OEFENCOLLEGES TAAL – THERAPIE
TAALONTWIKKELINGSSTOORNISSEN
OEFENCOLLEGE 1 – BEHANDELPLAN OPSTELLEN
INHOUD VAN EEN BEHANDELPLAN
1) Duur van de taaltherapie
2) Vorm van de taaltherapie
3) Samenwerking met andere disciplines
4) Hoofddoel(en) opstellen
5) Doelen per hoofddoel
1. DUUR
• In de praktijk slechts een gedeelte van de behandelperiode
• 6 maanden
• Overzichtelijk
• Termijn hertesting (meestal)
• Na 6 maanden evalueren en behandelplan aanpassen (maar
ook na elke sessie evalueren)
Behandelplan is opgesteld voor termijn van 6 maanden
2. VORM
• Direct indirect
o Indirect: bijv. ouders begeleiden in hoe zij kunnen helpen, dit is zonder de cliënt zelf erbij → niet
minder effectief! Soms meer effect op cliënt dan directe therapie
• Individueel in groep
o In groep bijv. beter om pragmatiek te oefenen
o Groepstherapie makkelijker in buitengewoon onderwijs
• Telelogopedie face to face
o Telelogopedie sinds 01/2026 niet meer terugbetaald, kende groeiperiode tijdens COVID-
pandemie
• Therapeutgestuurd (oefentherapie) kindgericht (communicatieve therapie)
o Therapeutgestuurd → alles ligt op voorhand vast, op voorhand doelen bedenken en materiaal
en instructies vastleggen
o Kindgericht → op voorhand ongeveer weten wat doel is, maar je volgt uitingen van kind
o Materiaal is richtinggevend, maar op vlak van taalvorm, -inhoud of -gebruik en expressief-
receptief kan het alle kanten op
Gezien de leeftijd van het kind (2,2 jaar) wordt gekozen voor indirecte therapie in de thuissituatie (transfer van
meer dagelijkse communicatie, gebruikt materiaal behoort tot leefwereld van kind en hiermee kan kind sowieso verder
oefenen) waarbij telkens minstens 1 ouder betrokken wordt. De logopedist komt 2 x 30 minuten per week
en hanteert logopedische technieken tijdens communicatieve therapie.
pagina 1 van 18
,3. SAMENWERKEN MET ANDERE DISCIPLINES
Casusafhankelijk van wel/geen andere disciplines en hoeveel.
• Medisch → huisarts, NKO-arts, ...
• Motorisch → kinesist, ergotherapeut, ...
• Sociaal-emotioneel → psycholoog, pedagoog, ...
• School → leerkrachten, CLB, ...
• Dagopvang
De huisarts volgt de algemene ontwikkeling verder op en raadpleegt de kinderarts. De ouders hebben nauw
contact met de verzorgers in de crèche. De logopedist organiseert op regelmatige tijdstippen overleg met
alle betrokken partijen en communiceert alle relevante informatie onderling.
4. HOOFDDOELEN
Vertrek vanuit de hulpvra(a)g(en):
• Van cliënt
• Van omgeving van cliënt
Vertrek vanuit het ICF-model
• Doelen op stoornisniveau, in
functie van de diagnosestelling:
• Soort (receptief/expressief)
• Ernst (licht/matig/ernstig)
• Impact op het dagelijks functioneren? Nood aan klinische expertise !
• Doelen op activiteitenniveau
• Boodschappen begrijpen en produceren;
• Gebruik maken van communicatiehulpmiddelen
• Doelen op participatieniveau
• Participatie in home life (gezin, school) en in sociale relaties
• Hoe kan ik het mijn cliënt makkelijker maken deel te nemen aan sociale activiteiten?
• Leerkracht nodig om te weten hoe cliënt op school participeert
o Bijv. kleuterschool: dag start met kringgesprek. Neemt cliënt hieraan actief deel?
• Doelen op niveau van externe factoren
• Invloed van de omgeving op het functioneren van de cliënt
• Doelen op niveau van persoonlijke factoren
• Persoonlijke factoren van invloed op het huidig functioneren van de cliënt
• Temperament kan niet veranderd worden, maar wel eigen kijk op spraak- of
taalprobleem
VOORBEELDOEFENING
Jongen (J.) met een receptief-expressieve TOS van 5;8 jaar in de 3e kleuterklas.
→ J. begrijpt de opdrachten die door de leerkracht gegeven worden en neemt actief deel aan de
kringgesprekken in de klas.
o Participatie in klas
o Receptief
pagina 2 van 18
, o Taalinhoud – taalvorm – taalgebruik
→ J. begrijpt de opdrachten die door de leerkracht gegeven worden en neemt actief deel aan de
kringgesprekken in de klas.
o Participatie
• Expressief
• Taalinhoud – taalvorm – taalgebruik
Hoofddoelen koppelen aan doelen:
• Hoofddoel = J. begrijpt de opdrachten die door de leerkracht gegeven worden en neemt actief
deel aan de kringgesprekken in de klas.
• Doelen: taalbegrip – taalinhoud – semantiek
• J. begrijpt de woordenschat die aan bod komt in de klas
• Doelen: taalbegrip – taalvorm – syntaxis
• J. begrijpt enkelvoudige zinnen
• J. begrijpt samengestelde zinnen
• Doelen: taalbegrip – taalgebruik – pragmatiek
• J. begrijpt de communicatieve intenties van de leerkracht
VOORBEELDOEFENING
Meisje van 2;5 jaar dat nauwelijks nog spreekt.
Hoofddoel = M. kan in eenvoudige spelsituaties met een- en tweewoorduitingen initiatief nemen en reageren
als een volwaardige gesprekspartner. Ze gebruikt 50 tot 100 verschillende woorden. De moeder van M. kan
aansluiten bij het communicatieniveau van haar dochter en kan M. een grotere rol geven in de communicatie.
CASUS SEM – OPSTELLEN BEHANDELPLAN
pagina 3 van 18
TAALONTWIKKELINGSSTOORNISSEN
OEFENCOLLEGE 1 – BEHANDELPLAN OPSTELLEN
INHOUD VAN EEN BEHANDELPLAN
1) Duur van de taaltherapie
2) Vorm van de taaltherapie
3) Samenwerking met andere disciplines
4) Hoofddoel(en) opstellen
5) Doelen per hoofddoel
1. DUUR
• In de praktijk slechts een gedeelte van de behandelperiode
• 6 maanden
• Overzichtelijk
• Termijn hertesting (meestal)
• Na 6 maanden evalueren en behandelplan aanpassen (maar
ook na elke sessie evalueren)
Behandelplan is opgesteld voor termijn van 6 maanden
2. VORM
• Direct indirect
o Indirect: bijv. ouders begeleiden in hoe zij kunnen helpen, dit is zonder de cliënt zelf erbij → niet
minder effectief! Soms meer effect op cliënt dan directe therapie
• Individueel in groep
o In groep bijv. beter om pragmatiek te oefenen
o Groepstherapie makkelijker in buitengewoon onderwijs
• Telelogopedie face to face
o Telelogopedie sinds 01/2026 niet meer terugbetaald, kende groeiperiode tijdens COVID-
pandemie
• Therapeutgestuurd (oefentherapie) kindgericht (communicatieve therapie)
o Therapeutgestuurd → alles ligt op voorhand vast, op voorhand doelen bedenken en materiaal
en instructies vastleggen
o Kindgericht → op voorhand ongeveer weten wat doel is, maar je volgt uitingen van kind
o Materiaal is richtinggevend, maar op vlak van taalvorm, -inhoud of -gebruik en expressief-
receptief kan het alle kanten op
Gezien de leeftijd van het kind (2,2 jaar) wordt gekozen voor indirecte therapie in de thuissituatie (transfer van
meer dagelijkse communicatie, gebruikt materiaal behoort tot leefwereld van kind en hiermee kan kind sowieso verder
oefenen) waarbij telkens minstens 1 ouder betrokken wordt. De logopedist komt 2 x 30 minuten per week
en hanteert logopedische technieken tijdens communicatieve therapie.
pagina 1 van 18
,3. SAMENWERKEN MET ANDERE DISCIPLINES
Casusafhankelijk van wel/geen andere disciplines en hoeveel.
• Medisch → huisarts, NKO-arts, ...
• Motorisch → kinesist, ergotherapeut, ...
• Sociaal-emotioneel → psycholoog, pedagoog, ...
• School → leerkrachten, CLB, ...
• Dagopvang
De huisarts volgt de algemene ontwikkeling verder op en raadpleegt de kinderarts. De ouders hebben nauw
contact met de verzorgers in de crèche. De logopedist organiseert op regelmatige tijdstippen overleg met
alle betrokken partijen en communiceert alle relevante informatie onderling.
4. HOOFDDOELEN
Vertrek vanuit de hulpvra(a)g(en):
• Van cliënt
• Van omgeving van cliënt
Vertrek vanuit het ICF-model
• Doelen op stoornisniveau, in
functie van de diagnosestelling:
• Soort (receptief/expressief)
• Ernst (licht/matig/ernstig)
• Impact op het dagelijks functioneren? Nood aan klinische expertise !
• Doelen op activiteitenniveau
• Boodschappen begrijpen en produceren;
• Gebruik maken van communicatiehulpmiddelen
• Doelen op participatieniveau
• Participatie in home life (gezin, school) en in sociale relaties
• Hoe kan ik het mijn cliënt makkelijker maken deel te nemen aan sociale activiteiten?
• Leerkracht nodig om te weten hoe cliënt op school participeert
o Bijv. kleuterschool: dag start met kringgesprek. Neemt cliënt hieraan actief deel?
• Doelen op niveau van externe factoren
• Invloed van de omgeving op het functioneren van de cliënt
• Doelen op niveau van persoonlijke factoren
• Persoonlijke factoren van invloed op het huidig functioneren van de cliënt
• Temperament kan niet veranderd worden, maar wel eigen kijk op spraak- of
taalprobleem
VOORBEELDOEFENING
Jongen (J.) met een receptief-expressieve TOS van 5;8 jaar in de 3e kleuterklas.
→ J. begrijpt de opdrachten die door de leerkracht gegeven worden en neemt actief deel aan de
kringgesprekken in de klas.
o Participatie in klas
o Receptief
pagina 2 van 18
, o Taalinhoud – taalvorm – taalgebruik
→ J. begrijpt de opdrachten die door de leerkracht gegeven worden en neemt actief deel aan de
kringgesprekken in de klas.
o Participatie
• Expressief
• Taalinhoud – taalvorm – taalgebruik
Hoofddoelen koppelen aan doelen:
• Hoofddoel = J. begrijpt de opdrachten die door de leerkracht gegeven worden en neemt actief
deel aan de kringgesprekken in de klas.
• Doelen: taalbegrip – taalinhoud – semantiek
• J. begrijpt de woordenschat die aan bod komt in de klas
• Doelen: taalbegrip – taalvorm – syntaxis
• J. begrijpt enkelvoudige zinnen
• J. begrijpt samengestelde zinnen
• Doelen: taalbegrip – taalgebruik – pragmatiek
• J. begrijpt de communicatieve intenties van de leerkracht
VOORBEELDOEFENING
Meisje van 2;5 jaar dat nauwelijks nog spreekt.
Hoofddoel = M. kan in eenvoudige spelsituaties met een- en tweewoorduitingen initiatief nemen en reageren
als een volwaardige gesprekspartner. Ze gebruikt 50 tot 100 verschillende woorden. De moeder van M. kan
aansluiten bij het communicatieniveau van haar dochter en kan M. een grotere rol geven in de communicatie.
CASUS SEM – OPSTELLEN BEHANDELPLAN
pagina 3 van 18