• Verkeerd document? Gratis ruilen
  • Geschreven door studenten die geslaagd zijn
  • Direct beschikbaar na je betaling
  • Online lezen of als PDF
Verkopen
Kies je studieland
Kies je taal
Document preview thumbnail
Voorbeeld 4 van de 56 pagina's
Samenvatting

samenvatting celbiologie - celbiologie & histologie (1004FBDFAR)

Document preview thumbnail
Voorbeeld 4 van de 56 pagina's

Deze samenvatting bevat enkel het deel celbiologie, onderdeel van 1e bachelor farmaceutische wetenschappen. De samenvatting is gebaseerd op zowel de lessen, stick en lessen van Jean-Pierre Timmermans en Inge Brouns. Geslaagd met 11/20.

Voorbeeld van de inhoud

EPITHELEN
ALGEMEEN
 Bestaan uit 1/meer lagen v epitheelcellen
 nauw aansluitende laag van dicht opeengepakte cellen
 Zeer weinig extracellulaire matrix
· LM: dicht opeengeplakte cellen
· EM: nauwe spleten gevuld met interstitiële vloeistof
 Cellen zijn met elkaar verboden door intercellulair verbindingen
 Basaalmembraan: afgrenzing van onderlinge bindweefsels & epitheelcellen

Functies
 Beschermen onderliggende weefsels
· Bedekken lichaamsoppervlak  bedekkende epitheel
· Lijnen lichaamsholten & kanalen af
 Regulatie vd opname & afgifte v stoffen
 Vormt klieren => klierepitheel
 Gespecialiseede epitheliale weefsels (want eerste contact met buitenwereld)

Bloedvoorziening
 Geen bloedvaten in epitheelweefsel
 Afhankelijk van diffusie v zuurstof & voedingstoffen uit onderlinge weefsels

= vasculair & bijna volledig cellulair (d.w.z. met weinig of geen intercellulaire matrix) aggregaat van
cellen die gespecialiseerd zijn in absorberende, secretorische, beschermende of sensorische
activiteiten

EPITHEELCEL
Cytoskelet: keratine(-eiwit)
 geproduceerd in alle epitheelcellen
 specifiek type in specifiek epitheelcel
 kunnen keratine-filamenten vormen (intermediaire filamenten) -> fibrillen
 tonofilamenten
 bij keratinisering & verhoorning

celpolariteit
verschillende celdomeinen:
 basale kant = gehecht aan basaal membraan
 basolateraal domein
 laterale kant = waar cellen aan elkaar vasthangen
 apicale kant = naar lumen
 Functioneel verschillend
 Ondersteund door onderliggende ‘basaalmembraan’




2

,Celpolariteit: apicaal
 Oppervlaktespecialisaties
Microvilli
 celmembraan loopt door in langvormige uitstulpingen/structuren
 oppervlakte vergroting
Sereocilia
 ter hoogte sensorische organen
 niet beweeglijk
Cilia
= trilhaartjes
 Luchtpijp: stof weggewaait richting mondholte
 zuivere lucht richting luchtblaasjes
 kunnen zelf bewegen
Flagellen
 zweepvormige structuren bij spermacellen
 beweeglijk

celpolariteit: lateraal
 laterale domeinen intercellulaire verbonden = celjunctie

indeling naargelang vorm
 macula: ronde of puntvormige verbinding
 zonula: bandvormige structuur
 fascia: onregelmatige verbinding

indeling naargelang functie
 occludensverbindingen: afsluiting van intercellulaire ruimten
 adhaerensverbindingen: aanhechting
 nexusverbindingen: communicatie

ook ander celtypen vertonen celverbindingen
1. zonula occludens
 stoffen kunnen niet van apicale naar basale deel vd cel
 niet door occludensverbinding
2. zonula adhaerens: onder zonula verbindingen celadhesie moleculen
3. macula adhaerens: 2 cellen, midden: puntvormige aaneenhechting
 keratine filamenten (cel adhesie moleculen, CAMs) gehecht aan
 eiwitplakken(versteviging) langs beide binnenkanten van cel

celpolariteit: basaal
 basaal membraan = grenslaag tss epitheel en onderliggende BW
· lamina basalis (aangemaakt door epitheelcellen)
· lamina reticularis (geproduceerd door BW-cellen)
 BW-vezels zitten verankerend met fibrillen aan lamina basalis
 celepitheel met hemi-desmosoom (keratine-filament?)
vastgehecht aan basaalmembraan




2

, BEDEKKEND EPITHEEL
FUNCTIES
 Bescherming tegen mechanische/chemische agentia/micro-organismen
 Absorptie
 Conctracilliteit: myoepitheelcellen
-> kenmerken van spierweefsel & epitheel
 Excretie

INDELING: CELVORM
 doorsnede evenwijdig aan opp => poygonaal v vorm
 doorsnede loodrecht op opp & basaal membraan (obv. Kern)




plaveisel (afgeplat) kubisch cilindrisch


INDELING AANTAL CELLAGEN
 Eenlagig: alle cellen steunen op de basale membraan
 Meerlagig: meerde cellagen boven elkaar
1e laag ligt op basaal membraan, volgende liggen op vorig laag
 Pseudomeerlagig: eenlagig, maar kernen liggen op verschillende niveaus (driehoekige cellen)

 Subtypering: aantal cellagen & celvorm

Eenlagig epitheel
 Opname & afgifte van stoffen wordt vergemakkelijkt

Plaveiselepitheel
 zeer afgeplat -> grote opp => snelle diffusie
 kern puilt uit in lumen
 type I pneumocyten (long), bloedvaten (= endotheel), mesenterium & peritoneum (mesotheel), …

Kubisch epitheel
 nierbuisjes, klieren & afvoergangen

Cilindrisch epitheel
 hoge’ cellen + vaak oppervlaktespecialisaties / gewijzigde structuur
 darm: microvilli en slijmbekercellen




2

, Pseudomeerlagig
 alle cellen maken contact met l. basalis => eenlagig
 cellen in verschillende hoogte
 epitheel luchtwegen: slijmbekercellen: slijmprop, gecilieerde cellen
(trilhaardragende cellen), basale vervangcellen

Meerlagig epitheel
 Obv vorm van cellen aan oppervlak

Plaveiselepitheel
 Meest voorkomend
 Cellen bevatten keratinefilmenten
 Platten af naar oppervlakte toe  meer plaveiselvormig
 Twee vormen:
· Onverhoornd: vochtig opp.
· Verhoornd: stratum corneum gevuld met ‘hoornstof’ -> droog
opp.
Stratum basale
 eerste laag gelegen op lamina basalis
 kubische (stam-)cellen delen constant -> duwen bovenliggende cellagen naar opp
 vernieuwing epitheel
Stratum spinosum
 in uitstekels (keratinefiblillen) van cellen zitten keratinefilamenten
 Keratine > keratinefilamenten (=tonofilamenten) > keratinefiblillen (=tonofibrillen)
 verbonden met desmosoren => intercellulaire verbindingen
 intercellulaire ruimten lijken stekeltjes = spina

ONVERHOORND
 stratum superficiale: meest oppervlakkige laag
 celkernen aanwezig
 bv. mond, slokdarm, vagina, cornea




voedingstoffen ondoordringbaar
 corneocyten = afgeplatte, dode cellen
Stratum lucidum = bij sterk verhoornde cellen




2

Inhoudsopgave

  1. 01 Algemeen 1
    1. Functies 1
    2. Bloedvoorziening 1
  2. 02 Epitheelcel 1
    1. Cytoskelet: keratine(-eiwit) 1
    2. celpolariteit 1
  3. 03 Functies 3
  4. 04 Indeling: celvorm 3
  5. 05 Indeling aantal cellagen 3
    1. Eenlagig epitheel 3
    2. Pseudomeerlagig 4
    3. Meerlagig epitheel 4
  6. 06 Exocriene & endocriene klieren 6
    1. Exocriene cellen: 6
    2. Endocriene klieren: 6
    3. exocrien en endocrien deel: gemengd 6
  7. 07 Exocriene klieren 6
    1. indeling volgens algemene morfologie 6
    2. indeling volgens geproduceerde secreet 7
    3. Indeling volgens de secretiewijze 7
    4. indeling volgens geproduceerde secretiewijze 8
  8. 08 gespecialiseerde epithelen (thv zintuigen) 8
    1. Neuro-epitheel 8
    2. Myo-epitheel 8
  9. 09 Algemene kenmerken 9
    1. Functies 9
  10. 10 embryologie 9
  11. 11 Extracellulaire matrix 9
    1. Grondsubstantie 9
    2. bindweefselvezels 10
    3. weefselvloeistof 12
  12. 12 Bindweefsel: indeling 13
    1. 1. bindweefsel in engere zin (trictu sensu; Engels ‘Connective tissue proper’) 13
    2. 2. bindweefsel met specifieke eigenschappen 13
    3. 3. steunweefsel 13
  13. 13 Bindweefselcellen 14
    1. indeling 14
  14. 14 Bindweefseltypen 16
    1. Losmazig bindweefsel 16
    2. Dicht/dens bindweefsel 16
  15. 15 bindweefsel met specifieke eigenschappen 16
    1. vetweefsel 16
    2. Elastisch BW 17
    3. Mucïod BW 17
    4. Reticulair BW 17
  16. 16 wondgenezing 17
  17. 17 Extracellulaire kraakbeenmatrix 19
    1. Grondsubstantie 19
  18. 18 kraakbeencellen 19
    1. Chondroblasten (= onrijpe, actieve cellen) 19
    2. Chrondrocyt (rijpe, inactieve cellen) 20
  19. 19 kraakbeenmatrix 20
    1. perichondrium 20
    2. histogenese 20
    3. groei 20
    4. degeneratieve veranderingen door veroudering 21
    5. regeneratie 21
  20. 20 kraakbeentypen 21
    1. hyalien kraakbeen 21
    2. Elastisch kraakbeen 21
    3. Vezelig/fibreus kraakbeen 21
  21. 21 delen van langpijpbeen 22
    1. Endost (endosteum) 22
  22. 22 Algemeen 22
    1. Bot/been (osteo-) 22
    2. functies 22
  23. 23 extracellulaire botmatrix 23
    1. hydroxy-apatiet 23
  24. 24 botcellen 23
    1. indeling 23
    2. osteoblasten 23
    3. octeocyten 23
  25. 25 Soorten botweefsel 25
    1. Macroscopisch zichtbare verschillen 25
    2. Microscopisch zichtbare verschillen 25
    3. indeling -histogenese: botvorming 26
  26. 26 botvorming 27
    1. diktegroei van lange pijpbeenderen – desmale botvorming 27
    2. lengtegroei van lange pijpbeenderen – enchondrale botvorming 27
  27. 27 botvorming tijdens de ontwikkeling 28
    1. chondrale botvorming 28
    2. intramembraneuze botvorming – plat bot 30
  28. 28 botfractuur en fractuurgenezing 30
    1. Breuk 30
    2. herstel 30
  29. 29 gewrichten 30
    1. Synarthrosen, synartroïdale gewrichten 30
    2. Diarthrosen, diarthroïde gewrichten 31
  30. 30 Algemeen 31
    1. skeletspiercellen/myocyt 32
    2. Hartspier 32
    3. Gladde spieren 32
  31. 31 Contractie: interactie tussen actine & myosine 32
    1. Actine 32
    2. Myosine 32
    3. Sliding Filament Mechanisme 32
  32. 32 Algemeen 34
    1. Dunne filamenten 34
    2. Dikke Filamenten: 34
    3. Sarcomeer 34
    4. Myofibril 35
  33. 33 Opbouw skeletspiercel 35
    1. Myofibrillen 35
    2. Skeletspiercel 35
    3. Sarcolemma en T-tubuli: 35
  34. 34 Koppeling tussen excitatie en contractie van de skeletspiercel 35
    1. excitatie-contractiekoppeling of elektromechanische koppeling 36
  35. 35 contractie 36
    1. excitatie-contractiekoppeling: vrijstelling calcium-ionen 36
    2. depolarisatie stopt 36
  36. 36 skeletspierceltypen 37
    1. Rode, trage vezels 37
    2. Witte, snelle vezels 37
    3. Intermediaire vezels 37
  37. 37 histogenese – regeneratie 37
    1. groei 37
    2. regeneratie 37
  38. 38 Opbouw van dwarsgestreept skeletspierweefsel 37
    1. Organisatie typische skeletspier 37
  39. 39 proprioceptoren 37
    1. Spierspoeltje 38
    2. Informatieoverdracht 38
  40. 40 Opbouw van een hartspier 39
  41. 41 Hartspieren vormen een contraciel geheel: focus op de intercalaire schijven 39
    1. Transversale gebied 39
    2. Longitudinale gebieden 39
  42. 42 Opbouw van het hart 39
    1. 2 hartkamers/ventrikels: 39
    2. 2 hartboezems/atria: 39
    3. Hartskelet v dicht BW 39
    4. Prikkelvormend geleidingssysteem 39
  43. 43 Regeneratie van hartspiercellen 40
  44. 44 Opbouw gladde spiercel 41
  45. 45 specifieke organisatie van actine & myosine 41
    1. niet-geactiveerde cel 41
    2. geactiveerde cel 41
  46. 46 Contractie 41
    1. Intracellulaire calciumstijging 41
    2. werking 41
  47. 47 Controle van de contractie 42
    1. Autonoom zenuwstelsel: 42
    2. Chemische stoffen: 42
    3. Door rekking: 42
  48. 48 Organisatie van gladde spiercellen 42
    1. Singe unit gladde spiercellen 42
    2. Multi unit gladde spieren 42
  49. 49 groei & regeneratie 42
    1. Histogenese, groei: 42
    2. Regeneratie: 42
  50. 50 algemeen 43
    1. indeling 43
  51. 51 histogenese 43
    1. afwijkingen 43
  52. 52 neuronen (zenuwcellen) 44
    1. Indeling 44
    2. Cellichaam (= perikaryon, soma) 45
    3. dendrieten 45
    4. Axon 45
    5. synapsen 45
    6. Prikkelgeleiding & prikkeloverdracht 47
    7. myelinisatie 47
  53. 53 steuncellen 47
    1. Perifeer zenuwstelsel 47
    2. centraal zenuwstelsel 48
  54. 54 Centraal zenuwstelsel 49
    1. Witte stof (substantia alba) 49
    2. Grijze stof (substantia grisea) 49
    3. Ruggenmerg 49
    4. Cerebrum 50
    5. Cerebellum 50
    6. Meninges 52
    7. Bloed-hersenbarrière 53
    8. Liquor cerebrospinales 53
  55. 55 Perifeer zenuwstelsel 54
    1. Opbouw zenuw 54
    2. ganglion 54
  56. 56 autonoom zenuwstelsel 54
    1. Preganglionaire ZVs: 55
    2. Postganglionaire ZVs: 55
    3. (ortho)symatisch 55
    4. parasympatisch 55
  57. 57 somatisch zenuwstelsel 55
    1. Prikkels uit de omgeving 56
    2. Spontaan inwerken op de omgeving 56
    3. motorische invloed 56
  58. 58 degeneratie & regeneratie 56

Documentinformatie

Geüpload op
10 februari 2026
Aantal pagina's
56
Geschreven in
2024/2025
Type
Samenvatting
€7,86

Verkeerd document? Gratis ruilen Binnen 14 dagen na aankoop en voor het downloaden kan je een ander document kiezen. Je kan het bedrag gewoon opnieuw besteden.
Geschreven door studenten die geslaagd zijn
Direct beschikbaar na je betaling
Online lezen of als PDF

Verkocht
2
Volgers
0
Items
4
Laatst verkocht
2 weken geleden




Waarom studenten kiezen voor Stuvia

Gemaakt door medestudenten, geverifieerd door reviews

Kwaliteit die je kunt vertrouwen: geschreven door studenten die slaagden en beoordeeld door anderen die dit document gebruikten.

Niet tevreden? Kies een ander document

Geen zorgen! Je kunt voor hetzelfde geld direct een ander document kiezen dat beter past bij wat je zoekt.

Betaal zoals je wilt, start meteen met leren

Geen abonnement, geen verplichtingen. Betaal zoals je gewend bent via Bancontact, iDeal of creditcard en download je PDF-document meteen.

Student with book image

“Gekocht, gedownload en geslaagd. Zo eenvoudig kan het zijn.”

Alisha Student

Bezig met je bronvermelding?

Maak nauwkeurige citaten in APA, MLA en Harvard met onze gratis bronnengenerator.

Bezig met je bronvermelding?

Veelgestelde vragen