Lipiden
- Van Grieks: lipos
- Heeft een grote structurele variabiliteit
Groep lipiden
- Hebben lange koolwaterstofketens allemaal slecht oplosbaar in water = hydrofoob
(apolair)
- Zijn goed oplosbaar in organische solventen
- Opbouw van veel lipiden: klein geladen deel + koolwaterstofketens amfipatisch
Oplosbaarheid
- Wordt bepaald door hydrofoob skelet en inplanting van hydrofiele groepen
- Oplosbaarheid daalt als ketenlengte stijgt: want ketens zijn apolair en hoe slechter de
polariteit van keten, hoe slechter oplosbaar in water (polaire stof)
- Oplosbaarheid stijgt als aantal hydrofiele groepen stijgt
Functies
- Energieopslag: dankzij lange koolwaterstofketens verloopt energieopslag veel efficiënter
- (Biologische) membranen compartimentalisatie
o Cellen omring door vetmembraan inhoud van cel blijft in cel en alles wat buiten
cel zit blijft buiten cel
o Maar ook organellen omgeven door vetmembranen
- Doorgeven van inter- en intracellulaire signalen
Classificatie van lipiden: meestal arbitrair
- Enkelvoudige lipiden: esters van vetzuren en glycerol
- Samengestelde lipiden: naast alcoholen nog andere groepen
- Afgeleide producten van hoger vermelde groepen: eicasonoïden
- Isopreenlipiden: isopreenpolymeren
Opslag lipiden zijn meestal triglyceriden = neutraal
Polaire structuur (3 andere lipiden) zorgt ervoor dat ze in membraan geraken
, Vetzuren
- = kleinste structuren die bij vetten horen
- Organische zuur
- Opbouw: polaire carboxylgroep + hydrofobe koolwaterstofketen
- C12-24: je hebt pas een vetzuur als je 12 tot 24 C-atomen hebt in structuur
o Bij planten en dieren vooral 18 en 20 C-atomen
- Nummering C-atomen
o Δ telling: start tellen vanaf carboxylgroep
o Ω telling: start tellen vanaf methyluiteinde koolwaterstofketen (andere uiteinde)
Verzadigd vetzuur: geen enkele dubbele binding die voorkomt in keten + zeer rechte structuur
Onverzadigde vetzuren: zorgt voor beweging
- Dubbele bindingen
- Mono-onverzadigd <-> poly-onverzadigd
- Komen altijd in de Cis vorm: voor en na keten
loopt binding in dezelfde richting voort
- Komen niet geconjugeerd voor
- Voorbeelden: lilolzuur, linoleenzuur
Vanaf dat er een dubbele binding is, is die niet meer
recht (er ontstaat een buiging in vetzuur) en is er dus meer mogelijk beweging, vloeibaarder
Trans vetzuur: dubbele binding waarbij na dubbele binding de keten in andere richting verdergaat,
een vetzuur zier er dan uit als een verzadigd vetzuur, dus das heel ongezond voor ons omdat wij
vetten niet kunnen aanmaken en ons lichaam gaat deze behandelen als een verzadigd vetzuur, nu
zijn er limieten op, omdat dit zeer slecht is voor ons
Lipiden in ons dieet
- Transvetten: 2 of meer dubbele bindingen in trans
- Cfr verzadigde vetzuren
- Bv. benecol
- Als de wetgeving niet verplicht de trans vetten eruit te halen, gaan ze het niet doen
- Te kennen verzadigde vetzuren
o Stearinezuur: octadecaanzuur (18 C’s) = CH3(CH2)16COOH
o Arachidezuur: dicosaanzuur (20 C’s) = CH3(CH2)18)COOH