Personenlijst – Functieleer deel 1
H1: situering van psychologie als wetenschap
PERSONEN/NAMEN: KENMERKEN: VOORLOPERS/OPVOLGERS: BOEK/JAARTAL:
Plato (424/423 – 348/347 Onderscheid geest & lichaam geest is
v.C.) niet aan dezelfde wetten onderheven als
het lichaam (obv vrije wil gelinkt aan de
geest, lichaam bezit dit niet)
René Descartes (1596- Dualisme res cogitans (denkend ding)
1650) vs. res extensa (uitgebreid ding) – geest &
lichaam onderscheiden
Gustav Theodor FECHNER Voorstander monisme (geest & lichaam 1860: Elemente der
(1801-1887) zijn één geheel) 2 facetten van hetzelfde Psychophysik
Van binnenuit bekeken het denken komt
voort vanuit de geest, het zelf
Van buitenuit bekeken denken komt
voort vanuit de hersenen, een fysisch
orgaan
Grondlegger psychofysica = exacte
wetenschap van de functionele relatie
tussen lichaam & geest
H2: Wet van Weber-Fechner: S
= k*logR
Om de sterkte van een gewaarwording
(S) te laten toenemen als een
rekenkundige reeks (opgeteld met een
constante) moet men de
stimulusintensiteit (R) laten toenemen
volgens een meetkundige reeks
(vermenigvuldigd met een vaste factor)
Hermann Rorsach (1884- Rorsach inktvlekkentest 1921:
1922) Manier om persoonlijkheid te testen adhv psychodiagnostik
1
, ambigue (vage) inktvlekken
Pareidolia = zien van betekenisvolle
voorwerpen in vormloze prikkels
Wilhelm Dilthey (1833- Onderscheid tussen natuur- en
1911) menswetenschappen:
Natuurwetenschappen verklaren
(erklären) van wetmatigheden in de natuur
Menswetenschappen begrijpen
(verstehen) van de mens & zijn
geschiedenis van binnenuit door
inleving/empathie (Einfühlung)
Bert Duijker (1959) 5 basisdomeinen in de psychologie:
Methodenleer: hoe psychologische
fenomenen wetenschappelijk moeten
onderzocht worden
Functieleer: studie van algemeen-
menselijke functies/capaciteiten
Persoonlijkheidsleer: studie van datgene
dat de mens uniek maakt
Ontwikkelingsleer: studie van de
ontwikkeling van de mens
Gedragsleer: studie van de gehele mens in
wisselwerking met de omgeving
John T. Cacioppo Psychologie = hub science
tussensprong tussen alle vakgebieden
(veel overlap met andere domeinen)
Immanuel Kant (1724- Rationalisme = kennis komt voor uit het
1804) verstand
Francis Bacon (1561-1626) Voorlopers van het empirisme
& Thomas Hobbes (1588-
1679)
John Locke (1632-1704) Empirisme = kennis komt voort uit ervaring
– zintuigen
Mens = tabula rasa bij geboorte
(onbeschreven blad)
2
, Ervaring = enige bron van kennis
Eenvoudige & complexe ideeën (door
associaties tussen eenvoudige ideeën)
George Berkeley (1685- ‘esse est percipi’ = zijn is waargenomen
1753) worden
Niet hoe de materie de geest beïnvloedt,
maar hoe de geest de materie voortbrengt
Immaterialisme (enkel het geestelijke
bestaat)
Idealisme (hoe de geest de materie
voortbrengt) kan tot solipsisme leiden
David Hume (1711-1776) Nog kleinere rol voor de ratio
Impressies (sensaties &
gewaarwordingen) vs. ideeën
(herinneringen, verbeelding)
Solipsisme doordacht opgenomen in zijn
theorie ‘we kunnen de realiteit buiten
ons niet met zekerheid kennen’ + ook aan
‘het zelf’ durven twijfelen (<-> Descartes)
Charles Bell (1774-1842) Onderscheid tussen sensorische & motorische
zenuwbanen:
Zintuiglijke/afferente (zenuw)banen =
van zintuigen naar centraal zenuwstelsel
(aanvoer van prikkels)
Motorische/efferente (zenuw)banen =
van centraal zenuwstelsel naar spieren
(afvoer van bevelen)
Santiago Ramón y Cajal Zenuwbaan = zenuwcellen & synpasen
Johannes Müller (1801- Zenuwen bemiddelen tussen objecten Von Helmholtz deze
1858) (buitenwereld) & bewustzijn: verschillende theorie gebruiken om
zintuiglijke ervaringen terugvoeren tot zijn kleurentheorie
verschillende specifieke zenuwcellen verder uit denken
eigen soort zenuwenergie voor
verschillende sensoriële kwaliteiten
Hermann von Helmholtz Eerste metingen van de snelheid van 1856 & 1866:
3
H1: situering van psychologie als wetenschap
PERSONEN/NAMEN: KENMERKEN: VOORLOPERS/OPVOLGERS: BOEK/JAARTAL:
Plato (424/423 – 348/347 Onderscheid geest & lichaam geest is
v.C.) niet aan dezelfde wetten onderheven als
het lichaam (obv vrije wil gelinkt aan de
geest, lichaam bezit dit niet)
René Descartes (1596- Dualisme res cogitans (denkend ding)
1650) vs. res extensa (uitgebreid ding) – geest &
lichaam onderscheiden
Gustav Theodor FECHNER Voorstander monisme (geest & lichaam 1860: Elemente der
(1801-1887) zijn één geheel) 2 facetten van hetzelfde Psychophysik
Van binnenuit bekeken het denken komt
voort vanuit de geest, het zelf
Van buitenuit bekeken denken komt
voort vanuit de hersenen, een fysisch
orgaan
Grondlegger psychofysica = exacte
wetenschap van de functionele relatie
tussen lichaam & geest
H2: Wet van Weber-Fechner: S
= k*logR
Om de sterkte van een gewaarwording
(S) te laten toenemen als een
rekenkundige reeks (opgeteld met een
constante) moet men de
stimulusintensiteit (R) laten toenemen
volgens een meetkundige reeks
(vermenigvuldigd met een vaste factor)
Hermann Rorsach (1884- Rorsach inktvlekkentest 1921:
1922) Manier om persoonlijkheid te testen adhv psychodiagnostik
1
, ambigue (vage) inktvlekken
Pareidolia = zien van betekenisvolle
voorwerpen in vormloze prikkels
Wilhelm Dilthey (1833- Onderscheid tussen natuur- en
1911) menswetenschappen:
Natuurwetenschappen verklaren
(erklären) van wetmatigheden in de natuur
Menswetenschappen begrijpen
(verstehen) van de mens & zijn
geschiedenis van binnenuit door
inleving/empathie (Einfühlung)
Bert Duijker (1959) 5 basisdomeinen in de psychologie:
Methodenleer: hoe psychologische
fenomenen wetenschappelijk moeten
onderzocht worden
Functieleer: studie van algemeen-
menselijke functies/capaciteiten
Persoonlijkheidsleer: studie van datgene
dat de mens uniek maakt
Ontwikkelingsleer: studie van de
ontwikkeling van de mens
Gedragsleer: studie van de gehele mens in
wisselwerking met de omgeving
John T. Cacioppo Psychologie = hub science
tussensprong tussen alle vakgebieden
(veel overlap met andere domeinen)
Immanuel Kant (1724- Rationalisme = kennis komt voor uit het
1804) verstand
Francis Bacon (1561-1626) Voorlopers van het empirisme
& Thomas Hobbes (1588-
1679)
John Locke (1632-1704) Empirisme = kennis komt voort uit ervaring
– zintuigen
Mens = tabula rasa bij geboorte
(onbeschreven blad)
2
, Ervaring = enige bron van kennis
Eenvoudige & complexe ideeën (door
associaties tussen eenvoudige ideeën)
George Berkeley (1685- ‘esse est percipi’ = zijn is waargenomen
1753) worden
Niet hoe de materie de geest beïnvloedt,
maar hoe de geest de materie voortbrengt
Immaterialisme (enkel het geestelijke
bestaat)
Idealisme (hoe de geest de materie
voortbrengt) kan tot solipsisme leiden
David Hume (1711-1776) Nog kleinere rol voor de ratio
Impressies (sensaties &
gewaarwordingen) vs. ideeën
(herinneringen, verbeelding)
Solipsisme doordacht opgenomen in zijn
theorie ‘we kunnen de realiteit buiten
ons niet met zekerheid kennen’ + ook aan
‘het zelf’ durven twijfelen (<-> Descartes)
Charles Bell (1774-1842) Onderscheid tussen sensorische & motorische
zenuwbanen:
Zintuiglijke/afferente (zenuw)banen =
van zintuigen naar centraal zenuwstelsel
(aanvoer van prikkels)
Motorische/efferente (zenuw)banen =
van centraal zenuwstelsel naar spieren
(afvoer van bevelen)
Santiago Ramón y Cajal Zenuwbaan = zenuwcellen & synpasen
Johannes Müller (1801- Zenuwen bemiddelen tussen objecten Von Helmholtz deze
1858) (buitenwereld) & bewustzijn: verschillende theorie gebruiken om
zintuiglijke ervaringen terugvoeren tot zijn kleurentheorie
verschillende specifieke zenuwcellen verder uit denken
eigen soort zenuwenergie voor
verschillende sensoriële kwaliteiten
Hermann von Helmholtz Eerste metingen van de snelheid van 1856 & 1866:
3