Geschreven door studenten die geslaagd zijn Direct beschikbaar na je betaling Online lezen of als PDF Verkeerd document? Gratis ruilen 4,6 TrustPilot
logo-home
Document preview thumbnail
Voorbeeld 4 van de 55 pagina's
Samenvatting

Samenvatting Geschiedenis geven - Mens & Maatschappij: inhoud tijd

Document preview thumbnail
Voorbeeld 4 van de 55 pagina's

Dit is een gestructureerde samenvatting dat alle hoofdstukken uit het boek 'Geschiedenis geven: Praktische vakdidactiek en vakinhoud voor het lager onderwijs in Vlaanderen' samenvat. Dit is een onderdeel van het totaalpakket 'Mens & Maatschappij': de inhoudelijke kennis van het gebied tijd (geschiedenis).

Voorbeeld van de inhoud

De oudste tijden
______________________________________________________________________________________



1.​ Inleiding

-​ voor de oerknal was er niets
-​ Georges Lemaître: oerknaltheorie: het heelal is ontstaan in een gigantische ontploffing, vanuit die ontploffing
verspreidde zich interstellaire stoffen
-​ heelal: 13,8 miljard jaar oud
-​ dinosaurussen: grootste landdieren ooit
-​ gevleugelde reptielen
-​ vissen en zeereptielen
-​ einde van dit tijdperk: meteorietinslag
-​ enige wat overbleef: vogels


ontwikkeling zeeën → eerste levende cellen → eerste dieren zonder wervelkolom → vissen → reptielen → zoogdieren
→ mensapen → de hedendaagse mens


2.​ Evolutie van de mens

Homo habilis

-​ de handige mens: slim genoeg om gebruiksvoorwerpen te maken om een bepaalde handeling mogelijk te
maken
-​ stammen af uit Afrika
-​ liepen rechtop


Homo ergaster/erectus

-​ verspreid over Afrika, Azië en Europa
-​ in staat zich aan te passen aan zijn leefomgeving
-​ groter hersenvolume
-​ communicatie in primitieve taal
-​ verbleven in spelonken = ingang van grotten
-​ ontwikkeling vuistbijl → jagers


Homo heidelbergensis

-​ verspreid vanuit Afrika
-​ voedselverzamelaars
-​ doelgerichte werktuigen
-​ ontdekking vuur

,Homo sapiens neanderthalensis

-​ periode laatste ijstijd → aanpassingen lichaam: grote neusgaten om lucht op te warmen voor longen
-​ vegetatie: steppe-toendra met grote zoogdieren (paarden, mammoet, bizon, rendier)
-​ werktuigen van vuursteen om te jagen
-​ groot hersenvolume, vergelijkbaar het huidige mens
-​ grote gelijkenissen in hun cultureel handelen


Homo sapiens sapiens (200.000 bc)

-​ jacht: rendiervlees, poolvos
-​ nomaden: trekken rond afhankelijk van de seizoenen
-​ tenten van dierenhuiden
-​ werktuigen van beenderen, vuursteen, hout
-​ levensverwachting 50 jaar


3.​ De landbouwsamenleving

-​ klimaatverandering zorgt voor: meer bossen, de grond ontdooid, bloei van bloemen en struiken, rendieren
(voedselbron) trekken naar het noorden ⇒ levenswijze aanpassen!
-​ ontdekking cyclus van graangewassen: start nieuwe manier van leven, sedentair (op een vaste plaats) 9000 bc
-​ evolutie van jager-verzamelaars tot landbouwers (risico voor mislukte oogst = doden)
-​ vruchtbare sikkel
-​ vleesconsumptie neemt af
-​ bevolking neemt toe door succesvolle landbouw
-​ grond als sleutel tot macht
-​ taakverdeling bepaald door seksuele differentiatie
-​ ontstaan van individuele taken + beroepsactiviteiten
-​ religieus: priester
-​ militair: krijgers
-​ economisch: ambtenaren
-​ politiek: stamhoofd (gebaseerd op solidariteit en sociale ongelijkheid


Nood aan technische vernieuwingen
-​ huizen van hout
-​ spinnen en weven, manden vlechten
-​ zakken van dierenhuiden om voedsel te bewaren
-​ 7000 v.C. ontdekking van pottenbakken (voedsel beter bewaren)
-​ 4000 v.C. ontdekking van het wiel (hierdoor werd handel mogelijk)
-​ opkomst ruilhandel met voedseloverschotten dankzij

,4.​ Landbouwers in onze streken (6000 v.C.)

-​ afkomstig uit het oosten
-​ bandkeramische cultuur (naam verwijst naar hoe ze hun keramiek versierden)
-​ voordelen van de ruimte: aanwezigheid waterlopen (Maas, Dender, Jeker)
-​ zelfvoorzienend dankzij landbouw (afname jacht en visvangst)
-​ vee: varken, rund, schaap, geit
-​ sociaal: dorpen hadden onderling contact, families woonden samen
in langhuizen met zadeldak




De klassieke oudheid
______________________________________________________________________________________

DEEL 1: de Grieken

1.​ Inleiding

-​ de Griekse wereld = Hellas (8e eeuw v.C.)
-​ 146 v.C. einde van onafhankelijke griekse stadstaten
-​ landbouwgemeenschappen groeien uit tot stadstaten = de polis
-​ polis = verzameling van dorpen met stadscentrum met akropolis = burcht
-​ macht: rijke families en adellijke elite
-​ geen politieke eenheid: in elke polis een ander bestuurssysteem


2.​ Sparta

-​ Peloponnesos, schiereiland
-​ oligarchie = macht bij selecte groep, er waren 2 koningen
-​ gerousia = raad van ouderen
-​ aanwezigheid van slaven → leid tot opstanden → onderdrukking van het leger
-​ spartaanse opvoeding: jongens vanaf 7 jaar militaire training
-​ patriachale samenleving: domiante man met onderdanige vrouw


3.​ Athene

-​ evolutie in politieke systemen
a. monarchie; een absolute koning
b. toevoeging adellijke raad
c. hoe rijker je was, hoe meer macht
d. democratie; het volk krijgt inspraak

, -​ werking van de democratie
-​ volksvergadering voor alle mannen: bespreking taakverdeling ambtenaren
bv. inrichting van publieke gebouwen
-​ dagdagelijks bestuur: de raad van 500 (via loting)
-​ stemsysteem: het ostracisme, wanneer iemand te machtig werd kon hij weggestemd worden,
verbanning in de polis voor 10 jaar


4.​ Griekse cultuur

4.1.​ De Olympische spelen

-​ 776 v.C. in Olympia, werd later verbannen door de Romeinen
-​ 1896 terug begonnen, moderne Olympische Spelen
-​ werd georganiseerd in verschillende polei: Delphi, Korinthïe, Olympia
-​ winnaars: krans van olijfbladeren, enorm prestige, geld van de polis, triomftocht
-​ nadruk ligt op relatie tussen atleet en polis


Programma (alles werd naakt uitgevoerd)
-​ atletiek: hardlopen, verspringen, speer- en discuswerpen
-​ pankration = combinatie van boksen en worstelen
-​ paardensport
-​ vijfkamp: hardlopen, verspringen, speer-en discuswerpen, worstelen


Moderne olympische spelen
-​ aangepaste sportkledij
-​ uitgebreider programma
-​ 1920 Antwerpen


4.2.​ Griekse kunst

-​ levensvisie uit zich in kunst: mens als individu staat centraal
-​ versiering van keramiek
-​ architectuur: harmonieuze verhoudingen, optische correcties bv. het parthenon
-​ beeldhouwkunst: streven naar perfecte verhoudingen in menselijk lichaam (enkel mannen)
evolutie: toename beweging en emotie

Inhoudsopgave

  1. 01 De oudste tijden 1
  2. 02 1.​Inleiding 1
  3. 03 2.​Evolutie van de mens 1
  4. 04 3.​De landbouwsamenleving 2
  5. 05 4.​Landbouwers in onze streken (6000 v.C.) 3
  6. 06 De klassieke oudheid 3
  7. 07 1.​Inleiding 3
  8. 08 2.​Sparta 3
  9. 09 3.​Athene 3
  10. 10 4.​Griekse cultuur 4
    1. 4.1.​De Olympische spelen 4
    2. 4.2.​Griekse kunst 4
    3. 4.3.​Religie 5
    4. 4.4.​Literatuur en toneel 5
    5. 4.5.​Wetenschap en filosofie 5
  11. 11 5.​Tijdlijn 6
  12. 12 6.​De politieke revolutie 6
    1. 6.1.​Vooraf 6
    2. 6.2.​Bestuur van de republiek 6
  13. 13 7.​Het Romeinse imperium 7
    1. 7.1.​Het Romeinse imperium 7
  14. 14 7.2.​Julius Caesar 7
    1. 7.3.​Octavianus Augustus (1e keizer) 7
    2. 7.4.​Pax Romana, Romeinse vrede 8
    3. 7.5.​Crisis van de 3e eeuw 8
  15. 15 8.​Cultuur 8
    1. 8.1.​Het wegennet 8
    2. 8.2.​Religie: van heidendom naar staatsgodsdienst 9
    3. 8.3.​De slavenmaatschappij 9
    4. 8.4.​Bouwmeesters en entertainers 9
  16. 16 9.​Een dag in het leven van een Romein (15 februari 10 - Lupercalia) 9
  17. 17 De middeleeuwen 10
  18. 18 1.​De Germanen 10
  19. 19 2.​De Franken (stam binnen de Germanen) 10
    1. 2.1.​De Merovingers 10
    2. 2.2.​Ontstaan van feodaliteit 11
  20. 20 3.​Karel De Grote (meest succesvolle leider van de Frankische koninkrijken) 11
    1. 3.1.​Het Karolingische rijk 11
    2. 3.2.​De Karolingische renaissance 12
    3. 3.3.​Splitsing van het Karolingische rijk 12
  21. 21 4.​De middeleeuwse standensamenleving 12
  22. 22 4.1.​De standen 12
    1. 4.2.​De adel 12
  23. 23 4.3.​De geestelijkheid 13
    1. Het kloosterleven 13
    2. ​De indeling van het klooster 13
  24. 24 5.​Het domaniale stelsel 14
  25. 25 6.​De verspreiding van Gods woord 14
  26. 26 1.​Inleiding 14
  27. 27 2.​Het kasteel 14
    1. 2.1.​De ontwikkeling van het kasteel 15
    2. 2.2.​De bouw van het kasteel 15
    3. 2.3.​Het leven op het kasteel 15
  28. 28 3.​De middeleeuwse stad 16
    1. 3.1.​Het ontstaan 16
    2. 3.2.​De stedelijke economie 16
    3. 3.3.​De stedelijke politiek 18
  29. 29 4.​Kennis in middeleeuwse Europa 19
  30. 30 De 15de eeuw 20
  31. 31 1.​De Bourgondische hertogen 20
    1. 1.1.​Filips de Stoute en Jan zonder Vrees 20
    2. 1.2.​Filips de Goede 21
    3. 1.3.​Karel de Stoute 21
    4. 1.4.​Het einde van de Bourgondische periode 21
    5. 1.5.​De Vlaamse primitieven 21
  32. 32 2.​De evolutie van de boekdrukkunst 22
  33. 33 3.​De ontdekkingsreizen 22
    1. 3.1.​De aanzet tot ontdekkingsreizen 22
    2. 3.2.​Redenen tot ontdekkingsreizen 22
    3. 3.3.​Het verloop van de ontdekkingsreizen 23
    4. 3.4.​De verovering van de nieuwe wereld 23
    5. 3.5.​De gevolgen van ontdekkingsreizen 24
  34. 34 4.​Uitbreiding: de Azteken 24
    1. 4.1.​Origine 24
    2. 4.2.​Religie 25
    3. 4.3.​Sociaal 25
    4. 4.4.​Economie 25
  35. 35 DEEL 1: De nieuwe tijden 25
  36. 36 1.​De Reformatie (1517) 25
    1. 1.1.​De protestantse reformatie 26
    2. 1.2.​De contrareformatie 26
    3. 1.3.​Godsdienstoorlogen 26
  37. 37 2.​Het rijk van Karel V (1500-1558) 26
    1. 2.1.​De Nederlanden onder Karel V 27
    2. 2.2.​Aftreden van Karel V 27
  38. 38 3.​De Nederlandse opstanden 27
    1. 3.1.​Filips II 27
    2. 3.2.​De beeldenstorm (1566) 27
    3. 3.3.​Van Unies tot plakkaat van Verlatinghe 28
    4. 3.4.​Antwerpen als strijdtoneel 28
    5. 3.5.​Vrede van Münster 28
  39. 39 4.​Kunst en wetenschap 29
    1. 4.1.​De renaissance en het humanisme 29
    2. 4.2.​Wetenschappelijke revolutie 29
    3. 4.3.​De barok 29
  40. 40 5.​Europa verovert de wereld 29
    1. 5.1.​Wereldwijde kolonies 29
    2. 5.2.​De driehoekshandel 30
    3. 5.3.​Piraterij & kapers 30
  41. 41 DEEL 2: De nieuwe tijden 31
  42. 42 1.​De verlichting 31
    1. 1.1.​Verlicht despotisme 31
    2. 1.2.​Politiek 32
    3. 1.3.​Sociaal 32
  43. 43 2.​De Franse Revolutie (18de eeuw) 32
    1. 2.1.​Aanleiding 32
    2. 2.2.​Verloop van de revolutie 32
    3. 2.3.​Napoleon Bonaparte (1769-1821) 33
    4. 2.4.​De gevolgen voor België ⇒ beleid in teken van uniformiteit 34
  44. 44 3.​De Belgische revolutie (1830) 34
    1. 3.1.​Het Verenigd koninkrijk der Nederlanden 34
    2. 3.2.​Aanleiding tot revolutie 34
    3. 3.3.​De Belgische revolutie 35
    4. 3.4.​Een onafhankelijk België 35
    5. 3.5.​Kenmerken van de staat 35
  45. 45 4.​De industriële revolutie 36
    1. 4.1.​Proloog 36
    2. 4.2.​De eerste industriële revolutie 36
    3. 4.3.​De eerste industriële revolutie in België 38
    4. 4.4.​De tweede industriële revolutie (1856) 38
    5. 4.5.​De tweede industriële revolutie in België 39
  46. 46 5.​Moderne imperialisme → Afrika en Azië komen volledig onder de macht van Europese grootmachten 40
    1. 5.1.​Oorzaken van het 19de eeuwse imperialisme 40
    2. 5.2.​Imperialisme in Azië 41
    3. 5.3.​Imperialisme in Afrika 41
  47. 47 6.​Koloniaal Congo 41
    1. 6.1.​Congo voor de 19de eeuw 41
    2. 6.2.​Koloniale ambities van Leopold II 41
    3. 6.3.​Kongo-Vrijstaat (1885-1908) 42
    4. 6.4.​Belgisch Kongo (1908-1960) 42
    5. 6.5.​Onafhankelijk Congo 43
  48. 48 DEEL 3: De nieuwe tijden 43
  49. 49 1.​De eerste wereldoorlog (1914-1918) 43
    1. 1.1.​Europa in 1900 43
    2. 1.2.​De oorzaken 44
    3. 1.3.​Het startschot 44
    4. 1.4.​De oorlog 45
    5. 1.5.​Belgische burgers en kinderen 46
    6. 1.6.​Het beslissende jaar 1917 47
  50. 50 2.​De bruisende jaren ‘20 47
    1. 2.1.​Vlaanderen 47
    2. 2.2.​Wereldschaal 47
    3. 2.3.​Economische crisis (1929) 47
  51. 51 3.​De tweede wereldoorlog (1940-1945) 48
    1. 3.1.​De aanloop van de oorlog 48
    2. 3.2.​Het verloop van de oorlog 48
    3. 3.4.​België in de tweede wereldoorlog 49
    4. 3.5.​De afloop van de tweede wereldoorlog 49
    5. 3.6.​De jodenvervolging of Holocaust 50
  52. 52 De eigen tijden 51
  53. 53 1.​De koude oorlog 51
  54. 54 1.1.​De Berlijnse Muur 51
  55. 55 2.​Grenzen aan de groei​ 52
    1. 2.1.​Economie 52
    2. 2.2.​Het leven in de jaren ‘50 en ‘60 → basis voor de hedendaagse welvaartsstaat 53
    3. 2.3.​De jaren ‘70 53
    4. 2.4.​Arbeidsimmigratie 53
    5. 2.5.​De derde industriële revolutie 54
  56. 56 3.​De wereldtentoonstelling 54
  57. 57 4.​Oprichting van de Europese Unie 54
  58. 58 5.​Een nieuw millennium 55

Documentinformatie

Geüpload op
23 januari 2026
Aantal pagina's
55
Geschreven in
2024/2025
Type
Samenvatting
€16,99

Verkeerd document? Gratis ruilen Binnen 14 dagen na aankoop en voor het downloaden kan je een ander document kiezen. Je kan het bedrag gewoon opnieuw besteden.
Geschreven door studenten die geslaagd zijn
Direct beschikbaar na je betaling
Online lezen of als PDF

Verkocht
0
Volgers
0
Items
14
Laatst verkocht
-




Waarom studenten kiezen voor Stuvia

Gemaakt door medestudenten, geverifieerd door reviews

Kwaliteit die je kunt vertrouwen: geschreven door studenten die slaagden en beoordeeld door anderen die dit document gebruikten.

Niet tevreden? Kies een ander document

Geen zorgen! Je kunt voor hetzelfde geld direct een ander document kiezen dat beter past bij wat je zoekt.

Betaal zoals je wilt, start meteen met leren

Geen abonnement, geen verplichtingen. Betaal zoals je gewend bent via Bancontact, iDeal of creditcard en download je PDF-document meteen.

Student with book image

“Gekocht, gedownload en geslaagd. Zo eenvoudig kan het zijn.”

Alisha Student

Bezig met je bronvermelding?

Maak nauwkeurige citaten in APA, MLA en Harvard met onze gratis bronnengenerator.

Bezig met je bronvermelding?

Veelgestelde vragen