HOOFDSTUK 1C
ONTSTAANGESCHIEDENIS VAN
PEDAGOGIEK
1
, 1. INLEIDNG
• 17e eeuw
→ De pedagogiek ontstond in deze eeuw.
→ Belangrijke filosofische stromingen waren empirisme (kennis komt uit ervaring) en
rationalisme (kennis komt uit de rede).
→ Deze stromingen zorgden voor de eerste stappen in de wetenschappelijke benadering van
opvoeding en onderwijs.
• 18e eeuw – Verlichting
→ De Verlichting ontstond als tegenreactie op empirisme en rationalisme.
→ Klemtoon op rede, vrijheid en vooruitgang.
→ Rousseau en Pestalozzi waren belangrijke figuren in de pedagogiek.
• 19e eeuw – Romantiek
→ Tegenreactie op de Verlichting.
→ Legde meer nadruk op gevoel, natuur en individualiteit.
→ De Romantiek werd de dominante stroming in die tijd.
• 20e eeuw – Geesteswetenschappelijke pedagogiek
→ Deze stroming richt zich op de menselijke beleving en interpretatie binnen de opvoeding.
→ Daardoor werd pedagogiek in Nederland een academische wetenschap.
→ Bekende pedagogen: Marinus Langeveld en Mischa de Winter.
→ Er wordt kort ingegaan op methoden zoals:
o Hermeneutiek (interpretatie van teksten en menselijk gedrag),
o Dialectiek (ontwikkeling door tegenstelling en discussie),
o Fenomenologie (ervaringen en belevingen van het individu).
• Andere pedagogische stromingen
→ Empirisch-analytische pedagogiek: gebaseerd op waarneming, meting en objectieve
methodes.
→ Kritisch-emancipatorische pedagogiek: gericht op het bevrijden van individuen uit
onderdrukkende structuren.
2. HET EMPIRISME EN RATIONALISME IN DE ZEVENTIENDE EEUW
2.1 EMPIRISME: KENNIS KOMT UIT ERVARING
• Empirisme stelt dat kennis wordt opgedaan door waarneming en ervaring.
→ Belangrijk principe: je kunt pas conclusies trekken als je veelvuldig en systematisch
observeert. Dit heet inductie (van specifieke waarnemingen naar algemene regels).
→ Door experimenten en observatie kunnen wetenschappelijke inzichten worden ontwikkeld.
• Impact op pedagogiek:
→ Pedagogische kennis moet worden gebaseerd op ervaringen en observaties.
→ Opvoeding en onderwijs moeten aansluiten bij wat kinderen daadwerkelijk ervaren en leren
door hun omgeving.
2
ONTSTAANGESCHIEDENIS VAN
PEDAGOGIEK
1
, 1. INLEIDNG
• 17e eeuw
→ De pedagogiek ontstond in deze eeuw.
→ Belangrijke filosofische stromingen waren empirisme (kennis komt uit ervaring) en
rationalisme (kennis komt uit de rede).
→ Deze stromingen zorgden voor de eerste stappen in de wetenschappelijke benadering van
opvoeding en onderwijs.
• 18e eeuw – Verlichting
→ De Verlichting ontstond als tegenreactie op empirisme en rationalisme.
→ Klemtoon op rede, vrijheid en vooruitgang.
→ Rousseau en Pestalozzi waren belangrijke figuren in de pedagogiek.
• 19e eeuw – Romantiek
→ Tegenreactie op de Verlichting.
→ Legde meer nadruk op gevoel, natuur en individualiteit.
→ De Romantiek werd de dominante stroming in die tijd.
• 20e eeuw – Geesteswetenschappelijke pedagogiek
→ Deze stroming richt zich op de menselijke beleving en interpretatie binnen de opvoeding.
→ Daardoor werd pedagogiek in Nederland een academische wetenschap.
→ Bekende pedagogen: Marinus Langeveld en Mischa de Winter.
→ Er wordt kort ingegaan op methoden zoals:
o Hermeneutiek (interpretatie van teksten en menselijk gedrag),
o Dialectiek (ontwikkeling door tegenstelling en discussie),
o Fenomenologie (ervaringen en belevingen van het individu).
• Andere pedagogische stromingen
→ Empirisch-analytische pedagogiek: gebaseerd op waarneming, meting en objectieve
methodes.
→ Kritisch-emancipatorische pedagogiek: gericht op het bevrijden van individuen uit
onderdrukkende structuren.
2. HET EMPIRISME EN RATIONALISME IN DE ZEVENTIENDE EEUW
2.1 EMPIRISME: KENNIS KOMT UIT ERVARING
• Empirisme stelt dat kennis wordt opgedaan door waarneming en ervaring.
→ Belangrijk principe: je kunt pas conclusies trekken als je veelvuldig en systematisch
observeert. Dit heet inductie (van specifieke waarnemingen naar algemene regels).
→ Door experimenten en observatie kunnen wetenschappelijke inzichten worden ontwikkeld.
• Impact op pedagogiek:
→ Pedagogische kennis moet worden gebaseerd op ervaringen en observaties.
→ Opvoeding en onderwijs moeten aansluiten bij wat kinderen daadwerkelijk ervaren en leren
door hun omgeving.
2