ARBEIDSRECHT – INLEIDING
CONTENTS
Begrip en grondslagen ........................................................................................................................ 2
Historische wortels ............................................................................................................................ 2
Grondslagen van het arbeidsrecht ....................................................................................................... 2
De inbedding van het arbeidsrecht in het burgerlijk recht ...................................................................... 3
Bronnen van het arbeidsrecht ............................................................................................................. 3
Algemeen ....................................................................................................................................... 3
Hiërarchie van de rechtsbronnen ..................................................................................................... 3
Meergelaagdheid ............................................................................................................................ 4
Internationaal arbeidsrecht................................................................................................................. 4
Raad van Europa ................................................................................................................................ 4
Europese Unie .................................................................................................................................... 4
Algemeen ....................................................................................................................................... 4
Sociaal beleid ................................................................................................................................. 4
Europese collectieve afspraken ....................................................................................................... 4
Interne markt .................................................................................................................................. 5
Werkgelegenheid ............................................................................................................................ 5
Grondrechten ................................................................................................................................. 5
Handhaving........................................................................................................................................ 5
pg. 1
, BEGRIP EN GRONDSLAGEN
- Begrip arbeidsrecht: Geheel van rechtsregels die betrekking hebben op het verrichten van arbeid
op de arbeidsmarkt en tot doel hebben de menselijke waardigheid en de sociale
rechtvaardigheid te bevorderen.
- Dubbele ongelijkheid
o Arbeidsrecht = opl. Voor de ongelijkheid in de arbeidsverhouding
o 1) feitelijke ongelijkheid: marktongelijkheid, economische ongelijkheid, ongelijkheid in
onderhandel posities, …
o 2) juridische ongelijkheid
- Tegengewicht = functie
o Beschermend recht + ordenend recht
- Nt eenzijdig
HISTORISCHE WORTELS
Dit deel enkel lezen
- Franse revolutie (1789)
o Individuele vrijheids- & gelijkheidsideaal
- Code civil
o Arbeidsrelatie = huur v. werk
- Een eerste arbeidsrechtelijke wetgeving
o 1886 = scharnierpunt
o Loonbeschermingswet
o Kinder- en vrouwenarbeid
- 20ste eeuw
o Alomvattende regelingen v/d arbeidsOVK
- Arbeidsovereenkomstenwetten
o Belang van de vrijheid van het individu
- Collectief overleg
o Vakbonden
- Sociaal pact van 1944
o Collectieve arbeidsverhoudingen
- Arbeidsovereenkomstwet van 3 juli 1978
- Dereguleringsvraagstuk/ verspoeling van arbeid
o Omwille van globalisering
o Flexibiliteit/ relevantie
- Arbeidsdeal 2022
GRONDSLAGEN VAN HET ARBEIDSRECHT
- Belang zinvolle invulling van de functies en de rol van het arbeidsrecht
- Arbeid is geen koopwaar
- Menselijke waardigheid – art. 23 GW
- Sociale rechtvaardigheid: het laat zich meer dan de menselijke waardigheid oriënteren op
sociale gelijkheid en verdelende rechtvaardigheid
pg. 2
CONTENTS
Begrip en grondslagen ........................................................................................................................ 2
Historische wortels ............................................................................................................................ 2
Grondslagen van het arbeidsrecht ....................................................................................................... 2
De inbedding van het arbeidsrecht in het burgerlijk recht ...................................................................... 3
Bronnen van het arbeidsrecht ............................................................................................................. 3
Algemeen ....................................................................................................................................... 3
Hiërarchie van de rechtsbronnen ..................................................................................................... 3
Meergelaagdheid ............................................................................................................................ 4
Internationaal arbeidsrecht................................................................................................................. 4
Raad van Europa ................................................................................................................................ 4
Europese Unie .................................................................................................................................... 4
Algemeen ....................................................................................................................................... 4
Sociaal beleid ................................................................................................................................. 4
Europese collectieve afspraken ....................................................................................................... 4
Interne markt .................................................................................................................................. 5
Werkgelegenheid ............................................................................................................................ 5
Grondrechten ................................................................................................................................. 5
Handhaving........................................................................................................................................ 5
pg. 1
, BEGRIP EN GRONDSLAGEN
- Begrip arbeidsrecht: Geheel van rechtsregels die betrekking hebben op het verrichten van arbeid
op de arbeidsmarkt en tot doel hebben de menselijke waardigheid en de sociale
rechtvaardigheid te bevorderen.
- Dubbele ongelijkheid
o Arbeidsrecht = opl. Voor de ongelijkheid in de arbeidsverhouding
o 1) feitelijke ongelijkheid: marktongelijkheid, economische ongelijkheid, ongelijkheid in
onderhandel posities, …
o 2) juridische ongelijkheid
- Tegengewicht = functie
o Beschermend recht + ordenend recht
- Nt eenzijdig
HISTORISCHE WORTELS
Dit deel enkel lezen
- Franse revolutie (1789)
o Individuele vrijheids- & gelijkheidsideaal
- Code civil
o Arbeidsrelatie = huur v. werk
- Een eerste arbeidsrechtelijke wetgeving
o 1886 = scharnierpunt
o Loonbeschermingswet
o Kinder- en vrouwenarbeid
- 20ste eeuw
o Alomvattende regelingen v/d arbeidsOVK
- Arbeidsovereenkomstenwetten
o Belang van de vrijheid van het individu
- Collectief overleg
o Vakbonden
- Sociaal pact van 1944
o Collectieve arbeidsverhoudingen
- Arbeidsovereenkomstwet van 3 juli 1978
- Dereguleringsvraagstuk/ verspoeling van arbeid
o Omwille van globalisering
o Flexibiliteit/ relevantie
- Arbeidsdeal 2022
GRONDSLAGEN VAN HET ARBEIDSRECHT
- Belang zinvolle invulling van de functies en de rol van het arbeidsrecht
- Arbeid is geen koopwaar
- Menselijke waardigheid – art. 23 GW
- Sociale rechtvaardigheid: het laat zich meer dan de menselijke waardigheid oriënteren op
sociale gelijkheid en verdelende rechtvaardigheid
pg. 2