SV: ETHIEK
1
,VOORWOORD
Zowel beleid (macro) als ethiek (micro) gaan over ‘het goede goed doen’
Beide domeinen beïnvloeden/bevruchten elkaar wederzijds via verstrengeling
tss onze persoonlijke en de maatschappelijke ontwikkeling
We verwachten dat degelijk beleid ethisch verantwoord is, maar dat het ook
manier waarop we nieuwe maatschappelijke ontwikkelingen en keuzes
ervaren en waarderen beïnvloedt
Voorbeelden :
Manier waarop het beleid en de visie op abortus/euthanasie is veranderd
Het verschil in manier waarop inclusie-gedachte zich doorzet en hoe zich dit
vertaalt in dagelijks beleid
EXAMEN
examen is gebaseerd op de cursus
Enkele voorbeeldvragen :
Het Heinz dilemma is een fictief verhaal waarmee Kohlberg probeerde de
verschillende stadia van morele rijpheid probeert te illustreren. Op dit model
kwam kritiek van Gilligan uit feministische hoek. De ethiek die o.a. naar
aanleiding van deze kritiek werd ontwikkeld heet men
o De gevolgenethiek
o De zorgethiek
o De plichtsethiek
o De deugdenethiek
De film ‘Next to her’ eindigt met een soort van oerschreeuw van pijn en verdriet
van Gabby. Welke waarde komt hier naar boven, bekeken vanuit het ‘standpunt’
van Gabby?
o Duurzaamheid
o Beschermwaardigheid
o Ondersteuning
o Autonomie
De benadering van Oikoten behoort tot de categorie van het ervaringsleren en
deze aanpak valt uit in 8 onderdelen. Hieronder benoemen we er vier en één van
de vier invullingen ervan is fout. Welke?
o De context is structureel ingebed via een ondertekende overeenkomst
o Oikoten beseft het belang van nazorg, maar kan hier zelf niet volledig op
inzetten omdat de begeleiding na de tocht er op zit
o De begeleiders zijn uitermate gekwalificeerd en geprofessionaliseerd
o Pad en doel zijn in zekere zin hetzelfde. Dat impliceert dat er, met
uitzondering van de eindbestemming als strategisch doel, geen specifieke
doelstellingen worden gesteld
De zorg-ethische benadering van Tronto kent vier basisdeugden, die met de vier
fasen in het zorgproces overeenkomen. Welke?
o Presentie, verantwoordelijkheid, deskundigheid en
ontvankelijkheid/zelfreflectie
o Aandacht, mildheid, betrokkenheid en respect
o Integriteit, moed, verantwoordelijkheid en wijsheid
o Empathie, openheid, gelijkwaardigheid en onvoorwaardelijkheid
2
,HOOFDSTUK 1: MORAAL, ETHIEK EN
GRONDHOUDING
1 HET VERHAAL VAN DE ALLIGATOR-RIVIER
“Er was eens een vrouw die Abigail heette en die verliefd was op Gregory. Gregory
woonde aan de andere oever van een brede rivier. Deze rivier, die beide geliefden
scheidde, zat vol met mensenetende alligators. Abigail wilde bij Gregory zijn, maar
dit kon niet want de brug was weggespoeld. Daarom vroeg ze Sinbad, die een boot
bezat, om haar naar de overkant te brengen. Sinbad wou dit wel doen, maar enkel
op voorwaarde dat ze ermee instemde om eerst met hem naar bed te gaan. Abigail
weigerde zijn voorstel en trok naar haar vriend Ivan en legde haar miserie uit. Ivan
antwoorde haar dat hij er niets mee te maken had en geen zin had om betrokken te
raken in deze affaire. Als gevolg van zijn weigering zag Abigail geen ander alternatief
dan alsnog Sinbad’s voorwaarde te aanvaarden. Sinbad hield zich aan zijn afspraak
en bracht haar naar de overkant. Wanneer Abigail aan Gregory vertelde over haar
escapade met Sinbad, dumpte Gregory haar onmiddellijk. Vol hartzeer en ziek van
ellende, trok Abigail naar Slug en vertelde haar verhaal. Slug had medelijden met
Abigail. Hij zocht Gregory op en sloeg hem in elkaar tot hij blauw zag. Abigail was
heel tevreden toen ze hoorde dat Gregory zijn verdiende loon had gekregen. Op het
moment dat de zon achter de horizon verdween, weerklonk haar gelach.”
Rangschik elk personage (1-5) in volgorde van hoe je hun gedrag aanvaardt of goedkeurt. 1 is
het gedrag dat je het meest afkeurt en 5 is het gedrag dat je het meest goedkeurt
Je argumentatie en verantwoording doen beroep op je waarden en normen
In confrontatie met iemand anders word je gedwongen te verantwoorden waarom
die ene waarde waardevoller is dan de andere of waarom die ene norm normaler
is dan de andere
Het is niet zo eenvoudig om rationele fundering te vinden voor je voorkeur of
keuze, dus ‘jij vind het zo, ik vind het anders’
Er komen sterke emoties aan bod (verliefdheid, angst, verlangen, wraak, jaloezie,
eigenbelang, afpersing, …) die belangrijke rol spelen in onze waardenhiërarchie
Oefening op ‘ethisch argumenteren’
Morele keuzes en argumenten vaak heel persoonlijk gekleurd: je herkent dingen
die je het meest pijn doen
Wanneer dingen beslist moeten worden wint vaak degene met beste
argumenten, emotionele deel wordt weggeduwd
Iedereen wordt gekwetst en we mogen er niet over oordelen (staptochten
Oikoten, die jongeren veel gebroken) breuken opvullen met goud
3
, 2 MORAAL EN ETHIEK
Moraal en ethiek zijn geen synoniemen van elkaar!
Moraal Latijn: mos/mores
Gewoonten, zeden en gebruiken van iemand
Wat goed, juist en rechtvaardig is en wat slecht, verkeerd en onrechtvaardig is
Via onze opvoeding en cultuur maken we ons normen, waarden en deugden
eigen die ons handelen motiveren, sturen of er uitdrukking van zijn
Het geheel van die normen, waarden en deugden van specifieke persoon (of
bepaalde doelgroep) die handelen van persoon richting geven
Waardenhiërarchie die je maakte bij verhaal geven beeld van jouw moraal
Ethiek Grieks: ethos = vermogen om vertrouwen van publiek te winnen tijdens
gesprek of redevoering
Domein vd filosofie dat zich bezig houdt met wat (be)hoort, met de vraag naar
het goede, het juiste en het rechtvaardige
De systematische reflectie op moraal, op de vraag hoe te handelen
Hoe fundeer je het goede?
Houdt zich bezig met de vraag naar de fundering van moraal, naar soorten
van moraal en de uitwerking van kaders die ons morele handelen kunnen
begrijpen en sturen
Overleg met andere over je keuzes dwingen persoon tot reflecteren over onze
moraal en begeeft persoon op domein van de ethiek
Bij de concepten moraal en ethiek denken we aan waarden, normen en deugden
Waarden Wat we waardevol vinden, waar we waarde aan hechten
fundamentele richtsnoeren voor ons gedrag
ernaar leven / ertoe opvoeden
behalen rijbewijs: veiligheid
Normen Manieren waarop waarden gerealiseerd worden
Hebben de vorm van geboden of verboden ie je naleeft
Houdt zich bezig met de volgende 3 vragen:
o Wat mag ik doen?
o Wat moet ik doen?
o Wat mag/moet ik niet doen?
behalen rijbewijs: regels verkeersregelement waar we ons aan moeten houden
Deugden Als goed ervaren morele eigenschappen
Belichaamde/verinnerlijkte waarden
Kwliteiten die je ontwikkeld hebt die jou in staat stellen juist te handelen
Het gaat over zijn
Zijn uitingen waarop het goede, het degelijke zich uitdrukt in onze
dagdagelijkse omgang met elkaar
Karaktereigenschappen of kwaliteiten (als ze tot morele domein behoren)
behalen rijbewijs: kwaliteiten die noodzakelijk zijn om waarde veiligheid te realiseren en die je
dus door inzicht en oefening dient te ontwikkelen
4
1
,VOORWOORD
Zowel beleid (macro) als ethiek (micro) gaan over ‘het goede goed doen’
Beide domeinen beïnvloeden/bevruchten elkaar wederzijds via verstrengeling
tss onze persoonlijke en de maatschappelijke ontwikkeling
We verwachten dat degelijk beleid ethisch verantwoord is, maar dat het ook
manier waarop we nieuwe maatschappelijke ontwikkelingen en keuzes
ervaren en waarderen beïnvloedt
Voorbeelden :
Manier waarop het beleid en de visie op abortus/euthanasie is veranderd
Het verschil in manier waarop inclusie-gedachte zich doorzet en hoe zich dit
vertaalt in dagelijks beleid
EXAMEN
examen is gebaseerd op de cursus
Enkele voorbeeldvragen :
Het Heinz dilemma is een fictief verhaal waarmee Kohlberg probeerde de
verschillende stadia van morele rijpheid probeert te illustreren. Op dit model
kwam kritiek van Gilligan uit feministische hoek. De ethiek die o.a. naar
aanleiding van deze kritiek werd ontwikkeld heet men
o De gevolgenethiek
o De zorgethiek
o De plichtsethiek
o De deugdenethiek
De film ‘Next to her’ eindigt met een soort van oerschreeuw van pijn en verdriet
van Gabby. Welke waarde komt hier naar boven, bekeken vanuit het ‘standpunt’
van Gabby?
o Duurzaamheid
o Beschermwaardigheid
o Ondersteuning
o Autonomie
De benadering van Oikoten behoort tot de categorie van het ervaringsleren en
deze aanpak valt uit in 8 onderdelen. Hieronder benoemen we er vier en één van
de vier invullingen ervan is fout. Welke?
o De context is structureel ingebed via een ondertekende overeenkomst
o Oikoten beseft het belang van nazorg, maar kan hier zelf niet volledig op
inzetten omdat de begeleiding na de tocht er op zit
o De begeleiders zijn uitermate gekwalificeerd en geprofessionaliseerd
o Pad en doel zijn in zekere zin hetzelfde. Dat impliceert dat er, met
uitzondering van de eindbestemming als strategisch doel, geen specifieke
doelstellingen worden gesteld
De zorg-ethische benadering van Tronto kent vier basisdeugden, die met de vier
fasen in het zorgproces overeenkomen. Welke?
o Presentie, verantwoordelijkheid, deskundigheid en
ontvankelijkheid/zelfreflectie
o Aandacht, mildheid, betrokkenheid en respect
o Integriteit, moed, verantwoordelijkheid en wijsheid
o Empathie, openheid, gelijkwaardigheid en onvoorwaardelijkheid
2
,HOOFDSTUK 1: MORAAL, ETHIEK EN
GRONDHOUDING
1 HET VERHAAL VAN DE ALLIGATOR-RIVIER
“Er was eens een vrouw die Abigail heette en die verliefd was op Gregory. Gregory
woonde aan de andere oever van een brede rivier. Deze rivier, die beide geliefden
scheidde, zat vol met mensenetende alligators. Abigail wilde bij Gregory zijn, maar
dit kon niet want de brug was weggespoeld. Daarom vroeg ze Sinbad, die een boot
bezat, om haar naar de overkant te brengen. Sinbad wou dit wel doen, maar enkel
op voorwaarde dat ze ermee instemde om eerst met hem naar bed te gaan. Abigail
weigerde zijn voorstel en trok naar haar vriend Ivan en legde haar miserie uit. Ivan
antwoorde haar dat hij er niets mee te maken had en geen zin had om betrokken te
raken in deze affaire. Als gevolg van zijn weigering zag Abigail geen ander alternatief
dan alsnog Sinbad’s voorwaarde te aanvaarden. Sinbad hield zich aan zijn afspraak
en bracht haar naar de overkant. Wanneer Abigail aan Gregory vertelde over haar
escapade met Sinbad, dumpte Gregory haar onmiddellijk. Vol hartzeer en ziek van
ellende, trok Abigail naar Slug en vertelde haar verhaal. Slug had medelijden met
Abigail. Hij zocht Gregory op en sloeg hem in elkaar tot hij blauw zag. Abigail was
heel tevreden toen ze hoorde dat Gregory zijn verdiende loon had gekregen. Op het
moment dat de zon achter de horizon verdween, weerklonk haar gelach.”
Rangschik elk personage (1-5) in volgorde van hoe je hun gedrag aanvaardt of goedkeurt. 1 is
het gedrag dat je het meest afkeurt en 5 is het gedrag dat je het meest goedkeurt
Je argumentatie en verantwoording doen beroep op je waarden en normen
In confrontatie met iemand anders word je gedwongen te verantwoorden waarom
die ene waarde waardevoller is dan de andere of waarom die ene norm normaler
is dan de andere
Het is niet zo eenvoudig om rationele fundering te vinden voor je voorkeur of
keuze, dus ‘jij vind het zo, ik vind het anders’
Er komen sterke emoties aan bod (verliefdheid, angst, verlangen, wraak, jaloezie,
eigenbelang, afpersing, …) die belangrijke rol spelen in onze waardenhiërarchie
Oefening op ‘ethisch argumenteren’
Morele keuzes en argumenten vaak heel persoonlijk gekleurd: je herkent dingen
die je het meest pijn doen
Wanneer dingen beslist moeten worden wint vaak degene met beste
argumenten, emotionele deel wordt weggeduwd
Iedereen wordt gekwetst en we mogen er niet over oordelen (staptochten
Oikoten, die jongeren veel gebroken) breuken opvullen met goud
3
, 2 MORAAL EN ETHIEK
Moraal en ethiek zijn geen synoniemen van elkaar!
Moraal Latijn: mos/mores
Gewoonten, zeden en gebruiken van iemand
Wat goed, juist en rechtvaardig is en wat slecht, verkeerd en onrechtvaardig is
Via onze opvoeding en cultuur maken we ons normen, waarden en deugden
eigen die ons handelen motiveren, sturen of er uitdrukking van zijn
Het geheel van die normen, waarden en deugden van specifieke persoon (of
bepaalde doelgroep) die handelen van persoon richting geven
Waardenhiërarchie die je maakte bij verhaal geven beeld van jouw moraal
Ethiek Grieks: ethos = vermogen om vertrouwen van publiek te winnen tijdens
gesprek of redevoering
Domein vd filosofie dat zich bezig houdt met wat (be)hoort, met de vraag naar
het goede, het juiste en het rechtvaardige
De systematische reflectie op moraal, op de vraag hoe te handelen
Hoe fundeer je het goede?
Houdt zich bezig met de vraag naar de fundering van moraal, naar soorten
van moraal en de uitwerking van kaders die ons morele handelen kunnen
begrijpen en sturen
Overleg met andere over je keuzes dwingen persoon tot reflecteren over onze
moraal en begeeft persoon op domein van de ethiek
Bij de concepten moraal en ethiek denken we aan waarden, normen en deugden
Waarden Wat we waardevol vinden, waar we waarde aan hechten
fundamentele richtsnoeren voor ons gedrag
ernaar leven / ertoe opvoeden
behalen rijbewijs: veiligheid
Normen Manieren waarop waarden gerealiseerd worden
Hebben de vorm van geboden of verboden ie je naleeft
Houdt zich bezig met de volgende 3 vragen:
o Wat mag ik doen?
o Wat moet ik doen?
o Wat mag/moet ik niet doen?
behalen rijbewijs: regels verkeersregelement waar we ons aan moeten houden
Deugden Als goed ervaren morele eigenschappen
Belichaamde/verinnerlijkte waarden
Kwliteiten die je ontwikkeld hebt die jou in staat stellen juist te handelen
Het gaat over zijn
Zijn uitingen waarop het goede, het degelijke zich uitdrukt in onze
dagdagelijkse omgang met elkaar
Karaktereigenschappen of kwaliteiten (als ze tot morele domein behoren)
behalen rijbewijs: kwaliteiten die noodzakelijk zijn om waarde veiligheid te realiseren en die je
dus door inzicht en oefening dient te ontwikkelen
4