen daar onder voorwaarde kiezen: hier
2
,plakken we nu een administratieve sanctie op (GAS-boete) of hier maken we écht strafsanctie van. De meeste
gemeenten zijn al die strafsancties beu, dus ze gaan overal administratieve sancties op plakken.
• Straffen mogen de politiestraffen niet te boven gaan: gevangenisstraf van max. 7 dagen en
geldboete van max. 25 euro
• Administratieve sancties zijn vooral administratieve boetes met max. van 175 euro voor
minderjarigen en 350 euro voor meerderjarigen
Dat zijn de bronnen in België, maar er zijn ook internationale onrechtstreekse bronnen (pagina 16):
• EU Richtlijnen en Verordeningen kunnen Lidstaten verplichtingen opleggen over
strafbaarstelling,straffen en procedure + EVRM en EHRM, GRECO, …..
• Invloed van Europees Unierecht op het strafrecht valt niet meer te ontkennen
• Soms heeft Europa iets beslist, waardoor het misdrijf moet geïntegreerd worden (vb.
cybersecurity)
Het kan dus zijn dat er bv. een richtlijn van de Europese Unie zegt dat alle lidstaten van de Europese Unie
mensenhandel moeten strafbaar stellen, en dan zal België wetgeving moeten stemmen om die
strafbaarstelling te realiseren. Gelukkig voor ons zijn er een aantal zaken op Unie vlak gerealiseerd, want is
ons parlement competent genoeg om al die zaken bij te houden? Neen, en is veel gemakkelijker om te
zeggen; “We moeten dit doen van Europa”. In sfeer van corruptie, mensenhandel en milieustrafrecht, is dat
meer en meer aan het gebeuren met het positief effect dat je strafbaarstellingen krijgt die overal in Europa
min of meer gelijk lopen.
Die Europese en internationale teksten zijn een onrechtstreekse bron, ze moeten omgezet worden. Dat is een
examenvraag: pagina 16.
3. Controle van het legaliteitsbeginsel
• Hof van Cassatie: neemt vrij snel aan dat een strafrechtsnorm voldoet aan het LGB
• Grondwettelijk Hof: heeft meermaals geoordeeld dat bepaalde wetsbepalingen strijdig zijn met LGB
• Sommige wetten gebruiken zo’n vage begrippen dat de juiste draagwijdte ervan niet kan worden
vastgesteld
o Dit is in strijd met hel lex certa-beginsel
o = dit beginsel vereist dat de strafbepaling voldoende toegankelijk is en als dusdanig of samen met
andere bepalingen gelezen, op voldoende precieze wijze de strafbare gedraging omschrijft, zodat
de draagwijdte ervan voorspelbaar is
LEGALITEITSBEGINSEL: BELANG VOOR…
RECHTSONDERHOIGEN
Dat legaliteitsbeginsel is belangrijk voor de vrijheid van de burger. Als we eenmaal onderaan beginnen is het
goed dat al het strafrecht geschreven, want dan kunnen de rechtsonderhorigen lezen wat mag en niet mag.
Maar het beschermt ons ook tegen willekeur. Bv. mag je nu onverdoofd slachten? Er zijn meningsverschillen
tussen de drie gewesten, dus dan moet je de Brusselse ordonnantie lezen, zou je dat daar willen doen.
• rechtszekerheid: goede afspraken, goede vrienden > gedrag afstemmen (strafrecht als
beleidsinstrument) en kennis van gevolgen bij niet-naleving
• rechtsbeschermingsbeginsel (tegen rechterlijke willekeur)
• werking in de tijd: pas strafbaar zodra het in de wet staat (geen terugwerkende kracht (hierna))
•
WETGEVER
• Moet niet elk aspect van de vervolging zelf regelen
3
, • MAAR: Lex certa-beginsel: de wet moet duidelijk en nauwkeurig zijn (precies zijn), en
strafbaarheidvoorspelbaar
• Controle (tijdens totstandkoming) door Raad van State en (na invoering) door strafrechter
en Grondwettelijk Hof
•
RECHTER
• Moet zich aan de inhoud van de wet houden (trias politica-leer)
• Moet zich houden aan het legaliteitsbeginsel
• Hij mag niet iets dat hij laakbaar vindt bestraffen, als dat niet uit de wet blijkt.
• quid bij interpretatieproblemen? (hierna)
• De rechter mag niet vrij interpreteren. De rechter is gebonden aan interpretatietechnieken.
• Controle door het Hof van Cassatie
• Rechters mogen toetsen aan hogere normen:
4. Toetsing aan hogere normen
Wanneer de hoven en rechtbanken een strafbepaling toepassen, moet rekening worden gehouden met de
algemene regels van toetsing.
• Ze zijn bevoegd om na te gaan of een wettelijke bepaling niet in strijd is met de GW
o Bij twijfel of conflict stelt strafrechter prejudiciële vraag aan GWH
• Ze zijn bevoegd om de algemene provinciale en plaatselijke besluiten te toetsen aan de wet
o Op basis van: bevoegdheid, grond, vorm
o Bij conflict dient besluit buiten beschouwing te worden gelaten
• Ze zijn bevoegd om na te gaan of een nationaalrechtelijk regel niet in strijd is met een norm van een
internationaal verdrag, die rechtstreeks werking heeft
• Bij conflict: verdragsnorm voorrang
Rekening houdend met:
• EVRM – artikels
o Art 3: verbod foltering en onmenselijke vernederende straffen
o Art 7: LB en beginsel van niet- retroactieve werking
o Art 8: eerbiediging van het privéleven
o Art 10: vrijheid van meningsuiting
EVRM: overheidsmeningen waardoor die grondrechten worden geschonden mogen slecht mits
o Een wettelijke basis (legaliteit)
o Bepaalde doelstellingen nastreven (legitimiteit)
o Noodzakelijk democratische samenleving (proportionaliteit)
• BUPO – artikels
• Recht EU – negatieve doorwerking EU-recht:
o Er kan geen strafrechtelijke veroordeling worden uitgesproken van een met het
gemeenschapsrecht strijdig bevonden nationale wettelijke bepaling
B. Het karakter van de strafwet
Strafwetten zijn van openbare orde.
Dit heeft tot gevolg dat:
• Er niet aan getornd mag worden door private overeenkomsten
• Niemand kan worden ontslagen van zijn strafrechtelijke verantwoordelijkheid uit kracht van een
overeenkomst
4
Inleiding: situering strafrecht en strafvordering
• Kader: ‘Inleiding tot het recht’ en ‘Recht en criminologie’
o Strafrecht: wetsbepalingen die bepalen welke gedragingen strafbaar zijn en hoe
o Strafrecht is publiek recht (quid horizontale Rverh), legaal recht en sanctierecht (met als
bijz eigenschap leed)
• In dit college: ‘technische’ benadering van het strafsysteem = regels voor bestraffing met
techn def van kernbegrippen MD, Straf & Dader
o Strafrecht / materieel strafrecht: INHOUD ➔ ken structuur van het Sw (nr 15)
Wat? Hoe? Wanneer? Wie? Waar? …: Strafwetboek (Sw.) & afzonderlijke strafwetten
➔ ken verschil en vb complementaire en bijzondere wetten (17-19)
o Strafprocesrecht / formeel strafrecht / strafvordering: VORM
Opsporen, vaststellen, vervolgen, berechten,… : Wetboek Strafvordering (Sv.), + …
De strafwet
I. Algemene beginselen
A. Het legaliteitsbeginsel art. 2
1. Begrip
• nullum crimen, nulla poena sine lege = geen misdaad, geen straf zonder wet
• Strafrecht = én misdrijf én straf moet in wetboek
• Strafrecht is een geschreven en legaal recht: het strafbaar stellen van bepaalde gedragingen
en het opleggen van straffen kan enkel krachtens de wet geschieden
• één van de (absolute) grondbeginselen:
o artikel 7 EVRM en 15 IVBPR
o artikel 12 en 14 Grondwet
Art. 12
• De vrijheid van de persoon is gewaarborgd.
• Niemand kan worden vervolgd dan in de gevallen die de wet bepaalt en in de vorm die zij
voorschrijft.
• Behalve bij ontdekking op heterdaad kan niemand worden aangehouden dan krachtens een
met redenen omkleed bevel van de rechter, dat moet worden betekend bij de aanhouding of
uiterlijk binnen vierentwintig uren.
Art. 14
• Geen straf kan worden ingevoerd of toegepast dan krachtens de wet.
1
, artikel 2 Sw.: Geen misdrijf kan worden gestraft met straffen die bij de wet niet waren gesteld
voordat het misdrijf werd gepleegd. Indien de straf, ten tijde van het vonnis bepaald, verschilt
van die welke ten tijde van het misdrijf was bepaald, wordt de minst zware straf toegepast.
2. Draagwijdte van het legaliteitsbeginsel
Dat was ook het probleem met veel van die administratieve boetes in de gemeenten, daar worden allerlei
dingen aangepakt door de gemeenten, zoals het likken van ijsjes op de trap van rechtsgebouwen die op zich
niet strafwaardig zijn. Het probleem met die GAS is dat je eigenlijk aan de gemeenten een grote marge ging
geven om jongeren te pesten en bepaalde groepen te pesten, omdat in sé het legaliteitsbeginsel daar dan
nietgeldt. Er is geen artikel 2 voor de GAS.
In de voorbije 10-20 jaar is er een continue invraagstelling geweest met nieuwe fenomenen, van valt dat onder
die bestaande strafwetgeving, ja of nee?
Het handboek legt op pagina 13 uit wat dat betekent: door of krachtens de wet. Dat is een examenvraag! Dat
wil zeggen dat strafwetgeving ook kan voortkomen in dingen die niet door het nationaal en federaal parlement
zijn gestemd of de decreetgevers. Krachtens een wet wilt zeggen dat dat ook kan staan in teksten van de
provincies, ook in uitvoeringsbesluiten van Koninklijke Besluiten.
De decreetgever mag derhalve wel degelijk afwijken van de bepalingen van Boek I van het strafwetboek, maar
voor 2 soorten afwijkingen dient eerst een bijzondere procedure te worden gevolgd, namelijk:
• Wanneer de decreetgever een straf wil invoeren die niet voorkomt in de lijst van de verschillende
straffen die in Boek I van het SW zijn opgesomd
• Wanneer de decreetgever een strafbaarstelling wil invoeren die niet is opgenomen in Boek I van het
strafwetboek
Hij dient dan eerst het eensluidend advies van de federale Ministerraad te bekomen.
LEGALITEITSBEGINSEL: WELKE ‘WET’ IS BRON VAN STRAFRECHT?
(kwantitatief) belangrijkste bron:
• federale wetten,
• decreten van Gewest of Gemeenschap (bv. in sfeer van milieu en voedselveiligheid),
• ordonnanties van het Brussels Gewest.
Er is dus geen enkel verschil, het is niet dat de federale wetgeving primeert. In een federaal land kan het
toch zijn dat er verschillen zijn dat er iets strafbaar is in Brussel, maar bijvoorbeeld niet in Wallonië. Dat hoort
bij het federalisme. Dus een deel van de strafwetgevende bevoegdheid ligt buiten de federale wetgever zijn
bereik op het niveau van de Gewesten en de Gemeenschappen.
Dus krachten een wet betekent dat er ook strafwetgeving kan gemaakt worden door uitvoerende macht of
lokale overheden (delegatie).
In volgende teksten vinden we ook straffen en ook strafbare gedragingen (pagina 15);
• Koninklijke besluiten,
• Ministeriële besluiten,
• Provinciale reglementen,
• Gemeentelijke reglementen
• en politieverordeningen
Gemeenten kunnen dus een politieverordening stemmen en kunnen daar onder voorwaarde kiezen: hier
2
,plakken we nu een administratieve sanctie op (GAS-boete) of hier maken we écht strafsanctie van. De meeste
gemeenten zijn al die strafsancties beu, dus ze gaan overal administratieve sancties op plakken.
• Straffen mogen de politiestraffen niet te boven gaan: gevangenisstraf van max. 7 dagen en
geldboete van max. 25 euro
• Administratieve sancties zijn vooral administratieve boetes met max. van 175 euro voor
minderjarigen en 350 euro voor meerderjarigen
Dat zijn de bronnen in België, maar er zijn ook internationale onrechtstreekse bronnen (pagina 16):
• EU Richtlijnen en Verordeningen kunnen Lidstaten verplichtingen opleggen over
strafbaarstelling,straffen en procedure + EVRM en EHRM, GRECO, …..
• Invloed van Europees Unierecht op het strafrecht valt niet meer te ontkennen
• Soms heeft Europa iets beslist, waardoor het misdrijf moet geïntegreerd worden (vb.
cybersecurity)
Het kan dus zijn dat er bv. een richtlijn van de Europese Unie zegt dat alle lidstaten van de Europese Unie
mensenhandel moeten strafbaar stellen, en dan zal België wetgeving moeten stemmen om die
strafbaarstelling te realiseren. Gelukkig voor ons zijn er een aantal zaken op Unie vlak gerealiseerd, want is
ons parlement competent genoeg om al die zaken bij te houden? Neen, en is veel gemakkelijker om te
zeggen; “We moeten dit doen van Europa”. In sfeer van corruptie, mensenhandel en milieustrafrecht, is dat
meer en meer aan het gebeuren met het positief effect dat je strafbaarstellingen krijgt die overal in Europa
min of meer gelijk lopen.
Die Europese en internationale teksten zijn een onrechtstreekse bron, ze moeten omgezet worden. Dat is een
examenvraag: pagina 16.
3. Controle van het legaliteitsbeginsel
• Hof van Cassatie: neemt vrij snel aan dat een strafrechtsnorm voldoet aan het LGB
• Grondwettelijk Hof: heeft meermaals geoordeeld dat bepaalde wetsbepalingen strijdig zijn met LGB
• Sommige wetten gebruiken zo’n vage begrippen dat de juiste draagwijdte ervan niet kan worden
vastgesteld
o Dit is in strijd met hel lex certa-beginsel
o = dit beginsel vereist dat de strafbepaling voldoende toegankelijk is en als dusdanig of samen met
andere bepalingen gelezen, op voldoende precieze wijze de strafbare gedraging omschrijft, zodat
de draagwijdte ervan voorspelbaar is
LEGALITEITSBEGINSEL: BELANG VOOR…
RECHTSONDERHOIGEN
Dat legaliteitsbeginsel is belangrijk voor de vrijheid van de burger. Als we eenmaal onderaan beginnen is het
goed dat al het strafrecht geschreven, want dan kunnen de rechtsonderhorigen lezen wat mag en niet mag.
Maar het beschermt ons ook tegen willekeur. Bv. mag je nu onverdoofd slachten? Er zijn meningsverschillen
tussen de drie gewesten, dus dan moet je de Brusselse ordonnantie lezen, zou je dat daar willen doen.
• rechtszekerheid: goede afspraken, goede vrienden > gedrag afstemmen (strafrecht als
beleidsinstrument) en kennis van gevolgen bij niet-naleving
• rechtsbeschermingsbeginsel (tegen rechterlijke willekeur)
• werking in de tijd: pas strafbaar zodra het in de wet staat (geen terugwerkende kracht (hierna))
•
WETGEVER
• Moet niet elk aspect van de vervolging zelf regelen
3
, • MAAR: Lex certa-beginsel: de wet moet duidelijk en nauwkeurig zijn (precies zijn), en
strafbaarheidvoorspelbaar
• Controle (tijdens totstandkoming) door Raad van State en (na invoering) door strafrechter
en Grondwettelijk Hof
•
RECHTER
• Moet zich aan de inhoud van de wet houden (trias politica-leer)
• Moet zich houden aan het legaliteitsbeginsel
• Hij mag niet iets dat hij laakbaar vindt bestraffen, als dat niet uit de wet blijkt.
• quid bij interpretatieproblemen? (hierna)
• De rechter mag niet vrij interpreteren. De rechter is gebonden aan interpretatietechnieken.
• Controle door het Hof van Cassatie
• Rechters mogen toetsen aan hogere normen:
4. Toetsing aan hogere normen
Wanneer de hoven en rechtbanken een strafbepaling toepassen, moet rekening worden gehouden met de
algemene regels van toetsing.
• Ze zijn bevoegd om na te gaan of een wettelijke bepaling niet in strijd is met de GW
o Bij twijfel of conflict stelt strafrechter prejudiciële vraag aan GWH
• Ze zijn bevoegd om de algemene provinciale en plaatselijke besluiten te toetsen aan de wet
o Op basis van: bevoegdheid, grond, vorm
o Bij conflict dient besluit buiten beschouwing te worden gelaten
• Ze zijn bevoegd om na te gaan of een nationaalrechtelijk regel niet in strijd is met een norm van een
internationaal verdrag, die rechtstreeks werking heeft
• Bij conflict: verdragsnorm voorrang
Rekening houdend met:
• EVRM – artikels
o Art 3: verbod foltering en onmenselijke vernederende straffen
o Art 7: LB en beginsel van niet- retroactieve werking
o Art 8: eerbiediging van het privéleven
o Art 10: vrijheid van meningsuiting
EVRM: overheidsmeningen waardoor die grondrechten worden geschonden mogen slecht mits
o Een wettelijke basis (legaliteit)
o Bepaalde doelstellingen nastreven (legitimiteit)
o Noodzakelijk democratische samenleving (proportionaliteit)
• BUPO – artikels
• Recht EU – negatieve doorwerking EU-recht:
o Er kan geen strafrechtelijke veroordeling worden uitgesproken van een met het
gemeenschapsrecht strijdig bevonden nationale wettelijke bepaling
B. Het karakter van de strafwet
Strafwetten zijn van openbare orde.
Dit heeft tot gevolg dat:
• Er niet aan getornd mag worden door private overeenkomsten
• Niemand kan worden ontslagen van zijn strafrechtelijke verantwoordelijkheid uit kracht van een
overeenkomst
4